Evacuatie uit Voltsjansk in Oekraïne.

ReportageOekraïne

Na de Russische nachtmerrie komen in Voltsjansk de trauma’s naar boven

Evacuatie uit Voltsjansk in Oekraïne.Beeld Michiel Driebergen

Na de bevrijding van de regio Charkov komen de verhalen los. In Voltsjansk, nabij de Russische grens, was bijna niets te eten en overheerste de angst te worden opgepakt. ‘Het ergste was dat we geen rechten meer hadden.’

Michiel Driebergen

De bruggen over de Oskil-rivier zijn verwoest. Dus duurt de tocht van Charkov naar Voltsjansk – hemelsbreed zestig kilometer – ruim vier uur. Het geel-groene gebladerte langs de hobbelige binnenwegen vormt een kleurrijk herfstpalet met het roestbruin van gesneuveld oorlogstuig; restanten van tanks en pantserwagens die ogen als platgeslagen insecten. In de verte klinken ontploffingen. “De Russen renden als hazen de grens over. Nu beschieten ze ons vanuit hun eigen land.”

Onderweg is de oorlogsschade groot. De evacuatie-bus passeert de ruïne van een postkantoor, het karkas van een villa en ergens halverwege de route steekt de huls van een mortiergranaat uit de grond – een huls die er gisteren nog niet was, weet de chauffeur. Voltsjansk, een 15.000 inwoners tellend dorp op vijf kilometer van de Russische grens, ligt er ongerept bij. Het schieten is pas net begonnen, legt Nadja Brazjnik (58) uit. Zij is de eerste bewoonster bij wie de chauffeur halt houdt. “De grens is dichtbij, dus zijn de Russen nog steeds in de buurt”, zegt ze. “We leven in angst.”

De personenbus wordt gereden door volunteri uit Charkov. Deze burgeractivisten leveren dagelijks humanitaire hulp af in de gebieden die het Oekraïense leger twee weken geleden heroverde. Ook evacueren ze hulpbehoevenden naar de regionale hoofdstad.

Nadja Brazjnik neemt een tas medicijnen in ontvangst. Tijdens de bezetting waren er geen dokters, dus was Voltsjansk zeven maanden lang verstoken van medische hulp. Toen de bewoners op 24 februari, de dag van de invasie, ontwaakten wapperde de Russische vlag al op het gemeentehuis, vertelt de vrouw. Eindeloze colonnes tanks trokken voorbij. “De Russen waren overal. Waar je ook keek: je zag een Rus.”

Martelingen in de generatorfabriek

De bezetters pakten mensen lukraak op, vertelt Nadja Brazjnik, die een stroom woorden wijdt aan de zeven maanden bezetting in Voltsjansk. Ze wordt daarbij aangevuld door twee buurvrouwen en haar dochter. De arrestanten verdwenen in de aggregatna, de plaatselijke generatorfabriek, waar de Russen een gevangenis inrichtten. “Er werd daar gemarteld.”

Een uitje tijdens de avondklok of nalaten je licht thuis te dimmen was al noodlottig. “Ze maakten hun eigen regels. Dat is emotioneel heel zwaar”, aldus Nadja Brazjnik. “De Russen hebben me niet aangeraakt, maar zodra ik hen zag voelde ik walging.”

Nadja Brazjnik uit Voltsjansk. Haar man pleegde tijdens de bezetting zelfmoord.  Beeld Michiel Driebergen
Nadja Brazjnik uit Voltsjansk. Haar man pleegde tijdens de bezetting zelfmoord.Beeld Michiel Driebergen

De angst en het gevoel van hopeloosheid werden haar echtgenoot noodlottig, vervolgt ze: half augustus pleegde hij zelfmoord. Haar man had 35 jaar als vrachtwagenchauffeur gewerkt, nu kon hij nog geen auto besturen — doodsbang als hij was voor de Russen. Roken was zijn liefhebberij, nu er was geen geld voor tabak. “Zo wilde hij niet leven. Hij hing zichzelf op”, zegt Nadja Brazjnik. Haar echtgenoot was de vijfde die zich die week van het leven beroofde, had de politie gezegd. “Als je geen toekomst ziet, dan eindigt je leven”, verklaart de vrouw. Ze plukt een dozijn peren uit haar tuin en geeft die het evacuatie-team mee.

In de volgende straten druppelt de bus snel vol met evacués. Zij willen naar het ziekenhuis voor een behandeling, op zoek naar werk, of gaan richting familie in de grote stad.

Een vrouw heeft dertien kilometer gelopen om vervoer te vinden: vorige week had ze een beschieting meegemaakt, vertelt ze, en ze wil zo snel mogelijk weg van hier. Huilend stapt ze in. Het volgende adres wordt gevonden doordat de chauffeur belt met de wachtende evacués: ze hadden nog maar één procent batterij over, meldt een jongeman opgelucht als hij met zijn moeder en drie grote tassen instapt. In Voltsjansk is geen elektriciteit; ook aan gas en stromend water ontbreekt het.

Geen voedselvoorraad

En er is honger geleden, zo blijkt. Bij het laatste adres stapt een kleine jongen richting de bus. Hij wordt gevolgd door zijn vriend, een kop groter, die hem omhelst en dan snikkend naar huis terug beent. “Als de ramen rammelen in de sponningen en je ziet het gezicht van je kinderen word je bang”, zegt vader Viktor Sosura. Hij tilt twee hondenmanden richting de bus; zijn vrouw draagt een kleuter met zich mee.

Toen de oorlog begon verloor hij zijn werk als timmerman; ook de broodjeszaak van zijn vrouw sloot de deuren. Het geld was op, een voedselvoorraad hadden ze niet, dus moesten ze de buren om eten vragen. De humanitaire hulp van de Russen bestond uit een maal per vijftien dagen een brood, een zak boekweit en een blikje vlees. “Er was een moment dat ik dacht: ik ga op bed liggen om te sterven”, zegt moeder Marina Sosura.

Evacuatie uit Voltsjansk. Beeld Michiel Driebergen
Evacuatie uit Voltsjansk.Beeld Michiel Driebergen

De uren wachten voor de humanitaire hulp waren bedreigend. Een vriendin van Marina Sosura had een tattoo van een zwaluw in haar nek. “Die wil ik de volgende keer niet meer zien”, had een gewapende Rus gedreigd. Een kennis van Viktor Sosura had gerept over okkoepanti, ofwel bezetters: na vijftien dagen aggregatna was hij vrijgelaten. “Wat ze precies met hem deden heb ik niet gevraagd, maar hij was een ander mens geworden.” Twee kennissen van hem verdwenen simpelweg: een grensbeambte keerde nooit terug van een bezoek aan zijn vrouw, en een buurman raakte spoorloos tijdens een ommetje. “Het ergste was dat we geen rechten meer hadden. Je kon niet zeggen: het is verkeerd dat je me meeneemt.”

Op 1 september hadden de bezetters de bewoners gedwongen hun kinderen naar school te sturen, waar Russische onderwijzers kwamen en het Russische schoolprogramma van kracht werd. Als je het niet deed, werden je kinderen je afgenomen, zo luidde het dreigement.

Een ruime week later, op 9 september, waren de Russen plotseling vertrokken. Pas twee dagen later kwam het Oekraïense leger de stad binnengereden. Viktor Sosura had gejuicht, en op zijn vingers gefloten. “Dat moment zal ik nooit vergeten”, straalt hij. Hij gaat in Charkov op zoek naar werk, zegt hij. Een nieuw leven, voor hem en zijn gezin.

Lees ook:

Gevechten bij het tegenoffensief in Oekraïne geven inwoners hoop en vrees

Na de herovering van de regio Charkov trekt het Oekraïense leger op richting de regio Loegansk. Veel bewoners voelen zich bevrijd door het offensief, toch jaagt sommigen de opmars ook angst aan.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden