Informatieoorlog

Moskou houdt slecht nieuws liever onder de pet, maar wie telt dan de Russische doden?

Een vrouw kijkt naar een speech van president Vladimir Poetin op televisie.  Beeld EPA
Een vrouw kijkt naar een speech van president Vladimir Poetin op televisie.Beeld EPA

Het Kremlin doet er alles aan om de informatie over slachtoffers onder Russische soldaten zo veel mogelijk te verdoezelen. Maar ook in Moskou kunnen ze niet alle berichten tegenhouden.

Jarron Kamphorst

Een kleine week hield Moskou het vol om de informatievoorziening over Russische slachtoffers tijdens de invasie van Oekraïne te blokkeren. Daarna bleken er zelfs in het Kremlin niet genoeg vingers om de gaten in de informatiedijk te dichten. Op het internet doken steeds meer beelden op van dode Russische soldaten, uitgebrande tanks en kapotgeschoten raketinstallaties, en dus nam de druk op de leiders in Moskou toe om met een verklaring te komen.

Die kwam afgelopen woensdag, toen defensiewoordvoerder Igor Konasjenkov voor het eerst met een getal kwam over slachtoffers aan Russische zijde, in een oorlog die Moskou nog altijd consequent afdoet als een ‘beperkte militaire operatie’ gericht tegen het ‘nazistische regime’ in het buurland. Tot nog toe zou er sprake zijn van 498 gesneuvelde soldaten en bijna 1600 gewonden. Berichten over ‘ontelbare doden’ deed de zegsman af als desinformatie, en hij benadrukte dat de vijand in Kiev het met 2870 doden en 3700 gewonden een stuk zwaarder te verduren heeft.

Slachtoffers van eerdere conflicten liggen nog vers in het geheugen

Allemaal getallen die met geen mogelijkheid te verifiëren zijn, gezien de situatie op het slagveld én gezien het belang van het Kremlin om het dodental onder de eigen soldaten zo laag mogelijk te houden. Want hoe meer lijkzakken, militaire begrafenissen en doodskisten met Russische vlaggen erop, hoe kleiner de steun in eigen land voor een oorlog waar veel Russen überhaupt niet op zitten te wachten.

Vers in het collectieve geheugen liggen immers nog de duizenden slachtoffers van eerdere militaire conflicten. Zoals tijdens de twee oorlogen in Tsjetsjenië eind jaren negentig en begin jaren 2000, waarbij enkele duizenden Russische soldaten het leven lieten. De oudere generatie herinnert zich ook nog de 15.000 doden die in de jaren tachtig vielen tijdens de Sovjetinvasie van Afghanistan. Beide oorlogen leidden destijds tot grote afschuw en steeds openlijker verzet tegen de conflicten onder de bevolking, mede dankzij berichten die via de media naar buiten kwamen.

Woorden als ‘oorlog’ en ‘invasie’ in de ban

Zo’n scenario wil Moskou nu koste wat kost voorkomen en daarom voert het Kremlin naast een conventionele oorlog in Oekraïne tegelijkertijd een steeds fellere informatieoorlog in eigen land om de berichtgeving onder controle te houden. Daartoe kondigde mediawaakhond Roskomnadzor vorige week al aan dat berichtgeving alleen nog mag plaatsvinden op basis van ‘officiële bronnen’, waardoor woorden als oorlog, invasie en offensief in de ban gingen.

Mediakanalen die zich niet aan het Kremlinjargon houden, riskeren een boete van circa 50.000 euro of sluiting. De Doema, het Russische parlement, werkt bovendien aan een wet die ‘desinformatie’ over de ‘speciale militaire operatie’ strafbaar stelt met een gevangenisstraf tot maximaal vijftien jaar.

Beelden van gedode en gevangengenomen soldaten

Maar zelfs met die draconische maatregelen zit er nog geen waterdichte stop op het informatielek. Met name uit Oekraïne zelf komen er steeds meer berichten over gesneuvelde Russische soldaten en krijgsgevangenen. Zo lanceerde het Oekraïense ministerie van binnenlandse zaken een website waarop het naar eigen zeggen foto’s en video’s plaatst van gevangengenomen en gedode Russische soldaten onder de kop ‘груз 200’, vracht 200, het militaire codewoord dat het Rode Leger ten tijde van de Sovjet-Unie gebruikte voor het transport van stoffelijke overschotten.

Parallel aan de website tuigde het ministerie in Kiev ook een Telegram-kanaal op met de naam isjtsji svoich (vind uw naasten). De berichten in het kanaal van de online chatdienst bestaan uit een eindeloze hoeveelheid beelden van veronderstelde Russische soldaten die al dan niet gewond vertellen wie ze zijn, in welke legereenheid ze dienen en waar en wanneer ze gevangen werden genomen. Daarnaast verschijnen er dagelijks tientallen foto’s van militairen die volgens de beheerders van het kanaal werden gedood door de Oekraïense strijdkrachten.

Een Oekraïner in Bangkok reageert woedend op Russische berichtgeving op televisie.  Beeld REUTERS
Een Oekraïner in Bangkok reageert woedend op Russische berichtgeving op televisie.Beeld REUTERS

‘Terugsturen? Ze kunnen de pot op’

Een van die beheerders is Viktor Androesiv, een adviseur van het ministerie van binnenlandse zaken in Kiev. Over de telefoon vertelt hij dat met isjtsji svoich een militaire informatiebron gecreëerd is om Russen te informeren over wat zich nu in Oekraïne voltrekt. Androesiv roept Russen op om via de website contact op te nemen voor informatie over het lot van familieleden of vrienden die naar Oekraïne vertrokken om te vechten, mogelijk gedood zijn of als krijgsgevangene vastzitten. Op die manier hopen hij en de regering in Kiev de woede onder de dierbaren van soldaten te wekken en zo de druk op het Kremlin te verhogen en de steun voor de Russische invasie verder te ondermijnen.

Volgens de zegsman hebben al zeker vierduizend familieleden zich gemeld via het contactformulier op de website, en zijn er van de honderden personen in het kanaal al ruim zestig geïdentificeerd. “Dat doen we onder meer aan de hand van informatie op hun telefoons die we vanaf het slagveld ontvangen”, vertelt Androesiv. “Maar we gaan ze zeker niet terugsturen naar Rusland. We worden hier belegerd, dus waarom zouden we? Ze kunnen de pot op.”

Onheilspellende berichten

Hoewel de informatie en aantallen die Androesiv noemt moeilijk te verifiëren zijn, telt het Telegram-kanaal inmiddels wel meer dan 630.000 abonnees. Een van die geabonneerden vernam via het Telegram-kanaal waar haar vriend was. ‘Vanaf 27 februari begon ik vreemde berichten te ontvangen van Oekraïners met foto’s en video’s van mijn vriend’, schrijft ze in een chatwisseling op voorwaarde van anonimiteit voor haar en haar vriend. ‘Het waren zowel ondersteunende woorden als onprettige teksten gericht tegen mij en mijn land.’

In een van die berichten die door deze krant is ingezien, krijgt ze de vraag of ze de krijgsgevangene in kwestie kent. Nadat ze bevestigt, schrijft de afzender: ‘Stuur er nog maar een paar. We hebben veel moestuinen hier. In de lente moet de grond bevrucht worden.’ Niet veel later stuurt hij een al even onheilspellende boodschap na: ‘Ik wilde even zeker weten dat jullie geen moer om elkaar geven. Daarom geven jullie (militairen, red.) zich over als ratten.’

De teksten kwamen hard aan. ‘Ze wilden weten waarom mijn vriend naar Oekraïne was vertrokken en met welk doel: opzettelijk of niet. Ik zei dat ik geen idee had, aangezien ik alleen maar wist dat hij in gevangenschap zat. Een van hen adviseerde me op isjtsji svoich te kijken, waar hij hem had gevonden. Ik was volledig in shock toen ik de beelden zag.’ In de groep staat een foto van de man in kwestie, in legeruniform met een bebloed verband over zijn hoofd en een lap voor zijn oog die erop duidt dat hij een oog kwijt is. Ter verificatie staat ook een foto van zijn paspoort afgebeeld.

‘Ik vertrouw helemaal niemand meer’

Een andere vrouw die op zoek was naar een kennis die naar Oekraïne vertrok om te vechten heeft een soortgelijk verhaal. ‘We kregen foto’s van lijken opgestuurd via sociale netwerken met de opmerking dat hem hetzelfde kon overkomen’, schrijft ook zij op voorwaarde dat haar naam niet in de krant komt. ‘Ik belde 112 omdat ik dacht dat het nep was. Toen ik ophing, hadden ze al een video van hem gestuurd en besefte ik dat ze hem inderdaad te pakken hadden. Later vond ik hem ook op isjtsji svoich. Daar stond dat hij in leven is, maar in gevangenschap. Ik kijk elke dag om informatie over hem te monitoren.’

Gezien de grote hoeveelheid berichten en abonnees van het isjtsji svoich-kanaal, is het moeilijk te geloven dat er tot nog toe inderdaad pas een kleine vijfhonderd Russische soldaten om het leven kwamen tijdens de oorlog die nu al ruim een week aan de gang is, zoals het Kremlin beweert. De Oekraïense president Zelenski stelde vrijdag dan ook dat het om bijna negenduizend manschappen gaat. Al geldt ook hier dat de informatie niet valt te controleren.

Hoe dan ook zal het door de verspreiding van dit soort berichten én geruchten voor het Kremlin steeds moeilijker zijn om de informatiestroom onder controle te houden. En als steeds meer nabestaanden zich uitspreken, neemt vanzelf ook het anti-oorlogssentiment, de druk en het wantrouwen toe. ‘Of ik de Russische regering vertrouw?’, schrijft de vrouw die haar vriend via isjtsji svoich zocht en vond. ‘Ik vertrouw helemaal niemand meer.’

Lees ook:

Poetin lijkt steeds impulsiever te worden, wie kan hem nog stoppen?

De Russische president Vladimir Poetin lijkt steeds obsessiever en impulsiever te werk te gaan. Wie kan hem in eigen land nog tot de orde roepen?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden