In memoriamAck van Rooyen

Ack van Rooyen (1930-2021), gentleman op de trompet, had alle tijd van de wereld

Ack van Rooyen op de bugel, 1975. Beeld Schweigmann/Getty Images
Ack van Rooyen op de bugel, 1975.Beeld Schweigmann/Getty Images

Jazztrompettist Ack van Rooyen speelde alsof hij met jou, de luisteraar, sprak. En hij had echt iets te zeggen.

Mischa Andriessen

Een zondagmiddag tijdens het Amersfoort Jazzfestival twee jaar terug: trompettist Ack van Rooyen geeft een uiterst sfeervol en intiem concert met Juraj Stanik achter de piano. Van Rooyen is al 89 dan, maar hij staat nog fier rechtop en speelt prachtig, elke noot is loepzuiver en tegelijk heel zacht zodat het publiek extra ingespannen luistert. Dat vergroot de intimiteit nog verder tot het punt waarop de afstand tussen de twee musici en de vele toehoorders goeddeels verdwijnt.

Als Van Rooyen een nummer met een voor hem karakteristiek elegante noot beëindigt, verzucht een vrouw: “Wat speelt u toch mooi.” En dan gebeurt het, Van Rooyen antwoordt en er ontstaat een gesprek waarin Van Rooijen laat zien dat hij wars van allures en op en top een gentleman is. Die paar in alle eerlijkheid gewisselde woorden laat bovendien zien dat Van Rooyen is zoals hij speelt: integer, bescheiden, zacht en elegant, maar boven alles ook puur en bepaald niet glad.

De donderdag op 91-jarige leeftijd overleden Arie ‘Ack’ van Rooyen heeft door zo oud te worden de Nederlandse jazzwereld voor een knoeper van een blunder behoed. Nog net op tijd ontving Van Rooyen volkomen terecht de Boy Edgar Prijs, de belangrijkste onderscheiding die een Nederlandse jazzmusicus kan krijgen.

Mede dankzij die prijs kwam Van Rooyens werk weer in de belangstelling te staan en aan zijn discografie werden nog een paar bijzondere platen toegevoegd, zoals het magnifieke album Then and Now dat Van Rooyen met het Metropole Orkest opnam en dat zeer recent nog met een Edison werd beloond.

Ridder in de Orde van Oranje-Nassau

Ack was de broer van Gerard ‘Jerry’ van Rooyen, die precies een jaar en een dag ouder was; Jerry werd geboren op oudjaar 1928 en Ack op in 1930 op nieuwjaarsdag. Beiden zouden ze naam maken als trompettist en in de jaren vijftig speelden ze samen met pianist Rob Madna en trompettist Rob Pronk een belangrijke rol bij de introductie van de moderne jazz in Nederland.

Het was de tijd waarin bigbands en jazzorkesten volop floreerden, zeker ook dankzij de gebroeders Van Rooyen. Daarbij ontpopte Jerry zich meer en meer als bandleider, dirigent en componist. Ack was toen al de man van die zo ingetogen en toch zo diep rakende en geweldig sierlijke toon. Ze werkten veel in Duitsland en kregen daar al volop erkenning, meer en vroeger dan in Nederland – zeker in het geval van Ack.

Al bleef zijn markante speelstijl ook hier niet onopgemerkt. Hij kreeg in 2017 de Blijvend Applaus Award en toen hij in 2020 dan eindelijk de Boy Edgar-Prijs in ontvangst mocht nemen, werd hij als extra beloning benoemd tot ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Van Rooyen kon dingen buitengewoon mooi zeggen

Terug naar dat spontane gesprek tijdens het concert bij Amersfoort jazz. Als iets het spel van Ack van Rooyen typeert, is het dat hij speelt alsof hij spreekt. Specifieker nog, alsof hij met jou, de luisteraar, spreekt.

Vorig jaar, in een interview met Trouw, gaf Van Rooyen aan dat hij converseren in de muziek gaandeweg had geleerd, eigenlijk simpelweg door ouder te worden. Dat hij op zeker moment van de trompet op de bugel overschakelde, hielp daarbij; met zijn met meer omfloerste, minder scherpe en rondere klank maakt de bugel het mogelijk om dichter bij de luisteraar te komen. Het is niet voor niets dat menig musicus voor het spelen van een ballad voor de bugel kiest.

Natuurlijk heeft Van Rooyen deze typische speelstijl verder ontwikkeld in de loop van de lange tijd die hem was vergund, maar op vroegere opnamen hoor je de bepalende eigenschappen toch al wel degelijk terug.

Opmerkelijk is bijvoorbeeld de rust in zijn spel. Veel musici spelen hun solo’s alsof het de laatste kans is die ze van hun leven zullen krijgen, zo niet Ack van Rooyen, die zijn solo’s juist blies alsof hij alle tijd van de wereld had en die daarin tal van pauzes inlaste, als was het om de luisteraar niets te laten missen van wat werd gezegd.

Van Rooyen kon dingen buitengewoon mooi zeggen en eenmaal door dat prachtige spel in de muziek getrokken, kon je duidelijk horen dat hij ook iets te zeggen had.

Lees ook:

Van pensioen wil Ack van Rooyen (90) niets weten. ‘Converseren in de muziek, dat leer je pas als je ouder wordt’

Bugelspeler en trompettist Ack van Rooyen (90) nam de afgelopen dagen samen met het Metropole Orkest een nieuwe plaat op. Als een ode aan zijn ruim zeventigjarige jazzcarrière – en die van zijn overleden broer Jerry. ‘Het is waarschijnlijk mijn laatste grote album.’

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden