Review

Australië in drie verhalen. Of in vier.

Hoe racistisch was Charles Dickens? In ’Verlangen’ is hij een westerling die de ’wilden’, in dit geval de Aboriginals, beschuldigt van lage driften. Terwijl hij zich daar zelf aan bezondigt.

De nieuwe roman van de Australische schrijver Richard Flanagan is een vreemd geval. Moet je dit boek, waarin de hoofdrollen zijn weggelegd voor Charles Dickens en een Aboriginalmeisje, geschiedenis in romanvorm noemen? Of toch eerder een fictieve geschiedenis? Hoe waarschijnlijk is het dat de levens van de Engelse schrijver en een ’wild’ Australische meisje elkaar hebben geraakt?

In het Dickens-deel lezen we hoe de Victoriaanse schrijver betrokken raakt bij het theater en bij een vermiste poolreiziger, Sir John Franklin. Hij wordt benaderd door Franklins vrouw, die hoopt dat ’de beroemdste man van Engeland’ haar man zal vrijpleiten van de schandalige beschuldiging van kannibalisme: Franklin en zijn hongerende kornuiten zouden dode expeditieleden hebben opgegeten.

Dickens voelt wel wat voor de opdracht. Zo kan hij zijn vrouw ontvluchten én uitdrukking geven aan wat Flanagan in zijn nawoord een ’diepgeworteld racisme’ noemt. Enthousiast, bijna wraakzuchtig, kwijt hij zich van zijn taak en beschuldigt ’primitieve’ volkeren van dierlijke instincten waar ’beschaafde’ (lees: Europese) volkeren ver boven staan. En dat terwijl hij zelf buigt voor ’lage’ hartstochten, namelijk voor het toneel en voor een vrouw die niet de zijne is. Beschaving, zo blijkt alweer, is maar een heel dun laagje.

Dan dat Aboriginal-meisje. Ze heet Mathinna, maar wordt min of meer toevallig (en nogal ironisch) Leda genoemd door haar ’beschermer’; naar de vrouw dus die in de Griekse mythe wordt overweldigd door Zeus in de gedaante van een zwaan. Mathinna's verhaal, dat in het boek de meeste ruimte inneemt, staat voor dat van alle inheemse volkeren van Australië. En Flanagans portret van Europese (om het eufemistisch uit te drukken) betrokkenheid bij de oorspronkelijke bewoners van het eiland is onverschrokken en onsentimenteel. Geen spoor van verzachtende omstandigheden, of van mensen die worstelen met hun geweten. Onder de dunne laag van gekmakende ’goede manieren’ van een Engelse dame en een geschifte dominee die halfslachtig proberen ’wilden’ te ’beschaven’ voel je de geschiedenis van al die volkeren die werden beroofd van hun land, hun identiteit, zelfs van hun kinderen.

Dat drama ligt dan ook nog vers in het geheugen. Meer dan honderd jaar lang, nog tot 1970 aan toe, werden Aboriginalkinderen nog weggehaald bij hun families om elders ondergebracht te worden. Tot 1948 werden ze niet eens erkend als staatsburgers en tot 1973 moesten ze het doen met een paspoort dat hun beperkte rechten verleende. Dat zijn bittere herinneringen die vragen om een catharsis, waaraan Mathinna's verhaal misschien kan bijdragen.

Flanagan is beslist een bedreven verteller en weet de verhaallijnen knap te verweven. Dickens obsessies, het vreemde huwelijk tussen John en Jane Franklin, de relatie tussen de Franklins en Mathinna, het gestolen kind: alles speelt een rol in de zoektocht naar het diepe, donkere geheim van Australiës eigen oerzonde. Hetzelfde geheim trouwens dat Franklin van een comfortabele bestuurspost in Tasmanië naar de meedogenloze poolregio drijft en Mathinna naar de duisternis waar haar volk toe veroordeeld wordt.

Toch zijn het veel thema’s voor een boek van 230 bladzijden, en niet alles valt op zijn plaats. Misschien heeft Flanagan ook te zeer zijn best gedaan een klassieker te schrijven: hoewel zijn stijl bijdetijds is, betuigt hij tegelijkertijd eer aan de negentiende eeuw: er duiken zelfs citaten uit Dickens’ eigen werk op. Aan het begin en het eind van het boek voegt hij daar nog kleine samenvattingen van historische gebeurtenissen en ’echte levens’ aan toe. Die halen de vaart eruit. Je zou deze roman, die wél het herlezen waard is, een auteur gunnen die meer moeite had gedaan de schillen af te pellen die je het zicht op het verhaal ontnemen. Sorry: op de verhalen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden