Bogdan Katarina runt een boerenbedrijf op een voormalige kolzoch.

ReportageOekraïne

Oekraïne kan zich nu écht ontwikkelen tot Europese graanschuur, tot woede van zelfstandige boeren

Bogdan Katarina runt een boerenbedrijf op een voormalige kolzoch. Beeld Michiel Driebergen

Het Oekraïense verbod op de verkoop van landbouwgrond wordt opgeheven; dat besluit van vorige week zal verstrekkende gevolgen hebben. Nu kan het Oost-Europese land zich eindelijk écht ontwikkelen tot graanschuur van Europa, denken ondernemers. Zelfstandige boeren vrezen het af te leggen tegen grote agrarische ondernemingen.

Nog slaapt de zwarte aarde, toch ontkiemt een nieuw seizoen. In de vroegte, als het bevroren veld nog geschikt is om te bemesten, is ‘boer Bogdan’ al met zijn trekker in de weer. Op de 130 hectare glooiende grond rondom het dorp Stari Miljatin in het westen van Oekraïne verbouwt hij vooral graan. Het land huurt hij van dorpsgenoten, die hij in natura betaalt met zakken tarwe, gerst of een paar balen stro.

Na de oogst, komende zomer, wordt alles anders in Oekraïne, denkt Bogdan Katarina, die het wegens zijn ongebruikelijke achternaam prima vindt als je hem boer Bogdan noemt. Vorige week nam het parlement een wet aan die bepaalt dat de verkoop van landbouwgrond wordt vrijgegeven. Internationale geldschieters staan te juichen over deze lang­verwachte hervorming, maar boeren als Bogdan krijgen er de zenuwen van.

Hij wijst op de koeien, die met brede, gul­zige tong proeven van een maismengsel dat voor hun natte neuzen is uitgestort. Stonden er een jaar geleden nog 120 stuks vee in de stal, inmiddels heeft boer Bogdan twee derde van zijn koeien verkocht. “Als de nieuwe wet in werking treedt, wil ik ook een paar hectares kopen, maar een lening afsluiten durf ik niet”, zo verklaart hij de inkrimping van zijn veestapel. “Veel boeren vrezen dat ze straks koeien hebben zonder land.”

Het ­bedrijf van Bogdan is een voortzetting van een kolchoz

Om de zorg van boer Bogdan te begrijpen moeten we terug naar het Sovjet-verleden. ­Zoals talloze boerderijen in Oekraïne is het ­bedrijf van Bogdan een voortzetting van een kolchoz, een collectieve boerderij – vier oude, langgerekte schuren op het erf getuigen nog van die tijd. Tijdens het communisme was grondbezit taboe: boeren werkten als arbeiders voor agro-fabrieken als deze.

Begin jaren negentig, toen het Sovjet-systeem ophield te bestaan, sloot de kolchoz de deuren. De grond van het voormalige staatsbedrijf werd verdeeld onder de dorpelingen: iedereen kreeg een aantal hectare, bemeten naar de grootte van de familie. Om te voorkomen dat speculanten en maffiose zaken­lieden voor een spotprijs met de grond aan de haal gingen – wat met de zware industrie was gebeurd – werd een moratorium ingesteld: een verkoopverbod.

Die restricties zijn nu, twintig jaar later, nog steeds van kracht. Veel dorpelingen werken graag op het land; in het zaaiseizoen nemen ze hun hele familie mee. De bewoners

die dat niet willen, zoals apothekers, leraren en winkeleigenaren, of degenen die uit Stari Miljatin zijn weggetrokken, verhuren of verpachten hun lapje grond aan boeren als Bogdan. De huur staat voor tien jaar vast, de pacht voor decennia. “Als ze tussentijds hun land toch willen bewerken, geef ik hen het terug”, zegt boer Bogdan.

In Oekraïne, hier bij Zolote in het oosten van het land, zijn familiebedrijven van boeren in de jaren dertig al de nek omgedraaid.Beeld Hollandse Hoogte / l'Agence VU

Volodomir Zelenski is de eerste president die het verouderde en inefficiënte landbouwsysteem durft aan te pakken. “Binnen een jaar zullen we een markt van 40 miljoen hectare land markt creëren”, sprak hij in november, toen het parlement het wetsvoorstel in eerste behandeling aannam. Afgelopen week werd de landbouwhervorming officieel: per 1 juli 2021 kunnen de 7 miljoen Oekraïense landeigenaren hun land in de verkoop doen.

‘Velen zeggen dat ze boer zijn, maar ik noem hen oligarchen’

Economen denken dat de maatregel buitenlandse investeerders zal aantrekken – eindelijk economische groei –, maar boer Bogdan vreest het ontstaan van een grondmonopolie. Zonder reserves in kas legt hij het af tegen agrarische bedrijven, die zelfs onder de huidige regels al tienduizenden, soms zelfs meer dan 100.000 hectares in beheer kregen. De nieuwe wet ­versterkt hun greep op de markt verder, denkt hij. “Velen zeggen dat ze boer zijn, maar ik noem hen oligarchen.”

Dat die bedrijven niet altijd eerlijk opereren illustreert hij na een ritje naar de rand van het dorp. Daar blijkt een glooiend stuk land van 70 hectare omheind te zijn. Al tien jaar geleden sloot een conservenfabriek in het nabijgelegen stadje Boesk een huurovereenkomst met de dorpelingen, vertelt boer Bogdan, maar de grond lieten ze braak liggen. Met de bedrijfsleiding kwam hij overeen het land dan maar zelf te bewerken, en huur af te dragen aan de eigenaren.

Dat ging een tijdje goed. Maar toen de discussie over de nieuwe wet losbarstte, afgelopen najaar, stond daar ineens die afrastering. Wat bleek: het bedrijf had staatssubsidie gekregen om walnootbomen te gaan kweken in het gebied. “De fabriek zal de eigenaren onder druk zetten om hun grond te verkopen”, verwacht boer Bogdan, die denkt dat grote bedrijven makkelijker kredieten krijgen dan hij als kleine boer.

Een aantal dorpelingen kan door het hek het eigen land niet meer bereiken. Procederen tegen de machtige eigenaar durven ze niet.

Fabrieken zijn hier niet, dus er is geen ander werk

Als het gaat om grondverkoop zetten de bewoners van Stari Miljatin dan ook hun hakken in het zand. Op de centrale driesprong van het dorp, vlak naast de kerk, staat een aantal traktoristi, tractorchauffeurs, met elkaar te babbelen. “We zullen ons land nooit verkopen”, zegt de 41-jarige Volodja Volosjin. “Fabrieken zijn hier niet, dus er is geen ander werk.” Behalve zijn trekker, die hij van auto-onderdelen in ­elkaar knutselde, bezit Volosjin 5 hectare grond die hij deels verhuurt en deels bewerkt: een schamel, maar stabiel inkomen.

Maar wat als hij een grote som geld zou krijgen voor zijn lapje grond? “De mensen in ons dorp zijn arm. Misschien zullen sommigen het aannemen, maar als het op is, hebben ze geen land meer om aardappels te verbouwen. Hoe onderhoud je dan je kroost?”, zegt Volosjin, die zelf drie kinderen heeft. “Iedereen zal de grens over gaan, hier slechts een paar stappen vandaan.” Boer Bogdan vat samen: “Niemand denkt aan toekomst van het dorp”.

‘Traktorist’ Volodja Volosjin achter het stuur van zijn zelfgebouwde trekker, in gezelschap van enkele dorpsgenoten.Beeld Michiel Driebergen

Het verlangen naar kleinschaligheid en ­gemeenschapszin herkent de Nederlandse ­ondernemer Dirck Smits van Oyen uit duizenden. Tien jaar geleden nam hij met een paar Nederlandse investeerders een boerenbedrijf over, nabij de 250 kilometer oostwaarts gelegen stad Chmelnitski. Samen met een Duitse boer en lokale werknemers verbouwt hij op een stuk grond van 6000 hectare graan, mais, koolzaad, soja en zonnebloemen.

Boeren spelen in Oekraïne een sleutelrol in de gemeenschap, zegt hij. “Zo repareren we het dak van de school als dat nodig is en leggen we de weg en de waterleiding aan.” De grote agrarische bedrijven malen niet om de bewoners. “Zij sturen twee keer per jaar een karavaan van machines, zijn twee dagen bezig op het land en dan vertrekken ze weer.”

‘Bizar: je hebt eigendom, maar je mag er niet mee doen wat je wilt’

Toch vindt Smits van Oyen, in tegenstelling tot boer Bogdan, de landbouwhervorming een goed idee. “Het is bizar: je hebt eigendom, maar je mag er niet mee doen wat je wilt”, zegt hij in zijn kantoor nabij het Majdanplein in hoofdstad Kiev. Zelf zou hij ‘dolgraag’ zijn land kopen. “Het scheelt enorm veel rompslomp.” Op zijn boerderij werken vier juristen voltijds aan het contact met de grondeigenaren, maar liefst 3500 in getal, die allemaal 1,5 of 2 hectare grond aan zijn bedrijf verhuren.

De investering voor de aankoop van de grond, die momenteel zo’n 1500 dollar per hectare kost, zou hij binnen tien jaar terug­verdienen als hij de jaarlijkse 150 euro huur per hectare niet meer hoeft af te dragen. “Als je de grond bezit, kun je met een gerust hart investeren in de kwaliteit. Nu ben je gelimiteerd vanwege de mogelijkheid dat de eigenaar straks zijn land zelf wil gaan bewerken.”

Akkers met een bewogen geschiedenis

De hervorming van de landbouw kreeg afgelopen week een laatste zetje van het Internationaal Monetair Fonds: de internationale geldschieter stelde deze wet als voorwaarde voor een nieuw financieel steunpakket voor Oekraïne, dat ook economisch flink wordt getroffen door de coronacrisis.

In potentie is Oekraïne een van de rijkste agrarische economieën van de wereld. Het heeft evenveel landbouwgrond als Frankrijk en Duitsland samen: tussen de 30 en 40 miljoen hectare. 60 procent van die grond is tsjernozem, ‘zwarte aarde’, die door een hoog percentage humus en andere voedingsstoffen zeer vruchtbaar is.

In de jaren dertig verzetten Oekraïense boeren zich hevig tegen de door Stalin opgelegde collectivisering van de landbouw. In ­reactie initieerde het Sovjetregime een hongersnood. Miljoenen Oekraïners kwamen om; een massamoord die de Holodomor wordt genoemd. In de Tweede Wereldoorlog maakte Oekraïne deel uit van Hitlers Generaal-gouvernement, bedoeld als springplank voor de kolonisatie van het oosten, om lebensraum te creëren.

Na de val van de Sovjet-Unie (1991) had elke Oekraïner volgens de grondwet recht op 2 hectare land, een deel dat verkoopbaar werd. Voormalige kolchoz-grond viel onder het moratorium, waardoor Oekraïne maar liefst 7 miljoen landeigenaren telt. Afgelopen jaar presenteerde het land een recordoogst graan en de graanexport naar de EU groeide evenredig explosief.

De Nederlandse ondernemer voorziet dat de toekomst van de Oekraïense landbouw ligt in grootschalige, industriële landbouw. “In de ­Europese Unie houden landbouwsubsidies het familiebedrijf in leven, maar hier is het familiebedrijf al in de jaren dertig door Stalin om zeep geholpen.” Dat de tragische geschiedenis een rol speelt in de huidige discussie erkent boer Bogdan. Zijn ouders leefden jaren als bannelingen in een goelag, een Sovjet-strafkamp.

Toch verwacht Smits van Oyen dat de gevolgen van de landbouwhervorming voorlopig beperkt blijven. Slechts weinig dorpelingen staan te springen om hun land te verkopen, maar ook oligarchen hebben geen haast om grootschalig land op te kopen, denkt hij. “Op dit moment is grond geen goudmijn.” Hij wijst erop dat de landbouw wereldwijd met een productieoverschot kampt en dat Oekraïne geen zicht heeft op lidmaatschap van de EU – en dus ook niet op landbouwsubsidies.

Dirck Smits van Oyen moet zijn bedrijf nog gewoon op bestaande wijze runnen

Hoe de hervorming precies vorm krijgt, is nog de vraag. Na het stevige politieke debat van de afgelopen maanden, en enkele gewelddadige boerenprotesten, besloot president Zelenski voorlopig 100 hectare als bovengrens te stellen aan de hoeveelheid land die in handen van een persoon of bedrijf mag komen: in 2024 zou dat kunnen oplopen naar 10.000 hectare. Als buitenlander zal Dirck Smits van Oyen nog een tijd via de bestaande huur- en pachtconstructies zijn boerenbedrijf draaiende moeten houden: buitenlanders zijn vooralsnog uitgesloten van de aankoop van land.

Volgens boer Bogdan komen er meer boerenprotesten, zeker nu de wet er inderhaast is doorgeduwd wegens de coronacrisis. “Er is tot nu toe geen gesprek met ons geweest. We moeten eerst met elkaar aan tafel.”

Lees ook: 

Overheidsapp ‘verbetert het leven van Oekraïners’ ondanks politieke strubbelingen

In zijn poging Oekraïne te hervormen wordt president Zelenski gesteund door hooggeschoolde IT’ers en ondernemers.Maar de eerste barsten in die ambitie zijn al zichtbaar.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden