Noord-Afrika

Hoe 20.000 huursoldaten het vredesproces in verscheurd Libië hinderen

Strijders van een militie die de centrale regering in Tripoli steunt. Beeld AP
Strijders van een militie die de centrale regering in Tripoli steunt.Beeld AP

De VN roepen de meer dan 20.000 huursoldaten in Libië op te vertrekken. Maar de belangrijkste buitenlandse machten achter de huurlingenoperaties, Turkije en Rusland, zijn gehecht aan hun invloed.

Ze lieten zes militaire helikopters met vervalste papieren overvliegen vanuit Botswana. Ook werden twee krachtige grijze speedboten overgevaren vanaf Malta. De buitenlandse huurlingen die de haven van de Libische stad Benghazi binnenglipten waren afkomstig uit Engeland, Amerika, Australië en Zuid-Afrika. Als ze vragen kregen, zeiden ze dat ze kwamen om olie- en gasinstallaties te beveiligen. In werkelijkheid waren ze volgens een recent VN-rapport gekomen om mee te helpen bij een groot offensief van de krijgsheer Khalifa Haftar op de hoofdstad Tripoli. Een klus waarvoor ze 80 miljoen dollar zouden krijgen, zo’n 66 miljoen euro.

Maar het liep allemaal anders. Haftar was woedend over de in zijn ogen tekortschietende helikopters en bedreigde de huurlingen. Binnen een paar dagen haastten de huursoldaten zich naar hun speedboten en raceten naar Malta. Toen journalisten vervolgens lucht kregen van de mislukte actie – projectnaam Opus – stuitten ze op een muur van stilzwijgen. De eigenaar van de speedboten, een Maltese wapenhandelaar, bezwoer tegenover The New York Times dat hij van niks wist en volslagen onverwacht was beland ‘in een heel ongelooflijke situatie’.

Bonte waaier

Het incident uit 2019 illustreert hoe het door oorlog verscheurde Libië een strijdtoneel is geworden voor een bonte waaier aan buitenlandse huurlingen. Diplomaten in de VN-veiligheidsraad schatten dat er meer dan 20.000 huursoldaten actief zijn in het Noord-Afrikaanse land, onder wie zo’n 13.000 Syriërs, 11.000 Soedanezen, plus honderden Tsjadiërs, Russen en allerlei westerlingen. Volgens experts van de VN werd ook een vliegtuig van de beruchte Amerikaanse huurlingenleverancier Erik Prince gesignaleerd op een Libisch vliegveld.

In het decennium na de verdrijving en dood van dictator Moammar Kadafi in 2011 viel het olierijke Libië uiteen in een westelijke deel, waar tegenwoordig een door de Verenigde Naties erkende regering de dienst uitmaakt, en een oostelijke deel, waar krijgsheer Khalifa Haftar inmiddels de scepter zwaait. Beide kampen hebben de afgelopen jaren volop huurlingen ingeschakeld om de eigen milities te versterken.

Zo speelden Russische huursoldaten, onder meer van het aan het Kremlin gelieerde bedrijf Wagner, een belangrijke rol bij het offensief dat Haftar in april 2019 begon om de hoofdstad Tripoli in te nemen. Mede dankzij de Russen bereikte Haftars Libyan National Army (LNA) de randen van Tripoli.

De militaire balans sloeg vervolgens om toen Turkije besloot om naast militaire trainers, drones en wapens ook duizenden Syrische huurlingen over te brengen naar Tripoli, om de regeringsmilities te helpen. Met hulp van deze Syriërs wisten de strijders van de centrale regering Haftars milities terug te slaan.

Interim-regering

Nadat Haftar zo in het defensief was gedrongen, slaagden VN-diplomaten er vorig jaar in om de strijdende partijen een staakt-het-vuren te laten tekenen. Er werd afgesproken dat alle huurlingen uiterlijk 23 januari vertrokken moesten zijn. En er kwam begin dit jaar een interim-regering met de rijke Libische zakenman Abdul Hamid Dabaiba als premier, die nu moet proberen het land te stabiliseren en eind dit jaar verkiezingen moet organiseren.

null Beeld

Het staakt-het-vuren wordt tot nu toe redelijk nageleefd. Maar van de deadline voor hun aftocht trekken de huursoldaten zich weinig aan. De belangrijkste buitenlandse machten achter de huurlingeninzet, Rusland en Turkije, bewijzen wel lippendienst aan de afspraken, maar zijn tegelijk gehecht aan de invloed die ze hebben verworven.

Zo is Rusland erop gebrand om toegang te houden tot de bases, havens en vliegvelden zo dicht bij de zuidflank van de Navo. De Russen helpen Haftar momenteel bij het aanleggen van een verdedigingslinie die vanaf de kustplaats Sirte de woestijn in strekt. Kort na het aantreden van de interim-regering dirigeerde Moskou juist extra huurlingen naar Libië.

Bondgenoot

En ook Turkije, dat probeert zijn invloed in Noord-Afrika uit te breiden, wil graag voet aan de grond houden in Libië. Ankara heeft in 2019 een contract met de toenmalige regering in Tripoli getekend over de afbakening van zeegebieden, op grond waarvan de Turken op de Middellandse Zee naar olie en gas willen gaan zoeken. In de zakenman-premier Dabaiba zien de Turken een bondgenoot.

Tijdens een bezoek afgelopen maandag aan Tripoli gaf de Turkse buitenlandminister Mevlüt Cavusoglu dan ook geen sjoege toen zijn Libische tegenhanger Najla al-Manqoush suggereerde dat alle huurlingen nu toch echt moeten vertrekken. Cavusoglu wees erop dat Ankara zich in 2019 pas in het Libische strijdgewoel mengde nadat de centrale regering van dat moment, die dreigde te worden overlopen, om steun had gevraagd. “We stonden naast Libië in moeilijke tijden”, twitterde de Turkse bewindsman maandag. “Onze steun gaat door.”

Risico’s bij terugkeer

Een vertrek van duizenden huurlingen uit Libië kan een riskant moment opleveren voor sommige landen in de regio. Dat bleek onlangs nog toen het Front voor de Afwisseling en de Afstemming in Tsjaad (Fact), een Tsjadische militie uit het kamp van de Libische krijgsheer Haftar, vorige maand terugkeerde naar Tsjaad. De rebellen raakten slaags met regeringstroepen, en de Tsjadische president Idriss Déby, die poolshoogte kwam nemen aan het front, sneuvelde. Volgens regeringswoordvoerders landde een granaat naast Déby’s auto. Honderden Fact-strijders probeerden daarna op te rukken naar de Tsjadische hoofdstad N’Djamena om de junta af te zetten die direct na Déby’s dood werd geïnstalleerd door zijn zoon, maar ze werden door regeringstroepen teruggeslagen.

Lees ook:

Libië eist vertrek van alle buitenlandse troepen en huurlingen

Alle 20.000 buitenlandse troepen en huurlingen moeten Libië zo snel mogelijk verlaten, zo eist de Libische minister van buitenlandse zaken. Maar ook met hun vertrek heeft Libië nog een lange weg te gaan naar vrede en stabiliteit.

Woede na moord op Libische vrouwenrechtenactiviste Hanan al-Barassi

Hanan al-Barassi, een uitgesproken criticus van de Libische generaal Haftar, is woensdag op klaarlichte dag doodgeschoten in de stad Benghazi.

Wapenstilstand in Libië, maar het land is nog niet uit de problemen

In Genève is een wapenstilstand uitonderhandeld tussen de strijdende partijen in Libië. Maar van een permanente oplossing voor het conflict is nog geen sprake.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden