MegastadShanghai

Niks te makken? In Shanghai zwemmen ze in het geld

null Beeld

Het is wasdag in mijn buurtje. Over het pad wapperen rode beha’s naast witte onderhemden en boxers van ‘Clavin Keiln’ aan waslijnen tussen de wirwar van elektriciteitsdraden. Een man in een grijzige pyjamabroek opgetrokken tot net onder zijn borst, hangt er met een lange stok nog wat vaatdoekjes bij. Zo doen we dat in de lilong.

Peking heeft zijn hutongs, in Shanghai hebben we lilongs. Dit met hoge hekken omsloten wijkje van geschakelde huisjes in traditionele bouwstijl is gebouwd in 1927. Yu Gu dorp – de naam suggereert dat hier wijze, bescheiden mensen wonen.

Ik wilde altijd al eens in zo’n gezellig volkswijkje wonen. Overal staan de deuren open. De gebochelde buurvrouw giet kookwater uit haar ijzeren, gedeukte pan in de goot. Haar man bewondert de potplanten voor zijn deur en aan de andere kant veegt buurman kapper in zijn minisalon de haren bij elkaar. Voor mijn deur staat een zelf getimmerd krukje waar klanten zitten te wachten op hun beurt.

Ze hebben niets te makken, deze lui. Als ik ’s avonds thuiskom, slalom ik tussen de auto’s door die onder de waslijn en naast de potplanten geparkeerd staan. Maar hé, is dat een Jaguar? En dat een Audi?

Hoe ze aan dat geld komen?

Denken dat deze mensen geen geld hebben, is een veelgemaakte fout. Wie voor het eerst in Shanghai komt, vraagt zich af waar toch al die dure auto’s vandaan komen. Waar verdient iedereen dat geld voor dure bijlessen? En wie ­betaalt er in hemelsnaam een tientje voor een Heineken-biertje?

Dat biertje is vooral voor de jonge mensen, die in de lilong rondlopen met een (echt!) YSL- of Chanel-tasje. Maar de ouderen in mijn wijkje zijn ook allesbehalve arm. Hoe ze aan al dat geld komen, is niet altijd duidelijk. Sommigen waren slim genoeg om hun huisje te kopen toen dat in de jaren negentig mocht. Velen verhuren het nu.

Beleggingen leverden lange tijd ook aardig wat op. Pielen op de aandelenbeurs is een favoriet tijdverdrijf. Als je dan geen ­biertjes in een nachtclub drinkt, en je eet gewoon Chinese pot, dan valt het met die uitgaven erg mee. Ouderen die honger en onzekerheid hebben gekend, potten hun kapitaal op, of besteden het aan de toekomst van hun kinderen.

De obsessie met financiën is diepgeworteld in Shanghai. “Alles draait hier om geld”, verzuchtte een oud-correspondent ooit op mijn vraag waarom hij wegging. Het was hem tegen gaan staan.

Een leuke investering

De Franse journalist Albert Londres signaleerde de obsessie met geld honderd jaar geleden al. “Er zijn steden waar ze kanonnen maken, in andere maken ze ­stoffen of ham. In Shanghai maakt men geld. Daar begint en eindigt alles mee.” Het onderscheidt deze stad van andere ­grote Chinese steden. De inwoners van Peking besteden hun geld aan uiterlijk vertoon, die in Guangzhou besteden meer aan eten, maar de Shanghainezen ­maken vooral geld – en investeren het.

Van binnen vallen de huisjes van ellende uit elkaar, al herinneren de prachtige lambrisering en het hardhouten trappenhuis in de gang achter mijn studiootje aan betere tijden. Een steeg verderop staat een casco verdieping van 30 vierkante meter te koop voor 2,4 miljoen yuan, 340.000 euro. Dat kan ook een leuke investering zijn.

Lees ook:

Shanghai, het kloppend economisch hart van China? Nu even niet

Het is stil in Shanghai, niet alleen vanwege Nieuwjaar maar vooral vanwege het coronavirus. De volksgezondheid gaat voorlopig boven de economische bedrijvigheid.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden