Agnès Varda (1928-2019): Grande dame van de Franse cinema en groot vernieuwer

Agnes Varda in februari van dit jaar in Berlijn. Beeld EPA

Agnès Varda schiep een uniek oeuvre waarin zij documentaire en speelfilm door elkaar husselde. 

Op het Filmfestival van Berlijn, afgelopen maand, presenteerde ze nog een nieuwe documentaire. ‘Varda par Agnès’ blijkt nu haar zwanenzang te zijn geworden. ­Agnès Varda, grande dame van de Franse cinema, overleed vandaag op 90-jarige leeftijd aan kanker, zo maakte haar familie bekend. 

Varda stierf in haar woning in de Parijse Rue Daguerre waar ze in 1951 als 23-jarige studente belandde en nooit meer wegging. Ze woonde er met haar man Jacques Demy (regisseur van de sixtiesmusicals ‘Les Parapluies de Cherbourg’ en ‘Les Demoiselles de Rochefort’) en haar kinderen Rosalie en Mathieu.

Tot aan haar dood werkte ze met een enorme toewijding aan een uniek oeuvre. Vrolijk en vrijmoedig ging ze op pad om het via kleine verhalen over grote thema’s als feminisme en socialisme te hebben.

Sprokkelaar van beelden

In haar meest geroemde speelfilm ‘Sans Toit Ni Loi’, bekroond met de Gouden Leeuw in Venetië, speelde de 18-jarige Sandrine Bonnaire een jonge zwerfster. Het waren altijd mannen die mochten zwerven en roadmovies kregen. Varda bracht daar verandering in.

In een andere veelgeroemde film, ‘Les Glaneurs et la Glaneuse’ (2000), thematiseerde ze de doorgeslagen consumptiemaatschappij door liefdevol de rapers en plukkers van deze wereld te portretteren.

Zelf was ze ook een sprokkelaar, maar dan van beelden. Met overtuiging omarmde ze het toeval en associeerde ze vrijuit. In haar voorlaatste film, het voor een Oscar genomineerde ‘Visages, Villages’ (2017), doorkruiste ze in een bus het Franse achterland om boeren en buitenlui te portretteren, en onderweg te reflecteren op vriendschap, de werking van het geheugen en de troost van kunst.

Met het zeer ontroerende ‘Les Plages d’Agnès’ (2008) had ze op 80-jarige leeftijd haar eigen auto-biografie gemaakt, een reis door haar leven en werk, op film. Varda werd op 30 mei 1928 geboren in Brussel. Ze bracht haar jeugd door in de Zuid-Franse havenplaats Sète en ging van daaruit literatuur en filosofie studeren aan de Sorbonne-universiteit in Parijs en kunstgeschiedenis aan het École du Louvre.

Grenzen

Ze had een tijdje als fotograaf gewerkt toen ze op 26-jarige leeftijd haar eerste film maakte. In ‘La Pointe Courte’ (1955) wisselde ze het verhaal van een huwelijk dat op de klippen loopt af met een portret van het vissersleven in haar oude woonplaats Sète. Ze husselde toen al documentaire en speelfilm door elkaar en bleef dat haar leven lang doen: de grenzen van het genre verkennen en oprekken.

Varda was in de jaren zestig het enige meisje in de jongensclub die zich Nouvelle Vague noemde, waar ze het vrouwelijk perspectief inbracht. Ze groeide op met Godard, Truffaut, Rivette, Rohmer en Chabrol. Ze hoorde bij de groten van de Franse cinema en vestigde zich als een van de filmvernieuwers van de 20ste eeuw.  

Lees ook: 

De beelden van Varda & co doen de tijd stollen

Nouvelle Vague-veterane Agnès Varda (89) reisde door het vergeten Franse achterland en maakte met de roadmovie ‘Visages Villages’ en passant de mooiste documentaire van het jaar.

Het sprokkelen is niet alleen voor arme drommels

Als uitgangspunt voor de competitiefilm ‘Les glaneurs et la glaneuse’, die momenteel bovenaan staat in de lijst van Idfa-publieksfavorieten, koos de Franse filmmaakster Agnès Varda het bekende schilderij ‘Les glaneuses’ (1857) van de natuurschilder Jean François Millet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden