Alweer een dappere heldin

Een Senegalese vrouw. Marie NDiaye portretteert drie Senegalese vrouwen, wier bestaan zich deels in Frankrijk afspeelt. (Trouw) Beeld AFP

Twee jaar op rij ging de Prix Goncourt naar een roman over minderbedeelden: Afghaanse vrouwen, vrouwelijke immigranten. Wint de boodschap het steeds vaker van de literatuur, zoals een jurylid zelf opperde? Of is er iets anders aan de hand?

Literaire prijzen en schandalen horen bij elkaar. Want eer, roem en geld maken bij menigeen kleinzieligheid los. De belangrijkste Franse literatuurprijs, de Prix Goncourt, onlangs toegekend aan de Frans-Senegalese Marie NDiaye, heeft dit jaar echter meer stof doen opwaaien dan gebruikelijk.

De schrijfster van ’Trois femmes puissantes’ (’Drie sterke vrouwen’), woont tegenwoordig in Berlijn. Sedert Sarkozy gekozen werd tot president van Frankrijk, vindt ze de sfeer in het land niet meer te harden. In een interview laakte ze de vulgariteit van het regime, de jacht op illegalen, het feit dat burgers ertoe worden aangezet elkaar te bespioneren. Een parlementslid van Sarkozy's partij verklaarde daarop dat de toekenning van een belangrijke literaire onderscheiding de laureaat het recht ontneemt het land dat de prijs uitdeelt te bekritiseren. Natuurlijk vond iedereen die er in de culturele wereld toe doet deze uitval te dom voor woorden, maar de kranten stonden er toch dagenlang vol van.

Opmerkelijker was de uitspraak van de Frans-Spaanse schrijver-politicus Jorge Semprún, zelf een gerespecteerd auteur, voormalig minister van cultuur van Spanje en bovendien lid van de jury die NDiaye de prijs had toegekend: iemand dus met aanzienlijk meer gezag en recht van spreken. Hij betreurde het dat bij de toekenning van de Prix Goncourt de laatste jaren politieke correctheid een grote rol speelt.

Maar ook daarmee loopt het bij nader inzien wel los. In 2006 ging de Goncourt naar ’De welwillenden’ van de Amerikaan Jonathan Littell, de gefingeerde memoires van een naziofficier in hart en nieren. Dit meeslepende boek maakt iets voelbaar van de enorme diabolische energie die door het nazisme in luttele jaren tot ontplooiing kwam. Maar het is allesbehalve een politiek-correcte roman.

En het jaar ervoor ging de prijs naar het onderhoudende ’Trois jours chez ma mère’ van de in België geboren François Weyergans. Een narcistisch niemendalletje, maar wel geschreven in het sierlijkste Frans dat zich laat denken en met een zelfspot die de lezer voortdurend aan het grinniken zet. Politiek was dat boek helemaal niet, laat staan politiek-correct.

Als er de afgelopen jaren al sprake was van een lijn, dan eerder dat de jury openstaat voor literatuur uit alle windstreken – misschien tot verrassing van wie Frankrijk beschouwt als een in zichzelf gekeerd, hiërarchisch reservaat. Wel is de prijs de afgelopen twee jaar toegekend aan boeken die aandacht vragen voor belangrijke wereldproblemen.

In 2008 ging de Goncourt naar de Afghaanse filmer-schrijver Atiq Rahimi. Diens roman is nu in het Nederlands verschenen onder de titel ’Steen van geduld’. Het is het verhaal van een vrouw die waakt bij haar in de strijd gewond geraakte man, en terugziet op haar leven vol vernederingen.

Het boek is geschreven in eenvoudige taal, maar niet vrij van pathos: „Haar blik blijft vertwijfeld op het roerloze lichaam rusten.” Ook is er sprake van een stormlamp die ’tevergeefs zijn laatste adem uitblaast’, wat dat ook moge betekenen. Liefhebbers van Khaled Hosseini, zullen er zeker van genieten. Anderen kunnen dit oversimpele relaas (het genre behoort inmiddels tot de collateral damage van de Afghaanse oorlog) met een gerust hart negeren. Een merkwaardige keuze van de jury.

Maar de dit jaar bekroonde roman van NDiaye is wél een schot in de roos, en het boek zal dan ook wel snel worden vertaald. De schrijfster geldt niet voor niets als een van de grootste talenten van haar taalgebied. Al vanaf de eerste zinnen voel je dat je in goede handen bent - een aangename gewaarwording die alleen maar sterker wordt naarmate het boek vordert.

NDiaye vertelt drie onderling los verbonden verhalen over vrouwen wier levens zich afspelen tussen Senegal en Frankrijk. Nooit glansde haar taal, die altijd al schitterend was, zo mooi als in dit boek. De lange, ritmische zinnen, soepel als lianen, waarin elk woord en elk leesteken ertoe doen, dwingen tot langzaam en aandachtig lezen. De terughoudendheid en discretie waarmee NDiaye belangrijke gebeurtenissen niet laat zien, maar suggereert, het stoïcisme waarmee haar heldinnen het verlies van hun illusies ondergaan; het is allemaal even bewonderenswaardig opgeschreven.

Het eerste verhaal gaat over een vrouw die uit Parijs terugkeert bij haar vader in Senegal, en daar verstrikt raakt in familieproblemen. Ze merkt dat van de eens zo sterke, tirannieke ouder weinig meer over is.

Het tweede deel is een huzarenstukje: de sterke vrouw uit dit verhaal leert de lezer enkel kennen via de gedachten van haar echtgenoot, die zijn toch al weinig florissante bestaan in de loop van een ochtend geheel ziet instorten. Met koortsachtige oplettendheid noteert hij elk detail, maar van de belangrijkste gebeurtenissen uit zijn leven herinnert hij zich hooguit flarden: de vechtpartij die hem jaren geleden zijn leraarsbaan kostte, de ruzie die hij 's ochtends met zijn vrouw maakte, een door zijn vader gepleegde moord. De rust van zijn vrouw vormt met dit alles een groot contrast.

Het laatste verhaal, over een vrouw die illegaal probeert uit Afrika naar Europa te komen, is het knapst. In haar onontkoombare teloorgang, vol teleurstellingen en vernederingen, vindt de hoofdpersoon enkel houvast in het feit dat zij een mens, een individu is. De manier waarop dit bewustzijn voor haar uitgroeit tot een bijna mythisch besef, waarbij elk probleem in het niet valt, beschrijft NDiaye met een sobere lichtheid, een speelsheid bijna, die de lezer diep raakt.

Kortom, een schitterend boek, en dat is, te midden van alle gekrakeel, natuurlijk het enige dat telt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden