ReportageOpbouw Beiroet

Omdat de regering niet helpt, ruimen inwoners Beiroet zelf maar op: ‘We kijken wie een deur nodig heeft’

Ondernemer Rana Dirani temidden van het puin dat door de explosie in Beiroet is veroorzaakt.  Beeld Daisy Mohr
Ondernemer Rana Dirani temidden van het puin dat door de explosie in Beiroet is veroorzaakt.Beeld Daisy Mohr

Twee weken na de explosie die Beiroet in de as legde, is de overheid nog nergens te bekennen. Bewoners gaan zelf maar aan de slag.

“In elk normaal land zou de regering de bevolking op dit moment helpen,” zegt Rana Dirani (39), terwijl ze over een hoop puin stapt. Haar levenswerk, de Saifi Urban Gardens, kijkt uit over de haven en is door de explosie die een deel van Beiroet ruim twee weken geleden verwoestte, onherkenbaar geworden. De Arabische taalschool, het hotel, de rooftop-bar, de tuin en het restaurant waren tien jaar lang een geliefde ontmoetingsplek voor buitenlanders en Beiroeti’s. De doortastende jonge zakenvrouw die vol energie haar imperium opbouwde, staart nu wazig voor zich uit als ze iets zinnigs probeert te zeggen over de toekomst.

“Ik proef het stof nog in mijn mond. Ik hoor de mensen schreeuwen”, zegt ze. Het is een wonder dat iedereen hier het overleefd heeft – de zaak zat op het moment van de explosie vol klanten. “Ook mijn huis en het huis van mijn ouders ligt in puin. We hebben nog geen moment de tijd gehad om te verwerken wat er eigenlijk allemaal is gebeurd. Daar is gewoon geen ruimte voor. Ik heb ook vijftig werknemers om me zorgen over te maken.”

Woest is ze dat de autoriteiten afwezig zijn. Ontevredenheid over het wanbeleid van de regering voelde ze al vóór de explosie. Nu noemt ze het haat. “De politici zijn degenen die dit hebben laten gebeuren. Ze hebben een atoombom hier in de haven neergelegd en nu krijgen we niet eens excuses en neemt niemand de verantwoordelijkheid. Ze blijven naar elkaar wijzen; het is walgelijk. Het enige waar ze zich mee bezig houden is nog meer te stelen van de bevolking en ons langzaam uit te moorden. Je hebt hier niet eens een oorlog nodig om de bevolking te vermoorden.”

De autoriteiten zijn al weken de grote afwezigen

Het is niet alleen Dirani opgevallen dat de autoriteiten de grote afwezigen zijn. Pas nu, dik twee weken na de explosie, komt er sporadisch hulp op gang. Het Libanese leger deelt hier en daar voedselpakketten uit of ze brengen een bezoek aan het getroffen gebied om de schade op te nemen. Voor veel mensen komt het te laat en is het een druppel op een gloeiende plaat.

Dirani’s ouders, broers en zussen zijn meteen begonnen aan iets wat eigenlijk onbegonnen werk is: het opruimen en sorteren van de immense rotzooi. Daarbij krijgen ze hulp van wildvreemden. “We voelen een grote verbondenheid. We weten allemaal maar al te goed dat we nu alleen elkaar hebben, dat is helaas niet nieuw. Of je nou christelijk, soenniet, sjiiet, Druus of wat dan ook bent. Het maakt op dit moment niet uit.”

Philippe al-Azrak:
Philippe al-Azrak: "Wat ik hier om mij heen zie, heeft mijn hart gebroken."Beeld Daisy Mohr

Burgers met bezems ruimen puin

Even verderop wandelt Philippe al-Azrak (54). Nadat hij plastic zeil voor zijn eigen kapotte ramen had gespannen, wist hij wat hem te doen stond. De ochtend na de explosie ging hij met drie van zijn zes tienerkinderen richting het gebied rondom de haven om te zien wat hij kon doen. “Als de mensen het niet hadden gedaan, dan zou er hier nog altijd niets zijn gebeurd. Dan was alles nog precies zo geweest als het twee weken geleden was,” zegt de man die al dik twee weken onvermoeibaar aan het helpen is. Omringd door groepen jongeren met bezems doet Azrak wat hij kan. Al lijkt het onbegonnen werk, het resultaat is na dik twee weken goed zichtbaar.

“Ik heb nog nooit iets met liefdadigheid gedaan, maar dit kon ik niet aanzien. Nu kijken we wie er ramen nodig hebben, een deur. Wie de huur deze maand niet kan betalen en wie eten nodig heeft, ” zegt de man die door corona als taxichauffeur al maanden geen werk meer heeft. “Zelf hebben we thuis ook schade, maar dat kan wachten. Wat ik hier om me heen zie heeft mijn hart gebroken.”

Azrak verloor zijn vrouw zes jaar geleden. Hij bleef met zes kinderen alleen achter. Net als elke Libanees van zijn leeftijd heeft hij de burgeroorlog meegemaakt, een Israëlische invasie, de zomeroorlog in 2006 tussen Israël en Hezbollah, en een reeks aan politieke liquidaties. Toen iedereen dacht dat met een ongekende economische crisis, hyperinflatie en de coronapandemie het dieptepunt hier wel bereikt was, kwam deze klap: “In mijn leven heb ik eigenlijk nog geen gelukkige dag gekend. Dat is hier blijkbaar ons lot. We worden in oorlog geboren en sterven in oorlog”, zegt hij en tovert toch een glimlach op zijn gezicht. “We voelen ons eenzaam, verloren, op elkaar aangewezen. Dat ik nu een paar mensen een steuntje in de rug kan geven doet me goed. Natuurlijk is dat de taak van de staat, maar die hebben we hier niet.”

‘Je kan bij de bank wachten op je geld tot je een ons weegt’

Dirani is onder de indruk van de steun die ze krijgt van wildvreemden zoals Azrak en van voormalige studenten die overal ter wereld hun steun betuigen en geld inzamelen. Ze schat dat de schade zeker een miljoen euro is. Ze zou wel willen beginnen, maar door de economische crisis zijn er sinds eind vorig jaar bankrestricties waardoor slechts zeer beperkt geld opgenomen kan worden. “Je kan bij de bank gaan staan wachten op je eigen geld totdat je een ons weegt. Ons geld zit vast; we kunnen er niet bij. Het is gekmakend als je weet wat ik allemaal moet betalen.”

Dirani piekert over de toekomst van haar twee jonge kinderen en neemt het leven nu van dag tot dag. Ze probeert haar woede te boven te komen:“Ik heb al die jaren zoveel gegeven voor mijn land. Ik hou van Libanon. Maar ik krijg er niets voor terug. Je geeft en geeft, maar ze blijven van je stelen. Wanneer zijn ze eindelijk verzadigd?”

Lees ook:

De ontplofte haven van Beiroet staat symbool voor de zieke Libanese politiek

Na de ramp in de haven van Beiroet is voor veel Libanezen de maat vol. Het aftreden van de regering afgelopen maandag is nog lang niet genoeg. Na jaren van nepotisme, corruptie en wanbeleid willen zij dat het hele politieke systeem op de schop gaat. ‘Het zijn geen rotte appels, het is de hele boomgaard.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden