ReportageMoldavie

Door de pandemie herontdekken Moldaviërs het platteland. ‘Hier kun je tenminste je eigen voedsel verbouwen’

Bakker Natalia Matiescu aan het werk in haar bakkerij in het dorp Capriana. Beeld Michiel Driebergen
Bakker Natalia Matiescu aan het werk in haar bakkerij in het dorp Capriana.Beeld Michiel Driebergen

Veel bewoners van het verarmde Moldavische platteland zoeken hun heil in het buitenland of in de grote stad. Maar de pandemie zorgt bij sommigen voor een herwaardering van het dorp. ‘Ze zijn moe van het jachtige leven en willen een eenvoudig leven zonder luxe.’

Een ooievaar vliegt op, een pauw vlijt zich parmantig tussen de korenaren. Dankzij het afdakje is het bovenste deel van de authentieke toegangspoort het best bewaard: die is versierd met kleurrijke bloemenpracht. “Het museum kon het helaas niet herbergen”, zegt een grijzende zestiger met snor, Nicolae Robu, over het hek. Het pronkstuk is gemaakt door zijn vader, een erkende vakman in houtsnijwerk, die tien jaar geleden overleed. Nu zakt het langzaam in elkaar, naast het erf van het voormalige familiehuis. “Mensen investeren in de stad, niet in het platteland.”

Het dorp Capriana op het platteland van Moldavië is een juweel, gelegen in een dal tussen beboste heuvels. Maar het oude klooster, waar het plaatsje bekend om is, blijkt ruim bemeten voor de vijftien monniken die er nog wonen. De meeste huizen zijn leeg, waarmee het dorp exemplarisch is voor het krimpende Moldavië. “Ons land zoekt nog steeds naar zijn plek in de wereld”, constateert Nicolae Robu, die voor zijn pensioen regionaal bestuurder was. Hij woont in een dorp verderop, maar is gekomen om de struiken te snoeien voor de winter invalt.

Ook Robu’s zoons trokken weg. Zijn oudste heeft een apotheek in de hoofdstad Chisinau, drie kwartier rijden verderop. Zijn jongste werkt bij een IT-bedrijf in Boekarest, in buurland Roemenië. Zelf keert Nicolae Robu telkens terug naar zijn geboortegrond, omdat hij heimwee krijgt zodra hij vertrekt, wat hij toeschrijft aan zijn karakter. “Je moet over een sentimenteel gemoed beschikken om hier terug te keren.”

Omgeving met het juiste ritme

Toch zijn er uitzonderingen, oftewel: mensen die het dorp juist verkiezen boven de stad. In de bakkerij ‘Iarba Noastra’– ‘Ons Gras’ – van Natalia Matiescu, verderop in het dorp, kom je in een heel andere sfeer. Er wordt hard gewerkt. Met een broodschep haalt Matiescu verse baksels uit de oven: reusachtige broden, die ze met zuurdesem heeft bereid. “Het vergt veel tijd om ze te maken”, aldus Matiescu. “Ik zocht naar een omgeving met het juiste ritme. Die vond ik in het vredige dorpsleven en in de kalmte van de natuur.”

Sinds haar komst vanuit Chisinau naar Capriana, een half jaar geleden, gebruikt Matiescu eieren en geitenmelk uit de omgeving. De juiste mengeling van granen haalt ze nog wel van elders. Haar afzetmarkt blijft in de stad, waar ze het afgelopen decennium een trouwe klantenschare verzamelde: met zeven euro per kilo verkoopt ze er ‘het duurste brood van Moldavië’, maar op één vers exemplaar kun je dan ook een week teren.

null Beeld Louman & Friso
Beeld Louman & Friso

Is er zelfs sprake van een bescheiden trend? Natalia Matiescu is lid van de facebookgroep ‘Ma mut la tara’, wat zoiets betekent als ‘Ik verhuis naar de provincie’. De groep heeft bijna vijftienduizend leden, die informatie uitwisselen over de koop, verkoop en restauratie van dorpshuizen en plattelandstradities. De mensen die de drieste stap wagen in het dorp te gaan wonen kunnen het zich veroorloven, vertelt Matiescu, bijvoorbeeld omdat ze in het buitenland goed geld hebben verdiend. “Zij zijn moe van het jachtige leven en willen een eenvoudig leven zonder luxe.” Zelf had ze geen spaarpotje. De huur van de bakkerij betaalt Matiescu met de opbrengst van de broodverkoop: hoewel trouwe klanten ook meehielpen de bakkerij te vestigen via crowdfunding.

Covid als genadeklap

De pandemie speelt ook een rol, maar de dorpelingen zijn het niet eens welke. Volgens Nicolae Robu betekent Covid voor de provincie de genadeklap. Weliswaar zoeken de Moldaviërs naar levensruimte en frisse lucht, maar die vinden ze veeleer in voorsteden. Ook doodt de pandemie de plattelandstradities, denkt de pensionado: zo worden muziek- en cultuurfestivals afgelast, en laten mensen hun nieuwgeborenen niet meer dopen. “Dat keert allemaal niet meer terug”, denkt Robu. Verbitterd is hij niet, wel consequent: komende lente gaat hij het familiehuis afbreken. Zijn kinderen moeten maar bepalen wat er met hun land gebeurt.

Broodbakster Natalia Matiescu bouwt juist een huis. De fundering ligt er al, de muren zal ze optrekken van leem en hout. Op termijn zal de pandemie bijdragen aan de liefde voor het dorp, denkt zij. “In de stad is amper werk. Hier kun je tenminste je eigen voedsel verbouwen.” Ze overtuigde haar moeder al om mee te verhuizen, momenteel bewerkt ze haar dertienjarige tweeling-zoons.

Voor haar is er geen weg meer terug. Ze droomt van een ouderwetse houten oven, en wil tarwe en rogge gaan verbouwen op haar eigen land. En de toekomst van Moldavië? Natalia Matiescu haalt een oude Moldavische uitdrukking aan: ‘Omul sfinteste locul’, ‘De mens heiligt de plaats’.

Lees ook:

De noodkreet van architect Rem Koolhaas: Red het platteland!

Het wordt tijd om het platteland weer te gaan onderhouden, zegt Rem Koolhaas. Zelf heeft de beroemde architect ook veel te lang alleen naar de stad gekeken. In het Guggenheim Museum in New York toont hij nu de resultaten van een onderzoek naar het platteland.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden