null Beeld

EssayHongarije

Voor Viktor Orbán is de EU een ideale pispaal. En de Hongaren? Die waren nog nooit zo pro-EU

Hongarije geldt onder Viktor Orbán als anti-Europees en anti-homo, terwijl de Hongaren zelf dat in grote meerderheid niet zijn. Welk spel speelt Orbán?

‘Laten we Brussel stoppen!’ Dat was in 2017 door het hele straatbeeld in Boedapest heen te lezen: op billboards, vanaf posters in de metro, als advertenties in de media. Kritiek op de Europese Unie is al jaren een vast onderdeel van elke campagne van de regering van Viktor Orbán.

De EU zou imperialistische neigingen hebben, lidstaten niet toestaan om ‘anders’ over dingen te denken en altijd maar weer de Hongaren vliegen afvangen. Orbán zelf treedt binnen dat verhaal op als de moedige politicus die voor zijn volk gaat staan en zegt: ik ben sterk en ik kom voor jullie op.

Het staat elk land vrij op te stappen als de EU niet bevalt

Dat is een narratief dat resoneert met de Hongaarse geschiedenis: in het verhaal van de meer dan duizend jaar oude geschiedenis van het land van de Magyaren was de antagonist vaak een imperialistische grootmacht, van de Mongolen en later de Ottomanen via de Habsburgers tot aan meest recentelijk de Sovjet-Unie. Alleen: de Europese Unie is een vrijwillig samenwerkingsverband tussen staten en past dus niet in dat rijtje. Het staat elk land immers vrij op te stappen als de EU niet bevalt.

Roos van Hennekeler (1989) is correspondent voor Trouw en de Groene Amsterdammer in Hongarije. Ze studeerde journalistiek en filosofie in Utrecht.

Waarom doen de Hongaren dat niet, als ze zich zo weinig thuis voelen in de EU? Om die vraag te kunnen beantwoorden is het nodig om eerst een andere vraag te stellen: wie zijn de Hongaren?

Regeringen van democratieën zijn we gewend te zien als min of meer representatief voor hun bevolking, die hen het mandaat hebben ­gegeven om te handelen in hun naam. Dat mandaat komt nooit van de volledige of zelfs de meerderheid van die bevolking, maar dat accepteren we in de geest van een bekende uitspraak van Churchill: democratie is de slechtste staatsvorm die we hebben – op al die andere vormen die we van tijd tot tijd geprobeerd hebben na.

30 procent steun en tóch een supermeerderheid

Maar niet alle democratieën zijn gelijk geschapen. De Nederlandse staat is niet hetzelfde vormgegeven als het Verenigd Koninkrijk, en de Hongaarse staat en kieswetten kennen ook weer zo hun eigen bijzonderheden. Toen Viktor Orbán in 2010 in Hongarije aan de macht kwam, deed hij dat met de steun van ongeveer 30 procent van de kiesgerechtigde bevolking. Hij behaalde iets meer dan de helft van de stemmen en de opkomst kwam ook net boven de helft van de kiesgerechtigden uit.

Toch scoorde hij zo een ‘supermeerderheid’ van twee derde in het parlement, waarmee het mogelijk werd om de hele Hongaarse staat en grondwet te hervormen.

In 2009, een jaar voordat Orbán aan de macht kwam, hield het Pew Research Center een enquête onder Hongaarse kiezers. Er werd gevraagd hoe tevreden men was over het democratisch systeem, dat in Hongarije toen nog maar twintig jaar bestond. De uitkomst van die enquête was schokkend: 77 procent van de ondervraagden zei ontevreden te zijn met de manier waarop de democratie functioneerde in Hongarije. Dat percentage was hoger dan in alle andere postcommunistische landen.

‘Het gáát niet over ideologie, het gaat Orbán om macht en geld.’  Beeld REUTERS
‘Het gáát niet over ideologie, het gaat Orbán om macht en geld.’Beeld REUTERS

Wie alleen naar dat cijfer kijkt, denkt misschien: oké, de Hongaren waren ontevreden met de democratie en het jaar erop hielpen ze Orbán in het zadel. Die Hongaren wíllen dus wellicht helemaal geen democratisch systeem.

Maar de andere cijfers die uit de enquête naar voren kwamen schetsen een heel ander beeld. Gevraagd naar hun steun voor democratische waarden, zoals onafhankelijke rechtspraak, meerpartijenverkiezingen, of vrijheid van meningsuiting, scoorden de Hongaren juist het hoogst van de regio. De ontevredenheid met de democratie ging dus over de situatie op dat moment, en die was belabberd: de socialistische partij die al sinds 2002 aan de macht was, had via een combinatie van wanbeleid en corruptie een rotzooi van de Hongaarse economie gemaakt. 72 procent van de ondervraagden zei dat ze er in 2009 economisch slechter voorstonden dan in de communistische tijd.

Je hebt de Hongaarse regering en de Hongaarse natie

De kwestie van Orbáns mandaat was dus aanvankelijk al complex vanwege de manier waarop het Hongaarse kiesstelsel werkt en de omstandigheden waarin de premier verkozen werd. En ze werd nog schimmiger toen Orbán de macht kreeg over zo’n beetje alle onderdelen van het maatschappelijk leven.

In hoeverre kun je nog zeggen dat een regering het volk representeert, als die regering zo’n enorme grip op de media, het juridisch systeem, de universiteiten, kieswetgeving, de cultuursector en zelfs het straatbeeld heeft? Je zou dan in elk geval een duidelijk onderscheid moeten maken tussen de Hongaarse regering en de Hongaarse natie.

Toch doen we dat vaak niet: premier Rutte heeft het in reactie op de Hongaarse lhbti-wet afgelopen zomer over de mogelijkheid dat Hongarije misschien maar de EU uit moet, als ‘ze’ zich daar niet aanpassen aan EU-waarden.

Een deelnemer aan de Pride parade in Boedapest, juli 2021 Beeld Getty Images
Een deelnemer aan de Pride parade in Boedapest, juli 2021Beeld Getty Images

Dat onderscheid tussen Hongarije als land en de regering-Orbán die het land in haar greep heeft, wordt gedeeltelijk verduisterd door ideologie. Orbán is al jaren bezig met het aanjagen van een soort cultuurstrijd, door beleid in te voeren waar in de rest van Europa sterk afkeurend op gereageerd wordt – zoals ook deze laatste anti-lhbti-wet.

‘Die Oost-Europeanen zijn fundamenteel andere types’

Zo creëert hij steeds opnieuw het idee dat het hier gaat om een onvoorzien cultureel schisma dat Europa verdeelt. Dat idee wint nu ook in het Westen aan invloed: dat die Oost-Europeanen fundamenteel andere types zijn die er idealen op nahouden die recht tegen die van het liberale, tolerante westen van Europa ingaan.

Maar is dat zo? Die zogenaamde lijn die Europa zou verdelen, loopt dan eveneens door veel westerse landen. Ook in Nederland, Frankrijk, Italië doen rechts-nationalistische en -populistische partijen het goed.

“Dat dit soort partijen op sommige plekken aan de macht kunnen komen en op andere niet heeft veel te maken met de kwetsbaarheid van politieke systemen – meer dan met een denkbeeldige lijn die de waarden van het Oosten zou onderscheiden van die van het Westen”, zegt Kim Lane Scheppele. Ze is een Amerikaanse rechtssocioloog en expert op het gebied van constitutionele wetgeving; begin jaren negentig woonde ze in Boedapest en werkte ze er aan het constitutioneel hof. “In Nederland zijn jullie tegen zo’n situatie beschermd doordat jullie politieke landschap verdeeld is in zoveel partijen.”

De acceptatie van lhbti’ers is hoger dan ooit

Uit een enquête van Amnesty International in samenwerking met Háttér, de grootste Hongaarse lhbti-organisatie, bleek in augustus dat de acceptatie van lhbti’ers hoger dan ooit is: 74,5 procent van de Hongaren gelooft dat transgenders hun geslacht en naam voor de wet zouden moeten kunnen veranderen en 69 procent van de bevolking denkt dat homokoppels goede ouders kunnen zijn. De wetten van de afgelopen jaren die deze zaken bemoeilijken worden dus niet breed gesteund door de Hongaarse bevolking.

En om terug te komen bij het EU-lidmaatschap: ondanks de campagne tegen Brussel die Orbán al jaren voert bereikte de steun voor EU-lidmaatschap vorig jaar een historische piek: 85 procent van de Hongaren is vóór.

Hongaars anti-Orbán-protest in 2018, toen de EU sancties tegen het land overwoog wegens zijn anti-migratiebeleid.  Beeld Getty Images
Hongaars anti-Orbán-protest in 2018, toen de EU sancties tegen het land overwoog wegens zijn anti-migratiebeleid.Beeld Getty Images

Het valt dus wel mee met dat schisma. Natuurlijk zijn er verschillen, maar het is niet alsof Hongarije een diep conservatief, anti-liberaal land is dat zich niet thuis voelt in de EU. En Hongarije is ook niet bepaald een religieus land: die indruk wordt nu gewekt door al Orbáns verwijzingen naar de christelijke democratie en het christelijke Europa dat hij wil beschermen, maar dat is ook weer zo’n ideologisch rookgordijn, volgens de Hongaarse filosoof Gáspár Miklós Tamás.

“Ik ken niemand die religieus is”, zegt hij. “Wanneer Orbán het woord christelijk gebruikt, dan weet iedereen hier wat hij daarmee bedoelt: wit en niet-Joods. Daarmee spreekt hij zijn extreemrechtse achterban aan. Met religie heeft dat niets te maken.”

Slechts zo’n 9 procent van de Hongaren gaat wekelijks naar een religieuze dienst, iets minder dan in Nederland. “Veertig jaar communisme heeft in Hongarije haar werk gedaan”, zegt Scheppele. “In Polen ligt dat anders, omdat de kerken zich daar onder het communisme verbonden aan nationalistische bewegingen. Polen is nu nog altijd een diep religieus land, Hongarije is dat niet. Maar je ziet dat Orbán de orthodox-katholieke waarden van Polen nu ineens aanroept in zijn cultuurstrijd.”

Ideologie is voor Orbán een soort toneelstuk

Waar is het Orbán dan wel om te doen? “Macht en geld”, zegt Scheppele. “Het gáát niet over ideologie. Maar wij zijn nog altijd gewend om te denken in twintigste-eeuwse scenario’s: een leider grijpt de macht om een bepaalde visie aan de maatschappij op te leggen. Daar maakt Orbán handig gebruik van. Ideologie is voor hem een soort toneelstuk dat de aandacht afleidt van wat er werkelijk gaande is: een groepje slimme juristen dat ooit samen studeerde heeft de macht over een land weten te grijpen en zichzelf en een kring van loyale mensen om hen heen ontzettend rijk kunnen maken.”

Lidmaatschap van de Europese Unie was daarvoor cruciaal: Hongarije was samen met Polen in het afgelopen decennium de grootste netto-ontvanger van subsidies vanuit de EU. De EU wordt in Hongarije wel­ gekscherend ‘de ATM’ genoemd: de pinautomaat. Subsidies voor projecten zijn jarenlang via regeringscontracten verdeeld onder bedrijven en mensen die loyaal zijn aan Orbán en zijn regering. Zo kon er een elite van enorm rijke Orbán-loyalisten ontstaan.

Orbáns greep op het land komt dus niet alleen voort uit zijn machtsmonopolie, maar ook vanuit een soort geldmonopolie. “Ook daarin wijkt dit regime af van de in vergelijking nogal lompe autocratische regimes van de twintigste eeuw”, zegt Scheppele. “Journalisten die worden opgesloten, politici die onder mysterieuze omstandigheden verdwijnen: dat gebeurt niet. Maar hetzelfde wordt bereikt via economische druk.”

‘Orbán kijkt neer op mensen die ergens in geloven’

Zolang er nog subsidies binnenkomen heeft Orbán er dus geen enkele baat bij de EU te verlaten. Dat Orbán af en toe dingen roept als ‘er is leven buiten de EU’ lijkt eerder een manier om zijn positie binnen de EU te versterken. Maar zelfs als door alle conflicten met de EU de ‘pinautomaat’ geen geld meer uitkeert, wordt het voor Orbán moeilijk om de EU te verlaten met zoveel Hongaren die vóór EU-lidmaatschap zijn.

Bovendien is de Hongaarse economie sterk verweven met de Duitse: een reden voor zowel Hongarije als Duitsland om een Huxit te vermijden. De energie van Orbán en zijn regering lijkt meer gericht op pogingen de EU te veranderen van een waardengemeenschap in een pragmatisch samenwerkingsverband: door telkens weer die cultuurkaart te spelen en te stellen dat Hongarije gediscrimineerd wordt omdat ‘ze’ er andere waarden op nahouden. Juist het Westen ziet zichzelf ­immers graag als tolerant ten opzichte van andere cul­turen.

Orbán op bezoek in Berlijn. Beeld AP
Orbán op bezoek in Berlijn.Beeld AP

Interessant genoeg beroept de regering-Orbán zich daarmee op liberale waarden als democratie en pluraliteit (binnen de EU) om te rechtvaardigen dat diezelfde waarden in Hongarije níet erkend worden: een kunstgreep die zo duidelijk strategisch is dat alleen daaruit al blijkt dat het hier niet om waarachtig idealisme gaat.

Viktor Orbán heeft geen grootse toekomstvisie voor Europa. Maar juist dat gebrek aan idealisme geeft hem zoveel flexibiliteit en bewegingsruimte. “Orbán kijkt neer op mensen die ergens in geloven”, zegt Miklós Tamás, die ooit bevriend met Orbán was. “Hij improviseert, is gefocust op de strijd du jour. En bovenal houdt hij ervan te winnen.”

Lees ook:

De column van Stevo Akkerman

Een pijnlijke vraag, maar wat doet een land als Hongarije nog in de EU?

Het gaat juist prima met de persvrijheid in Hongarije, vindt Viktor Orbán

De Hongaarse premier Viktor Orbán is vorige week uitgeroepen tot een ‘Press Freedom Predator’. Dat laat hij niet zomaar langs zich heen gaan.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden