Militair conflictAfrika

Oost-Congo vreest een 'proxy-oorlog’, waarin milities strijden namens landen

Ondanks de aanwezigheid van zo’n 16.000 VN-soldaten in Oost-Congo blijven milities actief.Beeld AFP

In het vruchtbare Oost-Congo laaien de gevechten weer op. Inmiddels zijn er meer dan vier miljoen ontheemden. 

De vruchtbare groene heuvels en uitgestrekte weidegronden, afgewisseld met meren en riviertjes, maken van het oosten van Congo een aantrekkelijk, vredig ogend gebied. Maar niets is minder waar. Weinig plekken ter wereld zijn zo gewelddadig. Nog vorige week werden in de regio rond het stadje Beni 62 burgers met machetes vermoord. De daders waren waarschijnlijk leden van een van de vele milities die de bevolking van Oost-Congo terroriseren.

Oost-Congo lijdt al meer dan twintig jaar onder aanhoudend geweld, maar de laatste tijd neemt het toe, meldt activist Espoir Ngalukiye telefonisch uit het stadje Goma. “Ik reis regelmatig in de regio. Dat is nu nog meer dan voorheen een riskante onderneming, want je weet nooit waar en wanneer het geweld de kop opsteekt.”

Dat komt overeen met statistieken van de organisatie Kivu Security. Die tonen dat in december vorig jaar 197 mensen zijn gedood door milities of veiligheidstroepen. In november waren dat er 126.

Dit zijn slechts de gevallen die bekend zijn want de regio, bestaand uit de provincies Ituri, Noord-, en Zuid-Kivu, is moeilijk toegankelijk en de telefoonverbindingen zijn vaak slecht. “Pessimisme karakteriseert Oost-Congo, want door het voortdurende geweld krijgen we de indruk dat het nooit anders zal worden”, verzucht Ngalukiye.

Opstandelingen uit buurlanden

Het geweld wordt in stand gehouden door de aanwezigheid van zo’n tweehonderd grote en kleine milities in de regio. Een deel daarvan vecht onderling lokale ruzies uit. Maar er zijn ook opstandelingen uit de buurlanden Oeganda, Rwanda en Burundi die Oost-Congo als uitvalsbasis gebruiken. Die drie landen leven met elkaar in onmin en steunen elkaars rebellen, waardoor ze indirect hun conflicten uitvechten op Congolees grondgebied.

Veel van de recente gevechten worden toegeschreven aan de stijgende spanningen tussen Oeganda, Rwanda en Burundi. Oeganda en Rwanda, ooit bondgenoten, beschuldigen elkaar van spionage en pogingen elkaars regeringen te ondermijnen. Hetzelfde geldt voor Burundi en Rwanda.

“Met de komst vorig jaar van Félix Tshisekedi als president van Congo zijn de kaarten opnieuw geschud. Tshisekedi zocht toenadering tot alle drie de buurlanden om via diplomatieke weg rust te brengen in het oosten van zijn land, maar hij was zich niet voldoende bewust van de onderliggende spanningen”, vertelt Centraal-Afrika-expert Nelleke van de Walle van de International Crisis Group, die net een rapport over de situatie in Oost-Congo uitbracht. Daarin wordt de vrees geuit dat in Oost-Congo een ‘proxy-oorlog’ kan uitbreken: een oorlog gevoerd door milities namens de drie landen.

Mobutu Sese Seko

Zo’n twintig jaar geleden was Oost-Congo al eens het toneel van zo’n proxy-oorlog. Toen dwongen Congolese rebellen, gesteund door Rwanda en Oeganda, president Mobutu Sese Seko op te stappen. Hij werd opgevolgd door Laurent Kabila, marionet van de twee buurlanden. Maar al snel probeerde de nieuwe Congolese president de invloed en controle van Rwanda en Oeganda te verminderen. Die pikten dat niet en stationeerden troepen, die samen met geallieerde milities delen van Oost-Congo bezetten. Andere landen in de regio als Angola, Namibië en Zimbabwe sprongen Kabila bij. Er werd gesproken van de Eerste Afrikaanse Oorlog.

Inmiddels is Kabila dood en onder leiderschap van zijn zoon, zijn opvolger, werd in 2003 vrede gesloten. Maar Oost-Congo bleef gevangen in een geweldspiraal. Ondanks de aanwezigheid van zo’n 16.000 VN-soldaten blijven milities actief. Op dit moment zijn er naar schatting meer dan vier miljoen ontheemden, in opvangcentra, andere provincies of verstopt in de bush. Meer dan 800.000 Oost-Congolezen zijn naar het buitenland gevlucht.

‘Een onverstandig idee’

De diplomatieke pogingen van Tshisekedi om de gemoederen te kalmeren tussen Oeganda, Rwanda en Burundi in de hoop daarmee meer rust te brengen zijn zonder resultaat gebleven. Onlangs suggereerde Tshisekedi zelfs dat de drie buurlanden dan maar hun legers naar Oost-Congo moesten sturen om de milities die tegen hen rebelleren te verslaan. “Een onverstandig idee”, meent Van de Walle. “De bevolking is daar niet blij mee, want het associeert die buurlanden met mensenrechtenschendingen begaan tijdens eerdere conflicten op Congolees grondgebied.”

Ze merkt op dat het mooi zou zijn als er een Afrikaanse oplossing komt voor een Afrikaans probleem, maar ze ziet daarvoor weinig animo. “De VS, Europa en de VN zouden nauwer betrokken moeten worden bij een oplossing voor Oost-Congo.”

Etienne Kambale, eveneens een activist in het Oost-Congolese Goma, merkt telefonisch op dat de schuld van de situatie ook bij Congo zelf ligt. “Er vinden hier volkerenmoorden plaats”, zegt hij. “Het is de verantwoordelijkheid van de regering om lokale conflicten op te lossen, zodat Congolezen met elkaar in vrede kunnen leven.”

Vrede in Oost-Congo is belangrijk voor het héle land, vindt hij, ook voor het regeringscentrum dat 2000 kilometer naar het westen ligt. “Dagelijks gaan vliegtuigladingen met hier verbouwd voedsel naar de hoofdstad Kinshasa om de bevolking daar te voeden. Als we hier door geweld niet kunnen oogsten, heeft de rest van het land honger.”

Beeld Sander Soewargana

Milities, militairen en burgerwachten

Congo telt zo’n tweehonderd verschillende bevolkingsgroepen met een heel scala aan onderlinge geschillen. Zo worden de Banyamulenge in Zuid-Kivu stelselmatig aangevallen door gelegenheidscoalities van drie andere bevolkingsgroepen. Zij beschouwen de Banyamulenge als buitenlanders omdat ze van origine Rwandees zijn: ze vestigden zich in de negentiende eeuw in Congo.

In Ituri vechten milities van Lendu en Hema, respectievelijk boeren en herders, om land. Rond de plaats Masisi, in Noord-Kivu, zijn geregeld gevechten tussen eenheden van het Congolese leger en de militie van een lokale krijgsheer, van wie alleen bekend is dat hij generaal Delta wordt genoemd. Een ex-militielid zei tegenover de Britse krant The Guardian dat hij geen idee had waarvoor hij had gevochten.

En dan zijn er nog de talloze Mai-Maigroepen, burgerwachten gevormd door traditionele leiders, dorpshoofden of krijgsheren. Ze moeten de lokale bevolking beschermen tegen andere gewapende groepen.

Lees ook:

Oud-president Congo is de baas over nieuwe regering

Na acht maanden kreeg Congo vorig jaar een nieuwe regering. Maar de ex-president kijkt mee.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden