ReportageZuid-Afrika

Hoe de binnenstad van Johannesburg weer moet gaan schitteren

Werklui knappen de entree op van een bar op een dak in de wijk Maboneng. Op de achtergrond het zakencentrum van Johannesburg. Beeld Bram Lammers
Werklui knappen de entree op van een bar op een dak in de wijk Maboneng. Op de achtergrond het zakencentrum van Johannesburg.Beeld Bram Lammers

De binnenstad van Johannesburg is berucht: vervallen en gevaarlijk. Maar projectontwikkelaars knappen op veel plekken gebouwen op. Met vallen en opstaan. Laatste tegenslag: corona.

Charlie Moyo (39) woont in een voormalig kantoor van de Britse bank Barclays, in het oude centrum van Johannesburg. Hij staat op een bewolkte dag op het dakterras van zijn penthouse: zwarte coltrui aan, leren jasje. De grijsbruine, betonnen skyline van de stad omringt hem. Beneden op straat kan Johannesburg nogal chaotisch en zelfs intimiderend overkomen, maar hierboven heerst een serene rust. Hij glimlacht. “Voor eenzelfde soort appartement betaal je in Sandton, het nieuwe zakencentrum in het noorden van de stad, minstens het dubbele.”

Moyo geeft via het bedrijf JoburgPlaces rondleidingen door de binnenstad. Ook vertelt hij in restaurant Thunder Walker verhalen over de geschiedenis van Johannesburg, terwijl gasten genieten van hun maaltijd. Hij houdt van de stad waar hij nu al zo’n elf jaar woont. “Johannesburg is een plek van migranten zoals ik. Zo is zij ooit ontstaan, 135 jaar geleden, als een plek waar goudzoekers vanuit alle hoeken van de wereld naartoe kwamen: een stad waar de cultuur van chaos en verandering altijd dezelfde is gebleven, terwijl haar inwoners voortdurend komen en gaan.”

Stadsgids in Johannesburg Charlie Moyo op het dakterras van zijn penthouse in het voormalig Barclays-kantoor in het Central Business District (CBD). Het kantoor is een paar jaar geleden opgeknapt en omgebouwd tot appartementencomplex. Beeld Bram Lammers
Stadsgids in Johannesburg Charlie Moyo op het dakterras van zijn penthouse in het voormalig Barclays-kantoor in het Central Business District (CBD). Het kantoor is een paar jaar geleden opgeknapt en omgebouwd tot appartementencomplex.Beeld Bram Lammers

Het vroegere Barclays-kantoor waarin Moyo woont, is een paar jaar geleden opgeknapt – zoals meer gebouwen in de stad. Tot eind jaren zeventig van de vorige eeuw was het oude centrum van Johannesburg steenrijk. Het stond bovenop de grootste goudader ooit: ruim 40 procent van al het goud in de wereld kwam in Johannesburg uit de grond. Maar destijds was het racistische apartheidsbeleid nog van kracht, dus alleen witte Zuid-Afrikanen genoten van die rijkdom. Wie zwart was en zich in het stadshart wilde vertonen, moest een pasje kunnen overleggen met overheidstoestemming.

Lang was het centrum, het Central Business District (CBD), de enige plek in de stad waar kantoren en werkplaatsen stonden. Maar eind jaren zestig begon het apartheidsregime bedrijven te stimuleren hun productie te verplaatsen naar industrieterreinen dichterbij de zwarte townships. En toen in de jaren tachtig de internationale boycots tegen het apartheidsregime intensiveerden, vertrokken ook veel buitenlandse bedrijven uit het centrum. Barclays sloot in 1986 zijn deuren in Johannesburg.

Trek naar de binnenstad

In datzelfde jaar schafte de apartheidsregering, onder grote binnen- en buitenlandse druk, de pasjeswet af. Dat bood zwarte Zuid-Afrikanen plotseling de kans om naar de binnenstad te verhuizen. Zij hoopten er werk te vinden, maar vonden een stad vol leegstaande kantoorgebouwen. Die kraakten zij. En na de afschaffing van de apartheid trokken nóg meer bedrijven weg uit het centrum. In de vijf jaar na 1994 daalde de waarde van onroerend goed in het CBD met 80 procent. Armoede en criminaliteit namen toe. Johannesburg kwam bekend te staan als de moordhoofdstad van de wereld.

Ook het Barclays-kantoor stond een tijdlang leeg. Maar een projectontwikkelaar bouwde het enkele jaren geleden om tot een complex met een culinaire school op de begane grond en appartementen daarboven. Moyo wijst op zijn dakterras naar de omringende, slecht onderhouden kantoorkolossen. “We moeten hetzelfde gaan doen met alle andere leegstaande flats.” En de regering kan daarbij het voortouw nemen, legt hij uit. Want veel verlaten kantoorgebouwen zijn in bezit van de overheid.

Het centrum van Johannesburg. Beeld Louman & Friso
Het centrum van Johannesburg.Beeld Louman & Friso

Ironisch genoeg kan dat ombouwen alleen wanneer de bedrijfspanden echt volledig van ellende uit elkaar vallen, legt Lael Bethlehem uit. Zij is expert op het gebied van stadsvernieuwing en directeur van Live the City, een bedrijf dat de laatste jaren drie vervallen kantoorpanden in de Johannesburgs CBD omtoverde tot ruim duizend woningen. “Het kost veel geld om een kantoor om te bouwen tot appartementencomplex”, zegt zij. “Je moet sanitair aanleggen, keukens installeren. Dus als een kantoorgebouw in redelijke staat is, en je moet er nog een aanschafprijs voor betalen, kan het niet worden aangepakt.’

Vorming van sloppenwijken

Moyo verlaat zijn huis en neemt de lift naar beneden. Hij loopt de drukke, relatief smalle straten van Johannesburg in en wandelt langs het Solly Sachs House, een van de bedrijfspanden die Live the City ombouwde. Praktisch alle appartementen in het pand zijn verhuurd. Want het probleem van Johannesburgs CBD is nooit geweest dat bewoners er massaal wegtrokken, zoals dat de afgelopen decennia gebeurde in een stad als het Amerikaanse Detroit met de aftakeling van de auto-industrie. Nee, het verval van Johannesburgs centrum kende een tegenovergestelde reden: al sinds de jaren tachtig zoeken daar juist te véél mensen een woning. Dat leidde tot overbevolking, kraak, de vorming van binnenstedelijke sloppenwijken en erg veel daklozen. Bethlehem: “Het centrum raakte overweldigd door de toestroom van alle nieuwe, arme inwoners en wist zich niet snel genoeg aan te passen.”

Inmiddels leeft minstens 8 procent van de 6 miljoen inwoners van Johannesburg in het stadshart, een gebied van zo’n 18 vierkante kilometer. Het is een aantrekkelijke plek voor veel Zuid-Afrikanen om te wonen, legt Bethlehem uit. Ze geeft een verpleegster als voorbeeld, die onlangs haar intrek nam in een van de appartementencomplexen van Live the City. Ze werkt in een ziekenhuis in een welvarende noordelijke buitenwijk, maar woonde tot voor kort in Soweto, ten zuidwesten van de stad. Haar huisje in dat township was weliswaar iets goedkoper, maar veel minder ruim en comfortabel als haar nieuwe appartement in het CBD. En doordat zij nu een heel stuk dichterbij haar werk woont, bespaart ze zoveel geld op haar reiskosten dat ze ook financieel alsnog beter af is.

‘Gezuiverde gebieden’

Niet zo gek dus dat projectontwikkelaars sinds een jaar of tien op veel plekken in de binnenstad gebouwen opknappen. Zo’n 60.000 extra appartementen zijn er de afgelopen jaren gecreëerd. Moyo loopt naar een van de laatste voorbeelden van zulke stadsvernieuwing: naar wat vroeger het hoofdkantoor van de bank Absa was. Tussen 2018 en 2020 werd die wolkenkrabber getransformeerd tot woontoren. “Het probleem is alleen dat zulke projecten vaak eilandjes vormen”, legt Moyo uit. “We moeten zorgen dat we al die afzonderlijke stippen op de stadskaart met elkaar gaan verbinden.”

Gijsbert Hoogendoorn is dat met hem eens. Hij is hoogleraar geografie aan de Universiteit van Johannesburg. “Veel stadsvernieuwingsprojecten integreren niet met hun omgeving”, zegt hij. “Zij zijn ‘gezuiverde gebieden’. Er staat geen muur omheen, maar overal houden bewakers in de gaten wie de buurt in komt. Zulke beveiliging maakt duidelijk dat niet iedereen er welkom is. Dat is pijnlijk en onwenselijk, zeker in een stad als Johannesburg met zijn apartheidsgeschiedenis waarin bepaalde bevolkingsgroepen vroeger ook al niet op veel plekken de stad mochten komen.”

De binnenstad van Johannesburg gezien vanaf een flatgebouw in de wijk Maboneng. Achter het viaduct ligt de nieuwe wijk Jewel City, het voormalige Diamant Centre. Linksachter verrijst de woontoren die voorheen het hoofdkantoor van Absa was. Beeld Bram Lammers
De binnenstad van Johannesburg gezien vanaf een flatgebouw in de wijk Maboneng. Achter het viaduct ligt de nieuwe wijk Jewel City, het voormalige Diamant Centre. Linksachter verrijst de woontoren die voorheen het hoofdkantoor van Absa was.Beeld Bram Lammers

Toch zijn de opgeknapte en beveiligde stadsgebieden tegelijkertijd juist nodig om in ieder geval nog een paar laatste grote bedrijven in de binnenstad te houden, geeft hij toe. Hun aanwezigheid is van belang, omdat zij weer andere investeerders en ondernemers aantrekken. Besluit een multinational weg te trekken uit het centrum van Johannesburg, zoals mijnbedrijf AngloAmerican onlangs deed, dan ontstaat er meteen grote angst voor verval van heel het omringende deel van de binnenstad.

Hoogendoorn benadrukt dat het echter een illusie is om van Johannesburg CBD weer, net als vroeger, het ultieme zakencentrum van de stad te maken. De meeste grote bedrijven, die nu hun hoofdkantoor in Sandton hebben, zullen nooit meer terugkomen. “De binnenstad is een soort zakencentrum geworden voor de kleinere bedrijven, voor de lagere en middeninkomens”, zegt hij. “En dat is helemaal niet erg. Zakencentra als Sandton zijn traditioneel gebieden voor de rijken. Het is goed dat er nu ook een plek is waar de armere inwoners elkaar weten te vinden en handel kunnen drijven.”

Moyo loopt intussen de vroegere Absa-toren in en neemt de lift naar op de 21ste verdieping. Op zo’n 140 meter hoogte kijkt hij uit over Maboneng, een vroegere no-go zone die zich ruim tien jaar geleden ontpopte tot vrijplaats voor kunstenaars en zo de aandacht trok van een projectontwikkelaar. Inmiddels is het een populair uitgaanscentrum en zelfs een toeristische trekpleister.

Fenomenaal uitzicht

Tussen de wolkenkrabber en Maboneng verrees de afgelopen twee jaar ook Jewel City: een compleet nieuwe wijk die 110 miljoen euro kostte, op de plek waar vroeger, in een zwaar ommuurde vesting, diamanten werden geslepen. De muren zijn nu verdwenen en de doodlopende wegen eromheen zijn doorgetrokken. Jewel City vormt zo een gewenste verbinding tussen Maboneng en de nieuwe Absa-woontoren: een zo vurig verlangde verbinding van twee vernieuwingsstippen op de stadskaart.

Johannesburg - 9 februari 2021 - Jewel City is een nieuwe wijk op de plek waar vroeger, in een ommuurde vesting, diamanten werden geslepen. Doordat die muren verdwenen en de doodlopende wegen eromheen weer zijn doorgetrokken is de wijk Maboneng verbonden met de binnenstad en nam de criminaliteit sterk af. Op veel plekken in de oude binnenstad van Johannesburg knappen projectontwikkelaars gebouwen op.
Foto: Bram Lammers Beeld Bram Lammers
Johannesburg - 9 februari 2021 - Jewel City is een nieuwe wijk op de plek waar vroeger, in een ommuurde vesting, diamanten werden geslepen. Doordat die muren verdwenen en de doodlopende wegen eromheen weer zijn doorgetrokken is de wijk Maboneng verbonden met de binnenstad en nam de criminaliteit sterk af. Op veel plekken in de oude binnenstad van Johannesburg knappen projectontwikkelaars gebouwen op.Foto: Bram LammersBeeld Bram Lammers

De appartementen in het vroegere Absa-kantoor zijn vanwege hun fenomenale uitzicht iets duurder dan die in Solly Sachs House. “Wij richten ons op jonge zakenmensen”, zegt gebouwmanager Dodo Kgaje. Toch klinkt hij beteuterd. Begin 2020 stonden de verhuiswagens in de file voor de deur. Maar de economie van Zuid-Afrika heeft zo’n enorme klap gekregen van de coronacrisis dat hij nu vooral huuropzeggingen binnenkrijgt. Slechts 30 procent van de appartementen is momenteel bewoond.

Ook Bethlehem voelt, hoewel veruit de meeste appartementen van Live the City nog bewoond zijn, de druk van de coronacrisis. “Veel van onze huurders werken in restaurants of cafés, zij hadden tijdens de lockdowns het afgelopen jaar vaak geen werk”, zegt zij. Live the City zag zich zelfs genoodzaakt haar huurders meerdere maanden een tijdelijke huurverlaging aan te bieden.

Moyo staat een half uur later weer op straat en vervolgt zijn stadswandeling via Jewel City naar Maboneng. Hij schudt zijn hoofd. “Zo gaat het steeds met stadsvernieuwing in Johannesburg”, zucht hij. “Telkens als je denkt dat we écht grote stappen kunnen maken, gebeurt er iets en stokt het weer.” Hij gaat het hippe huiskamercafé Betrand binnen en neemt plaats aan het raam. “Maar gelukkig hebben veel kroegen en restaurants in Maboneng de coronacrisis tot nu toe weten te doorstaan.”

Moyo probeert daarom positief te blijven. “Jewel City gaat een succes worden. En dat gaat weer een extra impuls geven aan Maboneng”, verzekert hij. “Er zitten kapitaalkrachtige investeerders achter het project. Er is goed over nagedacht. En kijk, door de crisis zal niet iedereen zijn dure huis in Sandton meer kunnen betalen. Wellicht trekken nu iets meer mensen uit de middenklasse hierheen.”

Toch denkt professor Hoogendoorn dat een écht succesvolle en structurele opknapbeurt van Johannesburg CBD afhangt van het algemene herstel in Zuid-Afrika na de coronacrisis. “Om werkelijk grote stappen te maken zal de economische groei in het land eerst vele jaren achter elkaar boven de 5 procent moeten uitkomen”, schat hij in. “En het probleem is nu juist dat de Zuid-Afrikaanse economie ook al ver voor corona, sinds 2008 eigenlijk, nauwelijks heeft weten te groeien.”

Lees ook: Is Johannesburg een wandelstad?

Zuid-Afrikanen lopen doorgaans traag. Ook nu, op zaterdagochtend op de Cradle Moon Hiking Trial, wil ik de hele tijd mensen inhalen. En dat zijn er nogal wat. Het is druk op de wandelroute die is uitgezet rond een prachtig stuwmeertje, zo’n vijftien minuten rijden ten noordwesten van Johannesburg.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden