Om zwarte Portugezen te helpen, heeft Paula Cardoso Afrolink opgericht: een platform dat zwarte professionals met opdrachtgevers in contact brengt.

Zwarte bladzijde

Het viel in Portugal wel mee met het kolonialisme, toch? ‘Velen geloven niet dat er zoiets is als institutioneel racisme’

Om zwarte Portugezen te helpen, heeft Paula Cardoso Afrolink opgericht: een platform dat zwarte professionals met opdrachtgevers in contact brengt.Beeld Eline van Nes

Onder sommige Portugezen leeft de gedachte dat het kolonialisme van Portugal minder slecht was dan dat van andere landen. Maar de racistische moord op een zwarte acteur en een kritisch rapport van de Raad van Europa werpen een ander licht op de geschiedenis.

Jurriaan van Eerten

Bij het Padrão dos Descobrimentos, het monument ter ere van de Portugese ontdekkingsreizigers, staan verschillende toeristen: een Amerikaans meisje poseert voor een foto, twee Aziatische vrouwen nemen een selfie. Over de rivier de Taag vaart intussen een groot cruiseschip richting de oceaan. Dit is een van de toeristische hotspots van Lissabon – de waterkant, historische gebouwen en een aantal musea liggen hier op loopafstand van elkaar, in een gebied dat bekendstaat om de goede restaurants en barretjes.

Maar wie kijkt met de ogen van de 76-jarige historica Isabel Castro Henriques, ziet hier aan de oever van de Taag de geschiedenis van Portugal. In haar boekje Roteiro Histórico de uma Lisboa Africana (‘Historische wandeltocht door Afrikaans Lissabon’) beschrijft Castro Henriques verschillende routes door de stad die de invloed van gekoloniseerd Afrika op Portugal tonen. Vanaf de kades van de Taag vertrokken vanaf het einde van de vijftiende eeuw grote zeilschepen voor ontdekkingsreizen. Het kloostergebouw Mosteiro dos Jerónimos, nu een toeristische trekpleister, was de plek waar ontdekkingsreiziger Vasco da Gama volgens de overlevering biddend de nacht doorbracht. De dag daarna vertrok hij naar wat nu India heet, waar de Portugezen hun kolonie Goa zouden stichten.

Op deze zelfde plek vond de wereldtentoonstelling van 1940 plaats. Trots toonde de dictatuur van minister-president António de Oliveira Salazar hier haar koloniale geschiedenis. Inwoners uit de verschillende koloniën werden in de botanische tuin van Lissabon bijeengezet voor een ‘menselijke expositie’ die liet zien hoe de ‘wilden’ eruit zagen. En het Padrão werd geplaatst, als monument ter ere van de overzeese avonturen.

Een ‘zacht soort kolonialisme’

“Er bestond tijdens de dictatuur (van 1926 tot 1974, red.) een manier van denken over het kolonialisme van Portugal als ‘goed kolonialisme’”, vertelt Castro Henriques, wier werkkamer uitkijkt over de botanische tuin. “Dat zou zich vanaf de jaren vijftig vermengen met het idee van het Lusotropicalismo, een manier van denken opgeworpen door de Braziliaanse denker Gilberto Freyre dat Portugezen een zachter soort kolonialisme bedreven.”

De idee van het Portugees kolonialisme als een beter kolonialisme, in vergelijking met bijvoorbeeld dat van de Nederlanders of de Britten, is volgens Castro Henriques nooit helemaal verdwenen uit Portugal. “Onder bepaalde intellectuelen en politici, publieke figuren, leeft die manier van denken nog”, vertelt zij. “Het is de wetenschappelijke onderbouwing van het huidige Portugese racisme.”

Afgelopen jaar kreeg Portugal een berisping van de Raad van Europa, die stelde dat het Zuid-Europese land te weinig doet om de donkere kanten van het koloniale verleden te presenteren: “Portugal moet verdere inspanningen leveren om in het reine te komen met de schendingen van de mensenrechten in het verleden en de racistische vooroordelen tegen mensen van Afrikaanse afkomst – een erfenis van een koloniaal verleden en historische slavenhandel – aanpakken.”

Racistische moord

Een zomer eerder, in 2020, was racisme al een prominent onderwerp van discussie geworden in Portugal, na de moord op de zwarte acteur Bruno Candé. Hij werd in Lissabon doodgeschoten door een veteraan van de onafhankelijkheidsoorlog in de voormalige Portugese kolonie Angola, nadat zij ruzie hadden gekregen op straat. Dat bij die moord sprake was van racisme, lijdt geen twijfel. De laatste woorden die Candé hoorde waren: “Donder op naar je eigen land, neger.” De gebeurtenissen gaven ruimte voor veel meer publieke zichtbaarheid voor enkele Portugese politici en activisten, die al jaren vechten tegen racisme.

Tekenend voor de manier waarop de discussie de afgelopen jaren op scherp is komen te staan, is hoe de naam van een gepland museum al meerdere keren veranderde. Wat origineel het Museu de Descobrimentos (‘Museum van Ontdekkingen’) moest heten, werd het Museu Interculturalidade (‘Intercultureel Museum’) en staat inmiddels gepland onder het neutrale Museu do Viajem (‘Museum van Reizen’).

“We hoeven wat mij betreft echt niet gelijk het Padrão of de standbeelden van Vasco da Gama omver te trekken hoor”, zegt Paula Cardoso. Geboren in 1979 in de voormalig Portugese kolonie Mozambique en opgegroeid in Portugal, is de sierlijk geklede Cardoso oprichtster van Afrolink: een platform dat zwarte professionals met opdrachtgevers in contact brengt. “Maar misschien zou er ook iets kunnen staan van een Afrikaanse leider uit één van de vroegere koloniën? Nu zie je in de straatnamen, de parken en de standbeelden alleen het heroïsche verhaal van de ontdekkers.”

Toeristen nemen foto’s bij het Padrão dos Descobrimentos, een monument ter ere van de Portugese ontdekkingsreizigers.  Beeld Eline van Nes
Toeristen nemen foto’s bij het Padrão dos Descobrimentos, een monument ter ere van de Portugese ontdekkingsreizigers.Beeld Eline van Nes

Mishandeld door politieagenten

Op een terras in een parkje bij de Taag vertelt Cardoso tijdens een cappuccino dat de Portugese discussie over het koloniale verleden steeds meer op gang komt. Het kantelpunt was volgens Paula Cardoso 2015. Zes zwarte jongeren uit Amadora, een voorstad van Lissabon, werden door politieagenten mishandeld en racistisch uitgescholden. De agenten werden veroordeeld – drie van hen kregen drie jaar gevangenisstraf – maar zij raakten hun baan niet kwijt, tot woede en ergernis van Cardoso.

“Er zijn helaas nog steeds veel Portugezen die niet geloven dat er racisme bestaat in dit land”, zegt ze. “Zij denken dat de strijd tegen racisme een modetrend is, overgewaaid vanuit de Verenigde Staten. Maar doordat incidenten nu worden opgenomen op mobiele telefoons, kunnen mensen zien dat er wel degelijk sprake is van racisme.”

Cardoso richtte Afrolink op op het moment dat zij werkte aan kinderboeken, waarin de hoofdpersonages een andere achtergrond hebben. Ze zocht een zwarte illustrator, maar die bleek moeilijk te vinden. Via Afrolink probeert ze nu organisaties die van plan zijn een inclusief beleid te voeren, in contact te brengen met mensen met een andere achtergrond.

Alleen maar witte mensen

“Op het nieuws, in de politiek, overal zie je vrijwel alleen maar witte mensen in Portugal”, verzucht Cardoso. Ze vertelt dat ze met de overheid een project opzet om zwarte schoolkinderen te bereiken, waarbij ze met klassen in gesprek wil over racisme. “Als ik naar klassen met veel zwarte kinderen ga, merk ik gelijk hoe belangrijk het voor hen is om mij te zien. Opeens durven ze over dingen te praten waarover hun normale docenten hen niet horen. Simpelweg omdat er voor het eerst iemand voor de klas staat die ook zwart is.”

Volgens Cardoso wordt de donkere kant van de geschiedenis niet of nauwelijks belicht in de klas. Bijvoorbeeld over de bijna zes miljoen tot slaaf gemaakte Afrikanen die Portugal tussen de 15e eeuw en de 19e eeuw naar de koloniën vervoerde. Het probleem bij de kinderen is volgens Cardoso dat zij daardoor het gevoel hebben dat ze geen achtergrond hebben, terwijl veel zwarte Portugezen afstammen van Afrikanen die in voorgaande eeuwen al naar Portugal kwamen. “Ik voelde dat als kind ook. Dat trotse nationalisme van Portugal, daar kon ik geen deel van zijn. Maar vervolgens begreep ik niet wie ik dan zelf was.”

Een andere wandeling door het ‘Afrikaanse’ Lissabon uit het boek van historica Casto Henriques gaat ook langs de waterkant van de Taag, enkele kilometers oostelijk van het Padrão. Hier komt de wandelaar langs het Praça do Comércio, een statig plein dat aan de zuidzijde opent naar de rivier. In het midden een standbeeld van de achttiende-eeuwse Portugese koning Josef I, langs de zijkanten staan zachtgele gebouwen met zuilengalerijen. Een achttiende-eeuwse poort vol standbeelden is hier de toegang tot het centrum van de stad.

Maar wat níet gelijk zichtbaar is in de koloniale pracht van dit plein – dat ironisch genoeg het ‘Plein van de Handel’ heet – is hoe de slaven hier werden uitgeladen om doorgeleid te worden naar het slavenhuis voor de verkoop.

De poort aan de noordkant van het Praça do Comércio is de toegang tot het centrum van Lissabon. Hier werden slaven van de schepen uit Afrika geladen en doorgeleid naar slavenhuizen voor de verkoop. Beeld Eline van Nes
De poort aan de noordkant van het Praça do Comércio is de toegang tot het centrum van Lissabon. Hier werden slaven van de schepen uit Afrika geladen en doorgeleid naar slavenhuizen voor de verkoop.Beeld Eline van Nes

Slaven lieten geen paleizen na

Wat de zoektocht naar het verleden volgens Henriques lastig maakt, is dat er weinig fysieke herinneringen zijn over Afrikanen die naar Portugal zijn gebracht. “Als slaven lieten zij geen paleizen en pleinen na. Juist vanwege die stilte was het noodzakelijk om te tonen hoe Afrikanen en afstammelingen van Afrikanen al eeuwenlang onderdeel uitmaken van de stad.”

Na de val van de Portugese dictatuur in 1974 richtte Castro Henriques de afdeling Afrikastudies op aan de universiteit van Lissabon. Van daaruit heeft zij altijd het Afrikaanse verhaal van Lissabon willen vertellen. Ze kijkt naar de invloed die Afrika heeft gehad op de stad en op Portugal als land. De eerste jaren had zij veel moeite Afrika als studiegebied op de kaart te zetten. Maar de afgelopen jaren wordt Castro Henriques geregeld uitgenodigd voor lezingen en tentoonstellingen, nu er wereldwijd een groeiende discussie ontstaat over het kolonialisme en het daaruit voortvloeiende institutionele racisme binnen westerse samenlevingen. “Ik ben een beetje een rockster geworden”, zegt de 76-jarige historica er lachend over.

Intussen werkt ze samen met verschillende prominente Portugezen. Een van hen is politica Beatriz Gomes Dias, met wie zij aan een serie plakkaten werkt die in Lissabon informatie geven over het koloniale verleden. Geboren in Senegal bij ouders uit de voormalige kolonie Guinee-Bissau, is ook Gomes Dias voornamelijk opgegroeid in Portugal. Als gemeenteraadslid voor het linkse Bloco Esquerda in Lissabon, zette zij zich in tegen racisme en uitsluiting. Dat leidde tot meerdere doodsbedreigingen – wat geldt voor de meeste Portugezen die zich publiek tegen racisme uitspreken.

Lissabon is een gesegregeerde stad

“Veel Portugezen geloven niet dat er zoiets is als institutioneel racisme”, vertelt de 50-jarige Beatriz Gomes Dias via Zoom. “Maar als je kijkt naar Lissabon, waar de mensen met een Afrikaanse achtergrond in de voorsteden wonen en dagelijks lange tijd reizen om in het centrum ondergewaardeerd werk doen, dan zie je al dat de stad zeer gesegregeerd is.”

Volgens Gomes Dias is Lissabon momenteel ingericht op een manier die vergelijkbaar is met de vroegere koloniën. Ze noemt dat “de bezette gebieden”. “Ook in die gebieden had je een centrum van macht en zwarte mensen die daar vanuit buiten naartoe moesten reizen. Daarom heb ik erop gehamerd dat we altijd met de lens van anti-racisme naar alle gemeentelijke problemen kijken. Huisvesting, transport, ziekenzorg. Overal staan zwarte Portugezen er slechter voor. Om iets te veranderen, moet je het eerst erkennen.”

Het betekent niet dat Portugezen met Afrikaanse voorouders als slachtoffer gezien moeten worden, vindt Gomes Dias. “Mijn voorouders zijn ontvoerd en mishandeld, als slaven gebruikt. Maar zij hebben ook een geschiedenis van rebellie en overwinning, een gevecht voor onafhankelijkheid en vrijheid. Ik sta op hun schouders. En vanaf daar kan ik weer een klein beetje verder bouwen. We hebben, ondanks alles, veel bereikt in die ruim twee jaar dat ik in de gemeenteraad zat.”

Lees ook: ‘Een misdaad tegen de menselijkheid’: Utrecht biedt excuses aan voor slavernijverleden

Als derde stad op rij biedt Utrecht excuses aan voor het aandeel van het vroegere stadsbestuur in het slavernijverleden. ‘De gevolgen laten zich tot op de dag van vandaag voelen.’

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden