Reportage Boedapest

In deze wijk in Boedapest zijn de huurwoningen spotgoedkoop, en er wonen verdacht veel politici

Premier Viktor Orbán kijkt met Manfred Weber, vooraanstaand lid van het Europees Parlement, vanaf de Boedaburcht uit over het historische centrum van Boedapest. Beeld EPA

De beroemde wijk rond de Boedaburcht in Boedapest is populair bij toeristen en bij leden van de regeringspartij. Ze betrekken er vaak een goedkope woning.

“Kijk, daar woont Orbáns vriend Zsolt Bayer. Daar huurt minister Palkovics een appartement. Dat huis is van Orbáns schoonzoon. Daar woont het voormalige hoofd van de staats-tv.” Marta Naszályi, kersverse burgemeester van het eerste district in Boedapest, kan in iedere straat op de burchtheuvel wel een pand aanwijzen waar de afgelopen twee jaar topmensen van de Hongaarse regeringspartij Fidesz of hun familieleden zijn ingetrokken.

Met zijn barokke straatjes, koninklijke paleis en schitterende uitzicht is de historische Boedaburcht niet alleen bij toeristen populair. Het onroerend goed in de wijk is schaars en geliefd; een kleine huurwoning kost er op de vrije markt al snel 1000 euro of meer. Maar Bayer, Palkovics en ook Naszályi’s voorganger, Fidesz-burgemeester Tamás Gábor Nagy, betalen maandelijks rond de 31.000 forint, nog geen 100 euro. Ze huren van de gemeente en dat is nu eenmaal wat gemeentelijke huurwoningen op de burcht kosten, aldus de vorige burgemeester.

Dat klopt, bevestigt Naszályi, die tot voor kort als oppositielid in de deelgemeenteraad zat. Alleen gaat het om sociale huurwoningen en dat die huren zo laag liggen, heeft een historische oorzaak. Na de val van het communisme konden vrijwel alle Hongaren hun huurwoning namelijk voor een fractie van de marktwaarde van de staat kopen, maar voor historische wijken zoals de burcht gold een uitzondering. Ter compensatie betalen bewoners daar een extreem lage huur.

Goedkope woning

Op zich fijn, maar het probleem is dat Boedapest maar zo’n 50.000 sociale huurwoningen telt. Dat maakt het voor veel burchtbewoners praktisch onmogelijk om te verhuizen, tenzij ze iemand vinden die een andere huur- of koopwoning in de stad met hen wil ruilen. Zsolt Bayer, een van de oprichters van regeringspartij Fidesz, was daartoe bereid en ruilde naar eigen zeggen een koopflat in een buitenwijk tegen de spotgoedkope huurwoning op een top­locatie die hij nu heeft. “Dat is inmiddels een gevestigde praktijk”, vertelde hij op een persconferentie.

Speurwerk van nieuwswebsite 24.hu leverde echter op dat Bayers ruilobject niet bestond uit een andere woning in Boedapest, zoals de wet voorschrijft, maar uit een houten weekendhuisje buiten de stad – waarde pakweg 10.000 euro – dat twee maanden later bovendien weer eigendom van de familie Bayer bleek te zijn. Dat doet op z’n minst vermoeden dat er iets niet in de haak is met die ruil en onderzoek naar die huurcontracten behoort dan ook tot Naszályi’s prioriteiten als burgemeester.

Bijzondere staatsprojecten

Maar ze wil sowieso meer duidelijkheid over alle mensen, bedrijven en instellingen met goede relaties met Fidesz die zich op de burcht hebben gevestigd sinds premier Viktor Orbán enkele jaren geleden besloot zijn kantoor daarheen te verplaatsen.

Zo is daar Roy Zsidai, horeca-ondernemer bij wie Orbáns dochter Rahel ooit stage liep. Hij exploiteert inmiddels zeven restaurants en twee hotels in de wijk. Plus vier vakantieappartementen, ook al gevestigd in gemeentelijke huurwoningen waar hij in totaal een kleine 400 euro per maand voor betaalt. Toeristen kunnen er voor 280 euro per nacht genieten van het uitzicht. Probleem is volgens Naszályi dat de gemeenteraad nauwelijks inzicht en inspraak in de ontwikkelingen heeft. “Orbáns kantoor, maar ook de vele bouwprojecten die sindsdien zijn gestart, gelden namelijk als ‘bijzondere staatsprojecten’. Dat betekent dat de plannen en de kosten geheim zijn en niet hoeven te voldoen aan de gebruikelijke vergunningsvoorwaarden.”

Dat betekent ook dat inwoners en lokale bedrijven en instellingen regelmatig voor voldongen feiten worden geplaatst. Naszályi wijst op een met hekken afgezet blok gebouwen midden in de wijk. Daar zal straks, in het kielzog van Orbán, de top van het ministerie van financiën zetelen. De uithangborden van restaurants en winkels die voor dat kantoor het veld moesten ruimen, hangen nog aan de gevels. “Van de ene dag op de andere werden hun huurcontracten niet verlengd.”

Gesloten poorten

De afgelegen burcht is een dorp binnen de grote stad. Veel families wonen al generaties in hetzelfde huis. Alle buurtbewoners kennen elkaar. Ze hebben leren leven met de gevolgen van het toenemende toerisme. Poorten die vroeger altijd open stonden, zijn tegenwoordig gesloten om nieuwsgierigen buiten te houden. Buurtwinkels hebben plaatsgemaakt voor souvenirshops. De enige resterende levensmiddelenwinkel behoort tot de CBA-keten die Fidesz ­financieel ondersteunt.

De komst van grote regerings­instellingen en vele honderden ambtenaren die straks dagelijks op de burcht naar hun werk moeten, tasten het dorpse karakter nog verder aan. Maar het zijn niet alleen toeristen en ambtenaren die druk op de wijk leggen. Een stoet zwarte auto’s zoeft door de smalle straten van de oude wijk, voorafgegaan en gevolgd door politie-auto’s met zwaailicht. Voorbijrijdende hoogwaardigheidsbekleders zijn tegenwoordig een haast dagelijks verschijnsel, zegt Naszályi: “Laatst werd deze hele straat plotseling afgezet, omdat zo’n gezelschap hier ergens ging eten. Een kennis in een huis ertegenover die haar hond moest uitlaten, mocht alleen onder politiebegeleiding de deur uit.”

Buurtbewoners worden er niet blij van. Wandelend door de wijk wordt Naszályi herhaaldelijk aangesproken. De een klaagt over verdwenen parkeerplaatsen, de ander over een bouwproject. Bij de recente gemeenteraadsverkiezingen vertaalde die kritiek zich in een onverwachte nederlaag voor Fidesz. Een krappe nederlaag, dat wel. Maar het was voor het eerst sinds de val van het communisme dat de linkse oppositie won in het conservatieve eerste district van Boedapest.

Lees ook:

Hongaren zijn niet blij met hun nieuwe museumwijk

Meer dan leegstaande, verkrotte bedrijfspanden waren het niet, de gebouwen van Hungaroexpo in het Stadspark in Boedapest die afgelopen week tegen de vlakte gingen. Toch lokte de sloop protest uit van Hongaarse milieuactivisten. Volgens hen is het de eerste stap naar de vernieling van het oudste openbare park ter wereld.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden