Inflatie

Ontslag voor de premier van Syrië: zijn opvolger moet de hyperinflatie stoppen

Syriërs in Suwaida protesteren tegen de verslechterende economie en corruptie.  Beeld AFP
Syriërs in Suwaida protesteren tegen de verslechterende economie en corruptie.Beeld AFP

President Bashar al-Assad van Syrië heeft de premier van het land ontslagen. Imad Khamis was minister-president sinds 2016. De huidige minister van watervoorraden, Hussein Arnous, is aangewezen als interim-premier.

Het ontslag van Khamis volgt op dagen van antiregeringsprotesten in Suweida, een stad in het zuidwesten van Syrië waar voornamelijk Druzen wonen. De regio is de regering normaal gesproken goed gezind, maar de afgelopen dagen gingen demonstranten de straat op om te protesteren tegen de verslechterde economische omstandigheden en corruptie. Ze eisen het vertrek van president Assad. Ook in Daraa, de geboorteplaats van de revolutie van 2011 tegen het Assad-bewind, gingen mensen de straat op.

De demonstranten komen in opstand tegen de hyperinflatie. De waarde van het Syrische pond daalt al sinds het begin van de revolutie van 2011 gestaag, maar met name de afgelopen maanden gaat het hard. Voor de burgeroorlog was 1 Amerikaanse dollar 47 Syrische pond waard, afgelopen januari was dat 940 Syrische pond. Nu staat 1 dollar op de informele markt in Syrië gelijk aan ruim 3000 Syrische pond.

Ambtenarensalaris nu 18 euro

Lokale journalisten melden dat veel winkels en apotheken de deuren de afgelopen dagen gesloten hielden omdat de waarde van de Syrische valuta zo snel daalt dat het onmogelijk is de juiste prijs voor producten te bepalen. Lonen worden ondertussen steeds minder waard, waardoor zelfs basale boodschappen te duur worden voor de meeste Syriërs. Het gemiddelde ambtenarensalaris staat door de inflatie nu gelijk aan 20 Amerikaanse dollar per maand, ongeveer 18 euro.

De huidige inflatie in Syrië is voor een deel te wijten aan de economische crisis in buurland Libanon, die een regionale uitstraling heeft en ook de markt in Syrië verstoort. Daarnaast spelen ruzies binnen het pro-Assad-kamp – zoals die tussen Assad en zijn neef en zakenmagnaat Rami Makhlouf – en de in elkaar gestorte oliemarkt ook een rol bij de economische instabiliteit. Na elf jaar oorlog heeft de Syrische overheid niet voldoende reserves om klappen op te vangen.

Daar komt bij dat de EU en de Verenigde staten economische sancties hebben opgelegd aan Syrië, bedoeld om de handel in producten die kunnen worden misbruikt voor oorlogsdoeleinden te beperken. Volgende week worden de sancties van de VS verzwaard. Die treffen vanaf dat moment alle partijen, publiek en privaat, die handelen met het Assad-regime, bondgenoten daarvan zoals Iran en Rusland, of daaraan gelieerde private partijen. Veel Syriërs vrezen dat het de economie nog verder de afgrond in zal helpen, omdat geen bedrijf zich nog zal wagen aan zaken doen in Syrië.

Lees ook:

Ondanks de lockdown hervatten Libanezen hun protest: ‘We gaan dood van de honger, of van corona’

Ondanks de coronacrisis laaien de protesten in Libanon weer op. De demonstranten vragen aandacht voor de groeiende armoede, die volgens hen net zo gevaarlijk is als het virus.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden