Jordi Millán houdt enkele eurodelta-biljetten in zijn handen. Mensen uit het dorp Deltebre in Catalonië maken hier gebruik van om bij de garage bijvoorbeeld hun olie te laten verversen.

ReportageDeltebre

Met zijn eigen lokale munt helpt het Catalaanse dorp Deltebre de schoenmaker en de groenteboer

Jordi Millán houdt enkele eurodelta-biljetten in zijn handen. Mensen uit het dorp Deltebre in Catalonië maken hier gebruik van om bij de garage bijvoorbeeld hun olie te laten verversen.Beeld Eline van Nes

Het Spaanse dorp Deltebre, in de regio Catalonië, heeft eigen geld gemaakt zodat coronaherstelgeld binnen de gemeenschap blijft. ‘Daarmee houd je het allemaal bij elkaar.’

Jurriaan van Eerten

Dat Pneumàtics Millán een familiebedrijf is, wordt duidelijk zodra je broers Jordi en Camilo Millán naast elkaar ziet staan. Een vergelijkbare magere bouw, gemillimeterd haar en een bril. Intussen loopt vader José Millán ook tussen de auto’s. “Hoewel ik eigenlijk ben gepensioneerd”, zegt de 66-jarige erbij. Maar José is niet van plan achter de geraniums te gaan zitten. Met zijn twee zoons in de garage is het veel gezelliger.

Voor de familie Millán toont hun bedrijf wat Deltebre is: een hechte gemeenschap van een kleine elfduizend inwoners in de delta van de Ebro, midden tussen de rijstvelden waar dit Catalaanse kustgebied om bekendstaat. Vader José: “Dit is niet zo’n Spaans dorp dat leegstroomt. Onze jeugd rijdt in de ochtend in busjes naar Tarragona of Barcelona om in de bouw te werken, maar komt ’s avonds terug.” Zoon Camilo, 49 jaar, knikt: “We hebben hier bergen en strand, wat wil je nog meer?”

Hulpgeld blijft in Deltebre

Toen Deltebre geraakt werd door een dubbele crisis – storm Glòria in januari 2020, daarna het coronavirus – was het dan ook logisch dat de inwoners hun problemen als gemeenschap oplosten. Om de lokale economie te herstellen, bracht de gemeente een lokale muntsoort in omloop: eurodelta, waarvan de waarde gelijk is aan de euro. Mensen met geldproblemen kunnen sindsdien elk kwartaal 120 tot 300 eurodelta aanvragen. Dit bedrag kunnen zij uitgeven bij lokale ondernemers, die het mogen inwisselen voor euro’s. Zo wordt voorkomen dat geïnjecteerd hulpgeld naar multinationals gaat, of buiten Deltebre wordt uitgegeven. Ruim zeventig lokale ondernemers zijn aangesloten: van groenteboeren en kledingzaken tot een schoenmaker.

Zoon Jordi, 46 jaar, laat eurodelta-coupons door zijn besmeerde handschoenen gaan: een serienummer, de lokale vuurtoren en een waardegetal. “Mensen gebruiken ze bij ons om olie te verversen en voor kleine reparaties”, zegt hij. In de garage hebben ze eurodelta niet veel voorbij zien komen, maar Jordi loopt graag mee naar de slager om de hoek – de man van zijn nicht – waar veel met eurodelta betaald is. “Wij zijn geen arm dorp”, vertelt Jordi nadat hij een groepje koffiedrinkende mannen op een terras heeft gegroet. “Maar een kleine 10 procent heeft het financieel zwaar. Voor hen was deze steun van levensbelang.”

Geen luxe vlees of wijn

Slager Anibal Garzon Polania heeft inderdaad aanzienlijke stapels eurodelta-coupons liggen. Achter zijn vitrine met worsten en hammen legt hij uit dat er regels aan kleven: “Mensen mogen geen luxe vlees kopen, of de flessen wijn die ik ook verkoop”. Jordi knikt. “Zo weet de gemeente dat het steungeld niet naar drank of drugs gaat.”

En de regel is dus: geen multinationals of winkelketens – om mee te doen moet je kleine ondernemer zijn. Want hoe hecht de garagehouder en slager hun dorpje ook willen doen voorkomen, ook hier hebben Lidl en het Spaanse Mercadona een belangrijk marktaandeel – ten koste van kleine winkels.

Jordi Millán, 46, sleutelt aan een autoband in zijn familiegarage in Deltebre in Catalonië. Beeld Eline van Nes
Jordi Millán, 46, sleutelt aan een autoband in zijn familiegarage in Deltebre in Catalonië.Beeld Eline van Nes

Afgelopen tien jaar hebben tientallen Spaanse gemeenten lokale valuta ingezet – meestal onder de noemer monedas sociales – sociaal geld. Soms met blockchain-technologie, zoals bitcoin, soms enkel met geregistreerde serienummers. In Barcelona loopt sinds 2018 het project Li toca al barri – ‘Het is aan de wijk’ – met digitale valuta REC. De gemeente betaalt daarbij 15 procent mee aan iedere transactie, om zo lokaal kopen te stimuleren. Of het werkt is de vraag: over een vergelijkbaar project in het Britse Bristol verschenen zowel onderzoeken die stellen dat het geen impact heeft, als onderzoeksresultaten die het tegengestelde aantonen.

Daarnaast bestaat er een frauderisico. Zo kwam valuta Ossetana in Andalusië vorig jaar in opspraak, omdat er mogelijk geld verduisterd werd. Een onderzoek loopt nog. Ook Deltebre is begonnen creditcards uit te geven voor eurodelta, in plaats van coupons, zodat bestedingen beter gecontroleerd kunnen worden.

In Europa loopt Spanje aan kop met ongeveer honderd monedas sociales (sociaal geld). Een klein deel is opgezet door officiële instanties, de rest door burgers. De EU subsidieerde enkele jaren een project met zeven lokale munteenheden, waaronder de makkie in Amsterdam-Oost. Die kan worden verdiend met een vrijwilligersklus en geeft korting in bepaalde winkels.

‘Dit gaat niet over onafhankelijkheid’

Wat nieuw is bij eurodelta, is dat dit origineel in omloop is gebracht om een crisis het hoofd te bieden – als tijdelijke injectie totdat de situatie is genormaliseerd. De coronacrisis loopt een beetje op haar eind, maar met het oog op de economische onrust rondom de oorlog in Oekraïne en de huidige snelle prijzenstijgingen, overweegt de gemeente het project voorlopig voort te zetten.

Teruglopend naar zijn garage vertelt Jordi dat het project past in een innovatiegolf die uit de koker van de nieuwe burgemeester komt – lid van het Catalaanse separatistische Partit Demòcrata. Maar is dit geld dan ook weer een manier voor Catalanen om anders te zijn dan de rest van Spanje? “Nou ja, daar in Madrid snappen ze sowieso niets van ons”, zegt Jordi lachend. “Maar dit gaat niet over onafhankelijkheid hoor. Dit gaat over lokaal kopen. Dat is in iedere gemeenschap belangrijk. Daarmee houd je het allemaal bij elkaar.”

Lees ook:

Dankzij basisinkomen kunnen Brazilianen een stuk makkelijker rondkomen

Sinds eind vorig jaar verstrekt de stad Maricá in de Braziliaanse deelstaat Rio de Janeiro een basisinkomen aan een kwart van de bevolking. De stad is pionier in Latijns-Amerika en een van de koplopers wereldwijd op dit gebied.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden