Takenori en Tomoko Kobayashi runnen in Odaka een traditioneel Japans hotel.

ReportageFukushima

Zo is het tien jaar na de kernramp in Fukushima: ‘Jonge mensen komen niet. We missen ondernemers, boeren en scholen’

Takenori en Tomoko Kobayashi runnen in Odaka een traditioneel Japans hotel.Beeld Hiroki Taniguchi

In het Japanse Fukushima is de toekomst van de lokale gemeenschappen nog uiterst onzeker. Jonge mensen zijn er niet, en het gemis van oude vrienden is groot. Maar de verbondenheid is een decennium na de kernramp sterker dan ooit.

De 84-jarige rijstboer Kouichi Nemoto kletst wat met een taxichauffeur voor de stationshal van het boerendorp Odaka, in de provincie Fukushima. Om de twee uur passeert hier een lokale trein, maar zelden stapt er iemand uit. Nemoto is opgetogen, want zijn kinderen en kleinkinderen keren eindelijk, na zeven jaar afwezigheid, wél terug uit Tokio. “Ik kan het land niet in mijn eentje bewerken, ze komen terug om mij te helpen. Natuurlijk vrees ik voor de veiligheid van mijn kleinkinderen, maar mijn land is hier, ik kan niet weg.”

Vanaf Odaka is het een kwartiertje rijden naar kerncentrale Daiichi waar vandaag precies tien jaar geleden een kernramp plaatshad, als gevolg van een zeebeving en een daaropvolgende tsunami. Het dorp Odaka bevond zich destijds in de zogeheten ‘no-go-zone’, alle dorpen die binnen 20 kilometer van de kerncentrale lagen werden geëvacueerd. Van Fukushima was 12 procent onbewoonbaar.

In totaal kwamen als gevolg van de aardbeving en tsunami 15.900 mensen om het leven, 1614 daarvan kwamen uit Fukushima. Hoewel het aantal dodelijke slachtoffers in andere gebieden vele malen hoger was dan in Fukushima, hangt het stralingsgevaar nog altijd als een donkere wolk boven de gemeenschap. “Eerst was er de evacuatie, toen we terug naar het dorp mochten was ons huis een puinhoop”, herinnert Nemoto zich. “Later was er de angst voor straling.”

Het moeilijkste vindt Nemoto dat hij zijn vrienden van vroeger nooit meer spreekt. “Vrienden vertrokken en kwamen nooit meer terug, het contact is verloren, ik mis ze”, treurt hij. In totaal zijn er volgens de overheid nog altijd 36.000 mensen ontheemd. Veel mensen kunnen niet terug omdat hun huis is verwoest of het staat in de buurt van een ‘hot spot’, plekken waar lokaal verhoogde straling is gemeten.

In de meeste gevallen vertrokken mensen echter vrijwillig, met name jonge gezinnen wilden hun kinderen niet blootstellen aan de gevaren van straling. In Odaka heeft het geleid tot een leegloop: telde het dorp voor de ramp 13.000 inwoners, nu zijn dat er nog maar 3500.

Kouichi Nemoto wacht op de komst van zijn kinderen. Beeld Hiroki Taniguchi
Kouichi Nemoto wacht op de komst van zijn kinderen.Beeld Hiroki Taniguchi

Hier kan Tomoko Kobayashi over meepraten. Samen met haar man runt ze een ryokan (een traditioneel Japans hotel) aan de hoofdweg van Odaka. Het gemis van haar kleinkinderen is een hard gelag, maar ze heeft begrip voor hun besluit, zegt ze terwijl ze een kop groene thee inschenkt. “Wij zijn oud en gaan binnenkort dood, dus zijn we niet zo bang voor straling. Voor onze kleinkinderen is dat een ander verhaal, zij hebben een heel leven voor zich.”

In het ryokan zwaait ze een jong gezin uit dat in het hotel verblijft. “Die mensen gaan even kijken bij hun oude huis, ook zij wonen inmiddels ergens anders. Veel van onze gasten zijn voormalige dorpsgenoten.” Het is een bekend beeld in de regio: jonge mensen die in het weekend even komen kijken hoe hun huis erbij staat.

Als Tomoko’s echtgenoot Takenori aanschuift, deelt hij vers gebak uit. Met volle mond somt hij op waar het momenteel aan ontbreekt in Odaka: “Wat we missen in ons dorp? Ondernemers, boeren en scholen.” Wat daarvoor terugkwam is sociale cohesie, die is sterker dan ooit. “De mensen die zijn gebleven delen allemaal hetzelfde leed, mensen begrijpen elkaar. Er is een sterke band en die geeft ons rust en enige verlichting”, zegt Tomoko.

Veel inwoners kregen volgens Tomoko last van psychische klachten, maar erover praten? Nee, dat doen ze liever niet. En zij zijn niet de enigen in de regio: “In deze regio praten we sowieso niet echt over psychische zaken”, vertelt echtgenoot Takenori. Het is een karaktertrek die wel vaker aan mensen langs de Tohoku-kust wordt toegeschreven, het is een nuchter volk.

Volgens het echtpaar worden hun zorgen over de straling gebagatelliseerd door de Japanse overheid. Tomoko rolt een grote landkaart uit en legt die op tafel. Het is het werk van de stichting waar ze zich allebei voor inzetten. Die doet onafhankelijk van de overheid onderzoek naar alles wat met straling en de ramp te maken heeft: van het testen van voedsel tot het meten van stralingswaarden in de omgeving, ook op plekken waar de overheid niet meet.

Vaak vielen hun metingen hoger uit dan die van de overheid. “Wij hebben dus geen enkel vertrouwen in de autoriteiten. Dat is ook waarom zoveel mensen in deze regio zich hebben verdiept in radioactiviteit.”

Het stel staat niet alleen in dit wantrouwen: vorige week nog publiceerde Greenpeace een vernietigend rapport waarin de overheid wordt verweten niet eerlijk te zijn geweest over het stralingsgevaar in dorpen rondom de kerncentrale. Uit eigen onderzoek is gebleken dat in veel door de overheid als veilig bestempelde gebieden wel degelijk hogere stralingswaarden zijn waargenomen. Het onderzoek beslaat een periode van tien jaar (zie kader).

Takenori Kobayashi vermoedt dat er andere belangen spelen. “De overheid wil laten zien dat de wederopbouw voltooid is. Maar dat klopt niet”, zegt hij. Als voorbeeld noemt hij de komst van talloze zonnepanelenparken. Mensen die gevlucht zijn krijgen hun land niet verkocht aan particulieren. Familie wil het huis van een overleden vader of moeder niet erven vanwege de hoge erfbelasting in Japan, legt hij uit.

“Energiebedrijven kopen grote stukken land op en zetten er met behulp van overheidssubsidies zonnepanelen neer”, aldus Takenori. Veel liever ziet hij dat het land naar jonge mensen gaat, zodat de boeren­gemeenschap weer op eigen benen kan staan. “Maar die jonge mensen komen niet.”

 Seiko Moriyama en haar dochter van twee beginnen in Odaka juist een nieuw leven. Beeld Hiroki Taniguchi
Seiko Moriyama en haar dochter van twee beginnen in Odaka juist een nieuw leven.Beeld Hiroki Taniguchi

Seiko Moriyama (35) en haar dochter van twee zijn wat dat betreft een opvallende verschijning. Tegenover het hotel van de Kobayashi’s wacht Moriyama geduldig op haar peuter, die met vallen en opstaan leert lopen. In 2018 verhuisde Moriyama met haar gezin naar Odaka.

“Na de ramp begonnen we met een klein provisorisch koffietentje in de stationshal, ik woonde toen nog in Haramachi, wat hiernaast ligt. Ik wilde de mensen opvrolijken. Inwoners vroegen steeds vaker waarom ik me niet permanent kwam vestigen in Odaka. Toen de scholen in 2017 opengingen, besloten mijn man en ik een huis te kopen, en begonnen een café.”

Ze begrijpt de angst van mensen rondom straling, maar is zelf niet zo bang. Ze wijst naar een bord naast het station waarop actuele stralingsniveaus staan weergegeven: 0,19 microsievert per uur – net onder de veilig geachte bovengrens van 0,23 microsievert. “De gemeente houdt het allemaal netjes bij, dus ik kan me er niet druk om maken. Of het klopt? Ik geloof het wel hoor.” De oudere bewoners van Odaka zijn maar wat blij met haar aanwezigheid, denkt Moriyama. “Deze mensen zijn nieuwsgierig naar ons leven, ook omdat er nauwelijks kinderen rondlopen. Ik voel me hier thuis. Het is een warme gemeenschap, daar hou ik van.”

Moriyama is hoopvol wat betreft de toekomst van het dorp. De oude middelbare en basisschool zijn tot een nieuwe school gefuseerd en die gaat dit jaar nog open, meldt ze enthousiast. Verder is er sinds vorig jaar een kinderdagverblijf waar ze haar dochter iedere dag een paar uur kan achterlaten. Ook komt er dit jaar een sportschool. “Het gemeentebestuur doet er alles aan om het ons naar de zin te maken, je ziet dat ze jonge mensen naar Odaka willen halen.”

Iets dichter in de buurt van de kerncentrale ligt het dorpje Namie, precies tussen kerncentrale Daiichi en Odaka in. Namie bestaat eigenlijk vooral uit dichtbegroeide bergen, met af en toe een perceel waar vóór de ramp rijst of groente werd verbouwd maar dat nu braak ligt.

De achtergebleven Masami Yoshizawa, eigenaar van Boerderij van de Hoop. Beeld Hiroki Taniguchi
De achtergebleven Masami Yoshizawa, eigenaar van Boerderij van de Hoop.Beeld Hiroki Taniguchi

Minder dan 10 procent van de mensen keerde terug naar Namie. De overheid wil het liefst dat dat aantal omhooggaat, het overgrote deel van Namie is namelijk veilig verklaard. Volgens Greenpeace is dat echter een onverstandige wens: uit overheidsdata blijkt namelijk dat slechts 10 procent van Namie is schoongemaakt, bergachtig gebied is overgeslagen. De milieuorganisatie vreest dat ­radioactief materiaal via regenwater de tuinen van inwoners in kan stromen, geen bizar scenario in een land dat jaarlijks te maken krijgt met tientallen tyfoons.

Boer Masami Yoshizawa haalt zijn schouders op als hij dat hoort. “Mensen met jonge kinderen zijn bang en mensen zoals ik maken een compromis”, zegt hij. Zelf heeft hij geen kinderen, zijn ouders zijn niet meer in leven. Yoshizawa houdt driehonderd koeien, hij is een van de weinigen in Namie die weer aan het ‘boeren’ is. Vaak denkt hij terug aan de explosie, het is af te lezen aan de diepe groeven in zijn gezicht. “Vanaf deze heuveltop zag ik het allemaal gebeuren. Ik was bang voor een nucleaire explosie, dan waren we allemaal dood geweest. Ik was toen nog in dienst, maar mijn ex-werkgever liet de koeien in de steek. Hij streek eerst nog een flinke subsidie op ter compensatie en verdween snel daarna.” Veel dieren verhongerden, maar doordat Yoshizawa om de drie dagen kwam om de dieren te voeden bleef een deel in leven.

Hij kookt weer van woede als hij erover praat. Hij neemt het de overheid, Tepco die de kerncentrale beheert en de rest van Japan kwalijk dat het zover heeft kunnen komen. Hij ging zelfs met zijn koeien naar het centrum van hoofdstad Tokio om te protesteren. “Ik wilde laten zien wie onder het energiebeleid van de overheid lijdt. Wij in Fukushima zijn de dupe van Tokio’s afhankelijkheid van kernenergie.”

Hoewel de boerderij de naam Boerderij van de Hoop draagt, is hij zelf weinig hoopvol. Hij zegt niet te geloven dat jonge mensen ooit terug zullen keren naar Namie. “Het is sayonara – vaarwel.”

De erfenis van de kernramp

In totaal ligt er nog zo’n 14 miljoen kubieke meter aan radioactief materiaal verpakt in grote zwarte zakken verspreid over de regio. Uiteindelijk is het de bedoeling dat al het materiaal wordt verplaatst naar een locatie buiten de prefectuur waar het definitief verwerkt zal gaan worden. De regering verwacht dat dit allemaal tot ongeveer 2045 gaat duren.

Het schoonmaakwerk in de kerncentrale is een groter probleem voor de autoriteiten en Tepco, het bedrijf verantwoordelijk voor de kerncentrale. Het voorbije jaar verliep moeizaam: kapotte seismometers, hogere stralingswaarden dan waarmee men in eerste instantie rekening hield, en gebrek aan opslagruimte voor het afvalwater uit de kerncentrale.

Nu wordt al het afvalwater nog opgeslagen in gigantische tanks op het terrein van de kerncentrale in Fukushima, maar in de zomer van 2022 verwacht Tepco dat er geen ruimte meer zal zijn voor het water. Het zou gaan om in totaal 1,2 miljoen ton liter aan afvalwater. Tepco heeft twee opties: extra tanks bouwen voor de opslag of het afvalwater in zee dumpen.

Die laatste optie is nogal controversieel. De voornaamste met straling besmette stof die nog in de tanks is opgeslagen is tritium, een radioactieve variant van waterstof die met moderne technieken nog niet uit het water verwijderd kan worden. Sommige experts vinden de gevaren ervan verwaarloosbaar, maar er is ook veel weerstand, onder andere lokale vissers en buurland Zuid-Korea vrezen de schadelijke effecten van het dumpplan.

Lees ook: Japanners keren heel voorzichtig terug naar Fukushima

De eerste bewoners gaan terug naar de directe omgeving van de kerncentrale in Fukushima, die in 2011 verwoest werd door een tsunami. Maar lang niet iedereen durft het aan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden