ReportageZuid-Afrika

Voor water en de wc naar buiten, in Zuid-Afrikaanse townships is binnenblijven onmogelijk

Groene dixietoiletten in de straten van sloppenwijk Freedom Charter in het Zuid-Afrikaanse township Soweto.Beeld Bram Lammers

Zuid-Afrika zit sinds 26 maart op slot vanwege corona. Maar in sloppenwijken als Freedom Charter in township Soweto is er weinig van te merken. ‘Zeg eens: hoe ziet iemand met corona er uit?’

 Voor een land in lockdown is het opvallend druk in de straten van sloppenwijk Freedom Charter in het Zuid-Afrikaanse township Soweto. Om er te komen moet je een treinspoor oversteken. Overal hangen groepjes jongeren: sommige voetballen, anderen roken een joint. Sithembiso Yingwane (37) lacht. “Je moet eens zien hoe snel deze straten leeg zijn zodra het leger verschijnt.” Dat gebeurde drie keer in de eerste weken van de lockdown, die sinds 26 maart in heel Zuid-Afrika van kracht is om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. “Iedereen schiet dan naar binnen. Alleen blijft het ­leger steeds maar een uur. Daarna is iedereen voor je het weet weer buiten.”

In beschamende armoede

Yingwane woont in Freedom Charter – een plek met een trotse historie. In 1955 kondigde de huidige regeringspartij ANC hier, samen met zijn bondgenoten in de strijd tegen de apartheid, het Vrijheidshandvest (het Freedom Charter) af. Dat werd de blauwdruk voor een gedroomd multiraciaal en eerlijk Zuid-Afrika. “De rijkdom van ons land, erfgoed van alle Zuid-Afrikanen, zal aan het volk worden teruggegeven”, klonk het. Maar 65 jaar later is een wijk met ­beschamende armoede alles wat op deze plek overblijft.

Yingwane komt van de markt aan de betere zijde van het spoor. Ook daar vind je geen gouden bergen, maar de straten zijn er tenminste geasfalteerd. Woningen hebben er riolering én een kraan. Het was er druk, zag Yingwane. De overdekte marktplaats was vanwege de lockdown weliswaar gesloten, maar op de stoep ging een deel van de handel gewoon door. Vrouwen verkochten uien, tomaten, aardappelen. Voor de supermarkt stond een rij van honderd meter – niemand die afstand hield.

Nu loopt Yingwane over het treinspoor ­terug naar huis. Hij is een stevige man in een diepblauw joggingpak en met een warme lach. Hij werkt in een kliniek twee wijken verderop in Soweto. “Nee, niet hier.” Hij wijst naar zijn sloppenwijk. “In Freedom Charter is helemaal niets. Geen school, geen bibliotheek, geen ­supermarkt. En ook geen kliniek.”

De buurtkraan en dixie’s

In de wijk is weinig veranderd sinds de uitbraak van het coronavirus in Zuid-Afrika en de lockdown die volgde, vertelt hij. Er is, ondanks beloftes over voorlichtingscampagnes, nooit iemand langsgekomen om de bewoners van Freedom Chapter ook maar de meest basale ­informatie te verschaffen over Covid-19 en de manieren zichzelf tegen een besmetting te beschermen. “De regering zou in ieder geval zeep moeten uitdelen”, zegt Yingwane. “Zelf hebben de mensen daar het geld niet voor.”

Elias Mokhabi wacht hem achter het spoor op. Hij woont, evenals als Yingwane, al heel zijn leven in Freedom Charter – vijftig jaar. Hij is ruim een kop kleiner. Ze lopen naar de hoofdweg van hun sloppenwijk, die geleidelijk afloopt richting een moerassig laagland. Slechts een handvol huizen is er van steen. ­Ertussen staan krotten van golfplaat bovenop elkaar gepakt. Overal spelen kinderen. Op een straathoek dobbelt een groep mannen. Door geulen in de onverharde weg ­lopen stroompjes vuil water naar beneden, waarin vrouwen met behulp van plastic teiltjes de was hebben gedaan. Als het regent, kampt wie onderaan de helling woont met overstromingen.

Voor een land in lockdown is het opvallend druk in de straten van sloppenwijk Freedom Charter in het Zuid-Afrikaanse township Soweto.Beeld Bram Lammers

Zo iemand is Doris Harrison (39). Zij komt net terug van de gemeenschappelijke buurtkraan. Ze heeft een rasp en een pan in haar handen. “Hoe kunnen wij de hele dag binnen blijven, zoals de regering wil?” vraagt zij. ­“Alleen al voor water moeten we naar buiten.” Ze wijst naar de groene dixietoiletten, die om de twintig meter langs de straat staan. “Zelfs als we naar de wc willen, moeten we naar buiten. En niet iedereen heeft een koelkast. Dus we moeten elke dag ons huis uit voor boodschappen. Een lockdown werkt niet in een sloppenwijk.”

Harrison is haar inkomen kwijt

Veel weet Harrison niet over het coronavirus. Dat geeft ze onmiddellijk toe. Ze kijkt Yingwane en Mokhabi vragend aan. “Zeg eens: hoe ziet ­iemand met corona er precies uit? En waarom moeten wij voor dit virus opeens zo bang zijn. We hebben hier toch wel ergere ­virussen?” Doelt ze op hiv? Harrison knikt. In Zuid-Afrika overlijden nog altijd elk jaar 71.000 mensen aan aids. De teller van Covid-19 staat pas op 48. Harrison: “We horen dat we mondkapjes en handschoenen moeten kopen. Maar wie heeft daar geld voor, nu we door de lockdown niet meer mogen werken?”

Want wie een baantje heeft in Freedom Charter, werkt bijna zonder uitzondering op basis van een nulurencontract. Dus geldt: geen werk, geen loon. Harrison herschikt de doek die ze om haar hoofd heeft geknoopt. “Ook ik ben door de lockdown mijn inkomen verloren”, zegt ze. “Ik werkte in een winkeltje met kantoorartikelen.” De lockdown – vorige week tot en met 30 april verlengd – is volgens haar een verkeerde beslissing. “De overheid belooft ons geld te geven nu we niet kunnen werken, maar ik denk niet dat die steun er écht komt.” Ze schudt haar hoofd. “Ik woon met mijn moeder van 69 in huis. We overleven op haar pensioenuitkering.” Die ­bedraagt omgerekend nog geen honderd euro per maand: drie euro per dag, voor met z’n tweeën.

Doris Harrison (links) en haar 69-jarige moeder voor hun woning in sloppenwijk Freedom Charter in het Zuid-Afrikaanse township Soweto. Beeld Bram Lammers

Nadat ze afscheid van Harrison hebben ­genomen, slaan Mokhabi en Yingwane linksaf. Een doel lijkt hun wandeling niet te hebben – gewoon een blokje om. “De overheid zegt ­allerlei noodfondsen op te zetten”, moppert Yingwane. “Maar het is allemaal zo vaag en complex. Mensen hier vertrouwen het niet. Ze zijn gefrustreerd. Zij vermoeden dat voor de zoveelste keer valse beloften worden gedaan. De regering kan beter – gewoon concreet – ­elke dag voedselpakketten uitdelen.”

In Soweto wordt nauwelijks getest

Het is een heel ander geluid dan er klinkt in de rijkere wijken van Zuid-Afrika – het economisch meest ongelijke land ter wereld. De elite en middenklasse prijzen juist het kordate ­optreden van de regering. De populariteit van president Cyril Ramaphosa is onder hen sinds de aankondiging van de lockdown snel gestegen. Zij hebben dan ook het geld om de lockdown uit te zitten. Zij kunnen best een tijdje vanuit huis werken. Hun meest gehoorde klacht rond 26 maart was slechts dat zij een paar weken lang de hond niet meer mochten uitlaten – die is nu aangewezen op de tuin.

Zelfs die schaarse middenklassekritiek verstomt, nu de lockdown op het eerste oog ­effect lijkt te hebben. Het aantal geregistreerde coronabesmettingen stijgt relatief traag. Al is de vraag hoeveel die cijfers zeggen, zolang er in townships als Soweto nauwelijks wordt getest.

Zo sprak Yingwane, op de weg terug van de markt, kort met zijn vriend Robert Dlamini. Die had op tv gehoord over mobiele coronatestcentra, maar iets dergelijks in Soweto nog niet gezien. Hij vond dat er op centrale plekken in het township medische tenten zouden moeten verrijzen, zoals er vóór de lockdown tenten stond waar mensen zich gratis konden laten testen op hiv. “Waarom kan dat met ­corona niet?” vroeg hij zich af. “Nu weet niemand in de townships of hij besmet is of niet. Dat voedt de verwarring onder de mensen.”

Amfetamine en heroïne voor de jeugd

Elias Mokhabi heeft praktisch de hele wandeling gezwegen. Maar tegen de tijd dat hij en Yingwane terugkeren op de hoofdweg van hun sloppenwijk, vertelt hij plotseling enthousiast dat hij twee voetbalteams uit Freedom Charter coacht. Hij grijnst. Zelf was hij ooit een snelle, wendbare middenvelder. Hij maakt ter bewijs een schijnbeweging zonder bal.

Sithembiso Yingwane (links) en Elias Mokhabi wandelen door een steeg in de sloppenwijk Freedom Charter in het Zuid-Afrikaanse township Soweto.Beeld Bram Lammers

Het blijkt te gaan om teams van The Freedom Charter Foundation. Dat project zette Yingwane in 2016 op in zijn vrije tijd. Het doel is om kinderen uit de wijk meer structuur te bieden, vertelt Mokhabi. Om te zorgen dat zij niet gaan drinken of experimenteren met drugs. De amfetamine Tik en het op heroïne gebaseerde nyaope vormen een reusachtig probleem in Freedom Charter. De puberende voetballers werden tot de lockdown elke dinsdag, woensdag en donderdag na schooltijd ­opgepikt. Zij trainden en kwamen dan net voor donker thuis. Nu de trainingen stilliggen, maakt Mokhabi zich zorgen. “Als zij door verveling en de groepsdruk op straat de verleiding niet kunnen weerstaan, is het bijna onmogelijk hen weer op het rechte pad te krijgen.”

Op de kruising waar nog steeds wordt gedobbeld, spreekt Christopher Mbangwa trainer Mokhabi en Yingwane aan. “Ik woonde hier al toen het Vrijheidshandvest hier 65 jaar geleden werd ­afgekondigd”, vertelt hij trots. “Dertien was ik toen.” Dat hij nog steeds in Freedom Charter woont is niet zijn eigen keus, geeft hij toe. “Ik sta sinds 1996 op de wachtlijst voor een sociale woning elders in Soweto.” Maar door de corruptie bij de toewijzingen van zulke huizen, kreeg hij er nooit een. Dus leeft hij nog altijd in een klein, geel huisje, hooguit twaalf vierkante meter groot, zonder toilet of stromend water, ingeklemd tussen de krotten van kuchende en snotterende buren.

“Ja, ik ben bang voor het coronavirus”, geeft hij toe. “Ik ga nog wel naar buiten, maar niet te lang.” Hij is een van de weinigen in Freedom Charter die de lockdown steunt. “We moeten de regering gehoorzamen”, zegt hij. En dus wast Mbangwa elke twintig minuten zijn handen. “Ik zit niet meer aan mijn gezicht.” Hij heeft goed opgelet bij het televisiekijken. “Want ze zeggen dat het virus héél gevaarlijk is. Zeker voor iemand van 78 als ik.”

Hij gaat weer naar binnen, zegt hij. Maar als Yingwane en Mokhabi aanstalten maken om verder te lopen, schuifelt de oude man toch nog even naar de kleine voetbalcoach toe. Wat ze zeggen, is niet goed te verstaan. Wat wel ­opvalt, is dat ze, geheel onbewust, ook in tijden van corona een volle minuut lang vriendschappelijk elkaars hand vasthouden.

Zuid-Afrika probeert vooral tijd te winnen met lockdown

Soweto is niet het enige township waarin de lockdown niet door iedereen wordt nageleefd. Dat geldt ook voor het nog dichter bevolkte Diepsloot. De politie lijkt vooral de toegangswegen af te sluiten, zodat het virus niet kan binnendringen. Het is er druk op straat. Ook hier wordt nauwelijks op corona getest.

Een recente presentatie van de overheid maakte duidelijk dat de lockdown in Zuid-Afrika niet is bedoeld om een verdere uitbraak van corona geheel te voorkomen, maar om de piek ervan af te vlakken en vooral ook uit te stellen, van juli naar september. Zo wil de regering tijd winnen om ­onder meer het aantal ic-bedden te vergroten. Het land wil na 30 april stap voor stap weer open gaan. De regering bekijkt tot die datum per dag of zij sommige aspecten van de lockdown kan versoepelen.

Vooral de naderende winter, van juni tot en met augustus, baart zorgen. Veel Zuid-Afrikanen krijgen dan traditioneel griep en het zal volgens epidemioloog Cheryl Cohen tegen die tijd ‘heel, heel moeilijk’ worden om gevallen van corona te herkennen.

Het arme Zuid-Afrikaanse township Diepsloot is door haar hoge bevolkingsdichtheid extra kwetsbaar voor het coronavirus.Beeld Bram Lammers

Lees ook:

Lockdown redt levens in Zuid-Afrika, ook van mensen zonder corona.  

Want in een land dat op slot zit, bestaat minder criminaliteit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden