AnalyseArmeense genocide

Turkije is boos op Biden, maar bijt nog niet

Turkse vlaggen wapperende tegenover de Amerikaanse ambassade in Ankara.  Beeld AP
Turkse vlaggen wapperende tegenover de Amerikaanse ambassade in Ankara.Beeld AP

De massamoord op de Armeniërs in de eerste helft van de twintigste eeuw kreeg zaterdag van Washington officieel het etiket ‘genocide’ opgeplakt. Ankara is boos, maar verbindt nog weinig consequenties aan de verklaring.

De Amerikaanse president Biden had zaterdag het g-woord nog nauwelijks laten vallen of de Turkse minister van buitenlandse zaken Mevlüt Çavuşoğlu twitterde zijn boosheid van zich af. Turkije verwerpt Bidens erkenning van de gebeurtenissen van 1915 als genocide, schreef hij. “Zijn verklaring is alleen maar op populisme gebaseerd.” Çavuşoğlu had zijn tweet misschien zelfs klaarstaan. Biden had vrijdag in een telefoontje naar Ankara – het eerste belletje sinds zijn aantreden – namelijk al zijn voornemen aangekondigd.

Dat de Amerikaanse president voor zijn verklaring 24 april – de dag van de officiële herdenking van de massamoord op zo’n 800.000 tot 1,5 miljoen Armeniërs – uitkoos, zal de Turkse minister ook niet hebben verbaasd. “Elk jaar op deze dag herdenken we hen die in de Ottomaanse tijd omkwamen tijdens de Armeense genocide en nemen we ons voor herhaling van zo’n gruweldaad te voorkomen”, verklaarde Biden. En daarmee is hij de eerste Amerikaanse president die de gebeurtenissen in 1915 ook in een officiële verklaring het etiket ‘genocide’ heeft opgeplakt.

Het is niet aan andere landen maar aan historici om te bepalen wat er in het verleden is gebeurd, reageerde de Turkse president Erdogan. “Niemand heeft er baat bij als het debat wordt gepolitiseerd door derde partijen en een instrument wordt van inmenging in ons land”, reageerde hij. Maar ook hij wil de historici wel een eindje op weg helpen. Volgens de Turkse lezing zijn er weliswaar veel Armeniërs die in het Ottomaanse Rijk woonden omgekomen in de Eerste Wereldoorlog, maar was er geen sprake van systematisch georganiseerde uitroeiing van een bevolkingsgroep.

Amerikaanse Armeniërs en sympathisanten herdachten zaterdag in Hollywood de massamoord op de Armeniërs in 1915. Beeld AFP
Amerikaanse Armeniërs en sympathisanten herdachten zaterdag in Hollywood de massamoord op de Armeniërs in 1915.Beeld AFP

Turkse regering krijgt bijval uit oppositie

In een zeldzaam moment van eensgezindheid kreeg de Turkse regering bijval van de grootste oppositiepartij CHP. Volgens een woordvoerder maakt Washington een ‘grote vergissing’. Minder onverwacht was de steun die hij uit Azerbeidzjan kreeg. President Ilham Aliyev belde zijn Turkse collega zaterdag na de Amerikaanse verklaring meteen op en verzekerde Erdogan ervan dat Baku altijd achter Ankara zal staan. Bidens verklaring deed hij af als ‘onacceptabel’. Ook zouden beide leiders hebben gesproken over mogelijke gezamenlijke stappen.

Vooralsnog lijkt Erdogan geen al te grote stappen te willen zetten. Wel heeft hij de Amerikaanse ambassadeur op het matje geroepen. Maar dat deed hij bijvoorbeeld ook al in 2019, toen het Huis van Afgevaardigden een resolutie aannam waarin de massamoord als genocide werd erkend.

Elke keer als ergens in de wereld de Armeense massamoord als genocide wordt erkend, weegt de Turkse president zijn reactie af. De Verenigde Staten zijn namelijk zeker niet het enige land dat zich over de kwestie heeft gebogen. Vooral in 2015, precies een eeuw na de start van de volkerenmoord, laaide de discussie op verschillende plekken in de wereld op. Zo sprak de paus toen van ‘genocide’ en ook de toenmalige Duitse president Joachim Gauck deed dat destijds bij een herdenkingsdienst.

Parlementen gaan eerder over tot erkenning dan regeringen

Parlementen gaan meestal sneller over tot erkenning van de Armeense genocide dan regeringen, die vrezen hun diplomatieke en economische banden met Turkije te schaden. Dat is bijvoorbeeld ook het geval in Nederland, waar de Tweede Kamer de Armeense genocide in 2018 erkende, maar het kabinet nog altijd de formulering ‘de kwestie van de Armeense genocide’ gebruikt.

Doorgaans bewaart de Turkse regering haar woede voor de landen waar niet alleen het parlement maar ook de regering van genocide spreekt. Bijvoorbeeld toen de Franse president Macron twee jaar geleden de 24ste april instelde als een nationale herdenkingsdag voor de Armeense genocide, daarmee tegemoetkomend aan de grote Armeense diaspora in zijn land, die zo’n 400.000 à 600.000 mensen telt.

Ook toen de Duitse Bondsdag in 2016 de Armeense genocide erkende, reageerde Ankara fel, hopend daarmee de regering ervan te weerhouden het voorbeeld van haar parlement te volgen. Duitse parlementariërs waren niet langer welkom op de luchtmachtbasis Inçirlik, waar Duitse militairen gelegerd waren. Daarop liet Berlijn aan Ankara weten dat de resolutie die in de Bondsdag was aangenomen niet bindend was.

Turkije houdt het bij blaffen

Dat Turkije het nu voorlopig bij ‘blaffen’ houdt, ook al is het nu de president van een van de machtigste landen die van ‘genocide’ spreekt, heeft wellicht te maken met de steeds slechter wordende economische situatie in het land. Bovendien daalden de relaties tussen de twee bondgenoten afgelopen jaren al tot een dieptepunt, onder meer door onenigheid over Syrië en de Turkse bestelling van een Russisch raketafweersysteem.

Biden deed ook zijn best geen extra zout in de wond te strooien. In de Amerikaanse verklaring wordt duidelijk gemaakt dat de deportaties, massamoorden en dodenmarsen plaatsvonden in het Ottomaanse Rijk. “We doen dit niet om de schuld te geven maar om ervoor te zorgen dat wat er is gebeurd nooit meer herhaald wordt.”

Reactie Armenië

“Het is een belangrijke dag voor alle Armeniërs”, twitterde de Armeense premier Nikol Pasjinian zaterdag na Bidens verklaring. Hij schreef de Amerikaanse president een brief waarin hij liet weten dat Armeniërs wereldwijd zijn verklaring ‘die van onschatbare waarde is voor de nakomelingen van de slachtoffers van de Armeense genocide’ hebben verwelkomd. Dat was meteen ook de laatste actie van Pasjinian voordat hij zijn ontslag indiende. De dag na de herdenking stapte Pasjinian op, zoals hij eerder al had aangekondigd. Zijn aftreden moet vervroegde verkiezingen, die gepland staan voor 20 juni, mogelijk maken. Tot die tijd blijft hij aan als interim-premier. Die stembusgang vindt plaats vanwege de kritiek op Pasjinians afhandeling van het conflict in de betwiste regio Nagorno-Karabach.

Lees ook:

‘Pathologische angst dreef de Turkse top’

Alom geldt de genocide op de Armeniërs in het Ottomaanse Rijk, nu een eeuw geleden, als historisch feit. Maar niet in Turkije. De ontkenners worden een steeds marginaler groepje, denkt historicus Ronald Grigor Suny.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden