De MegastadNairobi

Wanneer kan ik nu weer eens rustig thuiswerken?

Stoor ik?”, vraagt de buurman als hij halverwege de ochtend aanwipt in mijn kantoortje aan huis. Ik ontken, leg het rapport over de etnische spanningen in buurland Ethiopië opzij en bied koffie aan. “Nou graag!” Ik weet dat dit betekent dat ik het komende uur weer ga luisteren naar de onzekerheden over zijn toeristenlogement in het wildpark de Masai Mara. Moet hij verkopen of proberen vol te houden tot corona onder controle is en bezoekers terug­komen?

Mijn huisje ligt aan de rand van de stad, waar het overwegend stil is. Buiten blaft soms een hond, of zitten wrattenzwijnen elkaar krijsend achterna. Af en toe vliegt er een vliegtuigje over. Tot de pandemie in maart ook in Kenia de kop opstak, werd ik overdag zelden gestoord, omdat ik op het woonerf met vijf huizen de enige was die thuiswerkte. Maar mijn buren waren er eigenlijk nooit: sommigen zaten soms weken achtereen in de bush in hun toeristenlogementen, anderen werkten overdag op kantoor in de stad. 

Nu zijn veel logementen dicht of ze draaien op halve kracht voor lokale bezoekers. Bedrijven, vooral de kleinere, huren niet langer kantoorruimten om zo geld te ­besparen in deze moeilijke economische tijden. Hun personeel werkt overwegend thuis. In Nairobi staan inmiddels veel kantoren leeg en de huren ervan zijn het laatste halfjaar met gemiddeld 7 procent gedaald. 

Fenomeen deadline

Thuiswerken is iets waar mijn buren maar moeilijk aan kunnen wennen. Ze missen de interactie met hun collega’s en werknemers en houden elkaar op het woonerf van het werk door ‘even’ langs te komen. Dat even is algauw een uur en soms komen er wel twee buren langs op een dag. Gezellig natuurlijk, maar het fenomeen deadline waar ik mee te maken heb, is ze onbekend en ze vinden het vreemd als ik beleefd maar dringend vraag later terug te ­komen. 

En dan zijn er ook nog de kinderen uit de buurt die zich rot vervelen omdat de scholen dicht zijn. Een buurvrouw had een groep kinderen beziggehouden door koekjes met ze te bakken. Een mooie onderneming vond ik – tot diezelfde kinderen om de haverklap aan de poort kwamen om die koekjes te verkopen à een euro voor vijf stuks. Ook dat was het idee van de buurvrouw, iets minder briljant naar mijn smaak. 

Dan zijn er nog de vrienden die ik met enige regelmaat zie of bel maar die nu – door gedwongen thuis te werken – een grote ­behoefte voelen vaker en langer te zoomen, skypen of appen om bij te praten. Ik voel me door de pandemie gek genoeg minder ­geïsoleerd, want ik heb meer ­contact met de meesten dan ooit voorheen. 

Borreltijd

Inmiddels heb ik via onze buren-app gevraagd of ze bij voorkeur na zes uur langs willen komen. Die oproep is deels succesvol. De meesten komen nu voor een praatje, even na zessen, in Kenia het begin van borreltijd. Dat heeft inmiddels wel een aantoonbare aanslag geleverd op mijn voorraadje bier en wijn. Maar ­laten we wel wezen, zolang dit het enige euvel is dat de corona mij bezorgt, mag ik natuurlijk heel dankbaar in mijn handen knijpen.

Uitdijende metropolen bieden een groeiend deel van de wereldbevolking onderdak. Hoe houden de mensen het daar leefbaar? Trouw-correspondenten doen wekelijks verslag uit hun eigen megastad.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden