ReportageLibanon

Negen van de tien Syrische vluchtelingen leeft in Libanon in extreme armoede. ‘Mijn grootste angst is de toekomst’

Dochters Farah en Maya zijn al zes jaar niet naar school geweest. ‘Ik wil graag in de verpleging werken, contact hebben met anderen.’ Beeld René Clement
Dochters Farah en Maya zijn al zes jaar niet naar school geweest. ‘Ik wil graag in de verpleging werken, contact hebben met anderen.’Beeld René Clement

Libanon verkeert in economische crisis, driekwart van de bevolking leeft onder de armoedegrens. Voor de anderhalf miljoen Syrische vluchtelingen is de situatie uitzichtloos.

Joost Scheffers

Het idyllische landschap van de Bekaavallei wordt op veel plaatsen verstoord door de nasleep van de Syrische burgeroorlog. Zo staan op een stukje niemandsland in Barelias op zo’n vijftien kilometer van de grens met Syrië ongeveer twintig hutten en tenten, de ene nog krakkemikkiger dan de andere.

Er staan nauwelijks bomen en alleen de frisse wind uit de bergen zorgt voor wat verkoeling. Gras heeft na tien jaar bewoning door Syrische vluchtelingen op veel plekken plaatsgemaakt voor grind. Al acht jaar bivakkeert een Syrisch gezin met twee dochters in zo’n krakkemikkige hut; in de hoek poogt een vaas met oude plastic bloemen hun leefsituatie een beetje kleur geven.

‘We hebben geluk dat hij aardig is’

Overal in Libanon zijn dit soort kleine kampen te zien, die veelal zijn gebouwd met allerlei materiaal dat de vluchtelingen van boeren in de buurt kregen. In het begin van de oorlog in Syrië, nu tien jaar geleden, hadden zij nog weinig tegen de Syrische vluchtelingen die ze vaak in dienst namen als goedkope arbeidskracht.

Inmiddels is het werkaanbod door de diepe economische crisis waarin Libanon verzeild is geraakt, flink gedaald. “Vroeger kon ik nog werken en konden we ons meer veroorloven”, vertelt vader Adam, terwijl hij naar de televisie in de hoek wijst. Sinds hij rugklachten heeft, beweegt hij moeizaam en moet het gezin van veel minder geld rondkomen. Daar kwamen de coronacrisis en een lockdown in Libanon nog overheen.

Vluchtelingen in Libanon huren de grond waarop hun onderkomen gebouwd is.  Beeld René  Clement
Vluchtelingen in Libanon huren de grond waarop hun onderkomen gebouwd is.Beeld René Clement

Maandelijks betalen ze huur voor de grond aan de eigenaar van het land, die zijn terrein verhuurt aan de vluchtelingen. De afgelopen jaren is die huur tegelijk met de enorm stijgende prijzen – voedsel is 400 procent duurder geworden – omhoog geschoten. “We hebben geluk gehad dat de eigenaar van de grond aardig is, want we lopen een jaar achter met de huur.”

Afhankelijk van hulporganisaties

Deze vluchtelingen horen niet bij de rijkere groepen uit Syrië, die eerder wel de financiële mogelijkheden hadden om de oversteek naar Europa te maken. Volgens de Verenigde Naties leven negen van de tien Syrische vluchtelingen in Libanon in extreme armoede. Vóór de economische crisis en de pandemie was dit nog 55 procent.

Vrijwel alle vluchtelingen zijn afhankelijk van hulporganisaties, die met toestemming van de UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de VN, toegang krijgen tot de vluchtelingenkampen in Libanon. Ook Salma en Adam verblijven met hun kinderen in zo’n kamp, dat onder andere financiële hulp van Save the Children krijgt.

null Beeld Trouw
Beeld Trouw

Buiten deze ‘officiële kampen’ is het lastiger voor organisaties om de vluchtelingen te bereiken. Meer dan 80 procent van de vluchtelingen in Libanon is niet geregistreerd bij de VN, omdat Libanon dat sinds 2015 niet meer toestaat. Op die manier is het voor de hulporganisaties ingewikkeld iedereen in kaart te brengen.

Bang om te dromen

Dochters Maya (20) en Farah (15) zitten er tijdens het gesprek gelaten bij, hun vader voert het woord. Al zes jaar zijn ze niet naar school geweest. Die is ver weg en het vervoer erheen is te duur geworden voor de familie. Voor de crisis ging 58 procent van de Syrische vluchtelingenkinderen al niet naar school, nu is dat aantal alleen maar toegenomen. Contact met leeftijdsgenoten hebben Maya en Farah niet.

“Ik ben bang om toekomstdromen te hebben”, zegt Farah. “Wat als morgen alles weg is? Ik probeer alles zo rationeel mogelijk te benaderen.” Haar zus Maya heeft geluk gehad dat ze via een hulporganisatie wat cursussen kon volgen. “Ik wil graag in de verpleging werken, contact hebben met anderen. Dat was altijd mijn droom en die is sinds de oorlog alleen maar sterker geworden.”

Tijdens het interview zit moeder Salma onophoudelijk te snikken. Haar dochters en man kijken niet op van het tafereel, alsof ze aan de tranen gewend zijn. Contact met anderen op het terrein heeft Salma nauwelijks, ze komt maar zelden buiten de tent. Het is tekenend voor de situatie in de vele vluchtelingenkampen: bewoners vertrouwen elkaar niet, uit angst voor wat er mogelijk wordt doorgegeven aan het Syrische regime.

Een eigen huis, een veilige plek

Een terugkeer naar hun thuisland Syrië nu de burgeroorlog ten einde lijkt en president Assad aan de macht blijft, is onbespreekbaar. De medewerker van Save the Children fluistert dat vluchtelingen die nog familie in Syrië hebben, niets kunnen loslaten. Human Rights Watch bracht vorige maand een rapport uit over de folteringen door Syrische veiligheidsdiensten waar vluchtelingen mee te maken krijgen als ze terugkeren. Zelfs na het ondertekenen van ‘verzoeningsdocumenten’ worden teruggekeerde vluchtelingen niet met rust gelaten.

Hoop op een betere toekomst hebben Salma en Adam voor zichzelf al opgegeven. “Mijn grootste angst is de toekomst”, zegt Adam. De enige hoop die nog rest, is een betere toekomst voor hun dochters. “Mijn gemiste schooljaren wil ik heel graag inhalen”, vertelt Maya. “En een eigen huis hebben, op een veilige plek.”

De namen van Salma, Adam, Maya en Farah zijn op verzoek van Save the Children uit veiligheidsoverwegingen gefingeerd.

Lees ook:

Human Rights Watch: Syrische vluchtelingen lopen groot gevaar na terugkeer

Terugkeren naar Syrië is zeer riskant voor vluchtelingen. Dat schrijft Human Rights Watch na gesprekken met Syriërs die dat besluit namen.

Ziekenhuizen functioneren nauwelijks meer in Beiroet. ‘Moge God je beschermen, is het enige wat ik de mensen kan geven’

Met slechts een paar uur stroom per dag en het ontbreken van steeds meer medicijnen, wordt de Libanese crisis uitvergroot in de ziekenhuizen. ‘We schrijven medicijnen voor en horen later dat patiënten ze niet kunnen vinden.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden