Muziekrecensie

Albrecht boort diepere Mahler-lagen niet echt aan

Dirigent Marc Albrecht zong vrijdag vaak net iets te hard mee, waardoor hij tot op het balkon te horen was.

Nederlands Philharmonisch Orkest/Marc Albrecht
Mahler, Tiende symfonie

Dat sommige dirigenten hun vingers en baton er niet aan willen branden is hun goed recht. Dat zich onder hen fantastische Mahler-interpreten bevinden zoals Bernard Haitink is natuurlijk bijzonder jammer, want wat zouden we graag een uitvoering onder zijn leiding horen. Maar gelukkig zijn er steeds meer maestro's die de onaffe Tiende symfonie van Mahler als een volwaardig werk beschouwen.

En zo kan de liefhebber steeds vaker in de concertstoel plaatsnemen om die Tiende - meestal in de voltooiing van Deryck Cooke - te ondergaan. Vorig jaar nog verzorgde het Rotterdams Philharmonisch Orkest er een verpletterende uitvoering van onder leiding van Yannick Nézet-Séguin. En deze dagen heeft het Nederlands Philharmonisch Orkest de omstreden partituur op de lessenaars gezet. Vrijdagavond was de eerste uitvoering in het Concertgebouw onder leiding van chef-dirigent Marc Albrecht.

Nieuwe opstelling

Albrecht scheidde de eerste en twee violen van elkaar en zette de altviolen en de celli ertussenin. De contrabassen stonden links achteraan. Die opstelling lijkt een trend te worden in het Concertgebouw. Onlangs deed Daniele Gatti hetzelfde toen hij met het Concertgebouworkest de Vierde symfonie van Mahler uitvoerde.

In de Tiende kan die splitsing bijzonder goed werken, omdat dan duidelijk wordt hoe verschillend Mahler de beide groepen behandelt. Hoe hij ze op elkaar laat reageren. Maar tegelijkertijd valt het nog beter op als het niet helemaal goed gaat.

En helaas was dat vrijdagavond nogal eens het geval. Vooral in het openingsadagio, vlak voordat Mahler die bijzondere atonale dreun uitdeelt, klonken de tweede violen in de hoge, tere passages brakkig. En zoiets breekt de spanningsopbouw, zeker als het meerdere malen gebeurt.

Gegniffel

En er was meer opvallends deze avond. Zo lokte de eerste harde klap op de grote trom aan het slot van het vierde deel gegniffel in de zaal uit. En dat is best vreemd bij een symfonie die zo doortrokken is van tragiek. Zo getormenteerd als Bernstein Mahler vaak dirigeerde, hoeft natuurlijk niet, maar Albrecht straalt in zijn lichaamstaal weinig lijdends uit. Hij zwaait en leidt energiek, blijmoedig haast.

Hoe dan ook, de echt diepere lagen werden vrijdagavond niet aangeboord. Er stond veel moois tegenover. Toen het beruchte akkoord in het laatste deel terugkwam, opende dat weidse vergezichten en vroeg je je af: wat als Mahler niet op zijn vijfitgste was gestorven?

Overigens zong Albrecht in zijn enthousiasme vaak iets te luid mee, en was hij tot op het frontbalkon te horen. Dat heb je in die prima akoestiek van het Concertgebouw al gauw.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden