AnalyseNa de brexit

Nog een droeve blik, en dan moet Europa zich herpakken

Beeld Suzan Hijink

Somber keek de EU toe terwijl het Verenigd Koninkrijk zich losmaakte uit de unie. Nu dat vertrek een feit is, durft Brussel voorzichtig een beetje vooruit te kijken.

Het leek bijna gespeeld, die sombere koppies. Op de spaarzame officiële foto’s die van het moment zijn verspreid, zien we Ursula von der Leyen (voorzitter van de Europese Commissie) en Charles Michel (voorzitter van de Europese Raad) in de nacht van 23 op 24 januari met begrafenisgezichten hun handtekening zetten onder het terugtrekkingsakkoord met het Verenigd Koninkrijk. Op de achtergrond (mooi onscherp, dat wel) staat EU-hoofdonderhandelaar Michel Barnier met een strakke blik en in elkaar gehaakte vingers naar de handeling te kijken, als beheerder van een condoleanceregister.

Von der Leyens en Michels voorgangers ­Jean-Claude Juncker en Donald Tusk lieten ­jarenlang ook al geen gelegenheid onbenut om een onpeilbare neerslachtigheid uit te stralen als het over de brexit ging. Was dat allemaal gemeend? Of toneelspel? Waren ze niet stiekem hartstikke blij dat die vervelende Britten eindelijk gingen ophoepelen?

De feiten en prognoses overziend zou je zeggen dat het niet gespeeld is, die somberheid bij de EU-kopstukken. Te midden van alle deprimerende analyses over de brexit-gevolgen voor de Britten zelf (jarenlange, onuitputtelijke inspiratiebron voor cartoonisten en carnavalsverenigingen) leek de diepe wond die het Britse vertrek bij de Europese Unie zelf zou slaan, onderbelicht. Door steeds al die trieste gezichten te trekken, leek ‘Brussel’ wel te zeggen: heb het toch niet steeds over die Britten, die krijgen al aandacht genoeg. Vergeet ons niet, wij zijn ook zielig.

Economisch gezien is de brexit een amputatie van jewelste

Alleen al economisch gezien is de brexit een amputatie van jewelste voor de EU. De (nog steeds) grootste interne markt ter wereld verliest de (na de VS, China, Japan, Duitsland en India) zesde economie van diezelfde wereld. Ho ho, zegt een criticus: het Verenigd Koninkrijk is op die ranglijst inmiddels gepasseerd door Frankrijk, en rara, hoe zou dat komen.

Hoe dan ook, een aderlating is het. De EU krimpt van zo’n 515 miljoen consumerende burgers naar 445 miljoen. Het opgetelde nationale inkomen van alle EU-landen samen daalt met ongeveer 15 procent.

Met die wetenschap is het maar goed dat de EU de afgelopen jaren zoveel grote handelsakkoorden heeft gesloten, met landen als Zuid-Korea, Canada en Japan – net op tijd, zo lijkt het. Want vanaf nu staat de Europese Commissie – al zal ze het niet toegeven – toch wat minder sterk in haar schoenen als het met andere landen tot een vrijhandelsakkoord moet zien te komen. De eerstvolgende zouden Australië en Nieuw-Zeeland moeten zijn.

Iemand als de Amerikaanse president Donald Trump zal in zijn nopjes zijn met een kleinere, minder slagvaardige EU, die hij ooit een vijand noemde, misschien nog wel meer dan China.

Het Britse vertrek slaat ook een flink gat in de EU-meerjarenbegroting, van ongeveer 5 procent. Los daarvan was het Verenigd Koninkrijk een van de grootste netto-betalers (landen die meer inleggen in de begroting dan ze eruit terugkrijgen). Of dat gat moet worden opgevuld of niet, en zo ja, door wie, dat is een van de vele hete hangijzers bij de lopende discussies over de nieuwe meerjarenbegroting (2021-2027). Op 20 februari is daar een extra EU-top over.

Plechtig en droef is vrijdag de scheidingsakte ondertekend. Van links naar rechts: Europese Commissievoorzitter Ursula Von der Leyen, brexitonderhandelaar Michel Barnier en Charles Michel, voorzitter van de Europese Raad.Beeld DARIO PIGNATELLI/European Union

Ineens is Nederland aanvoerder van landen die vrijemarktbeginselen zijn toegdaan

Op dit thema is het Britse vertrek ook psychologisch een gevoelige klap, vooral voor de overige netto-betalers, zoals Nederland. Bij de vorige begrotingonderhandelingen was het Verenigd Koninkrijk steeds de gezaghebbende aanvoerder van de groep landen die zuinigheid predikte. Nu neemt Nederland die rol een beetje over. De grootste netto-betaler, Duitsland, is wat voorzichtiger in zijn optreden als het over de centen gaat, en wil dat vooral zo houden.

Nederland is opeens, tegen wil en dank, ook de aanvoerder geworden van de landen die de vrijemarktbeginselen zijn toegedaan, in tegenstelling tot Duitsland en vooral Frankrijk, dat van oudsher veel meer overheidsgericht denkt bij het economische beleid.

Al een paar jaar lang is Nederland zich (met wisselend succes) aan die nieuwe rol aan het aanpassen. “De brexit heeft de Nederlanders uit hun politieke dysmorfie (misvorming, red.) geschud, waarbij de op vier na grootste economie van de eurozone zich gedroeg alsof het de omvang van Malta had”, zo schrijft deze week Europa-columnist Charlemagne in The Economist.

Het Verenigd Koninkrijk was ook decennialang de assertieve leider van de groep van negen EU-landen die de euro niet als munt gebruiken. Die moesten de eurolanden altijd scherp in de gaten houden, om te voorkomen dat ze in hun eigen knusse eurogroep (de negentien ministers van financiën van de eurozone) in het geniep besluiten namen die ook voor de niet-eurolanden gevolgen konden hebben. Vergaderingen van de eurogroep zijn de laatste jaren dan ook steeds vaker ‘inclusief’, dat wil zeggen dat de niet-eurolanden ook mogen aanschuiven. Na de brexit zal het vooral Polen zijn dat de belangen van de overgebleven acht niet-eurolanden zal moeten verdedigen.

Sommige landen zien wel degelijk lichtpuntjes in het vertrek

Er zullen eurolanden zijn die wel degelijk lichtpuntjes zien in het vertrek van de Britten uit de EU. Want hun bemoeienissen met de muntunie leidden soms tot vertraging en oeverloze discussies.

Soms was dat terecht, zullen ook de eurolanden zelf moeten toegeven. Tijdens de discussies over het derde en laatste steunpakket aan Griekenland, in de zomer van 2015, kwam er opeens Brits zand in de machine toen bleek dat er ook een bedrag zou worden gehaald uit het allereerste Europese noodfonds, het EFSF. Maar daar zat ook Brits geld in. De toenmalige minister van financiën, George Osborne, zag de krantenkoppen in eigen land al voor zich en stribbelde in Brussel fel tegen. ‘No way’ dat Britse ponden gebruikt zouden worden om de eurozone te stutten. “Het idee dat Britse belastingbetalers risico lopen door deze Griekse deal zal nooit van de grond komen”, zei Osborne destijds. “De eurozone zal zijn eigen rekeningen moeten betalen.”

De tegenargumenten vanuit de eurolanden dat ook het Verenigd Koninkrijk baat heeft bij een stabiele eurozone, konden Osborne niet vermurwen. Hoe dan ook is Brussel voortaan bevrijd van dit soort discussies: een pleister op de wonde van het enorme verlies aan economische slagkracht voor de EU als geheel.

Nog veel gevoeliger, zeker in geopolitiek opzicht, is het verlies voor de EU van het Verenigd Koninkrijk als defensieland en land met een gezaghebbende buitenlandse diplomatie. De maandelijkse bijeenkomst van EU-buitenlandministers verliest stevig aan gezag bij afwezigheid van de Brit. De EU heeft nu nog maar één kerngrootmacht binnen de gelederen: Frankrijk. Ook de Britse veiligheidsdiensten zullen node worden gemist.

Het VK blijft gewoon een toegewijd Navo-lid

Nu is het niet de bedoeling dat de brexit op dit vlak tot een totale breuk met het continent leidt. Zowel de EU als het Verenigd Koninkrijk heeft er alle belang bij om de banden zo nauw mogelijk te houden. Denk alleen al aan de bestrijding van terrorisme en van zware criminaliteit. Bovendien blijft de Navo op defensiegebied toonaangevender dan de EU, hoe ‘hersendood’ die Atlantische samenwerking volgens de Franse president Macron ook moge zijn. En het Verenigd Koninkrijk blijft gewoon een toegewijd Navo-lid.

Toch biedt het Britse vertrek ook kansen voor de ontluikende defensiesamenwerking binnen de EU. De anti-EU-houding van president Trump heeft immers tot het besef geleid dat Europa zichzelf moet kunnen verdedigen. Die EU-defensiesamenwerking staat weliswaar nog in de kinderschoenen, maar de beweging voorwaarts is er en is in historisch perspectief uniek. Omdat Londen steeds fanatiek op de rem trapte bij elke zweem naar een ‘Europees leger’ of woorden van gelijke strekking, zouden de EU-landen nu misschien iets meer vaart kunnen maken met hun plannen. Vooral Macron zal zich op dit punt bevrijd voelen van de Britse rem.

Wat betreft de houding tegenover Rusland zorgt de brexit wel voor een uit het lood geslagen EU, die op zoek moet naar een nieuw evenwicht. Londen was altijd streng voor Moskou, met als hoogte- danwel dieptepunt de aanslag (met chemische wapens) in Salisbury op de Russische oud-spion Sergej Skripal en zijn dochter Joelia, in maart 2018. Alle EU-landen waren toen solidair met het Verenigd Koninkrijk en kondigden sancties tegen Rusland af.

Binnen de EU hielden de haviken en de duiven tegenover Rusland elkaar lange tijd in evenwicht, waarbij de duiven zich uiteindelijk altijd voegden naar een eensgezind streng optreden. Nu zijn de haviken (vooral Zweden, Polen en de drie Baltische landen) een belangrijke bondgenoot kwijt. Daardoor zien de duiven (Italië, Hongarije en Cyprus voorop) wellicht hun kans schoon om het sanctieregime voor Rusland iets te versoepelen.

Op al deze vlakken, en nog veel meer, zal de EU de komende maanden, zeg maar gerust jaren, haar brexit-wonden moeten likken en wennen aan een nieuw kostuum op het wereldtoneel.

Een nieuwe dageraad voor Europa

De drie voorzitters van de EU-instituties, Von der Leyen, Michel en parlementsvoorzitter David Sassoli, trokken zich donderdag alvast ter bezinning terug in het landelijke Jean Monnet-huis in Bazoches-sur-Guyonne, iets ten westen van Versailles. ‘Een nieuwe dageraad voor Europa’, was de titel van hun persbericht van gisteren, dat nog even (als vanouds) treurig stilstaat bij het brexit-moment, maar verder probeert vooruit te kijken.

“In een tijd van grote machtsconcurrentie en turbulente geopolitiek, doet omvang ertoe”, schrijven ze. “Geen enkel land kan zich in zijn eentje verzetten tegen de klimaatverandering, oplossingen vinden voor de digitale toekomst of een krachtige stem hebben in de immer luidere kakofonie in de wereld.

“Maar gezamenlijk kan de Europese Unie dat. We kunnen dat omdat we de grootste interne markt van de wereld hebben. We kunnen dat omdat we de belangrijkste handelspartner zijn voor tachtig landen. We kunnen dat omdat we een Unie zijn van levendige democratieën. We kunnen dat omdat onze mensen vastbesloten zijn om Europese belangen en waarden op het wereldtoneel te promoten. (…) Dit alles geeft ons een hernieuwd gevoel van een gemeenschappelijk doel.”

Gespeeld of niet: de somberheid lijkt langzaamaan plaats te maken voor optimisme en een nieuwe assertiviteit. Het zal wel moeten.

Lees ook:

Een afscheidsbrief aan de Britten

Na jaren van mitsen en maren is het zover: het Verenigd Koninkrijk verlaat de Europese Unie. Onze correspondent Christoph Schmidt kroop in de huid van de 27 landen die achterblijven en schreef een afscheidsbrief aan de Britten.

‘Vanaf vandaag zijn we geen remainers meer, maar returners’

Trouw nodigde schrijver Julian Barnes uit om op deze bijzondere dag een afscheidsbrief te schrijven aan Europa. Dat deed hij graag. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden