Onafhankelijkheidsmars

In Polen is patriottisme in de mode. Letterlijk.

“Op dit moment doen T-shirts van de opstand van Warschau het heel goed. Echt een hit.” Beeld Ekke Overbeek

Vandaag trekt de jaarlijkse onafhankelijkheidsmars door Warschau. Het is niet alleen een pleisterplaats voor extreem-rechtse groeperingen, maar ook een revue voor de laatste patriottenmode.

Paweł Szopa heeft een brede lach op zijn gezicht als hij terugdenkt aan het bezoek van de Poolse president in China. Betere reclame bestaat niet. President Andrzej Duda droeg een poloshirt van Szopa’s merk: Red is Bad. Natuurlijk was er direct discussie, want is het wel zo slim om het rode China te bezoeken met zo’n anticommunistische slogan op je buik? Szopa kaatst de bal terug: “De Europese Unie is veel roder dan het huidige China”. Zijn kantoor op een oud industrieterrein in Warschau is sober ingericht. Alleen een crucifix getuigt van traditionalistische sympathieën. Verder zijn er opmerkelijk weinig patriottische parafernalia.

Uit een computerspel

De winkel daarentegen hangt er vol mee: sportkleding met strijdende huzaren, T-shirts met opstandelingensymboliek en natuurlijk veel wit-rood: de kleuren van de nationale vlag. Soms heel bescheiden, een wit-rood accentje en de merknaam Red is Bad. Ze gingen, nadat de president ermee naar China vloog, als warme broodjes over de toonbank. “Op dit moment doen T-shirts van de opstand van Warschau het heel goed”, vertelt Szopa. “Echt een hit.” Ze liggen uitgestald in de winkel; opstandelingen vechten op 100 procent katoen tegen spookachtige reuzenrobots in hakenkruisuniformen. Alsof het plaatje uit een computerspel komt. 

Veel klanten zijn er niet, maar schijn bedriegt. De afdeling internetbestellingen draait op volle toeren – zoals ieder jaar in de aanloop naar de onafhankelijkheidsmars. De extreem-rechtse Nationale Beweging organiseert de mars, die is uitgegroeid tot het grootste evenement op de nationale feestdag. Szopa gaat er ieder jaar naartoe, maar ziet zichzelf niet als extreem. “Dat er zo veel mensen meelopen betekent niet dat die allemaal extreem-rechts stemmen”, meent hij. “Veel mensen weten het echt niet als aan het andere eind van de mars een Italiaanse neofascist een toespraak houdt.”

Demontranten tijdens de jaarlijkse onafhankelijkheidsmars in Warchau, in 2015. Beeld Reuters

Jeugdige balorigheid

Szopa was 26 en afgestudeerd jurist toen hij ondernemer werd ‘uit jeugdige balorigheid’. Van zijn 1500 euro spaargeld liet hij shirts maken. “Het magazijn paste onder mijn bed. De verkoopafdeling was mijn gsm.” Nu, zeven jaar later, is Red is Bad een gevestigde naam en heeft zijn bedrijf vijftien mensen in dienst. De behoefte om nationale trots uit te dragen is enorm toegenomen, legt hij uit. “Wij zijn de grootste speler op de markt voor identiteitsproducten.”

De concurrentie is fel. Het internet biedt patriottenmode in alle soorten en maten. Wat te denken van: “Ik bied geen excuses aan voor Jedwabne” (in Jedwabne vermoordden Polen hun Joodse buren, red.), of: “Dit is Polen, niet Polin” (Polin is Jiddisch voor Polen, red.)? ­Szopa schudt zijn hoofd: “Ik ben tegen dat soort extremisme. Dat soort dingen zul je in onze collectie niet vinden.”

Gepolariseerd

Veel bedrijfjes op de identiteitsmarkt zijn verbonden met extreem-rechts, of met supportersverenigingen. Bij Patoriots gaan T-shirts met het opschrift ‘White pride, Worldwide’ voor 17 euro over de toonbank. Hier is de sfeer grimmiger. Uitbater ‘Jurek’ – sportschoolbiceps en tattoos – staat zelf in de winkel. Hij laat zich ontvallen dat de Poolse bevolking homogeen moet blijven en niet zoals in West-Europa multicultureel mag worden. Maar voordat hij officieel iets zegt tegen een Nederlandse krant, moet hij natrekken wat dat voor krant is. Een beleefde manier om de ongenode gast de deur te wijzen.

Bartek Lubisz begrijpt zijn jongere collega wel. De Poolse media zijn zwaar gepolariseerd en de politie houdt de extreem-rechtse scene in de gaten. Zelf had Lubisz tot vorig jaar een winkel met artikelen voor lokaal, Warschaus patriottisme. “Helaas begonnen de Chinezen mijn kleren na te maken”, vertelt hij. “Bij mij kostte een shirt 17 euro. Die Chinese krijg je op de bazar voor 7, of zelfs voor 5 euro.”

Met patriottisme heeft dat niets meer te maken, meent hij. “Mijn shirts werden in Polen genaaid, in Polen bedrukt en door Polen verkocht. Daar betaal je voor.”

“Ze brengen regelmatig kleren en voedsel naar Polen die het niet breed hebben in Litouwen en Wit-Rusland, in gebieden die vroeger bij Polen hoorden. Dat is echte vaderlandsliefde.” Beeld Ekke Overbeek

Liefdadigheid

Toen Lubisz een shirt met het symbool van het Strijdende Polen op de markt bracht, ging een gedeelte van de opbrengst naar een bejaarde man die in 1944 mee heeft gevochten in de opstand van Warschau. Kledingmerk Red is Bad heeft zelfs een stichting opgericht die veteranen ondersteunt.

En ook de supporters van voetbalclub Legia die veel bij Patoriots over de vloer komen, doen hun duit in het liefdadigheidszakje, vertelt Lubisz. “Ze brengen regelmatig kleren en voedsel naar Polen die het niet breed hebben in Litouwen en Wit-Rusland, in gebieden die vroeger bij Polen hoorden”, zegt hij. “Dat is echte vaderlandsliefde.”

Lees ook: 

Polen worstelt met extreem-rechts

De conservatieve Poolse regering worstelde ook vorig jaar al met de vraag: hoe pakt zij extreem-rechts aan tijdens de jaarlijkse viering van de onafhankelijkheid?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden