Europees Commissaris Johannes Hahn: “We moeten wel degelijk haast maken”

InterviewEurocommissaris Johannes Hahn

‘Nederland heeft net zo goed profijt van EU-coronafonds’

Europees Commissaris Johannes Hahn: “We moeten wel degelijk haast maken”Beeld REUTERS

Bij alle zuinigheid die het Nederlandse debat over het beoogde EU-coronafonds domineert, vergeet Nederland dat zijn netto-bijdrage aan de EU volgend jaar omlaag gaat, juist dankzij dit fonds. Dat onderstreept Eurocommissaris Johannes Hahn (begrotingszaken) vandaag in een exclusief interview met Trouw, aan de vooravond van de extra Europese top over de begroting. 

De spanning stijgt aan de vooravond van de Europese megatop over de meerjarenbegroting (2021-2027) en het inderhaast aangehechte coronaherstelfonds, samen een slordige 1824 miljard euro. De regeringsleiders komen morgenochtend samen in Brussel, voor hun eerste fysieke bijeenkomst sinds februari. Wanneer ze weer naar huis mogen, is voor iedereen een vraag.

Veel landen zitten nog in hun loopgraven. Somberheid overheerst. Eurocommissaris Hahn hoopt dat Nederland afdaalt van zijn zuinige stellingen.

De Oostenrijkse Eurocommissaris Johannes Hahn wijst Den Haag op positieve effecten van het herstelfonds van 750 miljard. “Het is de bedoeling dat alle lidstaten ervan profiteren, de ene wat meer dan de andere. Uiteindelijk zal de Nederlandse netto-bijdrage in 2021 lager zijn dan in 2020.”

In het commissievoorstel van 27 mei, dat nog steeds grotendeels op tafel ligt, wordt Nederland inderdaad bedeeld met 6,8 miljard euro aan subsidies, verspreid over twee à drie jaar. Daarna is dat positieve effect op de bijdrage uitgewerkt. Het voorgestelde corona-herstelfonds bestaat voor 250 miljard uit leningen en 500 miljard uit subsidies. Nederland was aanvankelijk sterk gekant tegen die ‘giften’, maar lijkt die weerstand op te geven. Aan de subsidies zijn strenge voorwaarden verbonden.

Hahn zet vraagtekens bij eerdere opmerkingen van premier Rutte, dat er geen reden is tot haast. “Er is wel degelijk tijdsdruk”, zegt de Oostenrijker. “Vergeleken met de vorige cyclus lopen we zeven of acht maanden achter. Het is ook psychologisch: als mensen zien dat de EU knopen kan doorhakken en die financiële steun beschikbaar is, zijn ze eerder bereid om weer geld uit te geven dan in het geval dat de toekomst onzeker en onvoorspelbaar is.”

Premier Rutte, aanvoerder-tegen-wil-en-dank van de ‘zuinige vier’ (Denemarken, Nederland, Oostenrijk en Zweden) is ‘niet hoopvol’, zei hij dinsdag. Ook voor de Oostenrijkse Eurocommissaris Johannes Hahn (begrotingszaken) wordt het nagelbijten, het hele weekeinde vermoedelijk.

Hoe hoog schat u de kans op een akkoord?

“Ik heb ooit voor een wedkantoor gewerkt, en zelfs toen heb ik nooit gewed. Het is niet te voorspellen. Maar er is een algemeen begrip dat een beslissing noodzakelijk is. Het is ook wel goed dat de top gepland is op vrijdag en zaterdag, dat geeft een uitloopmogelijkheid. Wat ook meetelt, als persoonlijke component, is dat veel mensen die hier dagelijks mee bezig zijn er echt wel een beetje klaar mee zijn.”

Als basis voor de top dient de ‘onderhandelingsbox’ die ‘EU-president’ Charles Michel vorige week vrijdag presenteerde. Het is een kleine aanpassing van het grote pakket voorstellen dat de Europese Commissie op 27 mei openbaarde.

Wat vindt u van Michels voorstel?

“Het is evenwichtiger dan de eerdere versie van februari, ook als je kijkt naar de reacties. Natuurlijk betreuren wij het dat er wordt bezuinigd op sommige posten, vooral als het om modern beleid gaat, zoals innovatie en buitenlandbeleid. Het is ironisch dat degenen die voor bezuinigingen pleiten juist ook voor modernisering pleiten (waaronder Nederland, red.).”

Hoe komt dat toch, dat het zo moeilijk is te snijden in de traditionele uitgaven, zoals landbouw en structuurfondsen voor de armere regio’s, het zogeheten cohesiebeleid?

“Het is een bekend patroon, ik zag het ook gebeuren bij de vorige onderhandelingen, zeven jaar geleden. De reflex bij lidstaten is om het traditionele beleid te ondersteunen, omdat ze daar precies kunnen zien wat ze eruit terugkrijgen.

“Bij die andere, modernere onderdelen neemt de Europese Commissie pas later beslissingen over projecten, op basis van kwaliteit. Bij een roep om bezuinigingen is de neiging om die daar te leggen waar je vooraf niet kunt berekenen wat je ervoor terugkrijgt.

“Verder heeft er wel degelijk modernisering plaatsgevonden in dat traditionele landbouw- en cohesiebeleid. Vroeger hoorde je veel verhalen over vliegvelden en andere infrastructuur die met EU-geld waren aangelegd en die eigenlijk niemand gebruikte. Die verhalen hoor je al heel lang niet meer. De voorwaarden zijn strenger.

“Ook in Nederland worden veel structuurfondsen gebruikt voor onder meer innovatie-initiatieven of ondersteuning van universiteitsonderzoek. Als je het aan Nederlandse regionale politici of stadsbestuurders vraagt, zijn ze warm voorstander van het cohesiebeleid. De afgelopen jaren zijn er bovendien nieuwe thema’s bijgekomen, zoals migratie, investeringen in Innovatie en Onderzoek, en strategische autonomie. Dat heeft allemaal wel een prijs.

“Ook het landbouwbeleid wordt aangepast aan nieuwe behoeften. Landbouw is immers cruciaal bij het halen van de klimaatdoelen van Parijs.”

“Niemand weet of er een tweede coronagolf komt of niet. We moeten ons financieel voorbereiden om de huidige crisis aan te pakken. Het is een illusie om te geloven dat de economie alweer aan het herstellen is."Beeld REUTERS

De algemene kritiek op het cohesiebeleid is dat het is bedoeld om de verschillen tussen arm en rijk te overbruggen. Maar als die steun na dertig, veertig jaar nog steeds nodig is, bewijst toch dat het beleid niet werkt?

“Ik kan ook andersom redeneren. Als we tijdens de eurocrisis geen cohesiebeleid hadden gehad, zou de kloof tussen rijke en arme regio’s veel groter zijn geworden. In een crisis zijn de sterkste landen altijd beter af, en de zwakke worden nog zwakker. Cohesiebeleid heeft dit effect verzacht.”

Hetzelfde argument hoor je nu over het corona-herstelfonds.

“Inderdaad. Dit herstelfonds gaat niet om het dichten van gaten in de begroting. Het gaat om investeringen. We moeten moderniseren en de veerkracht van alle lidstaten vergroten, ter voorbereiding op een volgende crisis. Je ziet nu ook een beweging in de minder sterke landen om hun situatie te verbeteren.

“Italië heeft al heel lang jaarlijks een primair begrotingsoverschot (exclusief schuldverplichtingen, red.). Maar dat is nog niet groot genoeg om de schuldenberg te verkleinen. Daarom is het nodig die economie nog meer te stimuleren en concurrerender te maken. Dat maakt Italië aantrekkelijker voor investeerders en ook voor het Nederlandse bedrijfsleven.”

De belangrijkste Nederlandse inzet voor de onderhandelingen is nog steeds om de EU-afdracht niet te laten stijgen. Den Haag wil geen extra financiële schade ondervinden van de brexit. Is dat realistisch?

“Bij de brexit is de benadering altijd geweest dat we de wegvallende Britse bijdrage (netto ongeveer 10 miljard euro per jaar, red.) als volgt compenseren in de begroting: de helft moeten we bezuinigen, de andere helft moet worden opgebracht door de andere lidstaten. We hebben nu eenmaal kosten die gelijk blijven of zelfs stijgen, met of zonder Britten. Denk aan migratiebeleid en bewaking van de buitengrenzen.

“Overigens, als het coronaherstelfonds wordt goedgekeurd, zal de netto-bijdrage van Nederland volgend jaar juist lager zijn dan in 2020. Nederland krijgt immers ook een eerlijk aandeel uit het herstelfonds, in de vorm van subsidies (in het commissievoorstel van 27 mei gaat het om 6,8 miljard euro, over 2 à 3 jaar, red.).

“Het is de bedoeling dat alle lidstaten profiteren van het fonds, de ene wat meer dan de andere. Uiteindelijk zal de Nederlandse netto-bijdrage in 2021 dus lager zijn dan in 2020.”

Op die verdeelsleutel over de landen was de nodige kritiek. Landen als Polen en de Baltische staten zouden onevenredig veel krijgen. Andere landen zijn veel zwaarder getroffen door de pandemie.

“Het viel op dat werkelijk iedereen kritisch was. Dus hadden we kennelijk een goede middenweg gevonden. Bij dit fonds gaat het niet alleen om herstel, maar ook om veerkracht. Hoe sterk is de startpositie van een land?

“Daarom hebben we ook gekeken naar onder meer de werkloosheidscijfers van de laatste vijf jaar. In het aangepaste voorstel van Charles Michel wordt 30 procent van het fonds over een paar jaar langs een andere meetlat gelegd. Dan tellen de directe effecten van de coronacrisis zwaarder. Dat lijkt me een goed compromis.”

Na de Europese top van juni zei bijna iedereen dat er snel een akkoord moest komen, op één na: Mark Rutte. Volgens hem is er geen haast en zou het geen ramp zijn als er deze zomer geen overeenkomst ligt. Wat vindt u daarvan?

“Rutte is een ervaren onderhandelaar. Daarom begrijp ik deze benadering. Maar objectief gezien is er wel degelijk tijdsdruk. Op de komende top gaat het alleen nog maar om het onderhandelingsmandaat van de Raad, hè? Het Europees Parlement heeft zijn positie al ingenomen in de herfst van 2018. We wachten nog steeds op de Raad (waarin de lidstaten zijn verenigd, red.). Vergeleken met vorige zevenjaarscyclus lopen we nu zeven of acht maanden achter.”

Het argument van Rutte is dat geen enkel land op dit moment in financiële nood zit. Ze kunnen allemaal nog goedkoop lenen op de financiële markten, en het pakket van 540 miljard dat in april door de eurogroep is neergelegd, is nog onaangeroerd.

“Niemand weet of er een tweede coronagolf komt of niet. We moeten ons financieel voorbereiden om de huidige crisis aan te pakken. Het is een illusie om te geloven dat de economie alweer aan het herstellen is. In juni was er meer optimisme dan nu, in juli. Je ziet nu toch dat burgers terughoudend zijn met consumeren. Dat houdt ook de investeringen tegen: een negatieve spiraal. Daarom is het zo belangrijk om nu een beslissing te nemen.

“Het is ook psychologisch: mensen zien dat de EU knopen kan doorhakken, ze zien dat er financiële steun beschikbaar is. Ze zullen denken: We zijn beschermd. Als mensen zich beschermd voelen, zijn ze meer bereid om geld uit te geven dan in het geval dat de toekomst onzeker en onvoorspelbaar is.”

In het voorstel van Charles Michel krijgen de lidstaten meer te zeggen over de uitvoering van het herstelfonds, inclusief beslissingen over de voorwaardelijke uitbetalingen aan landen. Nederland wil zelfs unanimiteit, ofwel vetorecht. Dat klinkt als een motie van wantrouwen tegenover de Europese Commissie.

“Dat veto-voorstel gaat niet vliegen. Voor andere lidstaten is dat uitgesloten. Ik had nog wat andere lidstaten aan de telefoon vandaag. Zij beschouwen de commissie wel degelijk als een eerlijke scheidsrechter. Dat is ook onze rol.

“We moeten de scheiding der machten respecteren. Het parlement en de raad zijn de wetgevende machten, de uitvoerende macht ligt bij de Europese Commissie.”

Als je het Nederlandse politieke debat volgt, lijkt het gevoel te overheersen dat het EU-fonds een instrument is om Nederlands belastinggeld naar het zuiden te sturen, waar het kennelijk ergens in een zwart gat verdwijnt.

“In Europa hebben we het niet alleen vaak over solidariteit, maar ook over gelijke behandeling. Ik weet dat veel landen als tegenargument zeggen dat het belastingregime in Nederland juist hun geld absorbeert. Ik waarschuw altijd dat we die discussies niet met elkaar moeten vermengen. Dat fiscale thema moet apart worden behandeld.

“Maar wat ik vaak vraag van Nederlanders, maar ook van Denen en van mijn eigen landgenoten, is om dat herstelfonds te zien als een noodzakelijke investering. Nederland, als middelgroot EU-land, profiteert meer van de interne EU-markt dan de grote landen. Dus ik zou willen oproepen om naar het bos te kijken en niet naar de individuele bomen.”

In de internationale pers speelde Rutte de afgelopen weken een hoofdrol, als een soort boeman van Europa. Uw eigen land- en partijgenoot, bondskanselier Sebastian Kurz, is echter minstens zo zuinig, maar treedt minder op de voorgrond. Hoe ziet u zijn rol?

“De binnenlandse situatie in Oostenrijk is anders dan in Nederland. Kurz zit in een coalitie met de Groenen. Er zijn drie oppositiepartijen waarvan er twee pro-EU zijn. Dus kan hij vertrouwen op een meerderheid in het parlement om meer open te staan voor een toegeeflijk compromis dan het geval is in de Nederlandse situatie.”

Zal Oostenrijk misschien de club van de ‘zuinige vier’ verlaten?

“Dat gezelschap is er gekomen als reactie op de veronderstelde Frans-Duitse dominantie. Dus als die veronderstelde dominantie er niet blijkt te zijn, zou dat ook dit collectief beïnvloeden. Maar dit samenwerkingsverband is er niet alleen voor deze begrotingsonderhandelingen. Het is ook iets voor de toekomst, als samenwerking van gelijkgezinde landen bij verschillende politieke onderwerpen. Het is vergelijkbaar met de Visegrad-4 (Hongarije, Polen, Slowakije, Tsjechië). Die zitten ook niet altijd op dezelfde lijn.”

Lees ook:
Nieuw EU-begrotingsvoorstel Charles Michel, zijn de ‘zuinige vier’ tevreden?

‘EU-president’ Charles Michel schaaft iets af van de meerjarenbegroting, maar het corona-herstelfonds blijft op 750 miljard staan. Nieuw is een brexit-reservefonds van 5 miljard euro.

Rutte: Haastige spoed is zelden goed

Waar de meeste EU-leiders deze maand een akkoord over de begroting en het coronaherstelfonds willen, trekt de VVD-premier die urgentie laconiek in twijfel. ‘We richten ons liever op de inhoud.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden