Shaul Ladany (86) laat een boek over zijn leven zien in zijn huis in Israël. Beeld REUTERS
Shaul Ladany (86) laat een boek over zijn leven zien in zijn huis in Israël.Beeld REUTERS

Aanslag München 1972

Shaul Ladany overleefde Bergen-Belsen én de aanslag op de Israëlische olympiërs in 1972

De Israëlische snelwandelaar Shaul Ladany overleefde vijftig jaar geleden de aanslag van de Palestijnen op de Olympische Spelen in München. Journalist Rolf Bos beschrijft de dagen voor de aanslag door de ogen van Ladany, die gedurende zijn tijd in München verschillende keren terugdenkt aan zijn opsluiting in concentratiekamp Bergen-Belsen.

Rolf Bos

München, olympisch dorp, Connollystrasse 31, appartement 2; de vroege ochtend van dinsdag 5 september 1972.

De snelwandelaar voelt zijn ogen zwaar worden. Shaul Ladany zit op zijn bed en kijkt op zijn horloge. Het is nu bijna 3 uur in de ochtend. Zijn kamergenoot, zwemmer Abraham Melamed, ligt al uren te slapen. Zijn ademhaling is rustig.

Het is gisteravond laat geworden. Met de hele Israëlische equipe zijn ze naar Anatevka geweest, de musical die gebaseerd is op het boek Tewje, der Milchmann van Sjolem Alejchem, het verhaal dat de wereld sinds de film uit 1971 beter kent als Fiddler on the roof. Shmuel Rodensky, de Israëlische topacteur, speelde de hoofdrol. Hij was een superieure melkman Tewje. Het verhaal en de liedjes werden in het Duits gezongen, de taal die de snelwandelaar, gezien zijn verleden in dit land, goed kan volgen.

Na afloop zijn ze met z’n allen met Rodensky op de foto gegaan. Het was gezellig, er werden glazen wijn geschonken. De snelwandelaar dacht hoe bijzonder dit allemaal was: een Israëlisch feestje in München, de stad met die beladen, bruine geschiedenis. Hoe lang is het nu geleden dat hij hier in de goederentrein zat, op weg naar Bergen-Belsen?

Maar die sombere gedachten zijn weer snel verdreven. Het is té gezellig, met Shmuel Rodensky. Esther Shachamorov is door de gewichtheffers en worstelaars op de schouders genomen. De ranke atlete heeft eerder op de dag met een persoonlijk record de halve finale van de 100 meter horden bereikt, een ongekend succes voor een Israëlische atlete.

Het plakboek

Het is al na middernacht als ze terugkeren in het atletendorp. Toch kan de snelwandelaar niet meteen slapen. Niet zo vreemd, er zit nog steeds spanning in zijn lijf van zijn wedstrijd over 50 kilometer snelwandelen, die een dag eerder in de olympische stad is gehouden. Hij kijkt naar de stapel kranten die hij de laatste dagen verzameld heeft, bladen die verhalen over hem hebben afgedrukt, of die gewoon artikelen bevatten die hem interessant leken om te bewaren voor zijn plakboeken. Kranten als The New York Times, The Christian Science Monitor en de Herald Tribune hebben artikelen aan hem gewijd. Shaul Ladany, de overlever van de Holocaust, als sporter terug in Duitsland. Israeli Race-Walker Returns To Familiar Soil, luidt een kop in een van de kranten.

Hij is een verwoed verzamelaar van alles wat met zijn carrière van doen heeft. Officiële documenten, krantenknipsels, uitslagen, foto’s, trainingsschema’s – hij heeft al vele plakboeken thuis staan. Hij pakt zijn schaar en begint te knippen. Hij begint met Ha’aretz, de Israëlische krant, met een verslag over zijn wedstrijd. ‘Bravo, Ladany’, schrijft Yoel Katz over zijn 19de plaats. De snelwandelaar gniffelt. Katz had zich enkele weken voor de Spelen nog kritisch over hem uitgelaten: ‘Ladany zou geen deel moeten uitmaken van het olympische team. Hij presteert nooit goed.’

Het was een belachelijke opmerking. Hij heeft de afgelopen maanden keihard getraind, had met de universiteit thuis in Israël afgesproken dat hij in de aanloop naar de Spelen van München minder ging werken, zodat hij nog meer kon trainen. Hij is fanatiek, zijn trainingsschema’s zijn heilig, hij loopt wel tot ruim vijfhonderd kilometer per week. Tijdens die urenlange snelwandeltochten – die soms ook door Palestijnse dorpen op de sinds 1967 bezette West-Bank voeren, waar hij een enkele keer wordt lastiggevallen wordt door Palestijnse jochies – staan zijn hersenen niet stil. Wetenschappelijke kwesties poogt hij in zijn hoofd op te lossen, thuis werkt hij ze dan verder uit.

Veiligheidsregels voor de vijftien sporters

De Israëlische ploeg die naar München wordt afgevaardigd bestaat uit vijftien sporters. Twee atleten, drie worstelaars, drie gewichtheffers, twee zeilers, twee schermers, twee schutters en een zwemster. Daarnaast een aantal coaches en twee scheidsrechters. Een week voor het vertrek krijgen de deelnemers een document met veiligheidsregels: het komt er op neer dat je geen pakjes van onbekenden moet aannemen en uit de buurt moet blijven van verdachte objecten. Simpele, voor de hand liggende tips. ‘Te simpel?’, vraagt de snelwandelaar zich af, er zijn de laatste maanden veel vliegtuigkapingen door Palestijnen geweest, er was de bloedige aanslag door Japanse terroristen op het vliegveld van Lod (nabij Tel Aviv). En in West-Duitsland roert de Baader-Meinhofgroep zich.

De Israëlische sportploeg tijdens de opening van de Olympische Spelen in München op 26 augustus 1972. Beeld Imago/Sven Simon
De Israëlische sportploeg tijdens de opening van de Olympische Spelen in München op 26 augustus 1972.Beeld Imago/Sven Simon

In München wordt het team met alle egards op het vliegveld opgewacht en onder politiebegeleiding naar het prachtig gelegen olympisch dorp gebracht. Het stadion in de verte ziet er schitterend uit, het gras is groen, de mensen zijn vriendelijk. Wat spreekt u goed Duits, zegt iemand. In Bergen-Belsen geleerd, antwoordt hij adrem. De nuchtere wetenschapper in hem ziet dat de Duitsers alles tot in de puntjes georganiseerd hebben. Vervoer, logistiek, verblijf – er is niks nieuws onder de zon, denkt hij ietwat cynisch. Hij heeft geen hekel aan vooral de jonge generatie Duitsers, hij is vaker terug geweest. Maar toch.

Vijf appartementen

De ploeg wordt in Connollystrasse 31 ondergebracht, in vijf appartementen, die elk uit twee verdiepingen bestaan. Er is vanuit de appartementen een directe trap naar de parkeergarages beneden. Directe buren zijn de ploegen van Hongkong en Uruguay.

Hij wandelt tijdens de openingsceremonie op 26 augustus trots met de Israëlische equipe het Olympiastadion binnen. De snelwandelaar moet op dat historische moment onwillekeurig toch even aan Adolf Hitler denken. Nazi-Duitsland had zijn best gedaan om het Joodse volk uit te roeien, en nu lopen we hier op Duitse bodem, de trotse, sterke vertegenwoordigers van de onafhankelijke en sterke staat Israël. Het orkest speelt tijdens de intocht een Israëlisch volksliedje. Hava Nagila – laat ons gelukkig zijn.

Shaul Ladany bij een foto van zichzelf als kind in het nazi-concentratiekamp Bergen-Belsen. De foto maakt deel uit van de collectie van het herdenkingscentrum Bergen-Belsen.  Beeld ANP/DPA Picture-Alliance
Shaul Ladany bij een foto van zichzelf als kind in het nazi-concentratiekamp Bergen-Belsen. De foto maakt deel uit van de collectie van het herdenkingscentrum Bergen-Belsen.Beeld ANP/DPA Picture-Alliance

Shaul Ladany maakt die eerste dagen verder weinig mee van het vrolijke en zonnige München. De snelwandelaar traint, hij eet, hij slaapt. Pas drie dagen voor zijn race bouwt hij de trainingsomvang af en gaat hij voor het eerst ook naar andere wedstrijden kijken, waaronder een wel heel historische race. Op 31 augustus is de finale van de 10.000 meter. Favoriet Lasse Virén valt samen met een aantal andere atleten in het begin van de race. De Fin krabbelt op, zet de achtervolging in en wint alsnog, voor Emiel Puttemans en Miruts Yifter. In een nieuw wereldrecord bovendien. De snelwandelaar is sprakeloos, het is een spectaculair moment.

Van de successen van een andere Joodse jongeman, de Amerikaanse zwemmer Mark Spitz, krijgt hij slechts indirect iets mee. Hij gaat niet in de zwemhal kijken naar de verrichtingen van de Amerikaan die hij weleens ontmoet heeft tijdens het grote Joodse sportevenement, de Maccabiade. Wel hoort hij grappen in het atletendorp over ‘de Torpedo’.

‘Weet je dat Spitz vandaag derde is geworden?’

‘Wát? Heeft hij een race verloren en is hij slechts derde geworden?’

‘Nee, hij staat op de derde plaats in het medailleklassement voor landen.’

Het trainingsritme van de snelwandelaar wordt ernstig verstoord wanneer hij hoort dat hij verplicht mee moet op een bezoek aan het nabijgelegen concentratiekamp Dachau. Bij een eerdere officiële excursie naar dat kamp heeft de Israëlische equipe het ernstig laten afweten – niemand was gegaan, het had thuis tot rumoer geleid. Nu moet iedereen verplicht mee.

‘Ook ik?’, vraagt de snelwandelaar als enige directe Holocaust-overlever van de ploeg. ‘Ik ken die concentratiekampen, ik heb er hele nare herinneringen aan. Ik wil er niet nog een keer gedwongen naartoe.’

‘Ook jij’, zegt delegatieleider Lalkin.

De succesvolle academicus, de 36-jarige man die voor zijn land al in twee oorlogen heeft gevochten, gehoorzaamt. Hij gaat mee, gaat de ingang met het smakeloze opschrift ‘Arbeit macht frei’ door, maar blijft net na de poort staan. Terwijl de rest van de ploeg een tour door het kamp maakt, blijft hij – die 28 jaar eerder als jochie in de grauwe barakken van Bergen-Belsen verbleef – eenzaam wachten.

Tijdens een bezoek aan het herdenkingscentrum Bergen-Belsen in 2019 demonstreert Holocaust-overlevende en snelwandelaar Shaul Ladany hoe hij in 1972 deelnam aan de Olympische Spelen in München. Hij ontsnapte daar voor de tweede keer in zijn leven aan de dood, toen Palestijnen een aanslag pleegden op de Israëlische sportploeg. Beeld ANP / dpa Picture-Alliance
Tijdens een bezoek aan het herdenkingscentrum Bergen-Belsen in 2019 demonstreert Holocaust-overlevende en snelwandelaar Shaul Ladany hoe hij in 1972 deelnam aan de Olympische Spelen in München. Hij ontsnapte daar voor de tweede keer in zijn leven aan de dood, toen Palestijnen een aanslag pleegden op de Israëlische sportploeg.Beeld ANP / dpa Picture-Alliance

En dan is het zondagmiddag 3 september, de dag van de wedstrijd over 50 kilometer waar Shaul Ladany zich jarenlang op heeft voorbereid. Hij is beter in vorm dan tijdens de Spelen van Mexico-Stad (1968), gelooft hij, ook speelt de hoogte hier nauwelijks een rol. Het plan is om de eerste vijf kilometer niet te hard van stapel te lopen, om uit te komen op zo’n 27 minuten plus wat seconden. En om daarna, als hij goed is ingelopen, de snelheid voor de resterende 45 kilometer op te voeren.

De start is in het Olympisch Stadion, dat na twee rondjes door de veertig snelwandelaars wordt verlaten, voor een parkoers nabij het park van Slot Nymphenburg. Ladany sluit aan bij een groepje dat rond de 15de plaats loopt. Hij voelt dat het te snel gaat. Ik moet afremmen, denkt hij, anders loop ik het risico de finish niet te halen. Hij vermindert zijn snelheid, maar zelfs bij het bord van de 10 km is hij nog steeds veel te snel: 47 minuten en 34 seconden. Hij weet nu al dat hij bij de meet in het stadion de prijs gaat betalen voor die eerste, te snelle kilometers. En inderdaad, hij eindigt ietwat teleurstellend als 19de, in 4.24. De 4.10 die hij had willen lopen, was goed geweest voor een achtste plaats. De West-Duitser Bernd Kannenberg wint goud, in 3.56.11.

’s Avonds wordt de snelwandelaar geïnterviewd. Hij is 36, denkt hij aan afscheid nemen van de sport? Hij grapt: ‘Ik ben nog nooit in Moskou geweest.’ Hij weet dat de Russische hoofdstad de Spelen van 1980 graag wil organiseren.

Waarom zou hij ook niet, denkt hij ruim een dag later op zijn bed in het donkere en stille atletendorp. Hij voelt zich nog steeds sterk. Maar nu is hij vooral moe. Het is drie uur in de ochtend van 5 september. Nog een laatste knipsel, uit de The Jerusalem Post. Hij heeft de krant een paar dagen voor zijn wedstrijd gesproken, en verteld waar hij zijn Duits heeft geleerd (‘I don’t hate the Germans, but I don’t have a special sympathy for them, not the older generation at least.’) .

De snelwandelaar legt de schaar neer, poetst zijn tanden, zet zijn bril af en kruipt in zijn bed. Hij slaapt meteen, hij is een goede slaper, dat heeft hij als artillerist geleerd in het leger. Zelfs bij inkomend vuur slaapt hij goed.

Ruim anderhalf uur later wordt hij wakker geschud. Olympisch schutter Zelig Stroch staat aan zijn bed. We zijn aangevallen door Arabieren, roept hij.

Een grap, denkt de snelwandelaar slaapdronken en hij wil zich weer omdraaien. Zelig maakt wel vaker flauwe grappen.

Maar ditmaal niet.

Dit is een bewerkt hoofdstuk uit het boek ‘Een Duitse Zomer, de Olympische Spelen van 1972' van Rolf Bos, dat onlangs genomineerd werd voor de Libris Geschiedenis Prijs 2022.

Wie is Shaul Ladany?

Shaul Ladany (86) is een Israëlische snelwandelaar die als Joods kind uit Belgrado het concentratiekamp Bergen-Belsen overleefde. Zijn opa en oma werden in Auschwitz vermoord. Na de oorlog trok hij in 1948 met zijn familie naar de jonge staat Israël.

In 1972 maakte de wetenschapper als atleet deel uit van de Israëlische equipe die sportte tijdens de zo dramatisch verlopen Olympische Spelen van München. Hij overleefde de aanslag van de Palestijnen, omdat hij – wat hij puur geluk noemt – verbleef in een appartement dat de terroristen links lieten liggen. Hij vluchtte door de achtertuin weg van het geweld.

De onvermoeibare Ladany, sinds vier jaar weduwnaar, komt nog steeds vaak in Duitsland, waar hij jongeren vertelt over de verschrikkingen van de Holocaust, onder het motto ‘Never again!’ Afgelopen zaterdag leidde hij nog een groep naar ‘zijn’ barak in Bergen-Belsen. Maandag, precies vijftig jaar na de bloedige Palestijnse aanslag waarbij elf teamgenoten van hem werden vermoord, woont hij de herinneringsdienst in München bij.

Ladany woont in Zuid-Israël, in de buurt van Beersheva. Regelmatig moet hij thuis de schuilkelder in als er vanuit de Gazastrook projectielen worden afgevuurd.

Lees ook:

Een halve eeuw na het terreurdrama van München ’72 zit de sportwereld nog met dezelfde dilemma’s

Maandag is het precies vijftig jaar geleden dat Israëlische deelnemers aan de Olympische Spelen de dood vonden na een Palestijnse gijzelingsactie. Waarom is München 1972 zoveel meer dan enkel een betreurenswaardig incident in de sportgeschiedenis?

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden