Een overlevende legt bloemen in het voormalig concentratiekamp Buchenwald.

Holocaust

Ooggetuigen zijn er bijna niet meer, wat doet dat met de Duitse kijk op de oorlog?

Een overlevende legt bloemen in het voormalig concentratiekamp Buchenwald.Beeld Getty Images

Duitsland staat op 8 mei stil bij ‘Kriegsende’, de dag waarop in 1945 de Wehrmacht capituleerde. Ooggetuigen zijn er tachtig jaar na dato bijna niet meer. Verbleekt de herinnering?

Gerrit-Jan Kleinjan

Weimar is een schitterende stad. In massa’s lopen toeristen door de historische Altstadt om de huizen te bekijken waar Goethe en Schiller woonden. Wie tijd heeft, bezoekt ook nog de jugendstilvilla van het Nietzsche-Archiv of het Bauhausmuseum.

Een stampvolle lijnbus 6 brengt bezoekers tien kilometer buiten de stad, naar de glooiende beukenbossen van de Etterberg. Hier is een heel ander soort toeristenbestemming: Buchenwald, een van de concentratiekampen van de nazi’s. Zo’n 56.000 mensen werden in dit kamp vermoord. Daarmee was het een belangrijke schakel in Hitlers Endlösung, de genocide op de Joden.

Het concentratiekamp is een geliefd doel voor schoolklassen. Zo ook vandaag. Op het parkeerterrein, ooit de exerceerplaats van de SS, drommen scholieren bijeen. Een gids troont hen mee naar de toegangspoort van het kamp. Halverwege vraagt hij de jongens en meisjes naar de oorlog. “Heeft iemand van jullie gehoord van de SS?” Instemmend gemompel klinkt. “Himmler, bij wie bekend?” Als de gids uitweidt over alle verschrikkingen die aan deze plek zijn verbonden, valt de groep stil. Ter hoogte van de verbrandingsoven is de uitgelaten stemming uit bus 6 volledig vervlogen.

Foto’s met gestrekte rechterarm

Van zo’n timide atmosfeer is niet altijd sprake in het kamp, weet directeur van het herinneringscentrum Jens-Christian Wagner. Hij noemt een voorbeeld: neonazi’s die zich een tijd terug in dit kamp met gestrekte rechterarm lieten fotograferen. Hij vertelt ook over een recent voorval. De extreemrechtse partij AfD hing posters op het terrein. ‘Mut zur Warheit’, stond erop, ‘Moed tot waarheid’. Wagner raakt nog ontstemd als hij erover spreekt. “Op déze plek, door déze partij. Het suggereert dat wij als herinneringscentrum de onwaarheid vertellen.”

In de Duitse media waarschuwt Wagner geregeld voor een verslapte omgang van de Duitsers met hun oorlogsverleden. Banalisering en bagatellisering van de nazitijd liggen volgens hem op de loer. En de grens van wat gezegd wordt, schuift op. “Het is nog een kleine minderheid die zich zo kras uitlaat, maar wel een die zich steeds luider laat horen”, zegt hij. En dan heeft hij het nog niet eens gehad over de afstand die jongeren ervaren. “Zelfs hun grootouders zijn na de oorlog geboren. Het is voor hen zoiets als de middeleeuwen. Heel, heel, heel ver weg.”

Koning Willem-Alexander en koningin Máxima tijdens hun bezoek aan Buchenwald. Beeld Getty Images
Koning Willem-Alexander en koningin Máxima tijdens hun bezoek aan Buchenwald.Beeld Getty Images

Nu, bijna tachtig jaar na 1945, zijn bijna alle ooggetuigen óf hoogbejaard óf overleden. De levende geschiedenis staat op het punt achter de horizon weg te duiken. Welke gevolgen heeft dit proces voor de kijk op de oorlog? Verflauwt de herinnering en daarmee de waarschuwing die van het verleden uitgaat? Het is een vraag die bij Wagner voor hoofdbrekens zorgt. “Overlevenden verhieven hun stem als de gruwelen van de oorlog in twijfel werden getrokken. Zij hadden een moreel gezag. Die bescherming valt nu weg.”

Levendige en gewetensvolle herinneringscultuur

Buchenwald bij Weimar is in Duitsland slechts een van de vele plekken van nationale schaamte en reflectie. De oosterburen kennen vandaag de dag een uiterst levendige en gewetensvolle herinneringscultuur. Er gaat geen week voorbij of de ARD en de ZDF tonen wel een waarschuwende documentaire over het Derde Rijk of de Holocaust.

De Duitsers hebben zelfs een begrip dat zeer treffend de worsteling aanduidt om in het reine te komen met de geschiedenis: Vergangenheitsbewältigung. Belangrijk onderdeel daarvan is dat Duitsland als land waar Hitler aan de macht kwam een reusachtige verantwoordelijkheid torst om een herhaling van de geschiedenis te voorkomen.

Maar door het voortschrijden van de tijd verandert er wat, ziet ook Christoph Kreutzmüller. Hij is voorzitter van het Aktives Museum Faschismus und Widerstand in Berlijn, een stichting die ervoor zorgt dat het beladen verleden van bijvoorbeeld gebouwen en andere plekken zichtbaar blijft. “We bevinden ons op een breukvlak in de tijd, van Zeitgeschichte wordt de oorlog Normalgeschichte. Het naziverleden wordt écht geschiedenis”, zegt Kreutzmüller, die als gepromoveerd historicus ook diverse boeken over het nationaalsocialisme schreef. “Op dat soort momenten gebeurt er altijd wat. De betekenis van de geschiedenis wordt opnieuw doordacht. Dat proces maken we nu mee.” Een nieuwe generatie heeft nieuwe vragen en een andere manier van kijken.

Sprake van een pendelbeweging

“We kunnen niet achterover gaan leunen en denken dat het vanzelf goed komt”, stelt Kreutzmüller. Al denkt hij er wel iets anders over dan zijn collega en directeur Wagner. “Alsof het vroeger allemaal zo goed was.”

Hij waakt ervoor om grote uitspraken te doen. Volgens hem is er sprake van een pendelbeweging. “Het is wéér mogelijk om het verleden te betwisten. Het zijn dingen die je veertig jaar geleden ook in kringen van de CDU/CSU hoorde.”

Hij licht het toe met een voorbeeld. Kreutzmüller vertelt hoe hij begin negentiger jaren als jonge historicus aan de slag ging in de Villa Wannsee, de plek waar in 1942 tijdens de naar die plek genoemde conferentie verregaande plannen werden gemaakt voor de Endlösung. Van met name oudere bezoekers kreeg hij geregeld de wind van voren. “Zo van: wat weet jij er nou van, jij was er niet bij. Of: de overwinnaars schrijven ons niet voor wat wij moeten herdenken.”

Angst voor de wederopstanding van het bruine monster

Het opnieuw loslaten van de fijngevoeligheid omtrent het naziverleden manifesteert zich nu met name aan de flanken van de samenleving. Kreutzmüller en Wagner wijzen vooral naar de AfD, de extreemrechtse partij die in sommige Duitse regio’s zeer populair is, als grote onruststoker. Ook trokken in Duitsland, net als in Nederland, extreemrechtse demonstranten de coronaregels zonder terughoudendheid gelijk met de Jodenvervolging.

Toenmalig bondskanselier Angela Merkel plaatst een witte roos bij de gedenkplek in Buchenwald. Beeld Getty Images
Toenmalig bondskanselier Angela Merkel plaatst een witte roos bij de gedenkplek in Buchenwald.Beeld Getty Images

De angst voor een wederopstanding van het bruine monster zit diep verankerd in het Duitse collectieve bewustzijn. Hoe terecht is de vrees voor een ontluikende nonchalance? Vrijwel permanent zijn er peilingen en enquêtes die de stemming op dit vlak onder de bevolking meten. Daaruit rollen keer op keer geruststellende cijfers. De overgrote meerderheid van de bevolking vindt de wijze van herinneren, met de grote nadruk op de Duitse verantwoordelijkheid, nog altijd zeer passend. De enige uitzondering zijn kiezers van de AfD, waarvan de helft vindt dat het nu maar eens klaar moet zijn met het Duitse schuldgevoel.

En de jongeren? Zeer recent nog peilde het Rheingold Instituut, een marktonderzoeksbureau uit Keulen, de stemming onder jongeren in de leeftijd van 16 tot 24 jaar. Dat leidde tot een aantal verrassende resultaten: zij willen niet minder, zij willen juist méér stilstaan bij de geschiedenis. Zo’n driekwart onderschrijft het belang van onderzoek naar het nationaalsocialistische verleden. Dat is een hoger percentage dan dat van hun ouders.

Daar komt nog iets interessants bij: jongeren betrekken de oorlogsmisdaden juist ook sterk op het huidige tijdsgewricht. De Keulse onderzoekers suggereren dat dit komt doordat zij opgroeien in een wereld waarin democratie niet altijd vanzelfsprekend is. Denk aan Donald Trump en Vladimir Poetin, nepnieuws en complottheorieën.

Veel vragen van scholieren

In het voormalige concentratiekamp Sachsenhausen, even boven Berlijn, herkent Horst Seferens de bevindingen van het onderzoeksbureau uit Keulen. De scholieren die naar dit voormalige kamp komen stellen de medewerkers vaak vragen, zo merkt Seferens, die verbonden is aan het museum. “De kern daarvan is: hoe kan een democratische samenleving in korte tijd ontsporen? Het nationaalsocialisme is een negatief tegenbeeld van de maatschappij die zij voor ogen hebben.”

Seferens ziet een paradoxale ontwikkeling: “Ja, enerzijds zijn gaten in hun kennis doordat het zo lang geleden is. Je moet vaker dan voorheen de basis uitleggen: wat was de SS? Waarom werden Joden vervolgd? Tegelijkertijd vinden jongeren de betekenis van de oorlog uitermate relevant. De oorlog is nog steeds een referentiepunt. De samenleving is gelukkig op haar hoede.”

Jens-Christian Wagner bespeurt daar in Buchenwald ook iets van. “Wij merken dat er sinds een paar jaar bezoekers, bijvoorbeeld ouders met hun kinderen, heel bewust hier naartoe komen. Zij willen juist dat de Duitse samenleving stil blijft staan bij de misdaden uit het verleden.” Wie wil mag het hoopvolle tekenen noemen, zegt Wagner, maar hij is allerminst gerust: “Het blijven in mijn ogen reacties op rechtse tendensen en revisionistische provocaties”.

null Beeld

Ruimte om werkelijk te kijken naar het verleden

Directeur Hetty Berg van het Joods Museum in Berlijn gelooft niet in doemscenario’s. “Iedere keer denkt men dat de belangstelling afneemt. Dat werd in 1990 al gedacht bij een grote tentoonstelling in Amsterdam: ‘Hierna zal het wel minder worden’”, zegt Berg, die Nederlandse is en tot 2019 hoofdconservator was van het Joods Cultureel Kwartier in Amsterdam. “Keer op keer blijkt: de interesse blijft. Ik zie dat niet zo snel veranderen.”

Het Joods Museum in de Duitse hoofdstad is nauw met de Holocaust verbonden, al benadrukt Berg dat haar instelling over veel meer gaat dan de Shoah, zoals het museum de genocide op de Joden noemt. Volgens Berg zit er juist een positief aspect aan de generatiewisselingen. “Het gaat er niet alleen om dat de slachtoffers niet meer leven, ook de daders en de mensen die eromheen stonden zijn er niet meer. Dat geeft ook ruimte om wérkelijk te kijken naar het verleden. Wat is er in de eigen familie eigenlijk gebeurd? Dat is moeilijk als je lieve opa nog leeft.”

Zo wemelde het in het Duitse openbare leven, de overheid, politiek en de kunsten na de oorlog van de ex-nazi’s. Het Duits Historisch Museum toonde pas onlangs hoe de Documenta in Kassel, een belangrijke tentoonstelling voor moderne kunst, in de jaren na de oorlog werd gedomineerd door personen die nauwe banden hadden met het nationaalsocialisme. Tot voor kort werden dit soort feiten met de mantel der liefde bedekt, merkt Berg op. “Wist je dat veel kunst in de openbare ruimte na de oorlog door dat soort figuren is gemaakt? Pas nu kunnen de nazaten van de daders naar dit aspect van het Duitse verleden kijken, juist door de afstand in de tijd. De persoonlijke connectie is er niet meer.”

Medeschuldig aan de Holocaust

Voor de vervolging van de Joden was sowieso lange tijd geen oog, verzucht Berg. Pas veertig jaar na de oorlog (in 1985) hield Richard von Weizsäcker, de toenmalige president van de Duitse Bondsrepubliek, een rede waarin hij zijn landgenoten confronteerde met het feit dat ze medeschuldig waren aan de Holocaust. “Kritische vragen werden pas door de kinderen van de daders voor het eerst gesteld”, zegt ook Horst Seferens. Hij doelt op de kritiek die de deelnemers van de ‘studentenbeweging van 1968’ op hun ouders hadden.

Toenmalig president Barack Obama plaatst een roos in Buchenwald.  Beeld Getty Images
Toenmalig president Barack Obama plaatst een roos in Buchenwald.Beeld Getty Images

In Sachsenhausen klimt Seferens de trap op van de wachttoren van waaruit ook ooit de SS in één oogopslag het hele terrein overzag. Beneden schuifelen bezoekers langs de toegangspoort met de woorden ‘Arbeit macht frei’. Vrijwel alle barakken waar gevangenen zaten, werden niet lang nadat het kamp zijn functie verloor gesloopt. Wel verscheen er toen een kolossaal monument dat nog altijd boven het terrein uit troont.

“Hier zie je scherp hoe de herinneringscultuur aan verandering onderhevig is”, zegt hij gebarend naar het bakbeest uit de DDR. “Na de oorlog werden er hier in Oost-Duitsland grote monumenten opgericht die juist de heroïek van de overwinning van het socialisme op het nazisme symboliseerden. De barakken moesten weg, die vond men banaal.”

Zo’n houding is al jaren passé. “Nu willen we juist de concrete plekken zo precies mogelijk tonen.” Het is een ontwikkeling die al enige tijd geleden is ingezet en zich nog verder zal manifesteren, voorspelt Seferens. “Fysieke plaatsen worden nog belangrijk nu er generaties opgroeien die geen directe connectie meer hebben met de oorlog. Wat blijft, zijn de plaatsen waar het allemaal is gebeurd. Dat is toch het ultieme bewijs. Daarom zullen dit soort plekken aan betekenis blijven winnen.”

Indrukwekkende hotspots

Christoph Kreutzmüller voorziet een soortgelijk scenario. Hij benadrukt daarbij dat het lang niet alleen gaat om indrukwekkende hotspots, zoals bijvoorbeeld de Wannseevilla of een concentratiekamp. Hij ziet vooral een toename in aandacht voor plekken met een lokale en regionale uitstraling. Hij wijst op de zogeheten stolpersteine die in Duitsland en ook in Nederland veelvuldig bij huizen worden gelegd waar Joden woonden. “Daar is buitengewoon veel belangstelling voor.”

Kreutzmüllers Aktives Museum is de organisatie die deze bronzen monumenten in de stoepen van Berlijn plaatst. “Wie die stenen ziet, denkt: Hé, wat is hier gebeurd. Wie woonde hier, wat was dat voor een mens, wat is er met hem of haar gebeurd? Die vragen, daar gaat het om. Op die manier blijft het verleden dichtbij. Om de hoek, daar gebeurde het.”

Lees ook:

Hier viel de eerste dode van de Tweede Wereldoorlog

Een overval op een Duitse zendmast, in scène gezet door SS’ers: die ‘provocatie’ door Polen moest de rechtvaardiging vormen voor het het begin van de Tweede Wereldoorlog, tachtig jaar geleden. Nepnieuws dus, of beter: mislukt nepnieuws. Maar wel met een echte dode, de eerste van vele.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden