Het museum in aanbouw in Rakhigarhi

ReportageHindoe-nationalisme

Dit dorp in India worstelt met een oud debat over DNA en Ariërs

Het museum in aanbouw in RakhigarhiBeeld Abhimanyu Kumar

DNA uit een dorpje in Noord-India staat centraal in één van de meest politiek gevoelige mysteries in de Indiase geschiedenis: wie waren de Ariërs, die aan de basis stonden van de millennia-oude hindoecultuur?

“Soms stuit je op wat aardewerk”, zegt Charan Singh Malik, terwijl hij aan zijn irrigatiesysteem sleutelt. Hij wijst op een stapel scherven. “Af en toe zijn het complete vazen en kommen.” Maliks veld staat vol hoge, groene katoenplanten. Het witte pluis begint hier en daar net uit de bolletjes te komen. Niets wijst erop dat onder deze grond een millennia-oude geschiedenis verborgen ligt.

Charan Singh Malik aan het werk in zijn katoenveld, waaronder een 4500-jaar-oude begraafplaats werd gevonden.Beeld Abhimanyu Kumar

Toch is dit dorp, Rakhigarhi in de Noord-Indiase deelstaat Haryana, de grootste en belangrijkste nederzetting van de Harappabeschaving. Hier is bij opgravingen tussen 2011 en 2016 voor het eerst DNA uit die beschaving gevonden dat onderzocht kon worden. De vrouw van wie het 4500-jaar-oude DNA afkomstig was, lag hier begraven. Vlak onder het katoenveld waar Malik aan het werk is.

Zo vreedzaam als het katoenveld erbij ligt, zo strijdlustig gaat het eraan toe in de Indiase media, politiek en wetenschappelijke wereld. Een rapport van een internationaal onderzoeksteam naar het DNA, dat in 2019 verscheen in het Amerikaanse wetenschappelijke blad Cell (eigendom van Elsevier), leidt tot volledig haaks op elkaar staande conclusies. En hiermee is het decennia-oude debat over de Ariërs weer losgebarsten.

In de 19de eeuw ontwikkelden indologen als Max Müller de ‘Arische invasietheorie’: een superieur ras zou inheemse barbaren met gemak hebben overmeesterd en vervolgens de antieke hindoecultuur hebben gesticht. Vooral hindoes van hoge kaste, die van dit superieure ras zouden afstammen, steunden deze theorie aanvankelijk. Maar inmiddels wordt deze theorie als racistisch en achterhaald gezien. De inheemse Harappabeschaving, die begin 20ste eeuw werd ontdekt, was immers allesbehalve barbaars.

Migratietheorie

Wel is er langzamerhand steeds meer archeologisch, taalkundig en DNA-technisch bewijs voor een genuanceerde versie, die de Arische migratietheorie wordt genoemd. Een nomadisch veehoudersvolk uit de Euraziatische steppe, dat zichzelf Arisch noemde, trok waarschijnlijk vanaf 2000 voor Christus naar het huidige Noord-India, waar de Harappabeschaving inmiddels in verval was. Het lijkt erop dat dit paardrijdende volk de macht geleidelijk aan naar zich toe trok. Daarbij zijn elementen uit de Harappacultuur bewaard gebleven, in een mengvorm met aspecten die de Ariërs hoogstwaarschijnlijk importeerden – met name Indo-Europese talen en Vedische tradities. Deze tradities staan aan de basis van het brahmanisme, of hindoeïsme beoefend door de hoge priesterkaste.

Een bloeiende beschaving

De Harappabeschaving bloeide van 2600 tot 1900 voor Christus in het huidige noord-India en Pakistan. Uit opgravingen blijkt een zeer planmatige stedenbouw, met wijken opgedeeld naar beroep en ruime bakstenen huizen met meerdere verdiepingen en eigen badkamers. Een rioleringssysteem en watertoevoer onderscheidt de Harappabeschaving van het Oude Egypte en Mesopotamië, beschavingen uit ongeveer dezelfde periode. Met Mesopotamië werd uitgebreid handelgedreven. Wat ook bijzonder is, is een uniform meetsysteem over het hele verspreidingsgebied. Veel is echter nog onbekend, mede doordat het Harappa schrift nog niet ontcijferd is.

De Harappabeschaving is genoemd naar Harappa, de eerste stad die in de 19de eeuw in hedendaags Pakistan werd ontdekt. Pas tijdens opgravingen na 1920 in Mohenjo-Daro, ook in hedendaags Pakistan, realiseerden archeologen zich dat het om een tot dan toe onbekende stedelijke beschaving ging. Het wordt ook wel de Indusbeschaving genoemd, naar de rivier waarlangs deze nederzettingen lagen, maar inmiddels is bekend dat het spreidingsgebied veel groter was. Waarschijnlijk deed een langdurige droogte de beschaving de das om.

Maar voor veel hedendaagse hindoe-nationalisten is ook deze theorie onacceptabel. Dit zou immers betekenen dat essentiële wortels van de hindoecultuur en de voorvaders van de meest dominante kastegroepen hun oorsprong buiten India hadden. Liever geloven zij in de zogenoemde Out of India-theorie, dat de Ariërs en Indo-Europese talen hun oorsprong in India hebben en zich vanuit daar tot in Europa hebben verspreid.

Na publicatie van het Cell-rapport werd in hindoe-nationalistische kringen euforisch gereageerd: het duizenden jaren oude DNA bewees dat de Harappanen inheems waren. Dit zou korte metten maken met de theorie dat de Indiase taal en cultuur sterk is beïnvloed door een volk dat van buiten India kwam.

Maar wie het Cell-rapport leest, kan concluderen dat de onderzoekers in het DNA juist bewijs zien voor Arische migratie, inclusief de import van Indo-Europese talen (zie bovenste kader).

Toch was ook in de populaire Indiase media te lezen dat Arische migratie met dit onderzoek is weerlegd. Dit komt vooral doordat Vasant Shinde, de archeoloog die de opgravingen in Rakhigarhi leidde en hoofdauteur is van het Cell-rapport, de bevindingen op deze wijze heeft gepresenteerd in persconferenties en interviews. Hij zegt te geloven dat de Harappanen cultureel Vedisch waren, en dat de Vedische taal en cultuur net als de Harappanen inheems was.

“We weten niet welke taal de Harappanen spraken”, zegt Shinde over de telefoon. “Maar ik geloof dat zij een vroege vorm van het Indo-Europese Sanskriet hebben ontwikkeld, en deze taal via hun geavanceerde handelsnetwerken naar het westen hebben verspreid.”

Dit staat haaks op de conclusies in het rapport waar Shindes naam boven staat. “Mijn co-auteurs hebben bepaalde vooronderstellingen”, vindt hij. “Er was wel beweging van andere volken richting India, maar geen migratie. Je kunt spreken van invloed, maar niet zoveel dat de lokale cultuur werd vervangen.”

De archeoloog geeft toe dat zijn overtuiging geen wetenschappelijke basis heeft. “Dit is mijn persoonlijke hypothese, en die is niet gebaseerd op enig bewijs.”

Hindoe-nationalisten

Shindes hypothese vindt gretig aftrek bij hindoe-nationalisten, ook binnen de regeringspartij BJP van premier Narendra Modi. “Rakhigarhi herschrijft de geschiedenis”, verklaarde de Indiase minister van cultuur en toerisme, Prahlad Singh Patel, tijdens een bezoek aan het dorp in februari van dit jaar.

DNA-onderzoek

In oktober 2019 verscheen in het academische blad Cell het rapport ‘Een eeuwenoud Harappaans genoom mist afkomst van Steppe veehouders of Iraanse boeren’, op basis van onderzoek naar het DNA van een vrouw die 4500 jaar geleden stierf en lag begraven in Rakhigarhi. Onder de 27 coauteurs van archeoloog Vasant Shinde zit de notabele geneticus David Reich van Harvard University.

De voornaamste conclusie is dat de Harappaanse vrouw inheems Indiaas DNA had, vermengd met een beetje DNA van Iraanse jagers-verzamelaars. Uit het ontbreken van DNA van Iraanse boeren blijkt dat landbouw en veehouderij zich in Zuid-Azië onafhankelijk van externe invloed heeft ontwikkeld.

Het ontbreken van Steppe-DNA, echter, betekent volgens het rapport niet dat er nooit migratie vanuit de Euraziatische steppe naar India heeft plaatsgevonden. Eerder DNA-onderzoek onder de hedendaagse Indiase bevolking heeft namelijk uitgewezen dat de meeste mensen tegenwoordig tot 20% Steppe-DNA hebben. Volgens het rapport is dit percentage aanzienlijk genoeg om te concluderen dat er een migratiestroom naar Zuid-Azië vanuit het noordwesten heeft plaatsgevonden - enkele eeuwen nádat de Harappaanse vrouw in Rakhigarhi overleed. Ook staat in het rapport dat de Indo-Europese talen waarschijnlijk met migratiegolven tussen ongeveer 2000 en 1500 voor Christus via centraal-Azië naar India kwamen.

De coalitie van premier Modi kondigde die maand een verhoogd budget voor zijn ministerie aan, onder meer voor het ontwikkelen van een museum in het dorp. Naast een museum met opgegraven objecten, waar de regionale overheid al enkele jaren aan bouwt, moet er nu met medewerking van Shinde een openluchtmuseum met een deels blootgelegde oude stad komen.

Ook deze plannen zijn onderwerp van strijd – in dit geval niet tussen wetenschappers, maar tussen de dorpsbewoners.

Hoewel de eerste opgravingen hier al in de jaren zestig werden uitgevoerd door de Archeological Survey of Indian (ASI), een overheidsinstantie uit Brits koloniale tijd, is tot nu toe pas zo’n 5 procent van het totale terrein opgegraven. De rest is eigendom van dorpelingen - boerenvelden die jaar in jaar uit worden omgeploegd en huizen die de inwoners niet van plan zijn te verlaten.

Dharampal Lohra bij de muur uit Harappaanse tijd in Rakhigarhi.Beeld Abhimanyu Kumar

Een verroest bord van de ASI vertelt dat er negen plekken voor archeologische opgravingen zijn. Achter het bord ligt nummer 1: een kale, stoffige heuvel. Alleen bij nummer 4 valt wat te zien: een hoge muur uit de Harappaanse tijd. “De dorpelingen hebben de muur deels afgebroken om deze weg aan te leggen”, vertelt Dharampal Lohra, een voormalig dorpsraadslid in Rakhigarhi die vreemdelingen graag rondleidt.

In zijn tijd als raadslid, tien jaar eerder, pleitte de 68-jarige boer bij de regering voor een museum. Hij wist dat de eeuwenoude bodemschatten anders verloren zouden gaan, en zag toerisme als inkomstenbron voor het dorp ook wel zitten. Nu valt er voor toeristen weinig te zien.

Tot 2014 was er nog een informeel museum in het dorp, bij Wazir Chand Saroae (60) thuis. “Als kind vond ik al vazen en andere objecten in het dorp”, vertelt hij. “Vooral in het regenseizoen, dan kwamen ze gewoon tevoorschijn uit de modder.”

Alles wat Saroae vond, stelde hij tentoon in een metalen kast met glazen deuren, en trok daarmee bezoekers uit de hele wereld. Hij laat een gastenboek met notities zien van wetenschappers en studenten van de Verenigde Staten tot Japan. Zo deed hij, de zoon van een ijzersmid die op zijn zestiende stopte met school, heel wat kennis op over archeologie en geschiedenis. Moeiteloos praat hij over de recente ontwikkelingen op het gebied van DNA. Maar zijn museum doneerde hij na een mislukte, maar angstaanjagende overval in 2014 aan de regionale overheid.

Bedreigd erfgoed

Ondertussen werd Rakhigarhi in 2012 door de ngo Global Heritage Fund uitgeroepen tot een van de tien meest bedreigde erfgoedplekken in Azië. Pogingen van de lokale overheid om het hele terrein onder controle te krijgen, om het te kunnen beschermen en verder te onderzoeken, stuiten op rechtszaken van inwoners die bang zijn hun huis en levensonderhoud te verliezen.

Een zo’n rechtszaak resulteerde inmiddels in de verplichting om eerst alternatieve huizen te bouwen voor alle bewoners. Aan die huizen, zo’n 200 in totaal, wordt nu aan de rand van het dorp de laatste hand gelegd.

Ram Kesh op de binnenplaats van zijn huis in Rakhigarhi, India, dat bovenop overblijfselen uit de antieke Harappabeschaving ligt.Beeld Abhimanyu Kumar

Maar boer Ram Kesh piekert er niet over te verhuizen. “Heb je gezien hoe klein die nieuwe huizen zijn?”, vraagt hij. “Twee kamertjes en geen enkele plek voor de koe. Hier heb ik veel meer ruimte, en kijk:”, zegt hij wijzend op een metalen deur op zijn binnenplaats, “we hebben ook in een toilet geïnvesteerd.”

Nu de centrale overheid grootse plannen voor het dorp en een bijbehorend budget heeft, vrezen Kesh en zijn buren dat ze gedwongen worden plaats te maken.

De plannen stemmen Saroae, de hobby-archeoloog van Rakhigarhi, triest. “Toerisme zal goed zijn voor het dorp”, zegt hij. Maar hij gelooft niet dat dit het voornaamste doel van de regering is. “Ze maken haast, want ze willen Rakhigarhi gebruiken voor het vormen van hun hindoe-natie.”

Lees ook: 

‘Ik eer de hindoegoden via kunst en cultuur’

Trouw trekt door Nederland en gaat mee met tempelgangers van velerlei soort. Vandaag: Aruna Jagesar (50), die een avond bijwoont met hindoeïstische liefdesverhalen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden