ReportageZuid-Afrika

Hiv en corona zijn een dubbele bedreiging voor de kwetsbaarste Zuid-Afrikanen

Charlie Mndawe, zelf al zes jaar werkzaam als sekswerker, loopt in zijn beschermde corona-outfit rond de tippelzone op zoek naar sekswerkers die hij naar de mobiele kliniek kan brengen.Beeld Bram Lammers

De coronacrisis maakt dat veel mensen met hiv in Zuid-Afrika moeizamer toegang hebben tot klinieken. Dus moeten klinieken de medicijnen naar hen toe brengen.

De tippelzone in de Zuid-Afrikaanse stad Nelspruit is makkelijk te herkennen: overal op de muren, op elektriciteitshuisjes en verkeersborden zijn advertenties voor ‘abortus’ en ‘penisvergroting’ geplakt. Op de stoep staat een tent. Een groep vrouwen wacht in een rij voor de ingang. Eén voor één mogen ze naar binnen. De rest kijkt hoe een gezondheidswerker, in een wit coronapak en met plastic gezichtsbescherming, op een neppenis demonstreert hoe je een condoom om doet zonder dat er lucht onder komt. Want, zo horen de vrouwen, dan is de kans op een scheur het kleinst. Ook enkele mannelijke voorbijgangers blijven nieuwsgierig staan.

Binnen in de tent neemt verpleegster ­Nomautanda Siduna de vrouwen bloed af. Het is één uur ’s middags. De 29-jarige Zanele ­Masilela is net binnengekomen. Na het bloedprikken laat Siduna haar een zwart mondkapje zien. “Zorg dat je dit altijd draagt, ook als je met klanten bent”, drukt ze Masilela op het hart. “En zorg dat je, nadat je met een klant bent geweest, ook altijd je handen ontsmet.” Siduna showt het flesje ontsmettingsmiddel dat zij, samen met de hiv-medicatie en wat condooms, in een bruin papieren zakje stopt. “Raak daarvoor nooit je ogen, mond of neus aan.”

Masilela komt uit Swaziland, vertelt ze als ze een paar minuten later weer buiten op straat staat. Ze verdient haar geld als sekswerker en weet sinds twee jaar dat ze hiv heeft. Eind maart had ze pech: toen Zuid-Afrika aankondigde zijn grenzen te sluiten vanwege ­corona, was zij toevallig in dat land. Ze wist vanuit Nelspruit niet op tijd terug naar huis te komen. En de grens tussen Zuid-Afrika en Swaziland bleef vervolgens dicht. Al drie maanden inmiddels. Dus raakte ze in paniek. Want elke maand dient zij bij de kliniek in haar woonplaats Piggs Peak hiv-remmers af te halen. En dat ging nu niet.

Masilela vertelt het met zachte stem. Ze oogt verlegen. Bovendien heeft ze goed naar verpleegster Siduna geluisterd. Ze heeft haar mondkapje opgehouden toen ze de tent uitkwam en lijkt niet van plan die snel nog af te zetten. Ze pakt wat extra condooms uit de dozen die naast de mobiele kliniek staan en neemt ook een paar van de folders mee die daartussen liggen. Zij bieden informatie over hiv, PrEP (een middel om een hiv-infectie mee te voorkomen) en het coronavirus.

Naar de risicogroepen toe

Vier uur eerder hebben Siduna en haar drie collega’s de tent, condooms en medicijnen in een witte pick-up geladen bij hun kliniek in Ngodwana, die is ingericht in twee blauwe zeecontainers. Het paste maar net. Ngodwana is een plattelandregio in het oosten van Zuid-Afrika, ongeveer een half uur van Nelspruit. “Het is een plek waar veel mensen hiv hebben”, legde Siduna de keuze voor die locatie uit. Ze stapte in de auto. “Het is een populaire stop voor vrachtwagenchauffeurs op weg naar Mozambique en Swaziland. Dat maakt dat er veel sekswerkers wonen. En de papierfabriek verderop draait bijna volledig op seizoensarbeiders. Ook dat is een risicogroep als je het over hiv hebt.”

Het aantal coronabesmettingen in Zuid-Afrika neemt de laatste ­weken snel toe. De teller stond zondag op 97.302 en het aantal doden schommelt tussen de vijftig en negentig per dag. In heel Afrika zijn 306.567 gevallen van corona vastgesteld en zijn 8115 mensen overleden. Mark Vermeulen, directeur van Aidsfonds, vreest dat in veel Afrikaanse landen de zorg voor mensen met hiv in de verdrukking komt door de corona-uitbraak.

Aidsfonds heeft daarom een noodfonds opgezet - waaruit bijvoorbeeld ook North Star Alliance heeft kunnen putten. Dat fonds richt zich vooral op basale zaken als verstrekking van rubberen handschoenen en mondkapjes aan klinieken en voedselpakketten aan gezinnen met kinderen met hiv. Want met name kinderen verdragen de zware hiv-medicatie doorgaans slecht op een nuchtere maag. “We proberen ook overal projecten op te zetten om de medicijnen bij mensen thuis te brengen”, zegt Vermeulen. “Op fietsen, brommers en met de auto.”

Bij een langdurige pauze in het medicijngebruik bestaat de kans dat hiv immuun wordt tegen de eerder gebruikte medicijnen. En in veel Afrikaanse landen is het aantal beschikbare alternatieve hiv-remmers beperkt. Volgens de WHO en Unaids kan het aantal mensen dat sterft aan de gevolgen van aids, indien de coronacrisis zes maanden aanhoudt, door dit soort naweeën nog tot 2025 jaarlijks 40 procent hoger uitvallen dan eerder werd verwacht.

Siduna (42) werkt voor North Star Alliance. Die medische hulporganisatie zond haar begin juni naar de kliniek in Ngodwana, om er de mobiele zorg tijdens de coronacrisis te versterken. Want door de corona-uitbraak is het ­belangrijk dat er extra verplegers naar de

7,7 miljoen Zuid-Afrikanen met hiv toe gaan. Van hen slikt 62 procent hiv-remmers. Maar door de strenge Zuid-Afrikaanse lockdown eind maart en in april was het transport naar de klinieken waar zij die medicijnen ophalen, wekenlang ernstig beperkt. En ook nu alle taxibusjes weer volop rijden, blijkt de angst er nog steeds stevig in te zitten. Veel mensen met hiv zijn bang dat zij tijdens een bezoek aan hun kliniek het coronavirus zullen oplopen. Dus gaan zij er niet meer heen.

In Zuid-Afrika is 20,4 procent van alle mensen tussen de 15 en 49 jaar geïnfecteerd met hiv. In 2018 stierven 71.000 Zuid-Afrikanen aan de gevolgen van aids. En elk jaar komen er nog 240.000 nieuwe hiv-infecties bij in het land. Ook in veel andere Afrikaanse landen is hiv een van de grote gezondheidsproblemen. Wereldgezondheidsorganisatie WHO en Unaids, het anti-aidsprogramma van de Verenigde Naties, waarschuwden in mei dat, door de verslechterde toegang tot hiv-medicatie en overbelasting van de gezondheidszorg als ­gevolg van de coronacrisis, dit jaar een half miljoen extra Afrikanen kunnen sterven aan de gevolgen van aids. Dat zou een verdubbeling betekenen van het aantal slachtoffers van de ziekte vorig jaar.

Als een lopend vuurtje

Toen Siduna en haar team hun mobiele kliniek rond het middaguur opbouwden op de stoep van de tippelzone in Nelspruit, hadden veel vrouwen zich al verzameld op de afgesproken plek. Ze leunden tegen de muur van een winkel met haarproducten die, in schril contrast met het troosteloze straatbeeld, ‘Pretty corner’ heet. Charlie Mndawe (47) had het nieuws over de komst van de mobiele hiv-kliniek vooraf onder de sekswerkers in de stad verspreid. Dat is de vaste werkwijze: overal waar de mobiele kliniek van Siduna komt, is dat van tevoren aangekondigd via vaste contactpersonen.

Bij de mobiele kliniek van Nomautanda Siduna in Nelspruit.Beeld Bram Lammers

Want elke dag staat de tent ergens anders. Meestal op strategische plekken op het arme platteland, in een straal van zo’n tweehonderd kilometer rond Ngodwana. Maar sekswerkers vormen een extra kwetsbare groep. Dus doet de mobiele kliniek af en toe ook de stad Nelspruit aan. Sinds de coronacrisis zijn de sekswerkers daar uit de bordelen gezet waar zij normaal gesproken leven. Die moesten sluiten vanwege corona. Dus werken ze nu buiten, op straat. “Het is moeilijk met Covid”, geeft Tambutzai Chimbi (32) toe, nadat zij met haar ­medicijnen de tent uit is gestapt. “Het leven is op dit moment heel zwaar.”

Mndawe loopt in zijn witte coronaoutfit door de omringende wijk. Hij blijft maar terugkomen bij de tent met nóg meer vrouwen die medicijnen nodig hebben. Zelf is hij al zes jaar lang sekswerker. Hij kent praktisch iedereen in het tippelgebied. “Veel van de vrouwen durven niet naar een kliniek”, bevestigt hij. “Ze zijn echt heel bang Covid-19 op te lopen. Daarom is het hier nu zo druk.”

Rond drie uur breken Siduna en haar team hun tent weer af. “Het is belangrijk dat we ­deze vrouwen de hele coronacrisis met de mobiele kliniek blijven bezoeken”, legt Siduna uit. Ze stapelt de halflege dozen met condooms in de achterbak van de pick-up. Ze puft nog wat na in haar blauwe, beschermende ­coronapak: het was midden op de dag warm in haar bedompte tentje. “Als de vrouwen hun medicijnen niet elke dag slikken, neemt hun weerstand af. Dan zijn ze vatbaarder voor ziektes als tuberculose en longontsteking. Dat is extra gevaarlijk in combinatie met Covid-19. Want ook dat is een longaandoening. We moeten bovendien controleren of de hiv-remmers geen bijwerkingen veroorzaken. Vooral voor de nieren kunnen de medicijnen zwaar zijn. Ook voorlichting ­– over condoomgebruik, ­medicijnen en hiv – blijft belangrijk. Daar ­komen onze Covid-19-adviezen nu nog bij.”

Het is om de hoek, maar te ver

Terug in Ngodwana loopt Siduna nog snel even de nederzetting Bhamgee in, pal achter de kliniek. Ze weet goed de weg te vinden tussen de bovenop elkaar gebouwde hutjes van stokken, losse stenen en roodbruine leem door. Ze groet een groepje mannen dat rond een houten tafel tegen een muur staat te kaarten. Twee huizen verderop doen wat vrouwen binnen op de grond hetzelfde. “Kaarten is voor veel mensen hier momenteel de enige manier om nog wat geld te verdienen”, legt Siduna uit. “Ze kaarten om geld van elkaar te winnen. De werkloosheid was hier altijd al groot, maar sinds de lockdown, ook al is die inmiddels versoepeld, is er wel heel weinig werk te vinden.”

Ze stopt bij het huis van Delisiwe Fakude, die voor haar deur in een teiltje de was zit te doen. Siduna vertelt dat ze over twee dagen Bhamgee met haar mobiele kliniek zal bezoeken. De 29-jarige Fakude knikt opgetogen. Ze is werkloos, vertelt ze even later, en geïnfecteerd met hiv. Siduna vraagt of zij het nieuws verder wil verspreiden in de nederzetting met zo’n duizend inwoners, zodat iedereen over twee dagen net zo keurig klaarstaat als vanmiddag in Nelspruit. Dat verhoogt de efficiëntie.

Verpleegster Nomautanda Siduna in gesprek met de werkloze Delisiwe Fakude. Fakude is met hiv geinfecteerd en durft haar aidsremmers niet op te halen uit angst voor coronabesmetting. Beeld Bram Lammers

Het is vreemd, geeft Fakude toe: ze woont op slechts vijf minuten lopen van de Ngodwana-kliniek, en toch krijgen ook zij en haar ­buren hun medicijnen nu thuisbezorgd. Daartoe is besloten om het risico op coronabesmettingen in de kliniek te verminderen. “Ik ben blij dat ik daar tijdelijk niet naartoe hoef”, zegt Fakude, terwijl ze verwoed de kleren van haar 2-jarige dochtertje schrobt. ‘Ik vind het eng om er in deze tijd heen te gaan. Maar ik moet natuurlijk wel mijn hiv-medicijnen kunnen blijven slikken. Want ik heb gehoord dat de kans dat ik dan erg ziek word van Covid-19 een stuk kleiner is.”

Lees ook:
Voor water en de wc naar buiten, in Zuid-Afrikaanse townships is binnenblijven onmogelijk

Zuid-Afrika zit sinds 26 maart op slot vanwege corona. Maar in sloppenwijken als Freedom Charter in township Soweto is er weinig van te merken. ‘Zeg eens: hoe ziet iemand met corona er uit?’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden