Wachtijsten

Nijpend woningtekort wordt Zweedse premier Löfven fataal

Jongeren op een terras in de Zweedse stad Stockholm. Vooral in Zweedse steden is voor mensen met een laag of gemiddeld inkomen heel lastig om een betaalbare woning te vinden. Beeld Reuters
Jongeren op een terras in de Zweedse stad Stockholm. Vooral in Zweedse steden is voor mensen met een laag of gemiddeld inkomen heel lastig om een betaalbare woning te vinden.Beeld Reuters

De sociaaldemocratische Zweedse premier Löfven struikelt over een plan voor marktconforme huurprijzen. Het is in Zweden heel lastig een betaalbaar huurhuis te vinden.

Terwijl het ondenkbaar leek dat het Zweedse kabinet over de huizenkwestie zou vallen, gebeurde het toch. Want de woningmarkt in Zweden is een ramp. Iedereen weet er hoe onmogelijk het is een (huur)woning te vinden als je nieuwkomer bent, geen vast contract hebt of rondkomt van een gemiddeld of minder dan gemiddeld inkomen.

Het verhaal van Brenda Brouns (30) is er dan ook een van velen. Brouns is zelfstandig violist en huurde in Göteborg in de vrije sector. Jarenlang woonde ze in een vakantiehuisje waar ze elke zomer uit moest om tijdelijk plaats te maken voor de eigenaars. Tot de maat vol was.

“Ik en mijn vriend, een IT-er met een vast contract, zijn op zoek gegaan naar een huurhuis voor ons beide. We stonden niet hoog genoeg op de wachtlijst voor een publieke huurwoning, dus we moesten onze toevlucht nemen tot de particuliere sector. We konden niets vinden, kregen vaak niet eens antwoord op berichten. De vraag is zo groot dat verhuurders allerlei eisen kunnen stellen: alleen vrouwen, veganisten, geen huisdieren, alleen mensen met een vaste baan.”

Wachtlijsten voor förstahands huurcontracten

Een rap groeiende bevolking in combinatie met de privatisering van de huizenmarkt, heeft in Zweden geleid tot een nijpend woningtekort, vooral in de stedelijke gebieden. Wachtlijsten voor förstahands of ‘eerstehands’ huurcontracten van gemeentelijke of door de staat gereguleerde verhuurbedrijven overschrijden geregeld de tien jaar.

Dit betekent dat veel mensen, en dan vooral nieuwkomers, een beroep moeten doen op een andrahands of ‘tweedehands’ contract van particuliere eigenaars. Maar ook daar is de druk hoog. In theorie zijn er regels die bepalen hoeveel particuliere verhuurders mogen vragen, maar in de praktijk durven weinig huurders hun exorbitant hoge huren te betwisten.

“Tot de jaren negentig was de staat nauw betrokken bij het huisvestingsvraagstuk”, vertelt Martin Grander van de Malmö Universiteit, een onderzoeker die zich buigt over de Zweedse huisvestingsproblematiek. “Maar toen kortstondig rechts aan de macht kwam, werden in hoog tempo marktgeoriënteerde hervormingen doorgevoerd.” Staatssubsidies voor publieke huisvestingsbedrijven werden eerst verlaagd, vervolgens verdwenen ze helemaal. En ondanks dat de sociaaldemocraten na een paar jaar alweer in het zadel zaten, hield deze trend aan. “Het discours was veranderd. Huisvesting werd nu gezien als een kwestie voor de markt.”

Afhankelijk van de lokale politieke kleur of er wordt gebouwd

Ongeveer de helft van de huurwoningen in Zweden is in handen van gemeentelijke huisvestingsbedrijven. Deze overheidsbedrijven zijn genoodzaakt hun maatschappelijke verantwoordelijkheid te combineren met een winstoogmerk. De bouwkosten in Zweden behoren ondertussen tot de hoogste van Europa. Dit heeft tot gevolg dat als er al wordt gebouwd, dit vaak gebeurt voor de meer welvarende kopers en huurders.

Grander: “Het is aan de gemeenten om voldoende woonruimte te verschaffen, maar de regelgeving hieromtrent is vaag. Er bestaat geen wet die zegt: zo en zoveel woningen moeten beschikbaar zijn voor minderbedeelde huishoudens.” Het is dus afhankelijk van de lokale politieke kleur of en voor wie er wordt gebouwd.

Zweden kent geen sociale huur. Het idee is dat publieke — en betaalbare — huisvesting universeel moet zijn en niet inkomensafhankelijk. Dat principe, vindt Grander, is in theorie goed. Het voorkomt stigmatisering. “Maar die enorm lange rijen voor een huurcontract, raken vooral immigranten en jonge mensen — de woningzoekenden die niet de kans hebben gehad tien of twintig jaar op een wachtlijst te staan.” Er bestaat een vorm van huurtoeslag voor de huishoudens met lagere inkomens, maar die is volgens Grander allang niet meer up-to-date. Levenskosten zijn veel harder omhooggeschoten dan de toelage.

De Zweedse premier Stefan Lofven kondigt zijn ontslag aan tijdens een persconferentie maandag in Stockholm. Beeld EPA
De Zweedse premier Stefan Lofven kondigt zijn ontslag aan tijdens een persconferentie maandag in Stockholm.Beeld EPA

Zonder fors startkapitaal en salaris is kopen onmogelijk

Intussen is de prijs voor (losstaande) koophuizen op jaarbasis met maar liefst 20 procent gestegen, volgens het laatste rapport van de Zweedse vastgoedanalisten Svensk Mäklarstatistik. Prijzen voor appartementen liggen gemiddeld 13 procent hoger dan een jaar geleden. Zonder een fors startkapitaal en een goed salaris lijkt daarom ook het kopen van een woning inmiddels een onmogelijke exercitie.

Tegelijkertijd genieten huiseigenaren een reeks aan belastingvoordelen, zoals de hypotheekrenteaftrek en sinds 2008 ook de afschaffing van de vermogensbelasting. Naar schatting is het zo’n 300 euro per maand goedkoper om in een koophuis te wonen dan in een huurwoning — alleen moet je wel vermogend zijn om huiseigenaar te worden.

Uiteindelijk hebben Brenda Brouns en haar vriend iets gekocht, maar dat lukte enkel omdat Brouns partner 22 procent van de koopprijs in kon leggen. Alleen, zonder spaargeld en vast contract, had ze geen schijn van kans gehad. “Ik weet niet hoe het afgelopen was als hij niks had kunnen kopen.”

Kabinet gevallen

De Zweedse premier Stefan Löfven overleefde het verval van de sociaaldemocratie in Europa, de opkomst van extreemrechts en de slopende coronapandemie, maar vorige week maandag struikelde hij dan toch bij een historische motie van wantrouwen in het Zweedse parlement. Hij is de eerste premier in Zweden die middels zo’n motie is weggestemd. Deze week kondigde hij zijn aftreden aan.

Uiteindelijk was het een plan voor marktconforme huurprijzen die hem en zijn kabinet ten val brachten. Huurprijzen worden tot op heden vastgesteld door collectieve onderhandelingen tussen verhuurders en een huurdersorganisatie.

De Linkse Partij, een gedoogpartner van de minderheidsregering, weigerde mee te gaan in de afschaffing van het huurplafond. Uiteindelijk stemde een kamermeerderheid van centrumrechtse oppositiepartijen en de Linkse Partij voor de motie.

Het aftreden van Löfven leidt tot een reeks gesprekken tussen de voorzitter van het parlement en de leiders van de verschillende partijen. Die gespreksrondes zouden moeten resulteren in een regering die op de steun kan rekenen van een parlementaire meerderheid.

Lees ook:

Premier van Zweden struikelt over het afschaffen van het huurplafond

De Zweedse regering is ten val gebracht door een keur aan partijen die de hervormingen van de huizenmarkt niet steunden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden