Interview Hongarije

Oud-bondgenoot: Leven onder Orbán is als leven onder het communisme

De Russische president Vladimir Poetin en de Hongaarse president Viktor Orbán met de hoofden van de christelijk orthodoxe kerken in Boedapest. Beeld REUTERS

Hongarije was een voorloper in de regio. Nu loopt het land economisch en op democratisch gebied achter, zegt oud-minister Géza Jeszenszky.

Als conservatief en christen zag de Hongaarse oud-minister van buitenlandse zaken Géza Jeszenszky bij de verkiezingen in 2010 maar één optie: op Viktor Orbán stemmen. Je kon wel kritiek op hem hebben, maar zijn ­doelen waren eerlijk en goed, meende hij destijds. Ruim de helft van de Hongaren dacht er net zo over en Orbáns tegenstander, interim-premier Gordon Bajnai, maakte eigenlijk geen kans.

Een misvatting, meent hij inmiddels. De corruptie en machtsmisbruik, Orbáns greep op de Hongaarse pers en zijn vriendschap met de ­Russische president Vladimir Poetin zijn een doorn in het oog van een van de ­prominentste politici uit de eerste post-communistische Hongaarse regering. Jeszenszky ziet het tegenwoordig als morele plicht zich over deze ontwikkelingen uit te spreken: “Andere mensen zijn vanwege werk of familie niet in die positie.” Bij de gemeenteraadsverkiezingen in oktober steunde hij de oppositie.

Slechte herinneringen

Ook in 2010 had Jeszenszky wel twijfels: “Nadat Orbán in 2002 als premier verslagen was (Orbán was tussen 1998 en 2002 ook premier, red.), zei hij openlijk dat hij alles zou doen om nooit meer te verliezen als hij weer aan de macht kwam. Zijn omgang met oppositieleden was ook toen al niet plezierig. Maar eerlijk gezegd: ik had mijn eigen slechte herinneringen aan sommige van die mensen en vond dat ze het wel een beetje verdienden.”

In 2008, twee jaar voor Orbán aan de macht kwam, werd Hongarije zwaar getroffen door de financiële crisis. Het land werd geplaagd door werkloosheid, politieke onrust en corruptieschandalen. “Het was niet het moment om een conservatieve oppositiekandidaat te bekritiseren”, zegt Jeszenszky. En de burgerlijke samenleving en nationale eenheid die Orbán propageerde, klonken zeer attractief.

Corruptie

“Hij is geen geweldige spreker, hij leest zijn toespraken meestal voor, maar hij kan heel overtuigend zijn. Hij beloofde rust en verandering en hij zou de corruptie aanpakken. Er ging zelfs het verhaal dat Fidesz, de partij van Orbán, juist in eigen kring eerst orde op zaken wilde stellen. In plaats daarvan nam de corruptie toe en is die direct verbonden met ­Orbáns familie en medestanders. Hij heeft zijn parlementaire twee derde meerderheid destijds misbruikt om een nieuwe grondwet, een nieuwe mediawet en een nieuwe kieswet in te voeren die er samen voor moeten zorgen dat hij daadwerkelijk aan de macht blijft.”

Jeszenszky betwijfelt inmiddels zelfs of Orbán bereid is zijn macht op te geven, mocht hij ondanks alles de volgende verkiezingen verliezen.

“Dat is ook een reden waarom veel mensen zelfs geen poging tot oppositie doen. Het is een beetje als onder het communisme. De meesten gingen ervan uit dat ze hun hele leven onder dat systeem zouden leven. Dus pasten ze zich aan en werden lid van de partij om carrière te kunnen maken. Dat zie je nu ook. Talentvolle jonge mensen gaan weg of sluiten zich aan bij Fidesz en maken daar carrière.”

Kritiek

Ondanks zijn groeiende twijfels aanvaardde Jeszenszky in 2011 nog een benoeming tot ambassadeur in Noorwegen. Hij was enthousiast over die post, omdat hij dat land als voorbeeld voor Hongarije ziet. Dat de regering niet zo lang daarna een conflict met Oslo aanging, was voor hem dan ook het keerpunt. Hij nam ontslag, al bleef hij aanvankelijk terughoudend in zijn kritiek.

“Ik vind het vreselijk om mijn regering te bekritiseren. Ik heb ook als oppositielid altijd geprobeerd om goede dingen te zeggen over mijn land, hoewel ik kritisch was over alle socialistische regeringen na 1994. Maar ik had nooit gedacht dat ik veel kritischer zou moeten zijn over Orbán. Als klein land hebben we vrienden nodig, maar Orbán heeft conflicten gehad met democratische landen als Noorwegen, Nederland, Zweden en recentelijk Finland. Gelijktijdig versterkt hij de banden met autoritaire regimes als Rusland, Turkije en China.”

Voorhoedeland

Dat mensen dat accepteren komt volgens Jeszenszky omdat verworvenheden al snel vanzelfsprekend zijn. “De vrijheid en de democratie die we in 1990 kregen, zijn zoiets als lucht: je merkt ze pas op als er een gebrek aan is. Maar wat de meeste Hongaren destijds vooral verwachtten was welvaart, en daarin zijn ze teleurgesteld. We hebben het duidelijk beter dan we het gehad zouden hebben als het communisme niet verdwenen was. Kijk naar het aantal auto’s in Boedapest. Het communistisch systeem stond economisch op instorten. Maar we hebben het niet zo goed gekregen als mensen hadden gehoopt.”

Zijn aanhoudende populariteit dankt Orbán mede daaraan dat veel mensen het gevoel hebben dat hij zijn verkiezingsbeloften van 2010 wel heeft waargemaakt. Per slot van rekening: de economie groeit, de welvaart van de middenklasse stijgt en de werkloosheid is vrijwel verdwenen.

Propaganda

Alleen, zegt Jeszenszky, is dat niet aan het regeringsbeleid te danken, maar aan de EU-subsidies en de miljarden euro’s die Hongaren in het buitenland jaarlijks naar huis sturen. Ook de daling van de werkloosheid komt vooral omdat een half miljoen Hongaren elders in Europa werken en thuis dus geen baan zoeken.

“Wat de propaganda verhult en wat de gewone Hongaar niet ziet, maar economen wel, is dat Hongarije zijn positie als voorhoedeland is kwijtgeraakt. We golden jarenlang als voorbeeld in de regio.

“Inmiddels blijven we niet alleen materieel, maar op het gebied van persvrijheid en democratie achter bij een land als Slowakije. Ook Polen en de Baltische staten doen het economisch beter en zelfs Roemenië trekt bij. Daar ben ik niet jaloers op, ik gun het hun, maar ik vind het wel erg jammer voor ons.”

Lees ook:

Voormalige vriend Molnár: ‘Viktor Orbán een dictator noemen, gaat me nog steeds te ver’

Hij is medeoprichter van de Hongaarse Fidesz, maar zag al snel dat macht boven de morele waarden gaat in de regeringspartij. Nu bestrijdt Péter Molnár zijn voormalige vriend, premier Viktor Orbán, met poëzie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden