Vietnamese gemeenschap in Cambodja

Chau Van Duyen op zijn boot in Kandal in Cambodja, een paar kilometer van de grens met Vietnam vandaan.

ReportageCambodja

Vietnamezen in Cambodja: ‘Illegale migranten’ ook al wonen ze al hun hele leven in Cambodja

Vietnamese gemeenschap in CambodjaChau Van Duyen op zijn boot in Kandal in Cambodja, een paar kilometer van de grens met Vietnam vandaan.Beeld Ate Hoekstra

Al woont een familie al generaties in Cambodja, wie van Vietnamese afkomst is wordt met de nek aangekeken. De situatie verslechtert, Vietnamese vissers worden weggejaagd uit Cambodja.

In het zuiden van de Cambodjaanse provincie Kandal, nabij de grens met Vietnam, koerst de wijds stromende Mekong Rivier onverbiddelijk richting het zuiden. De stroming is krachtig en wie niet uitkijkt kan zomaar in het modderbruine water verdwijnen, zeker als de avond valt en zware moessonbuien het gebied teisteren. Dan spookt het rondom de houten boten die met dikke touwen zijn vastgeknoopt aan de wal.

Chau Van Duyen is die moessonregens wel gewend. De 66-jarige man – slank, kort grijs haar en een geduldige blik in zijn ogen – woont al bijna zijn hele leven op een boot. Hij is in Cambodja geboren en opgegroeid, en het is ook nog eens het land waar hij bijna altijd heeft gewoond en gewerkt. Toch erkennen de autoriteiten hem niet als staatsburger. Er stroomt namelijk Vietnamees bloed door zijn aderen.

Per toeval in Cambodja

“Ik heb jarenlang wel een Cambodjaans identiteitsbewijs gehad, maar dat is ingenomen”, vertelt hij op de woonboot die hij met zijn kinderen en kleinkinderen deelt. De familie van Van Duyen kwam eigenlijk per toeval in Cambodja terecht, omdat de grenzen zijn verlegd. “Nu heb ik alleen nog maar een verblijfsvergunning. Maar daar zitten weinig rechten aan. Het geeft me toestemming om in Cambodja te zijn en verder niets.”

Cambodja telt tussen de 400.000 en 700.000 etnische Vietnamezen, aldus de Minority Rights Organization (Miro), een mensenrechtenorganisatie die opkomt voor de belangen van minderheden. Dat komt neer op 2,5 tot 5 procent van de bevolking. Sommigen van hen wonen al generaties lang in Cambodja. Anderen arriveerden in de jaren tachtig, toen Cambodja straatarme Vietnamezen hoop op een beter leven bood.


Alleen vrachtschepen mogen via de Mekong Vietnam in. Beeld Ate Hoekstra
Alleen vrachtschepen mogen via de Mekong Vietnam in.Beeld Ate Hoekstra

Maar de relatie tussen Cambodja en Vietnam is uiterst moeilijk. Veel Cambodjanen koesteren vijandelijke gevoelens tegenover inwoners van het grotere buurland. Dat uit zich in stelselmatige discriminatie. Politici uit verschillende kampen bestempelen Vietnamezen geregeld als ‘illegale migranten’, zelfs al hebben ze hun hele leven in Cambodja gewoond.

Een week om te vertrekken

In de afgelopen maanden kreeg het diepgewortelde probleem een nieuwe wending. In juni, tijdens wat in Cambodja het hoogtepunt van de coronapandemie was, traden lokale autoriteiten hard op tegen Vietnamese families nabij de hoofdstad Phnom Penh. De op boten levende mensen zouden het water en het milieu vervuilen. Si Vutha, een ambtenaar in Phnom Penh, vertelde persbureau Reuters dat hun boten ‘de schoonheid van de stad’ aantasten. Hoewel veel Vietnamese families daar al veertig jaar wonen, kregen ze slechts een week om te vertrekken.

Zittend op de boot van haar familie, vertelt Chau Tiet Tam – de dochter van Chau Van Duyen – dat haar gemeenschap weinig keuze restte. De autoriteiten zeiden hen dat ze voortaan maar op de vaste wal moeten leven, maar dat is moeilijk voor wie amper geld heeft en geen land of vastgoed mag bezitten. Bovendien zijn zij voor hun inkomen voornamelijk afhankelijk van het vangen en kweken van vis. Hoe daarmee door te gaan zonder boot? “Het enige wat wij hebben is deze boot. We moesten wel per boot vertrekken.”

Boten drijven af, richting Vietnam

En dus lieten honderden Vietnamese families hun woningen afdrijven op de rivier. Weg van Phnom Penh, waar altijd wel iemand te vinden was die hun vis wilde kopen, richting Vietnam, een land dat velen van hen nooit echt als thuis hebben beschouwd. “Sommige boten waren niet sterk genoeg om de reis te maken. De mensen op die schepen zijn bij andere families ingetrokken”, vertelt Tiet Tam. “We waren van plan om naar Vietnam te varen, we hoopten dat we daar welkom zouden zijn. We zijn in Cambodja al zo vaak weggestuurd dat velen van ons hier niet langer willen blijven.”

Maar hen wachtte geen vriendelijk welkom. Toen de woonboten de grens naderden, blokkeerde een rij schepen de toegang. Douaniers verboden de op drift geraakte families de grens over te steken. Ze kregen te horen dat ze voorlopig moeten wachten. Op een paar kilometer van de grens knoopten de families halverwege juni hun boten opnieuw vast aan de wal. Tiet Tam zucht. “Ik denk dat we voorlopig mogen blijven waar we nu zijn. Maar we weten niet voor hoe lang. En wie weet waar onze eindbestemming ligt?”

De woonboten van de Vietnamese gemeenschap in Cambodja zijn op drift geraakt. 

 Beeld Ate Hoekstra
De woonboten van de Vietnamese gemeenschap in Cambodja zijn op drift geraakt.Beeld Ate Hoekstra

Een van de vele honden die bij de gemeenschap wonen begint te blaffen. Tiet Tam maant het dier tot stilte. Zij en haar familie overleven op donaties van een rijke zakenman aan de andere krant van de grens, vertelt ze. Maar de toekomst is nu nog onzekerder dan ze al was. “We hebben geen werk hier. Sommigen van ons gaan vissen, en dat is alles wat we doen. Velen zijn zelfs bang om de boot te verlaten. Misschien zal iemand de touwen losknopen en de boot weg laten drijven omdat ze ons hier niet willen hebben.”

Bezetting uit verleden zorgt voor wrok

Veel van de wrok stamt uit de jaren zeventig en tachtig, toen Vietnamese soldaten het Rode Khmerregime verdreven en Cambodja vervolgens jarenlang bezet hielden. Hoewel die bezetting in 1989 eindigde, zijn veel Cambodjanen ervan overtuigd dat Vietnam achter de schermen nog steeds aan de touwtjes trekt. Het was Vietnam dat in 1985 Hun Sen als de premier van Cambodja benoemde, een positie die hij nog altijd vasthoudt.

Hoe diep die rancune zit, is goed merkbaar aan de belangrijkste uitdager van Hun Sen, Sam Rainsy. Hij beschuldigt Vietnamezen er regelmatig van land te stelen en banen in te pikken. Tijdens de verkiezingscampagne in 2013 beloofde hij zijn aanhangers dat als hij aan de macht komt, hij de Vietnamezen zal dwingen het land voorgoed te verlaten.

Ook in de jaren voor de bezetting was er al een groot wantrouwen. Tussen 1975 en 1979 joeg het Rode Khmerregime – dat Cambodja wilde omvormen tot een sociaal-agrarische heilstaat en verantwoordelijk wordt gehouden voor de dood van naar schatting 1,7 miljoen mensen – talloze Vietnamezen de dood in omdat het vreesde dat zij de macht wilden grijpen. Rode Khmer-leider Nuon Chea werd drie jaar geleden vanwege die systematische vervolging schuldig bevonden aan genocide.

Generaties terug was er gelijkheid

De familie Chau woont al generaties lang in Cambodja. “Toen ik jong was, waren de Cambodjanen vriendelijk tegen ons. We waren gelijk aan elkaar”, herinnert Van Duyen zich. “Er is nu veel meer discriminatie. Ze schelden ons uit en roepen ons na. Soms maken ze iets van ons kapot omdat wij Vietnamees zijn. En de autoriteiten doen helemaal niets om ons te beschermen.”

De oude man rommelt in een kastje. Even later laat hij een vervallen identiteitskaart zien, uit de tijd dat Cambodja hem nog wel als staatsburger erkende. Het is één van de weinige documenten die bewijzen dat hij sinds zijn geboorte in dit land is geweest.

Daarmee is Van Duyen een uitzondering. Veel leden van zijn gemeenschap hebben helemaal geen papieren. Miro schat dat zo’n 90 procent van de etnische Vietnamezen in Cambodja geen geboorteakte of identiteitsbewijs hebben. Ze zijn daarmee stateloos. En dus blijven scholen voor hen dicht, weigeren ziekenhuizen hen geregeld de toegang en komen zij voor veel banen niet in aanmerking. “Niemand van mijn familie is naar school geweest”, zegt Tiet Tam. “Cambodjanen krijgen bij geboorte een geboortecertificaat. Wij Vietnamezen krijgen dat alleen als we rijk zijn en veel smeergeld op tafel leggen.”

Cambodja neemt papieren in

Cambodja wordt al jaren bekritiseerd over hoe het de etnische minderheid behandelt. Vier jaar geleden nam de overheid identiteitsbewijzen, geboorteaktes en andere officiële papieren van zeker 70.000 Vietnamezen in omdat die ‘onwettig’ zouden zijn. Hen werden nieuwe verblijfsvergunningen toegezegd, maar die moeten iedere twee jaar worden vernieuwd en geven alleen het recht in Cambodja te verblijven.

Vietnam heeft Cambodja meermalen gevraagd de Vietnamese gemeenschap meer rechten te geven. Ook de Verenigde Naties hebben meer dan eens hun zorgen geuit. Het verandert echter weinig. In grote delen van Cambodja heerst een sterk anti-Vietnam sentiment. Dat mondt zich soms uit in bruut geweld, zoals toen een Vietnamese man door een groep Cambodjanen werd doodgeslagen nadat hij betrokken was bij een botsing in het verkeer. Hij woonde al zijn hele leven in Cambodja.

Phil Robertson, adjunct directeur van Human Rights Watch Azië, zegt dat zowel Cambodja als Vietnam meer moet doen om deze groep te beschermen. “Cambodja moet hen onmiddellijk een legale status geven, zodat ze in Cambodja kunnen leven en werken en toegang hebben tot basisvoorzieningen. Velen van hen zijn in het land geboren, en dan is er een duidelijke internationale plicht om hen te erkennen. En Vietnam kan hen op zijn minst erkennen als staatsburgers”, aldus Robertson.

 Vin Kann werd geadopteerd door een Cambodjaans gezin. 'Ik lieg vaak over wie ik ben.'
 Beeld Ate Hoekstra
Vin Kann werd geadopteerd door een Cambodjaans gezin. 'Ik lieg vaak over wie ik ben.'Beeld Ate Hoekstra

Zo’n vier kilometer van de grens zit Vin Kann op de boot van zijn ouders. Ook zij werden weggestuurd uit Phnom Penh. De familie had niet eens tijd genoeg om de voorraad vis te verkopen. “We hadden geen keuze”, vertelt Vin terwijl zijn ouders en jongere zus meeluisteren. “Waren we niet vertrokken, dan hadden ze onze boot ontmanteld en hadden we niets meer gehad.”

Liegen over wie je bent

De 29-jarige Vin groeide op bij een bevriend Cambodjaans gezin. Zij erkenden hem als hun zoon, zodat hij een Cambodjaans paspoort kon krijgen. “Ik ben vaak bang om mijn ware identiteit vrij te geven”, zegt hij. “Als men weet dat ik Vietnamees ben, kan dat allemaal gevolgen hebben. Het wordt dan veel moeilijker een baan te vinden, want veel mensen willen geen Vietnamezen aannemen. Ook is het dan veel lastiger om officiële documenten te regelen. Ik wil zulke problemen niet, dus lieg ik vaak over wie ik ben.”

Vin heeft geluk. Hij mag in Cambodja studeren, werken en land of vastgoed bezitten. Dat geldt niet voor zijn ouders en zus. De familie is sinds 1982 in Cambodja, maar ze hebben geen identiteitsbewijzen. Nu ze niet meer in Phnom Penh mogen wonen, hopen ze dat Vietnam hen toelaat. “Een broer van mij woont er sinds een paar jaar en heeft er een stuk land. Hopelijk kunnen mijn ouders daar straks groente en fruit verbouwen”, zegt Vin.

Volgens mensenrechtenverdediger Phil Robertson is het tijd dat politici stoppen met Vietnamezen aanwijzen als zondebokken. “Het is een verderfelijke, rechten misbruikende cirkel die pas zal eindigen als hun stateloosheid wordt beëindigd, en zij als mensen worden behandeld.”

Vroeg of laat de grens over

Op de boot van Vin heerst verslagenheid. Aan het leven zoals het gezin dat al bijna veertig jaar kent lijkt een einde te komen. “Soms heb ik het gevoel dat we in een film zitten”, zegt Vin met een kleine glimlach. “Dit kan toch niet waar zijn, denk ik dan. Toen we moesten vertrekken uit Phnom Penh brak mijn hart. Inmiddels heb ik er meer vrede mee. Ik wil dat mijn ouders naar Vietnam gaan en dat ze daar gelukkig zijn.”

Een paar honderd meter verderop steekt Chau Van Duyen een sigaret op. Ook hij zal waarschijnlijk vroeg of laat de grens oversteken, al heeft hij geen idee wat de toekomst hem dan zal brengen. Hij zucht. “Ik voel me thuis in Cambodja. Ik ben hier geboren, ik heb hier altijd gewoond, mijn vrienden zijn hier. In Vietnam ken ik bijna niemand. Ik heb geen idee wat ik daar moet doen.”

Lees ook:

Fabrieksarbeiders in Cambodja en Vietnam raken in de knel door corona

De kledingindustrie in Cambodja en Vietnam is hard geraakt door de coronapandemie. Honderden fabrieken sloten de afgelopen anderhalf jaar de deuren.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden