Kirk Douglas in ‘Champion’, zijn doorbraak, in 1949.

Kirk Douglas1916 - 2020

Acteur Kirk Douglas (103) is groot geworden als rebel

Kirk Douglas in ‘Champion’, zijn doorbraak, in 1949. Beeld Photo News

Acteur Kirk Douglas (1916-2020) veroverde samen met Hollywood de wereld, maar had ook het lef tegen datzelfde Hollywood in opstand te komen.

 Een legende noemde iemand hem gisteren bij zijn ster op de Walk of Fame in Hollywood. Een woord waar je mee op moet passen, want soms maken grote woorden iemand alleen maar kleiner. Maar bij Kirk Douglas, die woensdag op 103-jarige leeftijd overleed in Beverly Hills, past het.

Douglas, geboren in 1916 als Issur Danielovitch in het plaatsje Amsterdam in de staat New York, was de laatste van de grote mannelijke Hollywoodsterren. Twee jaar geleden nog verscheen hij naast schoondochter Catherine Zeta-Jones op het podium bij de Golden Globes en kreeg hij een staande ovatie. Niet alleen voor zijn imposante artistieke carrière die meer dan een halve eeuw omvatte. Niet alleen omdat hij een van de laatste levende grootheden was uit wat wel Hollywoods gouden tijdperk wordt genoemd, de jaren waarin de Amerikaanse film de dominante manier van filmmaken werd. Het applaus was ook voor zijn lef: terwijl Hollywood in de jaren vijftig sidderde voor een hysterische jacht op vermeende communisten en talloze mensen op een zwarte lijst terechtkwamen, was het Kirk Douglas die er bij de productie van de film Spartacus op stond dat de veroordeelde scenarist Dalton Trumbo onder eigen naam op de credits kwam en niet langer onder pseudoniem hoefde te werken.

Douglas verachtte naar eigen zeggen de hypocrisie van Hollywood, dat wel profiteerde van het talent van deze mensen – het was publiek geheim dat ze achter de schermen vaak gewoon hun werk bleven doen – maar ze niet de erkenning gaf door hun naam te vermelden.

Kirk Douglas in 'Spartacus'.Beeld Getty Images

Die actie van Douglas was een van de redenen dat de zwarte lijst in de jaren zestig werd afgeschaft. De affaire wordt beschreven in het boek ‘I am Spartacus!: Making a Film, Breaking the Blacklist’ uit 2012. In het voorwoord noemt George Clooney Douglas “een man van uitzonderlijk karakter. Het soort dat gevormd wordt als het spel verhardt. Het soort waar we in onze donkerste uren naar zoeken.”

Douglas groeide als enige zoon tussen zes zussen op in een arm gezin van Joodse immigranten, afkomstig uit wat nu Wit-Rusland heet. In zijn autobiografie De zoon van de voddenman uit 1988 schreef hij over zijn jeugd in Amsterdam: “Mijn vader haalde met paard en wagen ouwe vodden, stukken metaal en rotzooi op en verkocht die voor een paar centen. Zelfs op Eagle Street, in het armste deel van de stad, waar alle gezinnen het moeilijk hadden, stond de voddenman op de onderste tree van de ladder. En ik was zijn zoon.” Zijn vader dronk stevig en was vaak buiten de deur, waardoor Kirk voor eten moest zorgen. Het leven was hard. Antisemitisme was overal. Op elke straathoek stonden jongens die je in elkaar wilden slaan, schreef hij.

Naar eigen zeggen wilde hij al acteur worden sinds de kleuterschool en kon hij niet wachten om aan het verstikkende leven tussen zes zussen te ontsnappen. “In zekere zin”, schreef hij, “deden zij een vuur in mij ontbranden.” Het vuur bleef branden, ook al hij versleet hij meer dan veertig baantjes voor hij in 1946 debuteerde en dat vuur naar het scherm bracht. In de eerste elf jaar van zijn carrière werd hij drie keer genomineerd voor een Oscar. De eerste kwam voor zijn doorbraakrol in ‘Champion’, een portret van een bokser die buiten de ring zijn demonen moet leren bedwingen voor hij binnen de ring kan winnen. Hij verzilverde geen van die nominaties. Pas in 1996 kreeg hij de onderscheiding als eerbetoon aan zijn hele carrière.

Kirk Douglas (rechts) met zijn zoon Michael tijdens de Academy Awards in 1985.Beeld AFP

Douglas kreeg al snel een reputatie als speler van ruige types. Dat paste perfect bij z’n strakke kaaklijn, z’n schurende stem en zijn imposante fysiek. “Ik heb me altijd aangetrokken gevoeld tot personages die een rottige kant hebben”, zei hij in 1984 in een interview. “Deugdzaamheid is niet fotogeniek.” Toch was Douglas meer dan een robuuste actiester. Hij durfde kwetsbaar te zijn. Dat nekte hem bijna toen hij zich in 1956 voor ‘Lust for Life’ inleefde in de rol van Vincent van Gogh. “Van Gogh was even oud als ik toen hij zelfmoord pleegde. Dat was beangstigend om te spelen. Ik heb de film lang niet terug durven kijken.”

Douglas speelde in meer dan tachtig films. Hij stond in zijn tweede film al naast Burt Lancaster, een vriend. Hij werkte met de groten: Henry Fonda, Robert Mitchum, Johnny Cash, James Coburn, hij was een van hen. Hij schakelde Stanley Kubrick in voor Spartacus, een film die hij zelf produceerde. Hij kocht de rechten op het boek ‘One Flew Over the Cuckoo’s Nest’ en maakte er een toneelstuk van op Broadway. Tien jaar later produceerde zijn zoon Michael de gelijknamige film.

Zijn pièce de resistance was ontegenzeggelijk Spartacus, een van de laatste grote Hollywoodspektakels, met vele honderden figuranten. Douglas had zich in de jaren daarvoor onder een studiocontract uitgewerkt en produceerde de film zelf. Niet zonder ironie ging het verhaal over slaven die in opstand komen tegen het Romeinse Rijk. In zijn hart, zei hij ooit, koesterde Douglas het verzet van de eenling tegen de massa. Misschien een gevoel dat hij had overgehouden aan het antisemitische getreiter op de straten van Amsterdam. ‘Lonely are the Brave’, die hij in 1962 samen met Trumbo maakte, was een van zijn meest geliefde films.

Pijn was er ook. Douglas overleefde in 1991 maar net een helikopterongeluk. In 1996 kreeg hij een hersenbloeding waardoor hij lang niet meer kon praten (“Ik wacht op de terugkeer van de stille film”). En in 2004 verloor hij een zoon aan een fatale combinatie van alcohol en medicijnen.

Hij was groot. Hij was imponerend. Maar hij was niet de held van zijn levensverhaal, schreef hij in 2008 in een artikel over ouder worden. “Dat waren mijn ouders die het geld bij elkaar schraapten en op de boot stapten om ons in Amerika een beter leven te geven.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden