Demonstranten in Paramaribo droegen foto’s van de slachtoffers van de Decembermoorden op T-shirts, tijdens een stille mars in 2012 bij de invoering van een amnestiewet.

Vonnis Bouterse

De rechtsorde in Suriname is ‘een beetje schizofreen’, maar sterker dan gedacht

Demonstranten in Paramaribo droegen foto’s van de slachtoffers van de Decembermoorden op T-shirts, tijdens een stille mars in 2012 bij de invoering van een amnestiewet. Beeld Reuters

Na 37 jaar heeft een rechter, ondanks stugge politieke tegenwerking, president Bouterse veroordeeld voor zijn betrokkenheid bij de Decembermoorden. Het juridische systeem in Suriname hapert soms, maar werkt wel.

Op een ochtend in 1973 werd Gerard Spong bij zijn baas geroepen. “Gerard, we moeten een grondwet maken. Maak maar een conceptje.” De jonge Spong was een paar maanden eerder beëdigd als advocaat in Paramaribo, en juist in die tijd besloot het parlement tot onafhankelijkheid, die in 1975 een feit zou zijn. Het kantoor waar Spong werkte, werd gevraagd om de grondwet voor te bereiden.

“Toen ben ik als een haas de grondwetten van, geloof ik, veertig verschillende landen gaan bestuderen. Ze lijken allemaal op elkaar, de een heeft wat meer van dit, de ander wat meer van dat, maar het is wel een bepaald stramien. Dus daar heb ik een concept van gemaakt en dat heb ik aan mijn baas gegeven. Dat overkomt geen enkel jong advocaatje, maar het was leuk om te doen.”

Toch was die periode niet enkel gevuld met jeugdig optimisme. Zo maakte Spong mee hoe de concept-grondwet in de Staten van Suriname werd behandeld. “Dat was in één opzicht voor mij een heel nare ervaring, omdat in het concept discriminatie op basis van seksuele geaardheid werd verboden. Maar daar wilde de Surinaamse wetgever niets van weten. Dat werd een beetje lacherig afgeserveerd.”

In de praktijk bleken de grondwettelijke principes minder waard

En hoe weinig de rest van de grondwettelijke principes in de praktijk waard zou zijn, ondervond hij een paar jaar later aan den lijve, nadat de sergeantencoup van 1980 Desi Bouterse aan de macht had gebracht. Spong werkte inmiddels in Nederland, maar deed ook nog zaken in Suriname. In 1981 had hij de verdediging van enkele ‘tegencoupplegers’ op zich genomen.

“Ze werden beschuldigd van het omverwerpen van de wettige regering. De verdediging zou er natuurlijk uit bestaan dat de wettigheid van de toenmalige regering werd bestreden. In mijn optiek was er na de coup helemaal geen wettige regering meer, laat staan dat je die omver zou kunnen werpen. Zover is het niet gekomen.”

Een dag voor het proces werd Spong door de militaire politie gearresteerd en vastgezet in Fort Zeelandia. Hetzelfde Fort Zeelandia waar een jaar later vijftien tegenstanders van het regime werden geëxecuteerd, de gebeurtenis die als de Decembermoorden de geschiedenis in zou gaan. De ondervraging door een van de sergeants, Marcel Zeeuw, herinnert Spong zich als uiterst onaangenaam.

“Er was een mevrouw met een grote zonnebril bij, die een beetje besmuikt zat te lachen bij elk antwoord dat ik gaf. Als geoefend jurist vroeg ik wat nou precies de beschuldiging was tegen mij, en daar kwam niet echt een antwoord op. Ik werd afgesnauwd met de mededeling dat ik niet in de positie verkeerde om vragen te stellen, en dat het slecht met mij zou kunnen aflopen als ik daarmee door zou gaan.”

‘Ik kon ook nog even recht in de loop van drie mitrailleurpistolen kijken’

“Ik werd ook nog even meegenomen naar een binnenplaats, waar ik recht in de loop van drie mitrailleurpistolen kon kijken, een soort schijnexecutie. Ik moet er één ding bij zeggen, en dat is dat ik wel een goed ontbijt heb gekregen de volgende dag. Witte boterhammen met hagelslag.”

Door bemiddeling van onder andere de Nederlandse ambassadeur werd Spong tijdelijk vrijgelaten. Hij ontvluchtte snel het land, met in zijn achterhoofd een les. “De instituties van de democratische macht zijn zeer fragiel. Die kunnen door een samenloop van omstandigheden en door gewoon brute militaire macht zo omver worden geworpen. En dat kan in elk land gebeuren. Ik durf erbij te zeggen: dat kan ook in Nederland gebeuren.”

Tot zulke inzichten was advocaat Gerold Sewcharan in die jaren nog niet gekomen. In 1986 vertrok hij naar Leiden om er rechten te gaan studeren. Maar als hij nu terugkijkt, was die studiekeuze niet per se ingegeven door het feit dat de Surinaamse rechtsstaat op dat moment aangeslagen was. “Ik was 24, maar het rechtsbewustzijn toen in Suriname, en ook nu nog, was nog niet helemaal bij iedereen doorgedrongen. Ook bij mij niet. Door die rechtenstudie in Leiden werd ik steeds bewuster gemaakt van wat er eigenlijk aan het gebeuren was in Suriname, en toen heb ik gezegd: we moeten aan de slag gaan.”

Het organiseren van zo’n megaproces is een complexe taak

Na zijn afstuderen begon Sewcharan als advocaat, eerst in Nederland, vanaf 2001 in Suriname. In 2003 richtte hij de Stichting voor de Rechtsorde in Suriname op, die zich inzette om de kwaliteit van de rechtspraak te verbeteren. “Ik wilde meer inhoud geven aan de Surinaamse democratie en rechtsstaat.”

In die tijd liet ook Gerard Spong zich weer regelmatig in Suriname zien. Na de democratisering eind jaren tachtig waren er weer burgerregeringen aan de macht, en net voordat de Decembermoorden zouden verjaren, opende het Openbaar Ministerie een onderzoek naar de toedracht. Spong werd in 2000 door Suriname verzocht om als adviseur op te treden bij dat proces. Deels op technisch-juridisch vlak, maar ook strategisch en organisatorisch. “Het organiseren van zo’n megaproces is een complexe taak. Daar had ik ervaring mee.” Voor de Decembermoorden werden in totaal 25 verdachten aangemerkt.

Sewcharan raakte bij het proces betrokken als advocaat van één van hen, Edgar Ritfeld. Die nam een wat aparte positie in, omdat hij als enige verdachte het proces verwelkomde: hij achtte zichzelf onschuldig en hoopte zijn naam te zuiveren.

Op de achtergrond altijd de intimiderende macht van Bouterse

Had Suriname zich in die tijd hersteld tot een volwaardig functionerende rechtsstaat? Daar wil Spong wel een kanttekening bij plaatsen. “Aan de ene kant was er een hoopvolle ontwikkeling op democratisch gebied. Het parlement kon weer enigszins functioneren.” Maar op de achtergrond voelde Spong altijd de ‘intimiderende macht van Bouterse en het militaire apparaat’. In 2007 stopte Spong met zijn adviseurschap, nadat hij kritiek had gekregen, omdat hij zich inhoudelijk had uitgelaten over het proces.

Toch zou de Surinaamse justitie pas vanaf 2010 écht op de proef worden gesteld. Toen kwam Bouterse langs democratische weg opnieuw aan de macht, en als president deed hij er alles aan om het proces over de Decembermoorden te dwarsbomen. Het dossier kreeg steeds meer trekken van een juridische soap, die voor een doorsnee nieuwsconsument niet altijd goed te volgen was. “Wat zou nu weer uit die toverdoos gehaald worden?” Zo omschrijft Sewcharan het gevoel dat hem het afgelopen decennium af en toe overviel.

Want in 2012 kreeg Bouterse een amnestiewet aangenomen, die de verdachten van de Decembermoorden, en daarmee hemzelf, van rechtsvervolging vrijwaarde. De Krijgsraad, waar het proces diende, schorste het proces, in afwachting van een toetsing van de wet bij het Constitutioneel Hof. Een ‘spooksituatie’, in de woorden van Spong, want dat hof bestond alleen op papier. In de Grondwet van 1975 werd het weliswaar aangekondigd, maar het was al die jaren nooit opgetuigd of bemenst, en Bouterse maakte geen aanstalten om dat nu wel te doen.

Uiteindelijk sneuvelde de schorsing van het proces in hoger beroep, omdat naar het oordeel van de rechters de redelijke termijn voor een toetsing verstreken was. Toen gooide Bouterse het argument van de staatsveiligheid in de strijd, om onmiddellijke stopzetting van het proces te gelasten. Toen dat ook mislukt was, besloot hij onlangs om toch te beginnen met het instellen van een Constitutioneel Hof, kennelijk in de hoop dat dat hem alsnog uit de wind zou kunnen houden.

Ogenschijnlijk functioneerde de rechterlijke macht normaal

Als de politiek zo openlijk oorlog voert met de rechterlijke macht, lijkt het alsof er geen rechtszekerheid meer bestaat. Ook bij die notie wil Spong wel een kanttekening plaatsen. “De Surinaamse rechterlijke macht draaide gewoon. Echtscheidingszaken, strafzake; het ging ogenschijnlijk normaal door. Aan de andere kant stokte en haperde het als het ging over de Decembermoorden. Dus je kreeg een beetje een schizofrene rechtsorde.”

Volgens Spong is het aan de ‘zeer heldhaftige houding’ van Surinaamse rechters te danken dat het recht uiteindelijk toch zijn loop heeft gekregen, en dat alle door de politiek opgeworpen obstakels uiteindelijk één voor één uit de weg werden geruimd. Hij prijst de ‘zorgvuldige en uitvoerige’ motivering van het vonnis van vorige week, en ook de ‘professionaliteit en integriteit’ van de Surinaamse rechters die indirect bij de totstandkoming ervan waren betrokken, bijvoorbeeld in het hoger beroep tegen de schorsing van het proces in 2012.

Dat hoger beroep werd destijds ingesteld door Sewcharan en zijn cliënt Ritfeld, die zijn kans op vrijspraak niet wilde missen. Sewcharan was het afgelopen decennium af en toe wel bezorgd, maar de uitkomst verrast hem niet. “Het rechtssysteem is best te vergelijken met het Nederlandse. Het systeem gaat ervoor zorgen dat zulke misdrijven niet ongestraft blijven. Ook als er vertragingen worden opgeworpen, gaat het systeem er wel mee dealen. En dat is vrijdag gebeurd.”

Dat het vonnis voor Bouterse ‘schuldig’ was – en voor zijn cliënt ‘onschuldig’ – verbaasde hem ook niet. “Ik doe al vanaf 1997 strafzaken. Als advocaat kan je op een gegeven moment wel beoordelen of er voldoende bewijzen in het dossier zijn, en het kon haast niet anders dan dat een rechter hier tot een bewezen-verklaring zou komen.”

Niet dat hij naïef wil zijn over het rechtssysteem in Suriname, dat volgens Sewcharan vele gebreken kent die de democratie verzwakken. Zoals de lange behandeltijden. Hij noemt als voorbeeld een zaak uit 2015 waarin hij als advocaat optreedt namens een politieke partij waarvan twee parlementariërs overliepen. In Suriname kunnen partijen met een beroep op de ‘terugroepwet’ hun zetels dan terugvorderen, maar dat is nog altijd niet gehonoreerd. Volgend jaar zijn alweer nieuwe verkiezingen, dan is het dus te laat. Bij die verkiezingen zal Sewcharan overigens ook voor het eerst meedoen met een eigen partij die onder andere de rechtszekerheid wil verbeteren, de Partij voor Recht en Ontwikkeling.

Een Constitutioneel Hof zal het vonnis niet meer in gevaar brengen

Spong vindt de geschiedenis van het Constitutioneel Hof veelzeggend. “Het enkele feit dat men zo’n gewichtig staatsapparaat 45 jaar lang volledig als papieren tijger laat bestaan, daaruit volgt reeds dat de Surinaamse machthebbers een onbegrensd dedain koesteren jegens die Grondwet. Je ontneemt de Surinaamse burger een belangrijk stuk rechtsbescherming.”

Dat het er nu toch komt, met een wet die in gang gezet is door Bouterse, zou ook nog reden tot zorg kunnen zijn, maar beide juristen denken dat een Constitutioneel Hof het vonnis niet meer in gevaar zal brengen: dat staat als een huis.

De test is nu eerder: wat gebeurt ermee? Spong: “Dat vonnis ligt er. En het kan maar op één wijze ongedaan worden gemaakt, en dat is door de Surinaamse rechter in hoger beroep. Als dat niet gebeurt, zal Suriname zich ernaar moeten voegen. De enige lakmoesproef is dat het ten uitvoer moet worden gebracht. Dat is natuurlijk een hoofdstuk apart.”

Of en hoe Bouterse daadwerkelijk achter de tralies belandt, daar willen beide juristen niet al te veel over speculeren. “Het antwoord ligt bij de Surinaamse samenleving, die heeft de mogelijkheid om hem te dwingen tot aftreden”, zegt Sewcharan, doelend op de verkiezingen van volgend jaar.

Is het wat dat betreft niet een teken aan de wand dat Bouterse na het vonnis als een held werd onthaald door zijn aanhang? Spong en Sewcharan hechten er geen overmatig belang aan. “Ja, hij is nog populair, dus hij kan 1500 mensen optrommelen”, zegt Spong. “Maar er zijn genoeg Surinamers die dat een gênante vertoning vinden.”

Dat denkt ook Sewcharan. “De rechter heeft gesproken. Dat gaat doorwerken in de samenleving. Het moet nog goed doordringen tot ons allemaal wat hier nu aan het gebeuren is.”

Lees ook:

Veroordeling Bouterse is een test voor de Surinaamse democratie

Bouterse’s veroordeling zou het einde van zijn presidentschap moeten betekenen. Althans volgens de Grondwet. Maar er is ook een politieke realiteit.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden