De MegastadNairobi

Klussen verzinnen voor de corona-werklozen

Hoe is het met je? Ik dacht, kom ik laat eens wat van me horen.” De laatste tijd krijg ik met enige regelmaat telefoontjes die zo beginnen. Het zijn geen vrienden die lang niet aan me dachten, maar mensen die in het verleden klussen voor me opknapten zoals de loodgieter, de schilder en de elektricien. Die telefoongesprekken lopen allemaal uit op de vraag of ik een karwei voor ze heb – want het zijn zware tijden in Kenia. 

Het coronavirus zorgt voor angst, maar de vrees voor armoede en honger is vele malen groter hier. De meeste klusjesmannen en -vrouwen zijn eenmansbedrijfjes in de informele sector, en afhankelijk van wat er zich op een dag aanbiedt. Die vraag is fors gedaald sinds de komst van corona, omdat veel bouwactiviteiten stilliggen. 

Bovendien voeren tal van Nairobianen nu zelf reparaties uit om geld te sparen. Mensen potten op voor het geval een familielid het virus oploopt en in het ziekenhuis belandt. Tenslotte heeft slechts een klein deel van de Kenianen een ziektekostenverzekering. 

Ik ben dan ook niet de enige die dergelijke telefonische hulpverzoeken krijgt. De regering schat dat een miljoen mensen zonder werk is komen te zitten, economen vermoeden het dubbele en werkloosheidsuitkeringen bestaan niet. 

Zelfs mensen die ik ooit voor mijn werk heb ontmoet en die sindsdien hun baan zijn kwijtgeraakt, bellen me. Zij vragen of ik aan ze wil denken als ik van een vacature hoor. Maakt niet uit wat voor werk als er maar een salaris, hoe klein dan ook, aan verbonden is. 

Pijnlijk

Ik vind die telefoontjes uiterst pijnlijk maar natuurlijk is het nog vele malen erger voor de bellers die niet alleen hun trots opzij moeten zetten, maar ook in een diepe financiële afgrond kijken.

Eerst dacht ik behulpzaam te zijn door geld te sturen met mobiel betalen. Dat leverde me een reprimande op: “Ik bedel niet”, kreeg ik van de ontvangster te ­horen. “Ik werk ervoor.”

Dat dwong me vindingrijker te worden. In plaats van naar de stad te gaan om iets af te leveren of op te halen, maak ik nu gebruik van een bodaboda-rijder. Dat zijn mannen of vrouwen op een brommer die van alles halen of brengen. Zo stuurde ik er onlangs een op uit om een vervanging voor de kapotte invoerslang van de wasmachine te kopen. Ook een zelfgebakken taart voor een jarige vriendin die in quarantaine zit, werd per brommer bij haar afgeleverd. 

Een speciaal zwak heb ik voor de loodgieter, een man van ruim twee meter met een voor Kenia ongewoon cynisch gevoel voor humor. Ik ben altijd zwaar onder de indruk hoe hij zijn lijf dubbel vouwt om bijvoorbeeld onder het keukenaanrecht de zwanenhals te repareren.Ook hij belde onlangs, maar ik had noch lekkages, noch verstoppingen – en het gaat me te ver om mijn eigen waterleidingsysteem te saboteren. 

Toch was het geluk met hem, want de plastic tank van 1000 liter waarin ik regenwater uit de dakgoot opvang, begon te lekken bij het kraantje. De afspraak is gemaakt, maandag komt hij. Ik realiseer me dat de klus slechts een eenmalig inkomen is. Niet meer dan een pleistertje op een gapende wond.

Uitdijende metropolen bieden een groeiend deel van de wereldbevolking onderdak. Hoe houden de mensen het daar leefbaar? Trouw-correspondenten doen wekelijks verslag uit hun eigen megastad.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden