ReportageKenia

Familietradities op z'n kop: De Keniaanse stedeling trekt weer naar het platteland

De berijder desinfecteert zijn fietstaxi bij een markt in Kisumu, in het westen van Kenia. Het land ontkomt niet aan de coronapandemie, al valt de besmetingsgraad er relatief mee. Beeld AP
De berijder desinfecteert zijn fietstaxi bij een markt in Kisumu, in het westen van Kenia. Het land ontkomt niet aan de coronapandemie, al valt de besmetingsgraad er relatief mee.Beeld AP

Familietradities worden op z’n kop gezet in Kenia: kinderen trekken weer naar hun ouders op het platteland, nu hun baan in de stad ophoudt.

“Buiten een onontbeerlijke baan, mis ik de stad niet. Het leven op het platteland is goedkoper, er is minder criminaliteit en je staat er niet alleen voor”, merkt Betty Achieng (48) op. De alleenstaande moeder van drie zonen verloor een jaar geleden haar baan in een hotel in de Keniaanse havenstad Mombasa, nadat toeristen wegbleven vanwege de coronapandemie. Ze pakte haar boeltje op en vertrok met de kinderen naar de andere kant van het land, waar het erf van haar ouders ligt aan de rand van het Simbi-kratermeer. Daar bezit ze, net als haar andere acht broers en zussen, een eigen huisje.

“Mijn spaargeld ging snel op aan het schoolgeld voor de kinderen”, vertelt ze op de bank in het huisje van een van haar broers die net met zijn familie is aangekomen uit de hoofdstad Nairobi. Het marketingbedrijf waarvoor hij werkte, sloot de deuren vanwege de pandemie. Een andere broer raakte ook werkloos.

Ze zijn niet de enigen. In alle delen van Kenia zijn verhalen te horen van mensen die stedelijke gebieden noodgedwongen verlaten. Ze keren terug naar de woonplaatsen op het platteland waar hun families oorspronkelijk vandaan komen. Iedereen vindt wel ergens onderdak bij ouders, grootouders, ooms of tantes. Cijfers hoeveel mensen naar het platteland terugkeren zijn er nog niet, omdat niemand een verhuizing bij de overheid hoeft te melden.

Aan het strand van Mbita, aan het Victoriameer, biedt een verkoopster tweedehands kleding aan.  Beeld AFP
Aan het strand van Mbita, aan het Victoriameer, biedt een verkoopster tweedehands kleding aan.Beeld AFP

Kinderen als oudedagvoorziening

Door de pandemie worden familietradities op z’n kop gezet. Ouders beschouwen van oudsher hun kinderen als een oudedagvoorziening. Door ze goed onderwijs te bieden, hopen ze dat de kinderen een goedbetaalde baan krijgen om dan de ouders te onderhouden. “Mijn vader is een gepensioneerd ambtenaar die een klein staatspensioen krijgt. We stuurden allemaal geld naar huis, maar nu teren drie van zijn kinderen met hun gezinnen op zijn zak”, zegt Achieng.

Ze probeert het lawaai van een elektrische zaag te overstemmen die wordt gebruikt om een boom te vellen op het erf. “Door onze komst moet er nu voor meer mensen worden gekookt. Houtskool is duur en de boom is gratis”, legt ze uit. Nadat ze was teruggekeerd vond ze een baan in het nabijgelegen Kendu Bay, maar dat was van korte duur want ook daar kwam een einde aan door aangescherpte maatregelen tegen de pandemie.

Sinds de onafhankelijkheid in 1963 trokken steeds meer Kenianen naar stedelijke gebieden om werk te zoeken. Zo’n 30 procent van de bevolking woont nu in steden. De helft daarvan in sloppenwijken omdat ook daar werkgelegenheid schaars is voor de snelgroeiende bevolking. Ondanks de verstedelijking in Kenia leeft een meerderheid nog altijd van landbouw en veeteelt.

null Beeld Louman & Friso
Beeld Louman & Friso

‘Bij je familie zit je nooit zonder eten’

De trend van verhuizing in de omgekeerde richting naar het platteland is, volgens professor Khama Rogo, al voor de coronapandemie begonnen. Hij is arts en lid van een covid-werkgroep in het westen van Kenia. Hij gelooft dat een voorzichtige terugkeer al werd ingezet met de decentralisatie in 2013 toen het land werd opgesplitst in 47 gewesten met een grote mate van autonomie. “Daarmee ontstonden nieuwe banen bij de lokale overheden die mensen uit de steden aantrokken. In hun kielzog kwamen ook andere beroepsgroepen zoals zakenmensen, medisch personeel en onderwijskrachten. De pandemie heeft die trend in het laatste jaar snel en fors uitgebreid.”

Hij behoort tot de Luo-bevolkingsgroep die van oudsher langs het Victoriameer woont. “Als wij de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt, gaan we naar huis, want dit hier is thuis. Tenslotte zal je nooit zonder eten komen te zitten als je bij je uitgebreide familie bent.” Hij werkte vele jaren bij de Wereldbank en is nu naar het Kisumu-gewest teruggekeerd waar hij een stuk land langs het meer kocht om een vakantiepark te beginnen.

Niet iedereen heeft kunnen sparen om te investeren na terugkeer. Het gewest Kisumu probeert daarom mogelijkheden voor de bevolking te creëren. Een eerste plan ontstond direct na het begin van de pandemie toen de ziekenhuizen te kampen kregen met grote tekorten omdat de aanvoer uit Nairobi stagneerde. “We zijn afspraken gaan maken met duizenden boeren om katoen te verbouwen op een deel van hun akkers. Een buitenlandse investeerder is bereid te helpen met de bouw van een fabriek waar van dat katoen straks bedlinnen, beschermende kleding, maskers, watten, verband en maandverband voor de gezondheidszorg gemaakt gaan worden”, vertelt econoom Caleb Opon die deel uitmaakt van een werkgroep van het gewest die speciaal belast is met de economische gevolgen van de pandemie.

Een handelaar laat zijn partij groene kool achter, nadat de autoriteiten in Kisumu, West-Kenia, de sluiting van een openluchtmarkt hebben bevolen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, maart 2020.  Beeld Hollandse Hoogte / AFP
Een handelaar laat zijn partij groene kool achter, nadat de autoriteiten in Kisumu, West-Kenia, de sluiting van een openluchtmarkt hebben bevolen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan, maart 2020.Beeld Hollandse Hoogte / AFP

Familie-akkertjes

Tot de katoen geplukt kan worden en de fabriek gebouwd is, moeten teruggekeerde mensen zelf iets verzinnen om geld te verdienen. Velen proberen hun geluk op de familie-akkertjes en verbouwen voedsel, het enige waarop Kenianen sinds de pandemie niet hebben bezuinigd.

Bouwvakker John Otieno (53) kwam uit Mombasa terug naar zijn geboortedorp Katito in het Kisumu-gewest. Sinds de komst van de pandemie wordt er minder gebouwd. Mensen doen liever geen grote uitgaven. Met zijn inkomsten van vijftien jaar werken in Mombasa kocht hij stukken grond in Katito. Op een daarvan woont hij en voor het huis heeft hij in een grote cirkel fruitbomen geplant. “Ik ga hier een betonnen viskweekvijver bouwen en de bomen moeten voor de nodige schaduw en koelte zorgen”, legt hij uit. Hij wil daarin tilapia’s gaan uitzetten om die lokaal te verkopen. Deze vissoort is uiterst geliefd voedsel voor Luo.

“Ik heb de hoop niet helemaal opgegeven om weer in Mombasa te gaan werken”, zegt Otieno aan de rand van zijn toekomstige visvijver. “Maar Katito is een uitstekend alternatief.”

Lees ook:

De boeren in Kenia doen goede zaken dankzij de coronacrisis

De coronacrisis biedt boeren in Kenia ook kansen. Consumenten mijden de winkels en komen nu vaker direct bij de boer kopen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden