Egypte

Egyptische president Sisi vindt deze vrolijke muurschilderingen maar niks

De muurschilderingen van kunstacademiestudenten op het Abbaseya-plein in Cairo. Beeld Clement, Rene

Bewoners waarderen de muurschilderingen die Cairo opvrolijken. Maar de Egyptische regering laat ze overschilderen. 

Op het Abbaseya-plein in Cairo vindt een eeuwig gevecht om ruimte plaats. Hier kruist een wirwar van straten en bruggen elkaar, evenals busjes, tuktuks, trucks en voetgangers. De uitlaatgassen verstikken de lucht en beslaan de grauwe gebouwen aan dit kruispunt. De muren staan volgeklad met doe-het-zelf reclames voor kruidenierszaken en diensten in de buurt.

Het is dit decor dat leerlingen van de nabije kunstfaculteit van de Ain-Shams-universiteit mooier wilden maken. Op de pilaren van de grote verkeersbrug en de muren om het kruispunt schilderden ze tientallen kunstwerken. Vrouwen groot afgebeeld in felle kleuren, omringd door kinderen, vogels en planten. “We symboliseren Egypte als een krachtige Afrikaanse vrouw, een boerin”, zegt Khloud Ibrahim, de voorzitter van de groep.

Maar in de zomer begon de lokale overheid de schilderingen, waar zo’n honderd studenten aan hadden gewerkt, te verwijderen. Dat de kunstenaars een vergunning hadden, maakte niets uit. “Het is verdrietig”, zegt Khloud. “Mensen in de buurt vonden het mooi en voelden zich hier meer op hun gemak. Ze maakten vaak foto’s met de schilderingen.”

Beeld Rene Clement

Steeds sterkere controle

Het verwijderen van de kunstwerken past bij de steeds sterkere controle die de regering van president Abdel Fattah al-Sisi heeft op de straten van Egypte. Tijdens de revolutie in 2011 maakten veel kunstenaars hun eerste graffiti-werken, toen de straten opeens vrij terrein werden. Het bleef een belangrijke vorm van expressie, tot het leger in 2013 de eerste democratisch gekozen regering omverwierp en de graffiti snel uit het straatbeeld verdween.

De regering van Sisi heeft een ambitieus plan voor hoe het land er in de toekomst uit moet komen te zien, dat ‘Visie 2030’ wordt genoemd. In rap tempo worden megalomane en futuristische steden, paleizen en resorts uit de grond gestampt. Maar de dingen die door Egyptenaren zelf worden georganiseerd en voor hen belangrijk zijn, zoals tuktuks, straatmarkten en dit soort schilderingen, worden van de straat verbannen.

Burgers worden geacht zich voor de visie van de overheid in te zetten. Minister-president Mustafa Madbouli noemde de vele onbeschilderde illegale huizen, waar er naar schatting zo’n 10 miljoen van in het land zijn, ‘onbeschaafd’. Daarom voerde de overheid dit jaar een maatregel in waardoor burgers verplicht zijn hun huizen in neutrale kleuren te schilderen, anders kunnen zij een boete krijgen. Gebouwen moeten homogene kleuren krijgen: aardkleuren in Cairo en blauwtinten aan de kust.

Alle huizen dezelfde kleur

Ook Bassant Refat, een van de schilders van het kunstproject van de Ain-Shams-universiteit, weet dat in haar wijk Shubra huiseigenaren worden opgedragen hun huizen te verven. Vooral op de hoofdstraat moeten alle huizen geverfd worden, zodat die er allemaal hetzelfde uit komen te zien. Maar de overheid betaalt het niet. Bassant haalt haar schouders op en zegt: “De overheid geeft niet, de overheid neemt.”

Beeld Clement, Rene

Tijdens het schilderen werden de studenten vaak gestopt door de politie of geheime dienst, die de kunstwerken wilden verwijderen. “Ze waren bang dat we iets tegen de overheid schilderen”, zegt Khloud. Dat deden de studenten niet: “We wilden alleen de straat opvrolijken.” De twee jonge vrouwen, met rinkelende sieraden en felgekleurde hoofddoeken, komen uit middenstandsgezinnen en hebben naar eigen zeggen niets met politiek te maken.

Kunstenaar Ammar Abu Bakr doceerde ooit aan een kunstfaculteit, in het zuiden van Egypte. Na het uitbreken van de revolutie reisde hij meteen naar Cairo, waar hij voor het eerst op muren begon te schrijven. Eerst zinnen, daarna grote muurschilderingen en al snel groeide hij uit tot een van de bekendste graffitikunstenaars van de revolutie.

‘Alsof het nooit is gebeurd’

“De krant van de revolutie”, zo noemde hij de muren van de Mohammed Mahmoudstraat, waar pal naast het centrale Tahrirplein de hevigste confrontaties plaatsvonden. Daar nam hij destijds met een paar honderd man de straat over om te schilderden. “Er is niets meer van over”, zegt hij. “Het is alsof het nooit is gebeurd.”

Alleen naast de Amerikaanse Universiteit in Cairo is er nog een vervaagd werk over. Dat is na de coup gemaakt, in protest tegen het leger. Met rode ogen van het traangas, houdt een jongen met vleugels stevig een broodje vast. Een herinnering aan de wens van de revolutie die nooit waarheid werd: brood, vrijheid, sociale rechtvaardigheid.

De universiteit beschermt het kunstwerk en wilde zelfs en laag vernis aanbrengen. Maar dat wil Abu Bakr absoluut niet: “Ik voel me vaak zwaar in deze straat, omdat die graffiti er nog is”, zegt hij. “Ik heb genoeg van die nostalgie. Ik wil met een roller kruisjes maken over de ogen. Ik wil actie.”

Volgens Abu Bakr legt het verwijderen van het kunstwerk van de kunstfaculteit de willekeur van het systeem bloot. “Dan is er een ambtenaar die zijn dag niet heeft en beveelt zo’n kunstwerk te verwijderen”, zegt hij. “Dezelfde willekeur waarmee mensen hier in de gevangenis belanden of gedood worden.”

“Het is hard, maar wat die studenten overkwam leert ze in wat voor soort land zij leven. De boodschap van de regering is duidelijk: dit land is niet van jou.”

Lees ook: 
Een patserige aannemer legt de Egyptische overheid het vuur aan de schenen

Durven Egyptenaren weer de straat op om tegen het regime te demonstreren? Onlangs leken zij weer moed te verzamelen, onder leiding van een atypische verzetsstrijder

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden