Oost-Azië Burenruzie

Oorlogsverleden leidt tot oplopende ruzie tussen bondgenoten Japan en Zuid-Korea

In deze supermarkt in Seoul, Zuid-Korea, worden consumenten opgeroepen geen Japanse producten te kopen. Beeld AP

Een ruzie over compensatie voor dwangarbeid tijdens de Tweede Wereldoorlog verstoort de relatie tussen de bondgenoten Japan en Zuid-Korea.

De Zuid-Koreanen moeten het nog even zonder de nieuwe geluidswerende oordopjes van Sony doen. Het Japanse elektronicaconcern heeft de introductie in Seoul, die gepland stond voor morgen, op het laatste moment afgezegd. Officieel vanwege ‘zaken binnen het bedrijf’, maar in Korea weet iedereen dat er iets anders achter zit: de oplopende handelsruzie met Japan, die zijn oorsprong heeft in de Tweede Wereldoorlog.

Sony en andere Japanse bedrijven vrezen de woede van de Koreaanse consumenten. Die vinden dat de Japanners nu eindelijk eens moeten betalen voor de dwangarbeid die Koreanen tijdens de oorlog verrichtten voor Japanse bedrijven. Korea was van 1910 tot 1945 bezet door het keizerrijk. Maar de meeste Japanners, en zeker de grote bedrijven en politici, vinden dat deze zaken in 1965 zijn afgehandeld, toen de twee landen hun diplomatieke relaties herstelden.

Dan maar geen Japans bier

De Zuid-Koreaanse consumentenorganisatie KMA roept op tot een boycot vanwege de uitblijvende herstelbetalingen door Japan. KMA-voorzitter Kim Sung-min legt op de Singaporese tv-zender CNA uit waarom hij zelf, als supermarkteigenaar, Japanse producten uit de schappen heeft gehaald: “Natuurlijk daalt de omzet daardoor, maar daar gaat het niet om. Het is onze burgerplicht om de verkoop van Japanse producten te stoppen.” In de supermarkten ontbreken nu vooral bier en sigaretten uit Japan. 

Dwangarbeid

Het oorlogsverleden sluimert altijd op de achtergrond, in de relatie tussen Japan en Zuid-Korea. Zeker als het gaat over de zogeheten ‘troostmeisjes’, in feite seksslavinnen die de Japanse militairen ter wille moesten zijn. Maar ook de dwangarbeid en de uitgebleven betaling daarvoor blijven een probleem.

Vorig jaar kwam deze kwestie weer volop in de aandacht, toen de hoogste rechter in Zuid-Korea bepaalde dat het Japanse staalbedrijf Nippon Steel vier voormalige arbeiders alsnog 100 miljoen won moest betalen, ongeveer 75.000 euro. Sindsdien zijn de relaties gespannen, ondanks overleg tussen Seoul en Tokio. Kort na de uitspraak over Nippon Steel kwam een vergelijkbaar oordeel over arbeiders die uitgebuit zijn door het Japanse concern Sumitomo.

Japan sloeg vorige week terug met beperkingen op de export van enkele hightechmaterialen, zoals het zuur waterstoffluoride, die belangrijk zijn voor het maken van computerchips en dus voor Koreaanse bedrijven als Samsung en LG. Tokio gaf het nationaal veiligheidsbelang als reden voor deze stap, maar ook hier is voor iedereen duidelijk dat de afhandeling van de dwangarbeid tijdens de oorlog het echte probleem is.

Verboden materialen

Om het verhaal over de nationale veiligheid nog enigszins geloofwaardig te maken, verspreiden bronnen rond de Japanse regering het verhaal dat Zuid-Korea een van de verboden materialen naar Noord-Korea zou hebben uitgevoerd, in strijd met internationale sancties. En ook Iran zou hiervan profiteren. Seoul ontkent ten stelligste dat er een lek is in de Zuid-Koreaanse boycot van die landen.

De Zuid-Koreanen duwen ondertussen terug tegen de Japanse sancties. Zo heeft president Moon Jae-in Tokio opgeroepen de maatregel in te trekken en stapt zijn land naar de wereldhandelsorganisatie WTO. Urgenter voor Japanse bedrijven is wellicht een dreigende boycot van hun producten door Zuid-Koreaanse consumenten. Veel mensen roepen daartoe op, via sociale media en ook met posters en boodschappen in winkels. Er is niet veel voor nodig om het anti-Japanse sentiment in Zuid-Korea op te stoken.

Vanuit Japan gebeurt er weinig om iets te verbeteren aan de relatie tussen twee landen die in principe bondgenoten zijn in een nogal vijandige omgeving. Zuid-Korea en Japan kijken wantrouwig naar de toenemende invloed van China in de regio, en Noord-Korea, een bondgenoot van Peking, bedreigt beide landen met raketten.

Weinig bereidheid

Initiatieven om de ruzie bij te leggen komen tot nu toe vooral van Zuid-Koreaanse bedrijven, die vrezen dat hun productie in gevaar komt als de Japanse boycot langer doorgaat. De belangrijkste man achter de schermen bij Samsung, Jay Y. Lee, is in Japan voor overleg. Ook de topman Shin Dong-bin van Lotte, een conglomeraat van winkels, restaurants en hotels, is in Tokio. Lotte is een geval apart, omdat het Zuid-Koreaanse bedrijf en de familie van Shin sterke banden met Japan hebben. Zij vrezen dat het bedrijf slachtoffer kan worden van een boycot door Koreaanse consumenten.

Ondertussen lijkt de bereidheid in Japan om de ruzie bij te leggen heel klein. Premier Shinzo Abe heeft Zuid-Korea ervan beschuldigd dat het zich ‘niet aan de afspraken houdt’ als het gaat om de herstelbetalingen. Waarnemers in Tokio verwachten geen verandering van Abe’s opstelling, met verkiezingen voor het Japanse Hogerhuis op 21 juli. Het roeren van de nationale trom levert de rechtse premier gegarandeerd stemmen op.

Lees ook: 

Rechter Zuid-Korea oordeelt: Japans bedrijf moet voormalige dwangarbeiders uit Korea betalen

Een Japans bedrijf moet voormalige dwangarbeiders uit Korea betalen. Dat oordeel leidt tot woede in Tokio.

Waarom de ruzie tussen Zuid-Korea en Japan over seksslavinnen ineens weer oplaait

Zuid-Korea wil af van een akkoord met Japan over vrouwen die verkracht zijn. Die wens zet de relatie tussen de landen op scherp.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden