Review

Audi’s tweelingstreepje vuur krijgt een vlammende ovatie

Anthony Fiumara

De Nederlandse Opera, Les Talens Lyriques en solisten olv Christophe Rousset met ’Castor et Pollux’ van Rameau in een regie van Pierre Audi op 18/1 in het Muziektheater Amsterdam. Herhaling: 23/1, 25, 27, 28, 30, 31.

Hoewel regisseur Pierre Audi en dirigent Christophe Rousset al eerder met succes samenwerkten in binnen- en buitenlandse operaproducties, bracht een nieuwe krachtenbundeling hen dit keer voor het eerst met een opera van Jean-Philippe Rameau naar het Amsterdamse Muziektheater.

De tijdgenoot van Bach componeerde met ’Castor et Pollux’ zijn derde bewaard gebleven opera: geniaal als altijd, fijnzinnig van klankkleur en harmonie, ontroerend in zijn melodieën en regelmatig vooruitwijzend naar latere componisten zoals Gluck, Mozart of Wagner.

Het libretto van ’Castor et Pollux’ – over twee onafscheidelijke broers van wie de ene de andere eigenhandig uit de onderwereld bevrijdt – zit al net zo slim in elkaar. De vele spiegelingen en omkeringen waartoe het tweeling-thema uitnodigde vonden hun weerslag in het decor en de regie, tijdloos en strak uitgevoerd.

Audi’s verstild-gestileerde personenregie paste als een handschoen om Rameau’s ’Castor et Pollux’: een verhalende opera, meer nog dan een dramatische, waarin de gedoseerde gevoelsuitbarstingen van de personages een enorm reliëf aan de handeling geven. Dat laatste gegeven had de regisseur knap vertaald naar de ruimte: vaak stonden de personages voor een wand die als een doek het achtertoneel afdekte. Bij grote handelingen opende de abstracte ruimte zich adembenemend naar achteren.

De geometrisch opgezette witte lijnen op een wit achtervlak die het decor bepaalden (het leek wel een kruising tussen Robert Ryman en een late Sol LeWitt), deden aan een sterrenkaart denken: indachtig het sterrenbeeld Tweelingen, waarvoor Castor en Pollux als model dienden. Het deelde het speelvlak in twee tweelinghelften, net niet symmetrisch en met een diamantvormige uitsparing in het midden die later zou openkantelen als toegangspoort naar de onderwereld.

Opmerkelijke keuze in de uitstekende zangerscast was het DNO-debuut voor Véronique Gens: deze vedette zong niet, zoals je misschien zou verwachten, de belangrijke rol van Télaïre (de bruid van Pollux, maar geliefde van Castor), maar ze figureerde met verve als tweede vrouwenrol (Phébé). Anna Maria Panzarella tekende voor een verzengende Télaïre, die haar treuraria ’Tristes apprêts’ met hartverscheurende waardigheid bracht, gedragen door twee jammerende fagotten.

Van de tweelingbroers viel bariton Henk Neven (Pollux) op door zijn koninklijk-krachtige timbre: een halfgod waardig. Sopraan Judith van Wanroij gaf haar kleine rollen op een aandachtige manier karakter en diepte: haar entrees werden zo tot kleine juweeltjes in een toch al schitterende productie.

Ook instrumentaal zorgde de zichtbare en tot in het auditorium doorgetrokken orkestbak voor een oog-in-oogervaring met Rameau’s kunst. Het DNO-Koor en Les Talens Lyriques trokken alle onderwereldregisters open als tierende demonen, vierden luid hun triomfen als Spartaans leger of treurden elegisch mee met de personages. Het orkest klonk daarbij niet altijd even verzorgd: de basinstrumenten hobbelden vaak achter de violen aan, de trompet en de fagotten intoneerden niet fijn en Rousset verslapte hier en daar in Rameau’s vurig bedoelde frasering. Les Talens Lyriques kunnen echt beter.

Maar dan de dans! Volgens de legende was Pollux een uitstekende bokser: aan martial arts deden de verhalende balletten van Amir Hosseinpour – ballets d’action die bijna de helft van de muziek besloegen – vrijdag dan ook denken. Met hun snelle gedecideerde armbewegingen en acrobatische formaties boden de dynamische dansers een mooi en vaak lichtvoetig tegenwicht bij Audi’s gebeeldhouwde maar toch humane regie.

Met een tweelingstreepje vuur dat aan het slot aan koorden naar de hemel en zijn sterrenbeelden kroop, zette de regisseur ten slotte subtiel zijn handtekening onder ’Castor et Pollux’. Van de enthousiaste zaal kreeg hij een vlammende ovatie als antwoord.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden