Vredesakkoord

Vijf rebellengroepen sluiten vrede met Soedanese regering, maar of het gaat werken?

Mohamed Hamdan Dagalo, beter bekend als Hemedti, de nummer twee in de soevereine raad, de hoogste macht van het land, ondertekent namens de Soedanese regering een vredesakkoord met vijf rebellengroepen. Beeld REUTERS

De Soedanese regering en een coalitie van rebellengroepen hebben maandag een vredesakkoord ondertekend. Het is een belangrijke stap om de verschillende diepgewortelde conflicten in het land te beëindigen. Maar niet alle rebellengroepen doen mee.

Het is een ambitieus plan, dat maandag in de Zuid-Soedanese hoofdstad Juba ondertekend werd en dat vrede moet verzekeren in Soedan. De overeenkomst, met handtekeningen van de Soedanese regering en vier rebellengroepen, bevat voornemens over machtsverdeling, de ontmanteling van de rebellenbewegingen en opname van de strijders in het nationale leger. Ook garandeert het document de terugkeer van mensen die door de burgeroorlog in Soedan ontheemd zijn geraakt.

Twee facties van de Soedanese Bevrijdingsbeweging (SLA/M) hebben hun handtekening gezet. Beide groepen opereerden vooral in het westen van de westelijke Darfur-regio. Ook JEM (rechtvaardigheids- en  gelijkheidsbeweging) is van de partij, een beweging die vooral actief was langs de grens met buurland Tsjaad. Tenslotte ondertekende ook een van de twee vleugels van de Soedan volksbevrijdingsbeweging-noord (SPLM-N). Deze rebellengroep heeft de zuidelijke regio’s Nuba Bergen en Blauwe Nijl als basis.

Milities op paarden, kamelen en motorfietsen

Maar niet alle Soedanese rebellen doen mee. Zo weigert de derde factie van het Soedanese Bevrijdingsleger (SLA/M) deel te nemen, zolang de regering de Arabische milities in Darfur niet heeft ontwapend. In juli nog werden tientallen mensen gedood in Darfur toen deze milities op paarden, kamelen en motorfietsen verschillende dorpen aanvielen.

De oplaaiing van het geweld viel samen met het begin van het regenseizoen. Boeren van de inheemse (niet-Arabische) bevolkingsgroepen in Darfur trokken naar hun akkers die ze zeventien jaar geleden hadden verlaten toen de burgeroorlog daar begon. Zij hoopten dat ze, na de omverwerping vorig jaar van het bewind van president Omar al-Bashir, hun oude levens weer konden oppakken.

Maar na zoveel jaren afwezigheid wonen er nu vooral Arabische mensen die hoofdzakelijk leven van veeteelt. Zij zien de terugkeer van de boeren als een bedreiging. Van oudsher waren er tenslotte conflicten tussen boeren en veehouders over beschikbaar land en water.

Een soldaat van de Rapid Support Forces (RSF), voortgekomen uit de Janjaweed-milities, in Nyala, in zuid-Darfur, in 2015. Beeld AFP

Arabische veehouders formeerden de Janjaweed-militie

Voor de oorlog uitbrak, merkten boeren dat ex-president Bashir de voorkeur gaf aan nomadische veehouders. In 2003 was voor hen de maat vol en werden uit hun midden rebellengroepen gevormd die regeringstroepen aanvielen. Bashir antwoordde door de Arabische veehouders te bewapenen die vervolgens de zogeheten Janjaweed-militie formeerden. Met exceptioneel veel geweld verdreef deze militie zo’n twee miljoen mensen uit hun dorpen. Aanklagers van het Internationaal Gerechtshof (ICC) in Den Haag spreken van volkerenmoord en oorlogsmisdaden, en klaagden Bashir aan.

Onder de inheemse bewoners van Darfur bestaat, ondanks de val van Bashir, nog altijd een groot wantrouwen tegen de huidige regering, samengesteld uit burgers en militairen. Ze koesteren vooral argwaan tegen Mohamed Hamdan Dagalo, beter bekend als Hemedti, de nummer twee in de soevereine raad, de hoogste macht van het land. Hij was een van de aanvoerders van de Janjaweed, die onder zijn leiding werd omgedoopt tot Rapid Support Forces (RSF). De RSF groeide vervolgens uit tot een nationale paramilitaire groep en is nu onderdeel van de strijdkrachten. Het was deze Hemedti die maandag namens de regering het vredesakkoord ondertekende.

Eerdere vredesakkoorden bleken al snel waardeloos

Hij vormt ook het struikelblok voor een vleugel van de Soedanese Volksbevrijdingsbeweging, SPLM-N, die zich terugtrok uit de vredesonderhandelingen. Dit deel van de SPLM-N staat onder leiding van Abdulaziz al-Hilu, een van de succesvolste rebellencommandanten in de Nuba-Bergen en de Blauwe Nijl. De twee regio’s verzetten zich tegen Bashirs bewind omdat ze zich gemarginaliseerd voelden en autonomie eisten.

Hilu vindt Hemedti, die hoofdonderhandelaar was voor de regering bij de vredesbesprekingen, niet neutraal genoeg, “Bovendien valt de RSF nog steeds ongewapende burgers aan in verschillende delen van Soedan. Ook in de Nuba-Bergen”, aldus Hilu.

Onder Bashir sloot Soedan in 2006 en 2010 ook al vredesakkoorden met enkele rebellengroepen. Die bleken al snel waardeloos. De vraag is of er deze keer wel een alomvattende en blijvende vrede uit zal voortkomen.

Lees ook:

Soedan begint eigen onderzoek naar misdaden Darfur

Het lijkt erop dat Soedan in een goed blaadje wil komen bij het Westen door misdaden in Darfur te gaan onderzoeken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden