Politieke islamNoord-Afrika

Tien jaar na de Arabische Lente is er van de hoop op democratie weinig over in Noord-Afrika

Een betoger tijdens een protest op zondag 26 september in Tunis tegen de machtsgreep van president Kaïs Saied. Beeld REUTERS
Een betoger tijdens een protest op zondag 26 september in Tunis tegen de machtsgreep van president Kaïs Saied.Beeld REUTERS

Na de Arabische Lente, tien jaar geleden, belichaamden gematigde islamisten in Noord-Afrika de hoop op democratie. Maar daar is weinig van over. ‘De islamisten hangen in de touwen.’

Het was een zee van rood-witte Tunesische vlaggetjes voor het ornamentrijke gemeentelijk theater, in de volksmond ook wel ‘de bonbondoos’ genoemd, in het hart van Tunis. Enkele duizenden betogers waren zondag 26 september naar de centrale plek in de Tunesische hoofdstad gekomen om te protesteren tegen de recente machtsgreep van president Kaïs Saied. “Het volk wil een einde van de coup!”, werd er onder meer gescandeerd. “Aftreden!”

Onder de demonstranten waren veel aanhangers van de gematigd islamistische partij Ennahda, de grootste politieke groepering van Tunesië, die door president Saied op een zijspoor is gezet. Saied ontsloeg op 25 juli de premier, schorste het parlement en trok de regeringsmacht naar zich toe. De president regeert inmiddels per decreet.

“Hij gedraagt zich alsof hij de zon is die opkomt boven het land”, klaagde leraar Abdelfattah Saied tegen persbureau Reuters. “Hij doet alsof hij de hoofdaanklager, de president, het parlement, de regering, alles tegelijk is.”

Islamisten in de verdrukking

Demonstrant Nadia Ben Salem vertelde dat ze 500 kilometer had gereisd om het protest in de hoofdstad bij te wonen. Net als andere betogers eiste ze dat de president zich houdt aan de democratische grondwet van 2014. “De constitutie is een rode lijn”, zei ze terwijl ze een exemplaar van de grondwet omhooghield.

Er zullen naar verwachting nog meer demonstraties volgen. Of de protesten veel zullen uithalen, wordt door velen in Tunesië betwijfeld. Want de machtsgreep van Saied geniet behoorlijk wat steun en de president haalt de teugels steeds verder aan. De ontwikkeling staat bovendien niet op zichzelf. Ook elders in Noord-Afrika zitten de islamisten in de verdrukking.

Zo mocht de gematigd islamistische Partij voor Gerechtigheid en Ontwikkeling (PJD) in Marokko de afgelopen tien jaar, bij de gratie van de machtige koning Mohammed VI, coalitieregeringen leiden. Maar in gemanipuleerde verkiezingen afgelopen maand werd de PJD weggevaagd. De partij kelderde van 125 naar 13 zetels. PJD-leiders beklaagden zich over een wijziging van de kieswet in hun nadeel en over het ‘kopen’ van stemmen en kandidaten door hun belangrijkste tegenstander, een bondgenoot van de koning. “Deze uitslag is geen weerslag van de werkelijke politieke kaart en de vrije wil van de kiezers”, verklaarde de partij.

Van de hoop is weinig meer over

De verwikkelingen in Tunesië en Marokko illustreren een bredere trend in Noord-Afrika, waar islamisten, tien jaar na de Arabische Lente, een zware tijd doormaken. De volksopstanden van de Arabische Lente maakten in 2011 een einde aan dictatoriale regimes in Tunesië, Egypte en Libië. In Algerije en Marokko wisten de autocraten vast te houden aan de macht, maar moesten zij wel concessies doen.

Voor velen in de regio belichaamden partijen als de PJD en Ennahda in die tijd de hoop op verandering, minder corruptie en meer democratie. De partijen, geworteld in de politieke islam, presenteerden zich als ‘moslimdemocraten’ en leken beter in staat hun beloften na te komen. Inmiddels is van die hoop weinig meer over.

Zo ontaardde de Arabische Lente in Libië al snel in een onoverzichtelijke burgeroorlog. In Egypte schoof generaal Abdel Fattah al-Sisi al na twee jaar de islamisten aan de kant, om zelf de macht over te nemen. En in Algerije bleven het leger en de veiligheidsdiensten, ondanks de opname van een deel van de gematigde islamisten in het systeem, als vanouds aan de touwtjes trekken. In Marokko kwam er wel een nieuwe grondwet en mocht de PJD gaan regeren, maar de koning bleef voor het overgrote deel de dienst uitmaken. En nu heeft dus in Tunesië, het enige land dat aan de revolutie van 2011 een prille, halfbakken democratie overhield, een nieuwe sterke man de macht naar zich toe getrokken en de islamisten uitgerangeerd.

Daarin schuilt voor velen een zekere symboliek, omdat de Arabische Lente eind 2010 in Tunesië begon. Daar stak een straatverkoper zichzelf in brand, nadat hij oneerlijk was behandeld door een lokale functionaris. Dat leidde tot massale straatprotesten, die een einde maakten aan het bewind van dictator Zine El Abidine Ben Ali. “Tien jaar geleden ging in Tunesië de lont in het kruitvat”, zegt Niek Pas, historicus en expert op het gebied van Noord-Afrika aan de Universiteit van Amsterdam. “Nu wordt de kaars daar als laatste uitgeblazen.”

Volgens deskundigen hebben de islamisten hun terugval deels te danken aan eigen incompetentie. Zo bleken ze in Tunesië beroerde, almaar konkelende bestuurders, die het lastig viel compromissen te sluiten.

Ook werden ze vaak op allerlei manieren dwarsgezeten door bestaande bestuurlijke elites. De Egyptische islamistische leider Mohamed Morsi werd bijvoorbeeld vanaf het moment dat hij in 2012 als president aantrad, tegengewerkt door zijn eigen ­politie en ambtenaren. De veiligheids­diensten en de strijdkrachten zwoeren ­samen om hem af te zullen zetten.

En in Marokko moest de PJD allerlei plannen uitvoeren, die waren bekokstoofd door adviseurs van de koning, maar die soms zeer impopulair waren bij de eigen vrome achterban. Zo diende PJD-premier Saad-Eddine El-Othmani mee te werken aan de legalisering van cannabis voor medisch gebruik. Ook moest hij van het paleis diplomatieke banden aanknopen met Israël, iets waar hij en zijn partijgenoten mordicus ­tegen waren.

Islamisten in een crisis

Het verlies van macht heeft de islamisten in een crisis gestort. Zo veroorzaakte de coup van de Tunesische president Saied diepe verdeeldheid binnen Ennahda. Een dag voor de recente demonstratie tegen de coup bij het gemeentelijke theater in Tunis vertrokken 113 kopstukken van Ennahda, onder wie veel parlementariërs. Partijleider Rached Ghannouchi ligt intern ook zwaar onder vuur.

En in Marokko trad direct na de verkiezingsnederlaag de voltallige top van de PJD af, inclusief ex-premier Othmani. De partij wil op een buitengewoon congres, mogelijk al eind deze maand, gaan discussiëren over de toekomst.

“De islamisten hangen in de touwen”, zegt arabist en Marokko-kenner Jan Hoogland, oud-docent van de Radboud Universiteit in Nijmegen. “Tunesië en Marokko zijn politiek gezien op zich heel verschillend, maar in beide landen liggen de islamisten op apegapen. Ze zullen zichzelf de komende tijd opnieuw moeten uitvinden.”

De voormalige Marokkaanse premier Saad-Eddine El Othmani op campagne voor de recente verkiezingen waarin zijn gematigd islamistische partij PJD werd weggevaagd. Beeld AFP
De voormalige Marokkaanse premier Saad-Eddine El Othmani op campagne voor de recente verkiezingen waarin zijn gematigd islamistische partij PJD werd weggevaagd.Beeld AFP

Een risico is nu dat sommige islamisten in Noord-Afrika concluderen dat de democratische weg voor hen niet begaanbaar is. Waarom zouden ze nog meedoen aan verkiezingen als anderen achter de schermen aan de touwtjes blijven trekken? Waarom een partij steunen die toch niks voor elkaar kan krijgen?

Dergelijke frustraties bleken in de regio eerder een voedingsbodem voor jihadisten, zoals in 1991 in Algerije, toen de autoriteiten de tweede ronde van verkiezingen afgelastten, omdat islamisten dreigden te winnen. Radicale islamisten probeerden daarna gewapenderhand de macht te grijpen, wat uitmondde in een oorlog die tot 2002 duurde en tienduizenden levens kostte.

Hoe reëel dit gevaar op dit moment is, durven weinig waarnemers in de regio te voorspellen. De samenlevingen aan de zuidkust van de Middellandse Zee lijken het afgelopen decennium niet minder vroom geworden. Eerder het tegendeel. Zo liet het repressieve Algerijnse bewind, om islamisten te paaien, in de hoofdstad Algiers door een Chinees bedrijf de op twee na grootste moskee ter wereld bouwen, die vorig jaar met veel tamtam werd geopend voor het publiek.

Autocratische leiders als Sisi, Saied en de Libische krijgsheer Khalifa Haftar krijgen hulp van rijke oliestaten als Saudi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten, die in hen bondgenoten zien in hun eigen strijd tegen islamistische volksbewegingen. En ook westerse landen lijken in Noord-Afrika inmiddels eieren voor hun geld te kiezen.

‘Liever dictators’

Zo liet de vorige Amerikaanse president Donald Trump zich twee jaar geleden, kennelijk als grap, ontvallen dat de Egyptische generaal Sisi zijn ‘favoriete dictator’ was. En de Tunesische president Saied zou zich bij zijn recente machtsgreep gesteund hebben geweten door Frankrijk. Volgens deskundigen speelt hierbij een rol dat Frankrijk en andere Europese landen Noord-Afrika als een potentiële buffer beschouwen tegen het aanhoudende jihadistische geweld in de Sahel. Ook zijn ze bezorgd over de komst van meer immigranten.

“De ontwikkeling van een democratie, zoals in Tunesië de laatste jaren, gaat nou eenmaal gepaard met veel onrust”, zegt ­Mohamed Tozy, hoogleraar politicologie en kenner van Noord-Afrika aan het gerenommeerde Instituut voor Politieke Studies (Sciences Po) in Aix-en-Provence. “Dat is normaal, dat hoort erbij. Maar in Europa waait de laatste jaren een rechtse, anti-­islamitische wind en Europese landen zijn bang dat het uitdraait op chaos. Ze hebben liever dictators, die stabiliteit beloven en migranten tegenhouden.”

Lees ook:

Tunesische president draait laatste restjes democratie de nek om

Critici proberen in Tunesië protest te organiseren tegen de machtsgreep van president Saied.

Dat miljardair Akhannouch nu premier van Marokko is, dankt hij aan zijn vriendschap met de koning

De miljardair Aziz Akhannouch, vriend van de koning, is premier geworden van Marokko.

Marokko gaat naar de stembus, maar de koning blijft de baas. ‘De premier en ministers zijn slechts uitvoerders’

Marokko kiest woensdag een parlement, maar de animo om te stemmen lijkt gering. En de koning blijft de dienst uitmaken. ‘Er zijn ook heel wat mensen wier hoofd er gewoon niet naar staat.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden