Anne Eekhout: ‘Het was lastig om Mary Shelley echt te leren kennen’. Beeld Jildiz Kaptein
Anne Eekhout: ‘Het was lastig om Mary Shelley echt te leren kennen’.Beeld Jildiz Kaptein

InterviewAnne Eekhout

Anne Eekhout: ‘Ze konden niet geloven dat het horrorverhaal Frankenstein was geschreven door zo’n jonge vrouw’

Anne Eekhout schreef een moderne gothic novel (liefde, schaduwen, regen, paranoia, griezelige man) over Mary Shelley, auteur van het beroemde horrorverhaal Frankenstein.

Jann Ruyters

In Engeland was het nieuws deze herfst. Een eerste druk van het horrorverhaal Frankenstein or the modern Prometheus, anno 1818 verspreid in 500 exemplaren, werd door Christie’s geveild voor 856.000 pond. Het hoogste bedrag ooit betaald voor de eerste druk van een boek van een vrouw. Frankenstein-auteur Mary Shelley versloeg met dit bedrag Jane Austen, een eerste druk van Austens Emma bracht in 2008 150.000 pond op.

Tekenend is het wel dat Mary Shelley nu Jane Austen passeert in deze wedstrijd want de belangstelling voor Shelley stijgt, zo’n anderhalve eeuw na haar dood. Lang was het verhaal Frankenstein beroemder dan zijn schepper, een beetje zoals in het klassieke sciencefictionverhaal zelf student Victor Frankenstein overwonnen wordt door het monster dat hij creëerde.

Maar dat tij keert nu, zo merkt ook de Nederlandse schrijver Anne Eekhout wier Mary, een historische roman over de tienerjaren van de 19de-eeuwse Britse auteur, vorige week verscheen. Eekhouts roman (haar vierde) werd nog voor verschijning aan tien landen verkocht. In haar huis in Utrecht, de kittens Suki en Tom Pouce steeds van tafel wegjagend, is de schrijfster nog wat verbluft van het succes. “Ik kreeg een paar dagen voor de Frankfurter Buchmesse ’s avonds een appje van de rechtenmanager van de uitgeverij. Dat kon niet anders dan goed nieuws zijn. Het boek was verkocht aan een Engelse uitgeverij en als Engeland het aankoopt kan het heel snel gaan.”

Gek is het niet, die groeiende belangstelling voor Mary Shelley, een celebrity in haar tijd, kind van even­eens vermaarde ouders, met in haar leven genoeg drama voor wel tien romans, zo blijkt. Ze was de dochter van de Britse feministe Mary Wollstonecraft (die stierf in het kraambed) en filosoof William Godwin. Op 16-jarige leeftijd ging Mary ervandoor met de dan nog getrouwde dichter Percy Shelley, met wie ze als hippies avant-la-lettre door Europa reisde, samen met haar stiefzus Claire en ‘mad, bad and dangerous to know’ dichter Lord Byron. Op haar achttiende schreef ze Frankenstein, daartoe aangespoord door Lord Byron die zijn vrienden opriep tot een verhalenwedstrijd om de verveling in een natte, sombere zomer aan het meer van Genève te verdrijven. Het engste verhaal zou winnen.

Voor haar roman dook Eekhout in Shelleys dagboeken, brieven, biografieën. Ze schreef een in de werkelijkheid wortelende gothic novel annex volwassenwordingsdrama rond twee episodes uit het leven van de jonge Mary. Op 14-jarige leeftijd logeert het meisje een aantal maanden in het Schotse Dundee waar ze een broeierige, verliefderige vriendschap sluit met Isabella Baxter, een relatie die zal worden gedwarsboomd door de echtgenoot van Isabella’s zus. De tweede episode speelt vier jaar later tijdens de natte, donkere, van wijn, opium en kwade dromen doordrenkte zomer in Genève. Een eenzame Mary rouwt om haar gestorven dochtertje, tobt over haar vrije huwelijk, de relatie met haar stiefzus, en werkt in haar hoofd aan haar verhaal, aarzelend nog.

Wat trok u zo aan in de figuur van Mary Shelley?

“Haar kracht denk ik. Ze leefde met mannen die redelijk verlicht waren maar die toch dachten dat ze het beter konden, en ondertussen schreef ze zelf dat meesterwerk waaruit zoveel andere verhalen zijn voortgekomen. Toen ik na de eerste kennismaking met haar op een tentoonstelling in het Keats Shelley House in Rome, een paar jaar geleden, verder over haar ging lezen waren er meer details die me aanspraken. Dat ze zo piepjong was nog, dat ze al een baby had en daarvoor een baby verloren had.”

Heeft u er een verklaring voor dat ze zo’n beroemd boek schreef en toch relatief onbekend bleef?

“Misschien is het wel logisch als je een verhaal schrijft dat zó tot de verbeelding spreekt, dat je dan als schrijver achter dat verhaal verdwijnt. Ik vind het ook wel mooi eigenlijk. Maar men geloofde aanvankelijk niet dat ze Frankenstein had geschreven. Een boek over lichaamsdelen die aan elkaar genaaid werden zonder inmenging van God, en vervolgens levenskracht toebedeeld kregen, dat was al controversieel, maar dat het geschreven was door een vrouw en dan ook nog eens een heel jonge vrouw, dat waren allemaal dingen bij elkaar die mensen ongelooflijk vonden. En er was ook inhoudelijke kritiek. Het verhaal werd eerst ongeloofwaardig en melodramatisch gevonden. Overigens kwam er binnen een paar jaar al meer waardering, veel herdrukken. Haar boek is nu veel bekender dan de werken van Lord Byron en Percy Shelley.”

U stapt met uw roman in de Engelse culturele ­traditie. Was dat niet intimiderend?

“Misschien hielp het juist dat ik afstand heb. En het is een roman. Ik heb van Mary Shelley een romanpersonage gemaakt. Hele delen heb ik zelf ingevuld en daarmee werd ze ook fictiever. Nu het boek af is vind ik het wel spannend, er zijn ongetwijfeld mensen die veel meer weten over Mary Shelley dan ik. Maar het blijft een roman.”

Was het ook prettig? Eerder klaagde u in een stuk in NRC dat pure fictie te weinig aandacht krijgt, dat romans een haakje nodig hebben. Nu heeft uw boek zo’n haakje.

“Ja, dat heb ik al veel gehoord. Alsof ik naar de andere kant ben overgelopen. Ironisch is wel dat mijn roman nu bevestigt wat ik eerder stelde. Zo’n haakje helpt, dat is ook niet onbegrijpelijk. Verzachtend is dat Mary Shelley beroemd is geworden met een boek dat extreme fictie is, op het ongeloofwaardige af. De koningin van de verbeelding, dat vind ik wel mooi, dat het gaat over een schrijfster die de verbeelding hoog in het vaandel heeft staan.”

‘Ik was op de middelbare school een beetje een outcast, gothic, punk.’ Beeld Jildiz Kaptein
‘Ik was op de middelbare school een beetje een outcast, gothic, punk.’Beeld Jildiz Kaptein

Mary geldt als een kille, gereserveerde vrouw. Was het lastig om de goede toon te vinden?

“Het was lastig om haar echt te leren kennen. Ik heb er lang over gedaan voordat ik durfde te beginnen met schrijven. De toon moest niet vloeken met de tijdgeest van toen maar wel een moderne tint hebben, zeker in de zin van hoe ze over haar gevoelens praat, dat werd destijds weinig gedaan. Haar dagboeken waren meer logboeken: ‘Vandaag in Coleridge gelezen, naar de markt geweest, William sliep slecht.’”

U wortelt het monster in de meisjesvriendschap. Mary ‘ziet’ het monster in de Schotse bergen.

“Ik wilde niet dat mijn roman te veel in Frankenstein geworteld was. Ik had begrepen dat Shelleys reis naar Dundee, Schotland, heel belangrijk is geweest. Ze schrijft in een latere editie van Frankenstein dat daar haar verbeeldingskracht begon. Wat is er dan gebeurd in Dundee? Ze was toen nog maar veertien en we weten niks van wat ze daar heeft meegemaakt, er zijn veel dagboeken van haar bewaard gebleven maar niets uit die periode. Het is natuurlijk heel fijn om dat dan zelf te bedenken. Ik wilde graag juist iets nieuws toevoegen aan wat al over haar bekend is. Over Isabella wordt door één biograaf in een bijzin gesuggereerd dat de vriendschap niet alleen platonisch was, Isabella’s zwager kwam tussenbeide, daar heb ik op door gefantaseerd.”

Er wordt veel gedronken, opium gebruikt, als 14-jarige krijgt Mary een hersenschudding. Het monster ontspruit aan een verward brein. U hebt er ook een gothic novel van gemaakt.

“Ja een tikje. Dat laudanum-gebruik is trouwens volgens de werkelijkheid. Maar iedereen die weleens een gothic novel heeft gelezen zal de ingrediënten herkennen. De symboliek. Schaduwen. De beneveldheid van het brein inderdaad. De spookverhalen uit die tijd gaan ook over wat is er werkelijk zo en wat niet, word ik gek of niet? Die traditie heb ik gebruikt.”

Die hang naar de duisternis zit ook in uw eerdere romans. Hoe komt dat zo?

“Dat weet ik niet. Ik ben best wel een vrolijk persoon, geen slechte jeugd gehad, mijn ouders leven nog. Ik was op de middelbare school een beetje een outcast, gothic, punk, maar niet meer dan anderen geteisterd door nachtmerries. Ik hield als puber wel erg van enge films, met mijn paardrijvriendinnen op vrijdagavond de allerengste uitzoeken in de videotheek – en dan niet afkijken omdat we allemaal te angstig waren geworden. Maar het boek leende zich gewoon goed voor de gothic traditie. Het is nog steeds een populair genre, het mysterie, het angstige. En het is leuk om je personages in een situatie te zetten waar je zelf niet in zou willen zitten, om te kijken hoe ze zich daar uitwerken.”

Er zijn meer mensen met haar bezig nu. Was het schrikken toen Jeanette Winterson ook met een roman over Mary Shelley kwam, twee jaar geleden?

“Toen moest ik nog beginnen, dus dat wist ik al. Ik heb haar roman nu wel al twee jaar in de kast staan maar expres nog niet gelezen. Je wil niet een bepaalde richting uitgeduwd worden.”

Jeanette Winterson noemt Shelley een radicaal feminist. Ziet u dat ook zo?

“Ze heeft er niet zo uitdrukkelijk over geschreven, zoals haar moeder Mary Wollstonecraft wel deed, maar het zat wel in haar manier van leven. Ze heeft na de dood van Percy Shelley zichzelf en haar enige kind in haar eentje onderhouden met schrijven en vertalen. Toch knap in die tijd. Er is ook het verhaal dat ze een lesbische vriendin aan papieren hielp, zodat zij in het buitenland kon trouwen met haar geliefde. Ze adoreerde haar moeder op papier maar ik denk dat literatuur voor haar belangrijker was dan politiek of sociaal schrijven.”

Was ze niet te zeer gefocust op de mannelijke dichters om haar heen, op Shelley en Lord ­Byron?

“Er is een groot verschil tussen de Mary Shelley toen Percy Shelley nog leefde en haar leven daarna. Ik denk dat ze inderdaad idolaat was van Percy en tegelijk had ze het er moeilijk mee dat hij het aanlegde met haar stiefzus. Ik vermoed dat Mary’s feminisme heel erg heeft gezeten in het schrijven van haar boeken, dat ze zich op die manier wilde bewijzen. En dat is haar toch aardig gelukt. Dat hoop ik ook naar voren te brengen in mijn roman. Hoe sterk zij is en hoeveel kracht zij kreeg uit het schrijven van Frankenstein.”

U laat haar verzuchten dat je je als vrouw moet laten gelden. Is dat iets wat u herkent, dat je als vrouw niet kan zwijgen?

“In sommige situaties misschien wel. Maar mijn schrijven is meer uit innerlijke noodzaak, een verhaal dat je in je hebt, dat voelt alsof het er had moeten zijn. De verbeeldingskracht in verhalen en van mensen vind ik heel belangrijk, en dat dat mag wel wat meer benadrukt worden. Bijvoorbeeld met kinderen en jongeren. Al dat geklaag over het lezen, misschien moet je ze ook wat meer zelf laten schrijven. Als je dat stimuleert, mensen worden daar gelukkig van, om iets te bedenken. Dat wilde ik ook graag met dit verhaal zeggen.”

Anne Eekhout (Hilversum, 1981) studeerde rechtsgeleerdheid in Amsterdam. Ze werkt als schrijver en publicist, en geeft les aan de Volksuniversiteit. In 2014 verscheen haar debuutroman Dogma die werd genomineerd voor de Bronzen Uil en op de longlist van de AKO-literatuurprijs terechtkwam. Daarna verschenen Op een nacht (2016) en Nicolaas en de verdwijning van de wereld (2019). De vertaalrechten van het vorige week verschenen Mary, over de tienerjaren van Frankenstein-auteur Mary Shelley, werden voor verschijning al aan tien landen verkocht.

Eekhout woont in Utrecht samen met haar vriend, schrijver Bertram Koeleman, drie katten en twee kinderen.

null Beeld

Anne Eekhout
Mary
De Bezige Bij; 400 blz. € 24,99

Lees ook:

Lauren Groff: Ik zadel de werkelijkheid graag op met mythes en falsificaties

De Amerikaanse Lauren Groff verdiepte zich voor haar roman Matrix in het leven van de twaalfde-eeuwse mysterieuze hoofse dichteres Marie de France. ‘Schrijven is voor mij een heerlijk spel met de lezer.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden