ReportageZuid-Afrika

Het grenshek tussen Zimbabwe en Zuid-Afrika stopt lang niet iedereen

De Zuid-Afrikaanse regering heeft aan het begin van de lockdown een veertig kilometer lang hek langs de grens met Zimbabwe gepaatst. Het grenshek heeft 2 miljoen euro gekost.Beeld Bram Lammers

Zuid-Afrika houdt zijn grenzen sinds 26 maart dicht vanwege de corona-lockdown. Langs de grens met Zimbabwe bouwde de regering zelfs een hek. Niemand lijkt daar echt blij mee.

 De sfeer langs de oevers van de al weken drooggevallen grensrivier Limpopo tussen Zuid-Afrika en Zimbabwe is schichtig. 20 kilometer ten oosten van de Zuid-Afrikaanse grensstad Musina staan in de vroege ochtend tientallen Zimbabwanen verscholen achter struiken en onder bomen. Ze wachten op pick-upwagens die langs ­boerderijen en brede baobabbomen over een hobbelige zandweg komen aanrijden. Die ­halen hen op, leveren anderen af en bezorgen soms een lading eerder bestelde goederen uit Musina: mais, bakolie of rijst bijvoorbeeld.

Het is de plek waar het gloednieuwe grenshek eindigt dat Zuid-Afrika begin april langs een deel van de Limpopo plaatste. Minister ­Patricia de Lille zei toen dat het hek moest ­zorgen dat er niet langer illegale, met corona besmette immigranten Zuid-Afrika binnen zouden komen. De bouw was onderdeel van de op 26 maart ingevoerde coronalockdown en hing samen met de verregaande sluiting van de enige grenspost tussen Zuid-Afrika en het straatarme Zimbabwe. Alleen ‘essentieel’ (vracht)verkeer mag er sindsdien nog door. Plots kwam de drukste grenspost in zuidelijk Afrika grotendeels tot stilstand.

Maar de grens tussen de twee buurlanden strekt zich uit over 225 kilometer. En het hek reikt slechts tot 20 kilometer aan beide zijden van de grenspost. Dus verzamelen Zimbabwanen die de grens over willen steken zich nu aan de uiteinden ervan. Daar is het nog wel steeds oppassen voor de sporadisch langsrijdende ­militairen natuurlijk. Maar die zijn in beide windrichtingen al van verre te zien.

De meeste Zimbabwanen schieten weg zodra ze een onbekend gezicht tussen de struiken ontwaren. Musenu Madau (35) niet. Hij vertelt na enige aarzeling dat hij elke dag op die plek staat te wachten op landgenoten die met voedsel of koopwaar uit Musina komen en daarmee de grens willen oversteken naar huis. Hij verdient geld door hen te helpen hun vracht de zanderige rivierbodem over te dragen. Ja, hij is bang voor het leger, geeft hij toe. Hij weet dat wat hij doet illegaal is. “Als we ­soldaten zien aankomen, rennen we zo hard mogelijk weg.” Maar hij moet nu eenmaal geld verdienen.

Madau heeft een vrouw en vier kinderen in Beitbridge, het Zimbabwaanse grensstadje aan de overkant van de rivier. Hij vraagt: “Ben je op weg hierheen vanuit Musina veel wegversperringen van het leger tegengekomen?” Het verschilt per dag op welke route de militairen zich focussen, legt hij uit. “Als ze deze weg ­extra streng bewaken, heb ik die dag weinig werk. Ik …” Hij maakt zijn zin niet af. Iemand in een passerende rode Toyota roept iets naar hem. “Sorry, ik moet nu weg”, mompelt Madau opeens geschrokken. En na wat aandringen: “Die man riep dat ik niet met journalisten moet praten”.

Knippers maken steeds meer kruipgaten

Van het punt waar Madau staat te wachten op werk, leidt een gebutste en gedeukte asfaltweg langs het nieuwe hek richting de grenspost. Het hek kostte 2 miljoen euro. Het is manshoog, maar niet erg imposant: een ijzeren rasterwerk met wat rollen prikkeldraad ertegenaan. Overal zijn al kruipgaten geknipt. Op sommige plekken is het hek zelfs helemaal van ­boven naar beneden doorgesneden en zo’n halve meter in de breedte opengevouwen. Wie wil, kan er op die plekken gemakkelijk, rechtoplopend en snel doorheen. Die snelheid is ook wel belangrijk overigens. Want het leger patrouilleert hier een stuk intensiever.

De gaten worden met name ’s nachts gebruikt, vertelt Hermanus Schoeman, wanneer het leger minder goed zicht heeft. Schoeman (48) is eigenaar van het beveiligingsbedrijf dat het hek bewaakte tijdens de bouw ervan. “Het verschafte ons werk, maar desondanks heb ik vanaf het begin gewaarschuwd dat het weggegooid geld zou zijn”, zegt hij in zijn kantoor in het centrum van Musina. De ruimte hangt vol jachttrofeeën. Schoeman is een fervent jager en bezit naast zijn beveiligingsbedrijf ook twee jachtboerderijen langs de Limpopo. “Dertig van mijn mannen bewaakten het hek. En nóg wist er af en toe iemand een kleine doorgang in te knippen. Maar pas toen ons beveiligingscontract afliep, op een vrijdag, ging het écht mis. De maandag erop telden we maar liefst 46 gaten.”

Sjouwers komen na een omweg over de grens, via een oversteek van de rivier Limpopo.Beeld Bram Lammers

Het zijn vooral sigarettensmokkelaars die de gaten knippen en daar in het holst van de nacht doorheen sluipen. Sinds Zuid-Afrika in maart, tegelijk met de lockdown, een verbod op de verkoop van sigaretten afkondigde, zijn dat er honderden per nacht. Zimbabwe is de grootste producent van tabak in Afrika. De smokkel is nagenoeg de enige manier waarop veel arme Zimbabwanen vrij eenvoudig geld kunnen verdienen. “Overal op mijn boerderijen langs de grens zie je in het donker mensen lopen met dozen sigaretten op hun rug”, zegt Schoeman. “Ze zijn met te veel om ze te ­stoppen.”

De meeste gewone Zimbabwanen, die simpelweg overdag inkopen willen doen in Musina, vinden de routes door het hek te risicovol vanwege de controle van het leger. Toch heeft ook de plek waar Madau zijn geld verdient zijn ­nadelen. Vanuit Beitbridge helemaal om het hek heen naar Musina reizen betekent immers 40 extra kilometer. Dat is een heel eind voor wie geen auto heeft. Zeker als je de nodige kilo’s aan eten of koopwaar op de terugweg uit Zuid-Afrika wilt meenemen.

Tekort aan basisgoederen

Praktisch alles in winkels en marktkraampjes aan de Zimbabwaanse zijde van de grens – bijvoorbeeld voedsel, kleren, bouwmaterialen en warme dekens – komt uit Zuid-Afrika. Zimbabwe produceert na jaren van politiek wanbeleid en extreme corruptie zelf nauwelijks nog iets. De binnenlandse voedselproductie is ingestort, de stadseconomieën geïmplodeerd. En daar kwam het afgelopen jaar nog droogte bij. Ja, Zimbabwe heeft wat platinamijnen. En ook zijn er dus de tabaksboerderijen. Maar edelmetaal en sigaretten kun je niet eten. En ze houden je tijdens de kille winternachten ook niet warm.

“De situatie is verschrikkelijk”, zegt gemeenteraadslid Takavingei Mahachi uit Beitbridge dan ook via de telefoon. Ter verduidelijking mailt hij even later zelfs een hele lijst van problemen die zijn ontstaan na het sluiten van de grens. Tekorten aan basisgoederen als voedsel. En alles wat niet als “essentieel” is aangemerkt, zoals bouwmaterialen, is al helemáál nergens meer te krijgen.

Mensen uit Beitbridge kunnen bovendien niet langer naar hun dokter in Zuid-Afrika. Dat is problematisch, want de medische zorg in Zimbabwe is erbarmelijk. Chronisch zieken, mensen met hiv bijvoorbeeld, haalden voor de grenssluiting vaak hun medicijnen in Musina. Zij zitten nu zonder. Om over de financiële strop voor alle Zimbabwaanse transportbedrijfjes en taxibusondernemingen nog maar te zwijgen.

De schaarse importgoederen die, via de sluiproute om het hek heen, Zimbabwe nog wél binnenkomen, zijn peperduur. Een Zimbabwaanse handelaar moet nu immers een Zuid-Afrikaan met een pick-up inhuren om al zijn in Musina ingekochte spullen naar het einde van dat hek te brengen. Daar betaalt hij vervolgens iemand als Madau om hem te helpen zijn waar naar de overkant van de Limpopo te krijgen zonder beroofd te worden. En dan zijn er nog de kosten voor de rit terug naar Beitbridge. Slechts een klein deel van de Zimbabwanen durft deze ingewikkelde onderneming nog aan. Eenmaal thuis rekenen zij, vanwege alle extra onkosten, prijzen die wel drie keer zo hoog zijn als in Zuid-Afrika.

Het normaal bedrijvige Zuid-Afriaanse Musina is door de lockdown hard getroffen. Veel winkels zijn gesloten of hebben te maken met weinig klandizie. Zonder Zimbabwanen heerst er in Musina direct een economische crisissfeer.Beeld Bram Lammers

Boer Schoeman zegt dan ook alleen problemen te hebben met de sigarettensmokkelaars, die ’s nachts zijn boerderijen door banjeren nadat zij de grens zijn overgestoken. Zij knippen niet ­alleen gaten in het grenshek, maar doen dat ook in de hekken rond zijn land. Op een van zijn boerderijen fokt hij wilde dieren voor de jacht. Die kunnen gemakkelijk ontsnappen door de openingen in de hekken. “Ik heb een heel team werknemers dat de hele dag gaten repareert”, zegt hij. “Maar Zimbabwanen die illegaal de grens oversteken om in Musina eten te kopen, die help ik juist als ik ze tegenkom. Want zij proberen slechts te overleven.”

Pas nog druk, nu een spookstad

De straten rond Schoemans kantoor zijn intussen al bijna vier maanden angstvallig rustig. “Tot maart kon je hier nergens een parkeerplek vinden”, zegt Raju Wansie (50) even verderop in Musina, in zijn winkeltje met elektronische huishoudartikelen en doe-het-zelfspullen. Hij loopt tussen wat flatscreentelevisies en gestapelde straalkacheltjes en strijkijzers door. De gangpaden in zijn winkel zijn leeg. “Tot 26 maart stond het hier altijd vol Zimbabwanen”, vertelt hij. “Maar sinds de grens gesloten is, moeten we het doen met slechts lokale klanten.” Musina telt niet meer dan 40.000 inwoners. “Onze omzet is nog maar 20 procent van wat zij een paar maanden geleden was.”

Wansie wijst naar een paar jonge mannen die buiten op zijn parkeerplaats rondhangen. “Zij verdienden voor de grenssluiting geld door de spullen voor klanten uit de winkel naar de auto’s te sjouwen. Ook zij hebben geen inkomsten meer nu de grenspost voor onze Zimbabwaanse klanten dicht is. Hetzelfde geldt voor de straatverkopers op de stoep met hun eieren, tomaten en maismeel. Iedereen wordt door de sluiting van de grenspost geraakt: van grote bedrijven tot de middenstand en de mensen op de markt. Zonder de honderden Zimbabwanen die voor de coronacrisis dagelijks de grens overstaken om hier ’s middags inkopen te doen, is Musina feitelijk een spookstad.”

Hij schudt zijn hoofd. “Het meest cynische is nog wel dat we door de grenssluiting een verdere Covid-19-verspreiding in Zuid-Afrika helemaal niet per se voorkomen. Want wie écht naar Musina wil, komt illegaal toch nog steeds wel binnen. Als de grens open was, zou de douane iedereen die Zuid-Afrika binnen zou komen kunnen screenen en registreren. Nu zijn Zimbabwanen allemaal gedwongen de grens illegaal over te steken. Daardoor komen er minder mensen naar Musina, zeker, maar hebben we er juist ook geen enkel zicht meer op of zij het virus met zich mee brengen. En daar zou het toch om moeten gaan.”

Sigarettensmokkel naar Zuid-Afrika explodeert door corona-lockdown

Sinds het begin van de corona-lockdown op 26 maart heeft de Zuid-Afrikaanse regering de verkoop van sigaretten verboden. Aangezien Covid-19 een longaandoening is, vormt roken een extra risico bij een corona-infectie, zo luidt de redenering. Het probleem is alleen, stellen critici, dat Zuid-Afrikanen nauwelijks écht gestopt zijn met roken. De zwarte markt voor sigaretten is slechts gegroeid. Vorige maand bleek uit onderzoek van de Universiteit van Kaapstad dat 93 procent van de rokers in Zuid-Afrika nu sigaretten koopt op de zwarte markt. Tegen gemiddeld twee en een half keer de normale prijs.

Ook Hermanus Schoeman, die op zijn twee boerderijen langs de grens met Zimbabwe veel schade ondervindt van de sigarettensmokkel, vindt het Zuid-Afrikaanse tabaksverbod volstrekt onlogisch. “Mensen roken alleen maar schadelijker sigaretten”, moppert hij. “Want de smokkelwaar is van abominabele kwaliteit.” Hij wijst er ook op dat de overheid door het verbod enorm veel belastinginkomsten misloopt – zo’n kleine twee miljoen euro per dag. En rokers delen vanwege de forse prijsstijging vaker sigaretten met elkaar. Dat vergroot het besmettingsrisico van Covid-19 via speeksel alleen maar. Schoeman lacht cynisch. “Tja, je zou bijna gaan vermoeden dat iemand binnen de regering corrupte belangen heeft binnen de illegale sigarettenhandel, nietwaar?”

Lees ook:

President Zuid-Afrika: Zet je schrap voor corona, maar raak niet in paniek

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden