Juli 1972 in Belfast. Beeld Mirrorpix via Getty Images
Juli 1972 in Belfast.Beeld Mirrorpix via Getty Images

ReportageBloody Friday

Vijftig jaar na Bloody Friday: de trauma’s blijven, fysiek én mentaal

Op Bloody Friday, vandaag vijftig jaar geleden, explodeerden ruim twintig bommen in het Noord-Ierse Belfast. Er vielen negen doden en zeker 130 gewonden. Maar de fysieke gevolgen waren niet het enige. De mentale trauma’s zijn een halve eeuw later minstens een even groot probleem.

Niels Posthumus

Je zou kunnen zeggen dat Philip Gault (59) op 21 juli 1972 het allereerste slachtoffer was op Bloody Friday. Want hij stond het dichtst bij de eerste autobom die op die dag meerdere mensen verwondde in het Noord-Ierse Belfast. Sterker nog, hij leunde tegen de wagen aan. Gault was 9 jaar. Hij zou boodschappen gaan doen met zijn zusje en zijn moeder. Plots zag hij een scherpe flits. Daarna werd het donker. “Ik hoorde geen knal. Het was eerder een soort sensatie.” En hij voelde pijn. Toen hij naar zijn beneden keek, zag hij dat zijn rechter onderbeen er bijna helemaal was afgeblazen. “Het bungelde nog slechts aan mijn knieschijf.”

The Troubles kostten 3500 mensen het leven

Gault vertelt het vijf decennia later op een zonnige dag in de tuin van het Wave traumacentrum in Noord-Belfast. Hij ontmoet daar een aantal andere slachtoffers van het politieke geweld in Noord-Ierland: de Troubles. Dat geweld, tussen het (overwegend katholieke) pro-Ierse deel van de bevolking en het (veelal protestantse) pro-Britse segment, kostte tussen 1969 en 1998 aan 3500 mensen het leven. Ook verwondde het tienduizenden. Het traumatiseerde een reusachtig deel van de 1,9 miljoen Noord-Ieren. Vooral ook in Noord- en West-Belfast, waar een derde van alle doden viel.

Philip Gault raakte gewond op Bloody Friday Beeld Niels Posthumus
Philip Gault raakte gewond op Bloody FridayBeeld Niels Posthumus

Bloody Friday, vandaag vijftig jaar geleden, was de gewelddadigste dag in Belfast tijdens de Troubles. Na de autobom die Gault door de lucht blies, gingen er elders in de stad, binnen anderhalf uur, nog eens ruim twintig bommen af. Negen mensen kwamen om. Minstens 130 anderen raakten gewond. De Irish Republican Army eiste de aanslagen op. De IRA was een paramilitaire organisatie die tijdens de Troubles tevergeefs voor een Noord-Ierse afscheiding van het Verenigd Koninkrijk vocht.

Wonder boven wonder wisten chirurgen het onderbeen van Gault te redden. Maar zijn spieren en zenuwen waren onherstelbaar beschadigd. “Ik heb m’n been nog, alleen functioneert het niet meer”, zegt hij. “Mijn voet is ook nooit meer gegroeid. Die heeft nog altijd de omvang van een 9-jarige. Het is eigenlijk een soort prothese, maar dan van mijn eigen vlees en bloed.” Gault loopt mank. Zijn voetzool is overgevoelig. Hij kan op veel ondergronden niet lopen. De meeste schoenen doen pijn. Spelen met zijn kinderen is niet altijd even eenvoudig. “Elke keer dat je pijn voelt, word je opnieuw boos”, geeft hij toe. “Door de gedachte dat ik dit allemaal aan de daden van een ander te danken heb.”

Toch noemt Gault zichzelf ‘minder onfortuinlijk’ dan de vrouw die aan de overkant van de weg liep op Bloody Friday. Omdat hij tegen de auto aan stond, blies de ontploffing hem samen met de wagen weg. Aan de andere zijde schoot echter een autowiel los. Gault: “Dat vloog de straat over en sneed een van de benen van die vrouw volledig af.” Zijn moeder, die naast hem stond, bleef opvallend genoeg ongedeerd. Zijn zusje raakte haar gehoor een half jaar lang kwijt.

Fysieke en sociale impact

Vanwege de aanhoudende pijn in zijn voet bezocht Gault een paar jaar geleden fysiotherapeut Francis McMonagle. Die heeft zich gespecialiseerd in een holistische behandeling van slachtoffers van de Troubles. Dat wil zeggen: hij kijkt niet alleen naar fysieke, maar ook naar mogelijke psychische oorzaken van de klachten van zijn patiënten. Aan het begin van zijn carrière, van 2006 tot 2010, werkte hij in het Mater Infirmorum ziekenhuis in Noord-Belfast, vertelt hij in een behandelkamer niet ver van het Wave traumacentrum. Hij was een jonge en enthousiaste fysiotherapeut, maar was tijdens zijn opleiding uitsluitend getraind om naar iemands fysiek te kijken. “Ik snapte er niets van. Ik deed zo mijn best, maar mijn behandelingen hadden tegenvallende resultaten. Ik vroeg me af: waarom worden de patiënten niet beter?”

Fysiotherapeut Francis McMonagle. Beeld Niels Posthumus
Fysiotherapeut Francis McMonagle.Beeld Niels Posthumus

McMonagle (37) besefte dat het waarschijnlijk te maken had met de sociaaleconomische achterstelling in veel noordelijke wijken en het enorme geweld dat Noord-Belfast te verduren kreeg tijdens de Troubles. Hij begon zich te verdiepen in wetenschappelijke traumaliteratuur en stuitte op een Amerikaanse studie over de fysieke en sociale impact van traumatische jeugdervaringen op iemands latere leven. Daaruit bleek dat de aandacht voor jeugdtrauma’s binnen een behandeling niet alleen cruciaal is om psychische problemen als depressiviteit te verminderen, maar ook enorm kan bijdragen aan het terugdringen van fysieke aandoeningen als astma, nierziekten, hoge bloeddruk en hartaanvallen. De verklaring daarvoor lijkt er vooral in te liggen dat de aanhoudende stress die psychische trauma’s kunnen veroorzaken het zenuwstelsel verstoort en het immuunsysteem verzwakt.

21 juli 1972, Belfast. Beeld Mirrorpix via Getty Images
21 juli 1972, Belfast.Beeld Mirrorpix via Getty Images

32 jaar later een PTSS-diagnose

Praktisch alle in de studie genoemde ziektes kwamen in Noord-Belfast vaker voor dan in de rest van Noord-Ierland. “Het maakte veel duidelijk”, zegt McMonagle. Daaruit blijkt ook dat jeugdtrauma’s de kans verhogen dat iemand verslaafd raakt aan drank of drugs. Eveneens gigantische problemen in Noord-Belfast. Bovendien stelden onderzoekers van de Universiteit van Ulster in 2011 vast dat vier op de tien volwassen Noord-Ieren een traumatische gebeurtenis heeft meegemaakt tijdens de Troubles. En 8,8 procent van de volwassen Noord-Ierse bevolking voldoet in een zekere fase van zijn leven zelfs aan de criteria om gediagnosticeerd te worden met een posttraumatische stresstoornis. Dat is een van de hoogste vastgestelde nationale percentages ter wereld.

Gault kreeg zijn PTSS-diagnose rond 2004: 32 jaar na Bloody Friday. “In de jaren zeventig bestond de term nog niet”, legt hij uit. “We noemden het simpelweg: nachtmerries.” Toch had hij het geluk dat zijn vader de symptomen herkende. “Mijn opa was in de Eerste Wereldoorlog getraumatiseerd geraakt. Mijn vader had hem vaak ’s nachts horen schreeuwen. Als ik dat na de bomaanslag ook deed, kwam hij snel naar mijn kamer en dan begreep hij: licht aan doen en mij op mijn gemak stellen.”

McMonagle behandelde niet alleen Gaults voet, maar vroeg hem soms ook om gewoonweg te gaan liggen, naar muziek te luisteren en te ontspannen. Hij leerde Gault wat mindfulness is. “Mensen met trauma’s zijn zoveel tijd en energie kwijt aan denken over wat er vroeger is gebeurd en welke zorgen dat oplevert voor hun toekomst, dat zij vaak te weinig stilstaan bij het heden”, legt de fysiotherapeut uit. “Mindfulness gaat niet zozeer om ontspannen, maar om stilstaan bij dat heden.”

Hij hield zijn verhaal lang geheim

Gault was aanvankelijk sceptisch. Maar al snel begreep hij het belang. De woede die telkens opborrelde als hij fysiek pijn voelde, zette zich om in stress. En die stress veroorzaakte weer extra pijn. “Ik was erg bezig met wat me is afgenomen: wie ik had kunnen zijn zonder mijn verwonding.” Zijn jeugd was daardoor moeilijk. “Ik woonde in een katholieke wijk. De aanslagplegers woonden in de buurt. Als slachtoffer van hun bom werd ik buitengesloten. Het idee was: wie niet met ons is, is tegen ons. Omdat ik gewond was geraakt door een IRA-bom, hoorde ik automatisch bij de vijand.”

Hij was lang geen leuke jongen, geeft hij toe. Hij zat met zichzelf in de knoop. Pas toen hij zijn vrouw tegenkwam, ging het beter. En in 2005 ontmoette hij via Wave meer mensen die gewond waren geraakt tijdens Troubles. Ook dat hielp enorm. Eindelijk kon hij erover praten. Lang had hij zijn verhaal geheim gehouden. Zelfs op zijn werk wisten ze tot tien jaar geleden niet waarom hij mank liep.

21 ju8li 1972, Belfast. Beeld Mirrorpix via Getty Images
21 ju8li 1972, Belfast.Beeld Mirrorpix via Getty Images

“Veel slachtoffers hebben zich lang in stilte gehuld”, verduidelijkt Sandra Peake, de directeur van het Wave traumacentrum. Er rustte een stigma op verwondingen en trauma’s: slachtoffers hadden vast iets gedaan om de aanslag uit te lokken. Ook speelde vaak de angst mee dat als zij te veel aandacht op hun slachtofferschap zouden vestigden, dit tot represailles van de vrij rondlopende daders zou kunnen leiden. Peake: “Het is ook nu nog belangrijk om slachtoffers uit hun isolement te halen.” Afgelopen jaar werden wederom 1200 nieuwe mensen naar haar traumacentrum doorverwezen.

Gault is inmiddels open over wat er met hem is gebeurd. En nachtmerries heeft hij niet meer. Al blijft de herinnering aan Bloody Friday bijzonder scherp. Hij zucht. “Vraag me wat ik de dag ervoor deed, en ik heb geen idee. Maar van 21 juli 1972 weet ik nog elk detail. Gek hè, hoe dat werkt.”

Beschoten bij de uitgang van de bioscoop

De bommen op Bloody Friday waren het werk van de pro-Ierse IRA. Maar ook de pro-Britse politie en pro-Britse paramilitaire groeperingen maakten tijdens de dertig jaar durende Troubles veel slachtoffers. Met alle aanhoudende fysieke schade en mentale trauma’s van dien.

Zo werd Mary Hannon-Fletcher (63) in 1975, op 18-jarige leeftijd, waarschijnlijk door pro-Britse paramilitairen neergeschoten op straat. “Al kan het in feite iedereen geweest zijn”, zegt zij. “Het was een chaotische tijd met wraakbeschietingen over en weer.” Ze kwam uit de bioscoop. Een auto stopte. Ze zag er geweren uitsteken. “Ik dacht nog: dit beeld ik me in. Ik had zojuist maffiafilm Godfather II gezien.” De man met wie ze was duwde haar naar beneden. Het schieten duurde lang. “Ik voelde geen pijn. Maar nadat het afgelopen was, lukte het me niet op te staan.” Een kogel was door haar ruggengraat, nier en heup gegaan. Ze raakte vanaf haar middel verlamd.

Ze ging nooit naar een psycholoog. Want ze had geen nachtmerries of andere angsten. Nou ja, één keer. Tijdens haar revalidatie in Engeland hoorde ze vuurwerk. Ze was ervan overtuigd dat het bommen waren, dat de schutters naar Engeland waren gekomen om haar alsnog te doden, zodat zij hen niet meer zou kunnen identificeren. “Maar dat was de enige keer dat ik zo in paniek ben geraakt.”

Jongere Noord-Ieren kunnen er ook mee worstelen

Toch ziet ze nog altijd de impact op anderen. Op haar dochter bijvoorbeeld. “Zij is heel beschermend. Als zij iets hoort dat op een sektarische, Troubles-achtige discussie lijkt, raakt ze meteen overstuur.” Transgenerationeel trauma heet dat. Het is iets waar veel jongere Noord-Ieren mee worstelen.

Ook Peter Heathwood (69) werd, in 1979, neergeschoten door pro-Britse paramilitairen. Hij zat op een avond thuis het nieuws te kijken en met zijn drie maanden oude dochter te spelen. De bel ging, zijn vrouw deed open en schreeuwde: “Een schutter!” Heathwood wist zich achter de deur van de kamer te verschuilen en die tegen het hoofd van de binnenstormende aanvaller te slaan. Maar een tweede schutter schoot daarna dwars door de deur drie kogels op hem af: één raakte zijn schouder, de tweede ging door zijn ruggenmerg. De derde miste de baby op centimeters.

Hij raakte bewusteloos, maar hoorde later dat zijn vrouw, die fysiek ongedeerd bleef, een ambulance en zijn ouders had gebeld. De ziekenbroeders legden hem in een lijkzak om hem makkelijker naar de ambulance te kunnen dragen. Toen zijn vader arriveerde, zag hij die zak. Hij zei: “O nee, mijn arme Peter.” Hij zakte in elkaar en stierf aan een hartaanval. “Op vergelijkbare manier zijn zeker 28 mensen gestorven”, zegt Heathwood. “Zij worden in de dodentallen over de Troubles nooit meegeteld.”

Nasleep: drank

De aanvallers waren waarschijnlijk op zoek naar zijn bovenbuurman. Door hun vergissing belandde Heathwood in een rolstoel. En hij realiseerde zich dat zijn vrouw psychisch een harde klap had gekregen. “Ze begon na die dag te drinken”, vertelt hij. Doktoren stelden PTSS vast. “Alcohol vormde haar zelfmedicatie.” In 2006 trof hij haar dood aan in bed. De drank was haar op 51-jarige leeftijd te veel geworden. Heathwood: “Ook dat is helaas een veel voorkomend nasleepeffect van de Troubles.”

Lees ook: Spoken uit een Iers verleden

De Noord-Ierse politie eist in de VS banden op van interviews met Ira-strijders. De familie van een vermoorde vrouw wil antwoorden. Maar wat als de moordenaar Gerry Adams blijkt te heten?

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden