Georganiseerde misdaad

Hoe word je geen maffialand? Nederland wil leren van Italië

Maffiabaas Michele Greco in de bunker van de Ucciardone-gevangenis, 10 februari 1986. Foto ANP Beeld ANP / AFP
Maffiabaas Michele Greco in de bunker van de Ucciardone-gevangenis, 10 februari 1986. Foto ANPBeeld ANP / AFP

De Italiaanse justitie pakt de maffia in het land hard aan, Nederland wil daarvan leren. Welke lessen zijn er te trekken uit de Italiaanse aanpak?

Pauline Valkenet

Nu Nederland te maken heeft gekregen met moorden op een journalist, een advocaat en een broer van een kroongetuige die allemaal bij het proces tegen drugsbendeleider Ridouan T. waren betrokken, wil de regering de strijd tegen de georganiseerde misdaad opschalen.

Minister van justitie en veiligheid Dilan Yesilgöz-Zegerius en haar collega Franc Weerwind, minister van rechtsbescherming, waren deze maand in Rome. De twee staken hun licht op bij de Italianen omdat die al decennia hard met dit bijltje hakken, en dus ervaring hebben. Welke Italiaanse middelen trekken vooral de aandacht van de ministers?

1. Een zwaar detentieregime

Op 19 juli 1992 blies een bom aanklager en onderzoeksrechter Paolo Borsellino in Palermo op. De aanslag, waar de Siciliaanse maffia achter zat, kwam twee maanden na de moord op Borsellino’s collega Giovanni Falcone. Heel Italië, van zuid tot noord, was in shock. De regering in Rome wilde hard terugslaan. In de nacht van 19 op 20 juli vlogen militairen daarom naar de Palermitaanse Ucciardone gevangenis, haalden er vijfenvijftig maffiosi uit hun cellen en brachten die naar het Toscaanse eilandje Pianosa. De maffiabazen werden zo in één klap afgesneden van hun misdaadorganisaties. Ze kwamen in een superstreng detentieregime terecht dat de Italiaanse justitie tot dan toe alleen in extreme noodsituaties had gebruikt: het 41-bis-regime, vernoemd naar het bijbehorende wetsartikel.

Nu, dertig jaar later, is dit nog steeds een van de belangrijkste instrumenten waarmee Italië de grote maffiabendes uit het zuiden te lijf gaat. “Het belangrijkste doel van de 41-bis is voorkomen dat maffiosi met anderen communiceren. Zo kunnen ze niet langer opdrachten tot drugshandel en tot moord geven”, vertelt Attilio Bolzoni over de telefoon. Bolzoni was vijfentwintig jaar correspondent van dagblad La Repubblica in Palermo en heeft een dozijn boeken plus een tv-miniserie over de Siciliaanse maffia Cosa Nostra geschreven. Aanklagers vinden het een mooie bijvangst wanneer criminelen besluiten met justitie te gaan samenwerken, en dus hun mond opendoen, omdat ze het zware regime niet trekken. “De 41-bis is buitengewoon doeltreffend”, meent Bolzoni. “Het is dé manier om macht bij een maffiabaas weg te halen.”

Gevangenen die zitten opgesloten onder dit regime zijn zo goed als afgesloten van de buitenwereld. Ze zitten in hun eentje in een cel en mogen twee uur per dag luchten, samen met hooguit drie andere gevangenen. Er mag niet meer dan één familielid per maand langskomen en het bezoek – dat wordt gefilmd – mag een uur duren.

Een hoge glazen scheidingswand maakt lichamelijk contact – en het stiekem geven van bijvoorbeeld een briefje, een wapen of een smartphone – onmogelijk. Bellen mag één keer per maand, tien minuten, en de gesprekken worden opgenomen. Bovendien wordt de inkomende en uitgaande post van een 41-bis-gevangene gelezen. Deze gedetineerden mogen ook niet samen met anderen eten of sporten – iets wat ‘gewone gevangenen’ wel kunnen. Advocaten zijn de enigen die onbeperkt met ze mogen praten, zonder glaswand.

Mensenrechtenorganisaties hebben kritiek: ze noemen het detentieregime onmenselijk, wreed, en zelfs een vorm van marteling. Ook het Europees Hof wilde dat de Italianen het regime iets minder strikt zouden maken, wat ze deden – de regels waren hiervoor nog strenger.

Bolzoni: “Het is door ons Constitutioneel Hof toegestaan en het werkt. Op deze manier verliest een maffiabaas zijn autoriteit en invloed. Het 41-bis-regime is van wezenlijk belang in de strijd tegen de georganiseerde misdaad.”

Giuseppe Governale, een generaal van de carabinieri die van 2017 tot 2020 de landelijke antimaffiarecherche vanuit Rome aanstuurde, beaamt dat. Hij zegt tijdens een telefonisch interview: “Georganiseerde misdaad is als kanker. Daar helpen antibiotica niet tegen. Chemotherapie, hoe zwaar ook, is nodig. Als dit detentieregime niet doeltreffend was geweest, waren we er wel vanaf gestapt. Want we beseffen dat het een uitzonderlijk middel is.”

Alle machtige Italiaanse maffiabazen zitten of zaten zo opgesloten. Totò Riina, een nietsontziende capo dei capi van Cosa Nostra, zat van 1993 tot aan zijn dood in 2017 onder dit regime vast. Zijn criminele evenknie Bernardo Provenzano had 41-bis van zijn arrestatie in de schuilplaats vlak bij het stadje Corleone in 2006 tot aan zijn overlijden in 2016. En Raffaele Cutolo, van de Napolitaanse maffia Camorra, zat meer dan vijfentwintig jaar geïsoleerd vast – tot hij in 2021 op 79-jarige leeftijd stierf.

Het ministerie van justitie meldde eind vorig jaar dat er 749 gedetineerden – onder wie dertien vrouwen – vastzitten onder dit zware regime, verspreid over twaalf gevangenissen. Het zijn veelal maffiosi, maar ook andere zware criminelen als terroristen en mensenhandelaren kunnen dit regime opgelegd krijgen.

De Nederlandse minister Franc Weerwind bezocht tijdens zijn werkbezoek de Rebibbia-gevangenis in Rome. Na afloop vertelde hij de pers: “Wat ik daar heb gezien, vergelijk ik met onze Extra Beveiligde Inrichting in Vught. Natuurlijk wil ik een humaan detentiebeleid, maar tegelijkertijd is er een groep zware criminelen van wie we het voortzetten van hun criminele handelen vanachter de tralies niet accepteren. Ik wil dat absoluut afkappen. De Italianen doen dat al heel effectief.”

2. De aulabunkers

In 1985, lang vóór hun dood, hadden Giovanni Falcone en Paolo Borsellino het razend druk met een ongekend grote rechtszaak tegen Cosa Nostra. Er waren maar liefst 475 verdachten; een van de reeks aanklachten was moord. Er is toen voor dit zogeheten maxiprocesso een rechtszaal in de Ucciardone-gevangenis van Palermo gebouwd. Journalist Bolzoni deed destijds verslag: “De rechtszaal was heel ruim en is ongelooflijk snel, binnen een jaar, gebouwd. De verdachten werden uit hun cellen gehaald en via een ondergrondse gang naar hun kooien in de rechtszaal gebracht.”

Het was de eerste keer dat de Italianen ervoor zorgden dat opgesloten verdachten in een maffiazaak voor de rechter konden verschijnen zonder het pand te hoeven verlaten. “Daarmee werden tijd en kosten bespaard, want al die verdachten hoefden niet naar de rechtszaal te worden vervoerd”, vertelt Bolzoni. Minstens net zo belangrijk: verdachten konden tijdens een autorit niet ontsnappen en hun bendeleden konden geen bevrijdingsaanval uitvoeren. Bolzoni: “Het was een heel rationale benadering”.

Sindsdien is de aulabunker, zoals de Italianen hem noemen, gemeengoed geworden; het zijn zwaar beveiligde rechtszalen in of bij een gevangenis. Er zijn er tientallen. Bolzoni: “Het zijn heel functionele, moderne rechtszalen, waarin ook de mogelijkheid bestaat om verdachten via een videoverbinding aanwezig te laten zijn. Dan hoeven ze niet, ik noem maar wat, uit de gevangenis van Turijn te worden gehaald om hun proces in Napels te kunnen bijwonen. Er wordt vaak geklaagd dat alles in Italië slecht georganiseerd is, maar ik moet zeggen dat we dit heel goed doen.”

In Nederland is er één beveiligde rechtbank: in Osdorp. Daardoor moeten de colonnes van gepantserde auto’s met jankende sirenes vaak tussen die rechtbank en de Extra Beveiligde Inrichting in Vught op en neer racen. Er wordt momenteel gewerkt aan vier zwaarbeveiligde justitiële complexen, waar gevangenissen worden gecombineerd met zittingslocaties. Ze komen in Lelystad, Vlissingen en Vught, en op Schiphol.

3. Maffialid zijn is strafbaar

Na afloop van haar werkbezoek vertelde de minister van justitie en veiligheid dat ze ook geïntrigeerd was door het Italiaanse wetsartikel 416 bis. “Dat is heel breed en zegt in feite: onderdeel uitmaken van een netwerk, van georganiseerde criminaliteit, is al strafbaar. Dus als je lid bent, of je bent facilitator, en ook als je op andere manieren bijdraagt – al is dat nou structureel of incidenteel – dan pakken we je. Want dan maak je deel uit van de georganiseerde misdaad. Voor zoiets zou in Nederland ook ruimte kunnen zijn.”

Artikel 416 bis werd in 1982 door het Italiaanse parlement goedgekeurd. Daar moesten dat jaar wel twee maffiamoorden aan vooraf gaan: die op de man achter de wet, Pio La Torre, en die op de prefect die na La Torres dood op Sicilië werd aangesteld: generaal Carlo Alberto Dalla Chiesa.

De wet stelt dat als iemand tot een maffia-achtig netwerk van drie of meer personen behoort, en als dat netwerk bedreigend is en gebruikmaakt van omertà (zwijgzaaamheid) om misdaden te begaan, die persoon daarvoor worden veroordeeld.

Generaal Giuseppe Governale licht toe: “Vóór 1982 moesten maffiosi worden vervolgd voor afzonderlijke misdaden: moord, bijvoorbeeld, of afpersing of drugshandel. Te vaak werden ze vrijgesproken wegens gebrek aan bewijs. Met het nieuwe wetsartikel kon en kan georganiseerde misdaad veel beter worden verstoord.”

Journalist Bolzoni noemt deze wet ‘de hoeksteen’ van de strijd tegen de maffia. Hij wijst erop dat artikel 416 bis bepaalt dat het ook strafbaar is als iemand geen lid is, maar een georganiseerde criminele bende wel van buitenaf helpt of ermee samenwerkt. Bolzoni concludeert: “Hiermee werd erkend dat de maffia bestaat. Deze wet heeft de strijd tegen de maffia gerevolutioneerd.” Generaal Governale wijst erop dat de staat dankzij deze wet bovendien makkelijker beslag op bezittingen van maffiosi kan leggen, en later zelfs de eigenaar kan worden. “Auto’s, villa’s, jachten, bedrijven, ander onroerend goed: het kan allemaal van de maffia worden afgepakt. En hun rijkdommen verliezen is waar maffiosi het meest bang voor zijn.”

4. De holistische aanpak

De Italianen hebben nog veel meer middelen in huis: een leger van antimaffiaaanklagers dat zich zuiver en alleen met georganiseerde misdaad bezighoudt, en heel ruime mogelijkheden om gesprekken af te luisteren, plus speciale politie-eenheden die dag in dag uit achter voortvluchtige criminelen aanzitten. Generaal Governale: “Helaas lukt het ons zelfs met al deze middelen niet om de georganiseerde misdaad te verwoesten. Dat komt vooral omdat er in Zuid-Italië achtergebleven gebieden zijn die kweekvijvers voor nieuwe maffia-aanwas blijven, een beetje zoals de banlieues in Frankrijk dat voor het islamitisch terrorisme zijn.”

In Rome zei minister Yesilgöz-Zegerius niettemin onder de indruk te zijn van de ‘holistische Italiaanse aanpak’ van de georganiseerde misdaad. “Politie, justitie, gevangenissen, het parlement, ze werken allemaal samen op dit vlak. En ze zijn hier meer gericht op georganiseerde netwerken dan wij. In Nederland hebben we veel meer los, waardoor wij minder doeltreffend zijn en ook minder stevig kunnen straffen. Ze zijn in Italië echt een stuk verder. Zij hebben dat in dertig jaar ontwikkeld. Het zou zonde zijn als wij daar ook zoveel tijd voor nodig zouden hebben.”

Lees ook:

Het Italiaanse beleid tegen georganiseerde misdaad werkt

Italië voert al ruim 25 jaar een streng beleid om de georganiseerde misdaad te bestrijden. Dat is redelijk succesvol.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden