Poëzie Janita Monna

Avond-aan-avondroutine

‘Maar wat kun je daar eigenlijk doen?’ vroeg de jongste. Vijftien, zestien, zeventien. Hij was bezig aan een zoveelste recordpoging balletje hooghouden.

‘Nou eh, wandelen?’ probeerde ik voorzichtig.

‘Ah nee, dan ga ik niet mee, hoor!’

‘Maar het is daar heel mooi, met bossen en meren.’

Twintig, eenentwintig. De bal viel op de grond. ‘Alleen als we gaan kanoën.’

Ik wilde de moed erin houden en dook meteen het internet op. Was er niet een kanoverhuurbedrijf in de buurt van ons vakantieadres? De kanotocht was al bijna geboekt, toen ik me afvroeg: moeten we eigenlijk wel iets wíllen doen? En toen viel Trouw in de bus, met daarin het Filosofisch Elftal aan het woord over ongeveer hetzelfde: stoppen we onze vakanties niet veel te vol? Is minder niet beter, niets misschien zelfs? Maar kunnen we dat eigenlijk nog wel, de leegte zoeken, even niksdoen?

Adempauze

Nou ja, vond het elftal, helemaal niets doen, daar word je misschien wel erg flauw van. Maar waarom niet tussen het groen en met de wind om de oren al wandelend het hoofd leegmaken, ruimte creëren voor nieuwe ideeën?

Dat kan poëzie ook, de boel boven een beetje opruimen. Een goed gedicht is als een hark die het onkruid uit je hoofd wiedt.

Dit kleine boerentafereel van Nobelprijswinnaar Seamus Heaney is zo’n adempauze. Het is een verstild portret van een boer die niet maalt om vakantie of verre reizen. Het prettig trage ritme loopt gelijk op met de ‘avond-aan-avondroutine’ van de boer. De stallen schoon, het zingen van de hekken, het is genoeg. “Mijn hoofd is licht.”

Lagans Road

Heaney, geboren in Noord-Ierland en tot zijn dood woonachtig in Ierland, is auteur van een indrukwekkend oeuvre dat midden in deze tijd staat, en die tegelijk ver overstijgt. De oude en de nieuwe wereld, persoonlijke geschiedenis en mythische verhalen, literatuur, cultuur, Ierland, de ‘Onlusten’ – in zijn kalme regels komt alles vanzelfsprekend samen. En wordt het verhaal van een eerste schooldag bijna een sprook­je: “De Lagans Road liep ruim een kilometer door moerasgebied. Het was zo’n smalle landweg met onkruid in de middenberm, aan weers­zijden gras en hoge hagen, en verder aan alle kanten moeras, riet, bosjes en berken. Elke dag liep je dus een paar minuten door de wildernis, maar de eerste ochtend dat ik naar school ging, was het of de koningin van het elfenland me ontvoerde.”

Wandelen gaan we zeker deze zomer. En misschien ook kanoën.

Op huis aan

Het schoongespoten, geribbeld beton bevalt hem.

Hij wacht even voor hij het licht uitdoet boven de

opgeruimde plaats, de emmers en de kraamstal,

de gietijzeren pomp, onwrikbaar als een hermeszuil

die zich elders verheft, in een andere tijd.

Steeds sterker wordt die laatste blik op de natte

glans van het erf het belangrijkst voor hem –

en de herhaling van de zin ‘Mijn hoofd is licht’,

omdat het dat vaak is als hij naar achteren reikt

en de knop omzet, een huiselijk man die zich

uiteindelijk met weinig thuis voelt. Alleen deze

avond-aan-avondroutine, het schrobben na het werk,

het zingen in het donker van het stalen buizenhek

als hij het dichttrekt en zijn reis heuvelop aanvaardt.

Seamus Heaney

Janita Monna (1971) is journalist en recensent. Ze woonde lange tijd op Bonaire waar ze als correspondent werkte. Monna werkte als redacteur Poetry International festival en was initiatiefneemster voor de jaarlijkse Gedichtendag. Voor Trouw schrijft ze wekelijks over poëzie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden