Corona en religie

Gebedsbijeenkomsten en pelgrimages zijn populair: wie durft ze te verbieden?

Duizenden moslims gingen afgelopen woensdag bij de Bengalese provinciestad Raipur in gebed tegen de verspreiding van het coronavirus.Beeld AFP

Velen zoeken in onzekere tijd steun in hun geloof. Grote religieuze bijeenkomsten en pelgrimages vergroten echter het gevaar op verspreiding van het virus.  ‘Pelgrims worden teruggestuurd’, waarschuwt de Indiase bedevaartsstad Ayodhya aan de vooravond van een belangrijk hindoefeest.

Het was in deze tijd van stilvallende samenlevingen door het coronavirus een opmerkelijk gezicht: vorige week kwamen in Bangladesh nog zo’n 25.000 moslims bijeen om, dicht op elkaar gepakt, te bidden tegen de verspreiding van het virus. Ondanks oproepen van de Bengalese regering om geen grote bijeenkomsten te houden, dromden de gelovigen, op aanmoediging van een invloedrijke lokale ­prediker, samen in de provinciestad Raipur. Ze aten daar met hun handen uit gezamenlijke schalen en gingen zij-aan-zij in gebed.

Dit tot verbijstering van medische experts, die waarschuwden voor de gezondheidsrisico’s. Ook sommige gewone Bengalezen wonden zich op. “Ongelooflijk dat zij dit kunnen doen zonder toestemming van de politie”, mopperde ene Abdur Rahman op ­Facebook. “Ze zullen verantwoordelijk worden gehouden als mensen in deze regio iets overkomt.”

Nu het coronavirus de wereld in onzekerheid stort, zoeken velen steun in religie, die vaak hoop en troost biedt. Maar sommige rituelen vergroten de risico’s juist. Want grote bijeenkomsten, zoals kerkdiensten en festivals, versnellen de verspreiding. Ook pelgrimsreizen zijn riskant.

Zo droeg het evangelische vuur van een kerkgenootschap in Zuid-­Korea sterk bij aan de verspreiding van het virus daar. Enkele grote joodse trouwerijen in New York, in weerwil van een verbod, veroorzaakten eveneens besmettingshaarden. En in Maleisië leidde een manifestatie van 16.000 moslims eerder deze maand tot een omvangrijke uitbraak. Gelovigen die de bijeenkomst in Maleisië hadden bezocht, bleken bij terugkeer in onder meer Brunei, Singapore en Indonesië besmet.

Quarantainecentrum voor terugkerende bedevaartgangers

Ondanks deze risico’s aarzelden sommige regeringen om religieuze bijeenkomsten te verbieden. Zo weigerde het islamistische bewind in Iran wekenlang om in de bedevaartsstad Qom een belangrijk heiligdom te sluiten, hoewel die stad zwaar werd ­geteisterd door het virus. Dat droeg sterk bij aan de snelle verspreiding van de besmettelijke ziekte en nu geldt Iran, na China en Italië, als het ernstigst getroffen land. Via pelgrims verspreidde de ziekte zich vervolgens vanuit Iran ook naar andere landen in het Midden-Oosten en Centraal- en Zuid-Azië.

Hierdoor zag Pakistan zich bijvoorbeeld genoodzaakt om in zijn zuidwestelijke provincie Beloetsjistan, aan de grens met Iran, een geïmproviseerd quarantainecentrum op te zetten voor terugkerende bedevaartgangers. Dat centrum kampte al snel met overbevolking en slechte hygiëne; de pelgrims werden er, vanwege het ontbreken van tests, niet onderzocht op het virus. “Dit is een woestijngebied, niet Islamabad”, verontschuldigde een woordvoerder van de provinciale overheid zich tegenover journalisten. “We hebben gedaan wat we konden.”

Tot opluchting van de Wereld­gezondheidsorganisatie en medische experts lijkt aan de aarzeling om religieuze bijeenkomsten te verbieden inmiddels een einde te komen. De Iraanse ayatollah’s hebben de schrijn in de heilige stad Qom alsnog gesloten. Kerken, moskeeën en synagogen houden op veel plekken geen grote bijeenkomsten meer. En ook pelgrimages worden ontmoedigd.

Zo weigert Saudi-Arabië al enige tijd om bedevaartgangers toe te laten die naar Mekka en Medina willen. En Indonesië schrapte vorige week, na dagenlang talmen, op het nippertje een massale moslimmanifestatie op Sulawesi. Daar waren op dat moment al ruim 8000 gelovigen uit verscheidene landen op afgekomen. “Niemand van ons is bang voor corona”, bezwoer gelovige Roni Arif aan een Amerikaanse verslaggever. “We vrezen God.”

De geboortedag van de godheid Ram vieren

Een belangrijke, potentieel riskante test wordt nu het jaarlijkse hindoefeest in de Indiase stad Ayodhya, dat normaal gesproken morgen zou beginnen en negen dagen zou duren. Van oudsher komen daar honderd­duizenden hindoes uit India en de rest van de wereld op af om de ­geboortedag van de godheid Ram te vieren en een heilzaam bad te nemen in de rivier Sarayu.

Hoewel India’s hindoe-nationalistische regering er wekenlang voor terugdeinsde om de geliefde bedevaart te verbieden, heeft zij Indiërs afgelopen weekend toch dringend opgeroepen thuis te blijven en de geboorte van Ram in besloten kring te vieren. De lokale autoriteiten hebben bovendien aangekondigd dat de tempels in Ayodhya weliswaar openblijven, maar dat geen pelgrims van buiten het district worden toegelaten en dat baden in de rivier verboden zal zijn.

“De Covid-19-infectie verspreidt zich snel”, waarschuwde districtsfunctionaris Anuj Kumar Jha in The  Times of India. “We gaan alle toegangswegen tot het district blokkeren. Pelgrims zullen worden gestopt en teruggestuurd.”

Lees ook:

Stop met fysieke vieringen in kerken, uit liefde voor de naaste

De kerken moeten – net als de moskeeën – voorlopig stoppen met alle openbare vieringen, schreef Trouw zaterdag in zijn commentaar. Want elke samenkomst, hoe zorgvuldig opgetuigd ook, vergroot de kans op besmettingen. Laat de kerken hierin een voorbeeldfunctie vervullen.

De kerk is klaar voor het coronatijdperk

Omdat op veel plekken de zondagse viering niet door kan gaan, zoeken kerken naar nieuwe manieren van vieren

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden