MegastadNiels Posthumus

Met sloffen en een kruik de barre kou van Johannesburg te lijf

Mensen die niet in Zuid-Afrika wonen, beseffen zelden hoe steenkoud het in de wintermaanden juni, juli en augustus in Johannesburg wordt. Ja, zelfs mij verrast het elk jaar opnieuw. Na de negen maanden lange Zuid-Afrikaanse zomer ben ik telkens weer vergeten hoe kurkdroog en ijzig de lucht in juni plotseling ­begint aan te voelen.

Het is zo’n snijdende kou, die ik me ook herinner van winderige dagen tijdens wintersport. Johannesburg ligt op ruim 1600 meter hoogte. Het is de kou van de ­bergen, die in de zon best prettig is, maar die in de schaduw en vooral na de vroege winterse zonsondergang door merg en been trekt. Een kou die veel ­guurder aanvoelt dan het aantal graden waarin zij wordt uitgedrukt. 

Dit jaar overviel het me nog meer dan normaal. Ten eerste was het half juni al uitzonderlijk koud: ’s nachts daalde het kwik tot ruim onder het vriespunt. En ten tweede heb ik er de afgelopen jaren een gewoonte van gemaakt om vooral tijdens de winter zo veel mogelijk weg te zijn uit de stad: een bezoekje aan Nederland, een reportage in Zimbabwe of tripje naar Mozambique. Dit jaar gaat dat niet. Want al is de ­coronalockdown in Zuid-Afrika de laatste weken behoorlijk versoepeld, buiten je eigen provincie reizen mag niet. En de landsgrenzen zitten al helemaal potdicht.

Hippe, koude loft

Dus zit ik deze hele winter thuis. En het probleem in Johannesburg is: binnen is het niet warmer dan buiten. Huizen in Johannesburg zijn op geen enkele manier geïsoleerd. Centrale verwarming bestaat niet. Dubbel glas evenmin. En mijn appartement is extra problematisch, want ik woon in een oud pakhuis. Heel hip natuurlijk, zo’n loftachtig penthouse met uitzicht op de gruizige skyline van het oude centrum van de stad, maar mijn betonnen vloer warmt op geen enkele manier op.

Dus tref ik goede voorbereidingen als ik mij in de ochtend achter mijn computer installeer. Onder mijn bureau staat een straalkacheltje op volle sterkte aan om mijn benen te verwarmen. En onder mijn voeten leg ik een warme kruik. Anders trekt de vrieskou van de zo fraai ogende industriële vloer dwars door mijn sloffen heen. Maar de vingers waarmee ik typ bevriezen zowat.

Anderhalve week geleden besloot ik een tweede straalkachel te kopen. Een hogere, die ik naast me zou kunnen zetten, om ook van de romp omhoog warm te zijn. Ik sloot in de winkel om de hoek aan in een lange rij. Eenmaal weer thuis zette ik mijn twee kachels tegelijk aan. Ik voelde mijn elektriciteitsrekening omhoogschieten, maar het was het waard.

Stroomtekorten

Tot ik een paar dagen geleden las dat staatsenergiebedrijf ­Eskom opnieuw waarschuwt voor stroomtekorten. Door het grotendeels stilliggen van de economie tijdens de coronalockdown waren we daar sinds maart van verlost. Maar door alle extra ­ingeschakelde elektrische kacheltjes – en de standaardproblemen binnen de verouderde elektriciteitscentrales – is er nu toch ­wederom overbelasting van het stroomnetwerk ontstaan. 

Ik had dat nog niet gelezen of de elektriciteit in mijn huis viel inderdaad twee uur uit. Dus stap ik nu in de auto naar de dichtstbijzijnde shoppingmall. Een warenhuis daar heeft warme dekens voor op de bank in de aanbieding, zag ik. Zulke dekens zal ik nodig hebben in juli en augustus.

Uitdijende metropolen bieden een groeiend deel van de wereldbevolking onderdak. Hoe houden de mensen het daar leefbaar? Trouw-correspondenten doen wekelijks verslag uit hun eigen megastad.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden